Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 57 pages
Summary

samenvatting inleiding sociologie

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 57 pages

volledig samengevat, gestructureerd in puntjes

Content preview

1 WAT IS SOCIOLOGIE?

1.1. SOCIOLOGISCH DENKEN
verschillende vragen
 Hoe komt het dat mensen zich gedragen volgens bepaalde regels?
 Waarom is chaos geen regel MAAR een uitzondering?
 Welke invloed heeft onze sociale context op ons zelfbeeld?
 Waarom is het gezin ontstaan als sociale eenheid?
 …
PROBLEMEN id samenleving hebben altijd gevolgen voor individuen
belangrijk om te weten hoe een samenleving ‘leefbaar’ kan gemaakt worden

1.1.1. ALLES IS CONTIGENT MAAR NIET ARBITRAIR
contingentie= het vanzelfsprekende in vraag stellen

BLAISE P. 17e E
 ‘wat geldt als waarheid ad ene kant vd Pyreneeën, is dwaasheid ad andere kant’
om een besef van contingentie te hebben moeten we in staat zijn om het
vanzelfsprekende in vraag te stellen, beseffen dat onze gewoontes, instituties relatief zijn

BLECKER the outsider
 criminaliteit en deviant gedrag zijn relatief
wat de maatschappij als normoverschrijding beschouwt is afhankelijk van tijd EN plaats

arbitrair =alles is toevallig? NEE
 een socioloog gaat ervan uit dat er sociale determinanten zijn om te verklaren wrm
instellingen, gewoontes zich zo hebben ontwikkeld
 men probeert een samenhang te zien

=verklaringen die terug te vinden zijn in onze sociale context

 mens maakt zijn eigen geschiedenis en instellingen DUS eigen wetgever
 men gelooft niet in een opperwezen OF lot

18e E ROUSSEAU contingent denken
Hoe kon de mens de wet eerbiedigen, als mensen het besef hebben dat deze wet niet door
een opperwezen is opgelegd MAAR ze deze zelf heeft gecreëerd?
 wrm volgt men deze regels EN hoe komt sociale orde* tot stand

sociaal denken =in vraag stellen vh zelfsprekende, om zich vervolgens de vraag te stellen hoe
sociale orde mogelijk is in een maatschappij waarin men beseft dat alles relatief is

*niet het behoud van machtsverhoudingen, wetten en regels MAAR het behoud van de
mogelijkheid om tot nageleefde regels te komen




1

,1.1.2. SOCIOLOGISCHE VERBEELDING
Met welke bril kijkt een socioloog naar de werkelijkheid?

MILLS 20e E
 sociologische verbeelding ‘een levendig bewustzijn van de band tussen persoonlijke
dagelijkse ervaringen en de ruime samenleving’
 om deze ervaringen in een context te kunnen plaatsen moet men afstand nemen van
de vanzelfsprekendheden en beseffen dat alles contingent is
 TIP om deze ervaringen ten volle te kunnen begrijpen moet men niet enkel kijken
naar het individu en zijn kenmerken MAAR ook naar de sociale kenmerken waarin de
gebeurtenis zich afspeelt
 =sociale context

sociale verbeelding =individuele gebeurtenissen plaatsen en verklaren vanuit het geheel v
sociale relaties, die zelf een specifieke historische oorsprong hebben

historische processen

sociale context
(sociale relaties)

biografie
(persoonlijke gebeurtenissen)

1.1.3. SOCIALE CONTEXT
≠ NIVEAUS
 micro niveau: face-to-face interacties binnen kleine groepen van vrienden of het gezin
 meso niveau: binnen sociale groeperingen zoals buurt, organisaties, verenigingen
 macro niveau: globale samenleving, de kenmerken van de maatschappij in zijn geheel

de wijze waarop mensen iets doen oefent een invloed uit op het leven van die mensen
nature-nurture

OPGELET we moeten goed kijken naar de invloed van de sociale context waarbinnen het
individu zich vindt EN niet ervan uitgaan dat het gedrag op één bepaald moment de persoon
bepaald en je hieruit kan afleiden hoe deze persoon is
te vaak te veel oog voor persoonlijkheid…

SOORTEN contextuele factoren, beïnvloeden elkaar en gaan in interactie
1. sociologische contextuele factoren: het resultaat van interacties tussen personen en
sociale eenheden EN gaan dan op hun beurt de interacties beïnvloeden
o vb. interactie tussen twee studenten kan leiden tot een norm, deze zal de
verdere interactie tussen de studenten beïnvloeden en kan leiden tot een
conflict


