WAT IS PSYCHIATRIE
= medische specialisme dat zich bezighoudt met pten- zorg, wetenschappelijk onderzoek en
onderwijs op gebied van psychiatrische ziekten
Psychiatrische ziekten = aandoeningen gekenmerkt door afwijkingen van psychische functies
en gaan gepaard met lijdensdruk +/- sociaal disfunctioneren
Psychische functies: trias psychica; logos, thymos, eros
- Cognitieve: denken, waarnemen
- Affectieve: gevoelsleven (stemming en affect)
- Conatieve: motivatie, wil
→ Wnr afwijkend?
→ Grens ts nl en abnl maatschappelijk en cultureel bepaald
Interactief-gelaagd model → problematiek begrijpen vanuit versch lagen
, PSYCHIATRISCH ONDERZOEK
Observatie en anamnese
Algemeen:
- Uiterlijk: conform of jonger dan kalenderleeftijd; (on)verzorgd, kleding, kapsel, make-up,…
- Contactname: wijze van begroeten, wederkerigheid, wel/geen contactgroei tijdens het
gesprek
- Houding: vriendelijk, coöperatief, kil, prikkelbaar, joviaal, schuchter, gespannen, dwingend,
aanklampend, manipulerend, onderdanig, ...
- Klachtenpresentatie: met gevoel, onverschillig, overdreven, ‘belle indifférence’, emotieloos,
zakelijk, , …
- Gevoelens/reacties bij onderzoeker: neutraal, sympathie, medeleven, geamuseerd,
machteloosheid, irritatie, afstandelijkheid,
→ Accent op subjectieve S/, belang van observatie tijdens anamnese
→ Aangevuld met sociale en biografische anamnese
→ “instrument” om pt te begrijpen: zijn eigen persoon → belang interactie
i. Speciele anamnese: zorgvuldige bevraging hoofdklacht
- Laat pt eerst vrij vertellen wat er aan de hand is
- Open vragen
- Toon interesse in (hoofd-)klachten
- Moedig pt aan om meer te zeggen moeilijke thema’s, vermijd ongezonde nieuwsgierigheid
o Doorboor “psychische huid” van pt niet nodeloos, zeker bij onvoldoende vertrouwen
ii. Algemene psychiatrische anamnese: 3 psychopathologische domeinen
→ Vragen stellen (anamnese) + observatie
o COGNITIEF
, o AFFECTIEF
o CONATIEF
▪ Motivatie en gedrag
iii. Psychiatrische VG en familieanamnese
iv. Somatische anamnese en KO
v. Sociale anamnese: interactief-gelaagd model
vi. Ontwikkelingsanamnese:
- Predisponerende beschermende factoren
- Biografische context
- Ontwikkeling persoonlijkheidskenmerken
DIAGNOSE EN CLASSIFICATIE
Diagnose
→ Onderscheid ts nl en pathologisch
→ Onderscheid ts verschillende ziektebeelden:
- Etiologie
- Verloop
- Behandeling
- Prognose
→ Essentieel deel van arts-pt interactie
→ Noodzakelijk voor communicatie ts zorgverleners
→ Basis voor wetenschappelijk onderzoek
Psychiatrische stoornis:
- Aantal kenmerkende afwijkingen van psychische functies samen
- Symptomen al tijd aanwezig
- Belangrijke lijdensdruk en/of beperking in het functioneren
DSM: psychiatrische classificatie
, - Gebaseerd op klinische S/, niet obv onderzoeken
- Polythetisch systeem
o +: flexibiliteit
o -: psychiatrische stoornissen zijn niet homogeen
- Zegt weinig over
o Oorzaak
o Verstoorde hersenfuncties
o Levensverhaal achter aandoening
o Betekenis van aandoening voor pt, familie, sociale en maatschappelijke kring rond pt
Classificatie