• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 6 sur 40 pages
Resume

Samenvatting Begrippenlijst Methodologie (1e zit : 16/20) | Sociale Wetenschappen | UGent | 2025/26

Document preview thumbnail
Aperçu 6 sur 40 pages

Dit is een begrippenlijst met de belangrijkste kernconcepten en begrippen duidelijk en bondig uitgelegd. Ik heb voor dit vak als eerst deze begrippenlijst hoofdstuk per hoofdstuk geblokt om dan een samenvatting als kadering te gebruiken. Ik had in 1e zit een 16/20 voor dit examen

Aperçu du contenu

BEGRIP DEFINITIE/UITLEG
HOOFDSTUK 1
Verwijst naar de wijze waarop het hele proces van
Methodologie wetenschapsbeoefening functioneert, en houdt dus niet alleen
de kennis en beheersing van de methoden en technieken in.

Methode(n) Specifieke technieken om onderzoekseenheden te selecteren,
gegevens te verzamelen, analyseren en rapporteren.

Wetenschappelijke aanpak Werkwijze gebaseerd op regels en procedures die de kwaliteit
en het waarheidsgehalte van kennis maximaliseren

Persoonlijke ervaring Bron van kennis gebaseerd op eigen ervaringen; kan leiden tot
veralgemeningen

Overgeneraliseren Algemene conclusies trekken op basis van beperkte ervaringen

Selectieve observatie Vooral aandacht hebben voor bepaalde situaties of personen
en daaruit conclusies trekken.

Media als kennisbron Bron van informatie die vaak selectief is en niet noodzakelijk
wetenschappelijk onderbouwd

Ideologische overtuigingen Opvattingen en waarden die onze kijk op de werkelijkheid
beïnvloeden.

HOOFDSTUK 2
Sociaalwetenschappelijk onderzoek Het produceren van geldige en betrouwbare kennis over de
sociale werkelijkheid door theorie en empirie te combineren

Wetenschappelijke kennis Kennis die ontstaat uit een voortdurende wisselwerking tussen
theorie en empirische observaties

Kennissystemen Bronnen van kennis zoals media of persoonlijke ervaringen.

Theorie Samenhangend geheel van uitspraken die fenomenen
beschrijven of verklaren.

Sociaalwetenschappelijke theorie Theorie die verklaart hoe de samenleving functioneert

Concept Abstract idee dat dient als label voor waarneembare
fenomenen

Relatie tussen concepten Verband tussen verschillende concepten binnen een theorie

Logische consistentie Theoretische uitspraken mogen elkaar niet tegenspreken.

Veralgemeenbaarheid Mogelijkheid om uitspraken op meerdere situaties toe te passen

Verifieerbaarheid Mogelijkheid om theorie te toetsen aan de werkelijkheid

, Falsifieerbaarheid Mogelijkheid om een theorie te weerleggen.
Formele theorie Abstracte theorie die sociale fenomenen verklaart vanuit
algemene basisprincipes. Bv Rational choice theory

Rational Choice Theory Theorie die stelt dat mensen rationeel kosten en baten afwegen.

Grand theory Zeer brede, abstracte theorie die grote sociale structuren
probeert te verklaren. Bv structurele functionalisme

Structurele Functionalisme Probeert alle mogelijke aspecten van sociaal gedrag en
organisatie te begrijpen vanuit structuur van sociale systemen
en de functies van de deelsystemen.

Middle range theory Specifieke, empirisch toetsbare theorie over een bepaald
sociaal fenomeen.

Repliceren Onderzoek herhalen om te controleren of dezelfde resultaten
worden gevonden

Empirie Kennis gebaseerd op waarneming van de werkelijkheid.

Gestandaardiseerde procedures Vaste meetprocedures om observaties zo objectief mogelijk te
maken

Constructivistische traditie Benadering waarbij de subjectieve betekenisgeving van mensen
centraal staat.

Deductie Redeneren van theorie naar empirische observaties

Hypothese Concrete, toetsbare verwachting afgeleid uit een theorie

Inductie Redeneren van empirische observaties naar algemene theorie.

Observatie Doelgericht verzamelen en beschrijven van gegevens.

Empirische cyclus Proces van observatie → inductie → deductie → toetsing.

Toevalsfout (error) Willekeurige fout zonder vast patroon.

Systematische fout (bias/vertekening) Fout die steeds in dezelfde richting werkt.

Betrouwbaarheid Mate waarin een meting consistente resultaten oplevert.

Validiteit (geldigheid) Mate waarin onderzoek meet wat het beoogt te meten.

Positivistische visie Kennis is waar wanneer ze overeenkomt met observeerbare
werkelijkheid.

Constructivistische visie Werkelijkheid wordt sociaal geconstrueerd; objectieve
waarheid staat minder centraal.

, Meetvaliditeit Mate waarin een meetinstrument meet wat het moet meten.

Interne validiteit Mate waarin een gevonden verband werkelijk causaal is.

Causaliteit Oorzakelijk verband tussen twee variabelen.

(Hume) Covariantie (samenhang) Verandering in A gaat samen met verandering in B.

(Hume) Tijdsorde Oorzaak moet vóór het gevolg plaatsvinden.

(Hume) Storende factor Derde variabele die een verband kan verklaren

(Mill) Voldoende voorwaarde A zorgt op zichzelf voor B, maar andere factoren kunnen ook B
veroorzaken

(Mill) Noodzakelijke voorwaarde B kan niet optreden zonder A

(Mill) Monocausale verklaring Verklaring met slechts één oorzaak.

(Mill) Probabilistische verklaring Oorzaak verhoogt de kans op een gevolg, maar garandeert het
niet.

Schijnverband Schijnbare relatie tussen A en B die eigenlijk veroorzaakt wordt
door een derde variabele.

Externe validiteit Mate waarin resultaten kunnen worden veralgemeend

Empirische/statistische generalisatie Veralgemening van steekproef naar populatie.

Theoretische generalisatie Toepassen van conclusies op andere situaties, tijden of
groepen.

Vakmanschap Kwaliteit van onderzoek afhankelijk van de zorgvuldigheid van
de onderzoeker.

Peer review Beoordeling van onderzoek door andere wetenschappers.

Theoriegericht onderzoek Onderzoek gericht op kennisontwikkeling en theorievorming.
(fundamenteel onderzoek)

Praktijkgericht onderzoek Onderzoek gericht op het oplossen van maatschappelijke
problemen.

Evaluatieonderzoek Onderzoek naar de eSectiviteit van een sociale interventie.

Procesevaluatie Beoordeling van hoe een interventie wordt uitgevoerd.

Productevaluatie Beoordeling van de resultaten van een interventie.

EUiciëntie-evaluatie Beoordeling van de verhouding tussen kosten en opbrengsten

, Actieonderzoek Onderzoek dat deelnemers betrekt om maatschappelijke
verandering te stimuleren.

Kwantitatief onderzoek Onderzoek met numerieke gegevens en statistische analyses.

Surveyonderzoek Onderzoek via gestandaardiseerde vragenlijsten.

Experiment Onderzoek waarbij de onderzoeker omstandigheden
manipuleert om causaliteit te testen.

Kwalitatief onderzoek Onderzoek met niet-numerieke gegevens en diepgaande
analyse.

Participerende observatie Onderzoeker neemt deel aan de onderzochte situatie.

Diepte-interview Uitgebreid gesprek om ervaringen en betekenissen te begrijpen.

Historisch-comparatief onderzoek Vergelijking van historische situaties of samenlevingen.

Triangulatie Combineren van kwalitatieve en kwantitatieve methoden om de
geldigheid te verhogen

HOOFDSTUK 3
Ontologie Visie op de aard van de werkelijkheid en wat bestaat.

Epistemologie Leer van kennis; onderzoekt hoe we kennis over de
werkelijkheid kunnen verkrijgen.

Methodologische strategieën Manieren waarop kennis over de werkelijkheid wordt verworven.

Positivisme (naturalisme) Stroming die de natuurwetenschappen als model neemt en
sociale wetmatigheden wil ontdekken via objectieve observatie.

Constructivisme (interpretatieve sociale Stroming die de werkelijkheid ziet als sociaal geconstrueerd en
wetenschap) wil begrijpen hoe mensen betekenis geven aan hun wereld.

Empirisme Opvatting dat kennis voortkomt uit zintuiglijke waarneming en
ervaring

Tabula rasa Idee dat de menselijke geest bij de geboorte een "onbeschreven
blad" is

Rationalisme Opvatting dat kennis vooral voortkomt uit rede en logisch
denken.

1e weg - Axioma Fundamentele stelling die zonder bewijs wordt aangenomen

1e weg - Intellectuele intuïtie Direct inzicht in kennis die niet via zintuigen verkregen wordt.

1e weg - Deductie Redeneren van algemene principes (axioma’s) naar specifieke
conclusies.

, 2e weg - Inductie Redeneren van specifieke waarnemingen naar algemene
uitspraken.

Correspondentietheorie van de Kennis is waar wanneer ze overeenkomt met de werkelijkheid.
waarheid
Regelmatigheidsvisie op causaliteit Causaliteit wordt afgeleid uit het herhaald samen voorkomen
van gebeurtenissen.

Correlatie Samenhang tussen twee verschijnselen zonder bewijs van
causaliteit.

Scepticisme (Hume) Twijfel aan de mogelijkheid om absolute kennis of causaliteit
vast te stellen.

Wiener Kreis Groep filosofen die wetenschap wilden afbakenen van
metafysica en pseudowetenschap

Logisch positivisme Filosofische stroming die stelt dat enkel empirisch toetsbare
uitspraken betekenisvol zijn

Principe van demarcatie Criterium om wetenschap van niet-wetenschap te
onderscheiden.

Verificationisme (principe van Een uitspraak is wetenschappelijk als ze empirisch
verifieerbaarheid) gecontroleerd kan worden

Inductieprobleem Probleem dat men nooit met zekerheid van enkele observaties
naar universele uitspraken kan gaan

(Popper) Falsificatie Principe dat een theorie enkel wetenschappelijk is als ze
weerlegd kan worden

Falsifieerbaarheid Mogelijkheid om een theorie door observatie te ontkrachten

Popperiaanse visie Wetenschappers vertrekken vanuit theorieën en proberen deze
kritisch te toetsen. (Deductie)

Feilbaarheid van wetenschap Wetenschappelijke kennis is nooit definitief en blijft altijd voor
verbetering vatbaar.

(Kuhn) Paradigma Geheel van ideeën, theorieën en modellen die een
wetenschappelijke gemeenschap deelt.

Normale wetenschap Onderzoek binnen een bestaand paradigma.

Wetenschappelijke revolutie Fundamentele verandering in het dominante paradigma.

Paradigmashift Overgang van het ene paradigma naar een ander

, (Lakatos) Empirische anomalie Waarneming die niet overeenkomt met de verwachtingen van
een theorie.

((Lakatos) Theorie met meerinhoud Theorieën worden niet onmiddellijk verworpen bij tegenstrijdige
bevindingen; onderzoekers proberen ze vaak eerst te redden.

Sociaal feit Waarneembaar sociaal verschijnsel dat losstaat van individuele
personen

Objectiviteit Verschillende onderzoekers komen tot dezelfde waarnemingen
en conclusies.

Niet-waardengeladenheid Wetenschappelijke kennis mag niet beïnvloed worden door
persoonlijke of politieke overtuigingen

Realisme (objectivisme / empirisch De werkelijkheid bestaat onafhankelijk van onze waarneming.
realisme)
(Durkheim) Naturalisme Toepassen van natuurwetenschappelijke principes op sociale
fenomenen.

Interpretatieve sociale wetenschap Benadering die sociale fenomenen probeert te begrijpen vanuit
de betekenis die mensen eraan geven.

Verstandsbegrippen (Kant) Aangeboren concepten waarmee mensen de werkelijkheid
ordenen.

Nominalisme De werkelijkheid wordt mede gevormd door de manier waarop
mensen haar benoemen en interpreteren.

Werkelijkheid "out there" De objectieve werkelijkheid los van onze interpretatie

Geesteswetenschappen Wetenschappen die fenomenen begrijpen en interpreteren
vanuit het perspectief van de actor.

Natuurwetenschappen Wetenschappen die verschijnselen verklaren via oorzaak-
gevolgrelaties.

HOOFDSTUK 4
Ethiek De centrale overtuigingen, normen en idealen die kenmerkend
zijn voor een gemeenschap

Informed consent (geïnformeerde Procedure waarbij deelnemers geïnformeerd worden over de
toestemming) aard, doelstellingen en voorwaarden van het onderzoek en
vrijwillig instemmen met deelname.

Vrijwillige deelname Deelnemers beslissen zelf of ze deelnemen en kunnen op elk
moment stoppen zonder negatieve gevolgen

Actieve informed consent Deelnemers geven expliciet toestemming door een bewuste
handeling (bv. handtekening, vakje aanvinken).
= Controleerbaar & gedocumenteert

Livre connecté
 image
Henk Roose Kennis maken
Éditeur: Inconnu ISBN: 9789463969710 Édition: 1

Infos sur le Document

Cours
Livre entier ?
Oui
Publié le
1 août 2026
Nombre de pages
40
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
$11.25

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
1
Abonnés
1
Éléments
7
Dernière vente
10 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Vous travaillez sur vos références ?

Créez des citations précises en APA, MLA et Harvard avec notre générateur de sources gratuit.

Vous travaillez sur vos références ?

Foire aux questions