2. ecologische contextuele factoren:

2

, klimatologische factoren
o vb. in warme landen een siësta
 geografische factoren vb. bergen

3. demografische contextuele factoren: beschrijft een bevolking en haar veranderingen
o vb. vergrijzing kan een conflict doen ontstaan rond pensioen
o vb. youth bulge, jongerengroep groot tov anderen DAN ziet men meer
geweld, onrust…

4. materiële contextuele factoren: welke grondstoffen, technologie, infrastructuur is voor
handen in de sociale context?
o vb. sociale media zorgt ervoor dat we op een andere manier interageren en
conflicten oplossen, doen aan sociale ruil
5. economische contextuele factoren: staan in verband met productie, distributie en
consumptie van goederen en diensten
 BNP Bruto Nationaal Product =geeft globale waarde aan de alle geproduceerde goederen
en diensten gedurende 1 jaar door inwoners van 1 land
 conjunctuur =wnr BNP snel stijgt, hoogconjunctuur
wbr BNP laag stijgt, laagconjunctuur
leiden vaak tot hoog werkeloosheids%
o vb. economische crisis 2009

1.1.4. ENKELE BEGRIPPEN
gedrag:
 elke actie of reactie van een individu, ruime interpretatie
o zichtbaar sociaal gedrag
o ideeën, opinies, attitudes en gevoelens
o cognitieve prestaties

sociaal handelen:
 elke handeling dat gericht is op andere of beïnvloed wordt door andere
 sociaal handelen is geen imitatie gedrag WANT er is een subjectieve betekenis aanwezig
die ivm de tweede actor staat
o KENMERKEND
 oorzaken van patronen ih sociaal handelen zoeken id sociale context
waarin het sociaal handelen zich afspeelt
(zie sociologische verbeelding)

interactie:
 wnr mensen complementaire betekenis geven aan elkaars handelen,beïnvloeden
o KENMERKEND
 wisselwerking tussen verschillend actoren zender-ontvanger
 anticiperen op het gedrag van de andere
 gemeenschappelijke interpretatie van elkaars handelen


‘opdat’ en ‘omdat’ motieven

3

, twee personen Pol en Ann ontmoeten elkaar, Ann steekt haar hand uit ‘opdat’ zij beschouwt
dat Pol dit als een teken ziet van begroeten. Pol reageert op een gepaste manier en steekt
zijn hand uit ‘omdat’ Ann tot een begroeting overging.

1.1.5. INTERACTIES KUNNEN BEPAALDE VORMEN AANNEMEN
1. sociale ruil ‘in het krijt staan’
 geeft EN de termijn vd tegenprestatie staan niet vast
 GEVAAR aanleiding tot conflicten
 ≠van economische ruil

BLAU 20e E
 vele interacties die wij aangaan zijn vormen van sociale ruil vaak is er een ongelijke
verdeling =einde
 kosten-batenanalyse
 altruïsme blijft een zeker vorm van egoïsme te zijn, de neiging om de andere te helpen
komt voort uit het streven naar erkenning

2. samenwerking
 er moet een (stilzwijgend) akkoord zijn over gemeenschappelijke doelstellingen
 conformiteit in het navolgen van regels
taakverdeling is belangrijk (zie HF sociale ongelijkheid)

3. conformiteit
 interactie die verloopt volgens de betekenis die beide partners toekennen aan de
interactie
 indien iemand de rolverwachting overtreed deviant gedrag
!hangt af van leeftijd, wie, plaats, gezagsverhouding…!

4. conflict
 objectieve OF subjectieve tegentelling door ongelijkje verdeling van schaarse en
gewaardeerde middelen
o materieel
o nt-materieel
 achter een waardenconflict schuilt vaak een belangenconflict

5. macht
 interactievorm waarbij de ene partij de andere beïnvloedt om zijn eigen doelstellingen te
bereiken ZELFS tegen de wil van de andere partij
 macht = relatief, afhankelijk van situatie tot situatie

1.2. ONTSTAAN VAN DE SOCIOLOGIE ALS WETENSCHAP
18e E verlichting, rationalisme
MONTESQUIEU, VOLTAIRE, FERGUSON…
 passen logica op een systematische wijze toe om verklaringen te zoeken van
maatschappelijke verschijnselen



4

Document information

Study
Uploaded on
June 29, 2021
Number of pages
57
Written in
2018/2019
Type
Summary
$4.81

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
lisagrijspeert
4.0
(15)
Sold
107
Followers
99
Items
0
Last sold
1 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions