VAK: SOCIALE PSYCHOLOGIE
Academiejaar: 2020-2021
Jana Vanhoof
, H1: Kennismaking met de sociale psychologie
1.1.1 Gebiedsomschrijving
Sociale “De wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten, gevoelens en
Psychologie handelingen van mensen beïnvloed worden door de feitelijke, voorgestelde of
geïmpliceerde aanwezigheid van andere mensen.” - Allport
“Een wetenschappelijke studie…”
3 methodes
Begrijpende methode Correlationele Experimentele
methode methode
Kwalitatief/kwantitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwantitatief
Soort onderzoek Gevalstudies Correlatie Experiment
Nadeel Subjectiviteit Oorzaak?
en niet zeker
Voordeel Onverwachte Voorspellen Oorzaak-gevolg
hypotheses
Het experiment
Soorten variabelen:
Onafhankelijke variabele (OV): (diegene die gemanipuleerd wordt); diegene waarvan
verwacht wordt dat hij invloed heeft op de afhankelijke variabele.
Afhankelijke variabele (AV): variabele die afhankelijk is van de onafhankelijke variabele; het
gedrag dat gemeten wordt.
Hoe heb je een goed experiment:
Storende variabelen uitgeschakeld
Equivalente (aselecte) groepen
Experimentele vs controle groep
“De gedachten, gevoelens en
handelingen van mensen”
Het A-B-C-model van het gedrag
A. Hoe we voelen (affectief)
B. Hoe we ons gedragen (behaviour)
C. Hoe we (over onszelf) denken (cognitief)
“Beïnvloed worden door de feitelijke, voorgestelde of geïmpliceerde
aanwezigheid van anderen”
Fysiek / feitelijk Het lezen van een tekst in de klas
Voorgesteld kledij fuif
o Wat jij denkt dat anderen denken
Impliciet / onrechtstreeks Reclame
1
,Enkele aanvullingen
Beïnvloed worden en ook zelf beïnvloeden.
Niet altijd bewuste of intentionele invloed.
Heel breed terrein | Alles is sociale psychologie! Maar specifieke invalshoek!
1.1.2 De eigen invalshoek van de sociale psychologie
Onderscheid met de sociologie
Maatschappelijke kenmerken of groepskenmerken
Tegenover aandacht voor het individu
Individu en onmiddellijke omgeving
Eigen plaats binnen de psychologie
Ontwikkelingspsychologie Evolueren van gedrag in zijn verschillende aspecten over
verschillende levensfasen.
Algemene psychologie Basisprocessen van gedrag worden op zichzelf bestudeerd, zonder
ingaan op specifieke sociale invloeden.
Persoonlijkheidspsychologi Dispositionisten
e
Sociale psychologie Situationisme
Interactionisme Mensen kunnen zich anders gedragen afhankelijk van situaties én
mensen reageren anders op een situatie door hun persoonlijkheid.
1.2 Enkele belangrijke evoluties
1.2.1 Kenmerken van bij het ontstaan
Een sterke experimentele traditie
Voordelen experimentele methode:
Beste toegangsweg om op een eenduidige manier aan te tonen welke factoren invloed
hebben op fenomenen die onderzoekers in kaart willen brengen.
Zelf bepalen van welke factoren je de potentiële invloed willen onderzoeken, terwijl
storende variabelen onder controle gehouden worden.
Norman Triplett (1898): Het 1e gepubliceerde sociaal-psychologisch experiment
Hij vroeg aan kids om zo goed mogelijk te presteren bij het uitvoeren van een eenvoudige motorische
taak.
Resultaat:
Prestaties waren beter in de sociale conditie dan wanneer ze de taak alleen moesten uitvoeren.
Max Ringelmann: Was Norman voor geweest met een gelijkaardige proef, maar zijn resultaten
werden in 1913 pas gepubliceerd.
Zijn bevindingen waren tegengesteld aan die van Triplett.
Nauwe band tussen theorie en praktijk
WO II: Stroomversnelling sociale psychologie
Europese psychologen VS
Oorlog zorgde voor praktische problemen die opgelost moesten worden.
2
, Taken sociaal psychologen in de oorlog:
Technieken ontwerpen om het moreel van de troepen op peil te houden & ze te behouden
voor de propagandamachine van de vijand.
