Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 87 pages
Summary

Samenvatting Geschiedenis van de Vroegmoderne Tijd | UGent

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 87 pages

Samenvatting gebaseerd op mijn notities, het boek en de ppt's van de lessen Geschiedenis van de Vroegmoderne Tijd gedoceerd door Anne-Laure Van Bruaene. De structuur sluit grotendeels aan bij die van de lessen, maar hier en daar heb ik extra titels toegevoegd of de formulering aangepast om sommige zaken overzichtelijker te maken :)

Content preview

H0: INTRODUCTIE
1. GEOGRAFISCHE GRENZEN

1.1 EUROPA EN DE WERELD

− Europa = westelijk deel van het continent Eurazië:
o Arbitraire/willekeurige oostgrens (Oeralgebergte?)
o Relatief onbeduidend in 1500, maar groeiende economische, politieke en culturele dominantie (o.a.
door overzeese expansie) (‘The Rise of the West’)
− = synoniem met het ‘christendom’ (= gedeelde cultuur: basis Europese identiteit + cohesie):
o Christelijke wortels in Klein-Azië
o Belang van de Islam neemt af => Reconquista
▪ Val van Granada (1492)
▪ Vertegenwoordigers Islam: Ottomanen
• Expansie Ottomaanse rijk na 1453 (= Val van Constantinopel): = bedreiging EU
o Versplinterd christendom:
▪ Oosters en westers christendom (Oosters schisma)
▪ Religieuze hervormingen (16de E)

1.2 EUROPA ALS IDEOLOGISCHE CONSTRUCTIE

− Belang Grieks-Romeinse Oudheid:
o Naam ontleend aan de Griekse mythologie: Europa ontvoerd door Zeus in de vorm van een witte
stier
− de de
15 -16 E: van vaag begrip naar cartografische entiteit
o Superioriteitsgevoel: Europa > Azië > Afrika > Amerika
▪ = geen neutraal gegeven: ideologisch geladen (Europa regina)
− Ontdekking van de Nieuwe Wereld leidt tot idee van een hiërarchie tussen de continenten




1

,2. CHRONOLOGISCHE GRENZEN

2.1 EEN NIEUWE TIJD?

− Italiaanse humanisten (14de E) cultiveren idee van een ‘nieuwe tijd’ na een periode van duisternis
o Herontdekking van de KO
− Klassieke driedeling geïntroduceerd door Christoph Cellarius (ca. 1700):
o “Historia Universalis”: Historia Antiqua (oude geschiedenis) – Historia Medii Aevi (middelste
geschiedenis) – Historia Nova (nieuwe geschiedenis)
− ‘Histoire moderne’, ‘Historia moderna’, ‘Nieuwe Tijden’ of ‘Moderne geschiedenis’
− Startpunt verschilt naargelang perspectief auteur
o Italiaans humanisme en renaissance (14de E)
o Val van Constantinopel (1453)
o Ontdekkingsreizen Columbus (1492)
o Publiek optreden Luther (1517)

2.2 VROEGMODERNE TIJD

− Ca. 1450-1750
− Nieuwe geschiedenis => ‘Early modern period’ (= Frühe Neuzeit)
− Aanloop naar de moderniteit:
o Aanvankelijk sterk positieve connotatie:
▪ Individualisme en secularisering
▪ Ontdekking van de wereld
▪ Wetenschap en Verlichting
o Vanaf jaren 1960 groeiende cultuurkritiek op de (vroeg)moderniteit (onder filosofen):
▪ Disciplinering en vervreemding van het individu
▪ Kapitalistische en koloniale uitbuiting
▪ Instrumentalisering van de natuur: idee dat de mens kan de natuur onderwerpen

2.3 MIDDELESE WORTELS

− Vele vroegmoderne ontwikkelingen beginnen in de middeleeuwen (ca. 1000):
o Stijging landbouwproductiviteit door ontginningen, nieuwe landbouwtechnieken, … =>
bevolkingsgroei, ontstaan van markten (handel: ruil) en verstedelijking
o Erfelijke feodaliteit (na het uit elkaar vallen van het Karolingische Rijk): vorstendommen die inzetten
op gebiedsuitbreiding en de uitbouw van een bestuursapparaat
o Periodes van culturele bloei (Karolingische en Ottoonse renaissance): herontdekking van antieke
teksten
o Kritieken op de Kerk (= reformatie onder Luther): vernieuwingen en breuken binnen het
christendom
▪ Twee reacties tegenover Luther:
• Verbranding als ketter
• Acceptatie

2.4 VERSNELLING 1

− Ca. 1450:
o Staatsvorming:


2

, ▪ Parallelle ontwikkelingen in Frankrijk, Engeland, Bourgondische Nederlanden, op het Iberisch
schiereiland, …
o Overzeese expansie en ontwikkeling handelskapitalisme:
▪ Zeeroute naar Indië
▪ Ontdekking van West-Indië
o Humanisme en reformatie:
▪ Nieuwe filologische methodes toegepast op antieke teksten en bijbel
o Technologische ontwikkelingen:
▪ Militaire revolutie: introductie buskruit, nieuwe vormen vestingbouw
▪ Informatierevolutie: drukpers Gutenberg met losse letters: snellere, goedkopere en
gestandaardiseerde teksten
=> nauw verstrengeld met elkaar




2.5 VERSNELLING 2

− Ca. 1750:
o Verlichte opvattingen over volkssoevereiniteit:
▪ Amerikaanse Vrijheidsoorlog (1776) en Franse Revolutie (1789)
o Groeiende dominantie van de ‘derde stand’ (burgerij):
▪ Einde van het ‘Ancien Régime’ (= standenmaatschappij)
o Stoommachine en nieuwe organisatie arbeid (fabrieken) => Eerste Industriële Revolutie (ca. 1760-
1780)
▪ Enorme impact op economie, demografie, ecologie…




3

, H1: STAATSVORMING
1. GEDAANTES VAN DE STAAT

1.1 WAT IS EEN STAAT?

− Kenmerken:
o Grondgebied
o Bevolking
o Overheid
o Soevereiniteit: erkenning gezag
− Klassieke staatsmonopolies:
1. Geweldsmonopolie: staat is de enige instantie die geweld mag gebruiken
2. Belastingsmonopolie: staat is de enige instantie die belastingen mag innen
3. Wetgevingsmonopolie: staat is de enige instantie die wetten mag opleggen
4. (Rechtsbedeling)
=> = resultaat van een langdurig staatsvormingsproces

1.2 SOORTEN STATEN

1. Stadstaat: stad = autonoom: geen hoger gezag boven zich
o = succesvol model in oudheid en middeleeuwen
o VMT: Hamburg (vrije rijksstad)
2. Vorstendom (hoogste gezag = vorst: monarchie) (= meest voorkomend):
o Dynastieke vorstendommen (erfopvolging):
▪ Koninkrijk Frankrijk, hertogdom Milaan
o Electieve vorstendommen (vorst wordt verkozen door een groep mensen):
▪ Koninkrijk Polen (verkozen door de Sejm ~ parlement van de adel)
o Geestelijke vorstendommen (= electief vorstendom: geen wettelijke opvolgers):
▪ Pauselijke staten, Prinsbisdom Luik
3. Republiek (res publica: publieke zaak):
o Staat zonder vorst, met beperkte of meer uitgebreide groep bestuurders:
▪ Venetiaanse Republiek (Doge: vertegenwoordiger van een van de leidende Venetiaanse
families), Republiek der Verenigde Provinciën
(Staten-Generaal: vergadering van de staten van de
verschillende gewesten die samenkomen)
4. Federatie van soevereine staten:
o Los verband, hoogste gezag is afwezig of heeft alleen
symbolische macht:
▪ Zwitserse federatie, Heilig Roomse Rijk
5. Samengestelde staat:
o Dynastiek verband (personele unie) van relatief autonome
vorstendommen:
▪ Habsburgse rijk

1.3 EVOLUTIES

− Schaalvergroting:
o 1500: ca. 500 staten en staatjes in Europa
4

Document information

Study
Uploaded on
August 7, 2026
Number of pages
87
Written in
2025/2026
Type
Summary
$11.06

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
0
Items
9
Last sold
1 week ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can immediately select a different document that better matches what you need.

Pay how you prefer, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card or EFT and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions