maandag 2 maart 2026 12:44
Grote structurele variabiliteit
→ Moeilijk classificeren
• Slecht oplosbaar in water: hydrofoob (lange KWS-ketens)
• Goed oplosbaar in organische solventen
• Moeten in een waterige omgeving kunnen vertoeven (in lichaam): klein geladen deel (lost op in water) en
KWS-keten =amfipatisch
Oplosbaarheid: bepaald door hydrofoob skelet en inplanting van hydrofiele groepen
○ Oplosbaarheid daalt als ketenlengte stijgt
○ # hydrofiele groepen stijgt = oplosbaarheid in water stijgt
FUNCTIES • Energieopslag (lange koolwaterstofketens): onderhuids vet voor warme en opslag
• (Biologische) membranen: compartimentalisatie
Membranen van cellen bestaan uit lipiden!
• Doorgeven inter- en intracellulaire signalen (receptoren, hormonen bevatten veel lipiden)
CLASSIFICATIE
• Enkelvoudige lipiden: glycerol gekoppeld aan esters van vetzuren (3)
• Samengestelde lipiden: naast alcoholen nog andere groepen vb. receptoren
• Isopreenlipiden voor de oxidatieve fosfoylatie in mitochondriën
Opslaglipiden= triacylglycerols
Membraanlipiden die fosfolipiden of glycolipiden zitten in het membraan!
→ Hebben andere groepen die een functie hebben, vaak buiten het membraan
Verschillende types lipiden
Lipiden zijn veel meer dan enkel de vetzuren: vetzuren slechts klein deel van de lipiden
Vetzuren
• Organische zuur
• Polaire carboxylgroep en hydrofobe, langere KWS-ketens dan gewoon organisch zuur
• Bij planten en dieren voornamelijk C18 en C20
Nummeringen van C-atomen op verschillende manieren:
(omega-telling meest gebruikt)
=stearinezuur
Vetzuren zijn verzadigd: GEEN enkele dubbele binding Enkel voor lipiden niet elke CH tekenen
= rechte en stevige structuur (weinig beweging)
Onverzadigd vetzuur:
○ Dubbele bindingen aanwezig (altijd in de cis-configuratie, dus een bocht in structuur)
○ Meerdere dubbele bindingen zijn niet geconjugeerd!
→ Onverzadigde vetzuren komen niet geconjugeerd voor
→ Altijd een enkele binding tussen dubbele bindingen
Hoe meer onverzadigde bindingen, hoe meer bewegingen mogelijk
= vooral in plantaardige voeding
Belangrijke structuren: Ω3, Ω6 en Ω9
Biomoleculen Pagina 1
, Belangrijke structuren: Ω3, Ω6 en Ω9
Opnemen in voeding, voornamelijk plantaardig
Hoe meer onverzadiging, hoe beter voor gezondheid
Membranen moeten stevigheid, maar vloeibaar zijn: membranen passen zich aan de omgeving aan met de
hoeveelheid onverzadigde en verzadigde vetzuren te reguleren + stevigheid tegen kracht zonder barsten
Trans-vetzuren: wordt soms behandeld als een verzadigd vetzuur in lichaam
→ Effect op cholesterol-metabolisme: verstoren
→ 2 of meer dubbele bindingen in trans vb. benecol
Bij frituren: bij elke verhitting ontstaan transvetten
KENNEN: stearinezuur, oleïnezuur, linolzuur en linoleenzuur + arachidonzuur: sommige vetzuren ontstaan door
ringsluiting van arachnidonzuur
Smelttemperatuur stijgt bij:
• Verzadiging (hoe minder onverzadigde bindingen, hoe hoger de smelttemperatuur)
• Ketenlengte
DUS groot effect op de vloeibaarheid van membranen!
→ Samenstelling van membraan aanpassen aan de temperatuur
1) Opslaglipiden: triacylglycerols
Starten bij glycerol (afgeleide van een sacharide)
+ via esterbinding op de 3 OH's een vetzuur binden dat wordt opgenomen bij voeding
DUS onderhuids veel triglyceriden
Triacylglyerol kunnen tekenen en de getekende vezuren erop!
+ structuren kunnen benoemen in de structuur
EXAMEN
Teken een triglyceride met:
1) Stearinezuur
2) Linolzuur
3) Linoleenzuur
Op de eerste plaats dan stearinezuur,…
Triglyceride herkennen met op plaats 1, 2, 3 de verschillende zuren!
Triacylglycerols= triglyceriden
FUNCTIES van triglyceriden:
• Efficiënt energiereservoir
• Vetten en oliën zijn complexe mengsels van triglyceriden
• Ongeveer 10kg onderhuids vet (rond organen), bepaalde hoeveelheid vet in lichaam essentieel!
Verzadigde vetzuren komen weinig voor in plantaardige vetten
Olijfolie niet veel gezonder dan maisolie en pindaolie op vlak van vetsamenstelling
Biomoleculen Pagina 2