Hoe burgerbevolking best mobiliseren om taken van afwezige militairen over te nemen.
Veldtheori Gedrag van mensen is afhankelijk van hun persoonlijkheid of karakter en de
e omgeving of situatie waarin ze zich bevinden.
Kurt Lewin:
Vader van de sociale psychologie.
1950: Explosie aan sociaal-psychologische theorieën. Doorbraak sociale psychologie.
Door: in de oorlog ging aandacht naar praktische bruikbaarheid van onderzoeksresultaten.
Nadien kwam er meer tijd om te bezinnen over wat de onderzoekers gevonden hadden en
uit te zoeken hoe een en ander theoretisch verklaard kan worden.
Onderwerpen: vooroordelen, conformisme, attitudevorming, indrukken die mensen vormen
over anderen.
1.2.2 Latere aandachtspunten
Ethische aandachtspunten
Elektrische schokken
Wijsmaken dat ze in een noodsituatie zitten
Indruk krijgen dat ze niet wisten wat het juiste antwoord was
Internationaal werd een deontologische code opgesteld waaraan onderzoekers zich moeten
houden bij het doorvoeren van experimenten.
Deelnemer voor de proef helder geïnformeerd zijn.
Eerst een schriftelijk akkoord.
Culturele verscheidenheid
Door snelle vorderingen in onderzoek en praktische bruikbaarheid van de theorieën blind voor
bredere context van hun bevindingen.
Veralgemeenbaarheid?
o Studenten
o Westers
Dus: Replicatieonderzoek
1970: Intense uitwisseling tss sociaal psychologen uit verschillende landen en continenten.
Elkaars bevindingen toetsen op veralgemeenbaarheid.
Crossculturele psychologie
Geert Hofstede (1983): 1e onderscheid tss individualistische en collectivistische culturen.
Individualistische cultuur: Mensen zijn erg gesteld op hun onafhankelijkheid. Individuele
prestaties en het hebben van een eigen opinie.
Collectivistische cultuur: Gericht op de gemeenschap. Ze hechten belang aan inspanningen
die de groep ten goede komen en aan het bewaren van de sociale harmonie.
3
Academiejaar: 2020-2021
Jana Vanhoof
, H1: Kennismaking met de sociale psychologie
1.1.1 Gebiedsomschrijving
Sociale “De wetenschappelijke studie van de manier waarop de gedachten, gevoelens en
Psychologie handelingen van mensen beïnvloed worden door de feitelijke, voorgestelde of
geïmpliceerde aanwezigheid van andere mensen.” - Allport
“Een wetenschappelijke studie…”
3 methodes
Begrijpende methode Correlationele Experimentele
methode methode
Kwalitatief/kwantitatief Kwalitatief Kwantitatief Kwantitatief
Soort onderzoek Gevalstudies Correlatie Experiment
Nadeel Subjectiviteit Oorzaak?
en niet zeker
Voordeel Onverwachte Voorspellen Oorzaak-gevolg
hypotheses
Het experiment
Soorten variabelen:
Onafhankelijke variabele (OV): (diegene die gemanipuleerd wordt); diegene waarvan
verwacht wordt dat hij invloed heeft op de afhankelijke variabele.
Afhankelijke variabele (AV): variabele die afhankelijk is van de onafhankelijke variabele; het
gedrag dat gemeten wordt.
Hoe heb je een goed experiment:
Storende variabelen uitgeschakeld
Equivalente (aselecte) groepen
Experimentele vs controle groep
“De gedachten, gevoelens en
handelingen van mensen”
Het A-B-C-model van het gedrag
A. Hoe we voelen (affectief)
B. Hoe we ons gedragen (behaviour)
C. Hoe we (over onszelf) denken (cognitief)
“Beïnvloed worden door de feitelijke, voorgestelde of geïmpliceerde
aanwezigheid van anderen”
Fysiek / feitelijk Het lezen van een tekst in de klas
Voorgesteld kledij fuif
o Wat jij denkt dat anderen denken
Impliciet / onrechtstreeks Reclame
1
,Enkele aanvullingen
Beïnvloed worden en ook zelf beïnvloeden.
Niet altijd bewuste of intentionele invloed.
Heel breed terrein | Alles is sociale psychologie! Maar specifieke invalshoek!
1.1.2 De eigen invalshoek van de sociale psychologie
Onderscheid met de sociologie
Maatschappelijke kenmerken of groepskenmerken
Tegenover aandacht voor het individu
Individu en onmiddellijke omgeving
Eigen plaats binnen de psychologie
Ontwikkelingspsychologie Evolueren van gedrag in zijn verschillende aspecten over
verschillende levensfasen.
Algemene psychologie Basisprocessen van gedrag worden op zichzelf bestudeerd, zonder
ingaan op specifieke sociale invloeden.
Persoonlijkheidspsychologi Dispositionisten
e
Sociale psychologie Situationisme
Interactionisme Mensen kunnen zich anders gedragen afhankelijk van situaties én
mensen reageren anders op een situatie door hun persoonlijkheid.
1.2 Enkele belangrijke evoluties
1.2.1 Kenmerken van bij het ontstaan
Een sterke experimentele traditie
Voordelen experimentele methode:
Beste toegangsweg om op een eenduidige manier aan te tonen welke factoren invloed
hebben op fenomenen die onderzoekers in kaart willen brengen.
Zelf bepalen van welke factoren je de potentiële invloed willen onderzoeken, terwijl
storende variabelen onder controle gehouden worden.
Norman Triplett (1898): Het 1e gepubliceerde sociaal-psychologisch experiment
Hij vroeg aan kids om zo goed mogelijk te presteren bij het uitvoeren van een eenvoudige motorische
taak.
Resultaat:
Prestaties waren beter in de sociale conditie dan wanneer ze de taak alleen moesten uitvoeren.
Max Ringelmann: Was Norman voor geweest met een gelijkaardige proef, maar zijn resultaten
werden in 1913 pas gepubliceerd.
Zijn bevindingen waren tegengesteld aan die van Triplett.
Nauwe band tussen theorie en praktijk
WO II: Stroomversnelling sociale psychologie
Europese psychologen VS
Oorlog zorgde voor praktische problemen die opgelost moesten worden.
2
, Taken sociaal psychologen in de oorlog:
Technieken ontwerpen om het moreel van de troepen op peil te houden & ze te behouden
voor de propagandamachine van de vijand.
Hoe burgerbevolking best mobiliseren om taken van afwezige militairen over te nemen.
Veldtheori Gedrag van mensen is afhankelijk van hun persoonlijkheid of karakter en de
e omgeving of situatie waarin ze zich bevinden.
Kurt Lewin:
Vader van de sociale psychologie.
1950: Explosie aan sociaal-psychologische theorieën. Doorbraak sociale psychologie.
Door: in de oorlog ging aandacht naar praktische bruikbaarheid van onderzoeksresultaten.
Nadien kwam er meer tijd om te bezinnen over wat de onderzoekers gevonden hadden en
uit te zoeken hoe een en ander theoretisch verklaard kan worden.
Onderwerpen: vooroordelen, conformisme, attitudevorming, indrukken die mensen vormen
over anderen.
1.2.2 Latere aandachtspunten
Ethische aandachtspunten
Elektrische schokken
Wijsmaken dat ze in een noodsituatie zitten
Indruk krijgen dat ze niet wisten wat het juiste antwoord was
Internationaal werd een deontologische code opgesteld waaraan onderzoekers zich moeten
houden bij het doorvoeren van experimenten.
Deelnemer voor de proef helder geïnformeerd zijn.
Eerst een schriftelijk akkoord.
Culturele verscheidenheid
Door snelle vorderingen in onderzoek en praktische bruikbaarheid van de theorieën blind voor
bredere context van hun bevindingen.
Veralgemeenbaarheid?
o Studenten
o Westers
Dus: Replicatieonderzoek
1970: Intense uitwisseling tss sociaal psychologen uit verschillende landen en continenten.
Elkaars bevindingen toetsen op veralgemeenbaarheid.
Crossculturele psychologie
Geert Hofstede (1983): 1e onderscheid tss individualistische en collectivistische culturen.
Individualistische cultuur: Mensen zijn erg gesteld op hun onafhankelijkheid. Individuele
prestaties en het hebben van een eigen opinie.
Collectivistische cultuur: Gericht op de gemeenschap. Ze hechten belang aan inspanningen
die de groep ten goede komen en aan het bewaren van de sociale harmonie.
3