Leren onderwijzen
Onderwijs in Vlaanderen: Opdracht
Onderstaande opdracht gaat over de inhouden ‘onderwijs in Vlaanderen’ en deze bereid je
thuis voor. De antwoorden kan je terugvinden in de brochure ‘onderwijs in Vlaanderen
(2008)’ (Blackboard) en via de website onderwijs.vlaanderen.be .
Thema 1: Situering van Vlaanderen (blz. 5)
1. België is een federale staat die bestaat uit gemeenschappen en gewesten. Onderwijs is
een bevoegdheid van de: (kruis aan en vul aan)
Gemeenschappen, namelijk Vlaamse gemeenschap, Waalse gemeenschap en
Duitstalige gemeenschap
Gewesten, namelijk Vlaams gewest, Waals gewest en Brusselshoofdstedelijk
gewest
2. De federale staat behoudt enkele bevoegdheden namelijk: (benoem 3 bevoegdheden)
Het bepalen van begin en einde van de leerplicht
Het vastleggen van de minimumvoorwaarden voor het behalen van een diploma
Het bepalen van de pensioenen van het onderwijspersoneel
3. De huidige Vlaamse minister van onderwijs en vorming is …
Ben Weyts
Thema 2: Algemene principes (blz. 9)
4. Vanaf welke leeftijd tot welke leeftijd is een kind in België leerplichtig?
De leerplicht start op 1 september van het jaar waarin een kind 6 jaar wordt en duurt 12 volle
schooljaren. Dus tot 18 jaar. Maar een leerling is voltijdsleerplichtig tot 15 of 16 jaar.
5. Omschrijf het verschil tussen leerplicht en schoolplicht.
Leerplicht is de wettelijke verplichting om kinderen onderwijs te laten volgen.
Wanneer er sprake is om dit aan een school te doen is dit schoolplicht.
6. Leg volgende stelling uit: “De vrijheid van onderwijs kent twee vormen.”
1
, Leren onderwijzen
Er is vrijheid voor welke school je kiest. Alle scholen moeten ervoor zorgen dat alle
eindtermen worden voltooid.
7. Welke zijn de drie onderwijsnetten (afkortingen + voluit)?
Zoek op in welk onderwijsnet je stageschool te situeren is (als deze al bekend is).
1. GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap
2. Het officieel gesubsidieerd onderwijs – OGO
3. Vrij gesubsidieerd onderwijs - VGO
8. De onderwijskoepels verenigen de inrichtende machten binnen een bepaald
onderwijsnet. Noteer de vier bekendste onderwijskoepels (afkortingen + voluit).
OVSG: onderwijsvereniging van steden en gemeenten
POV: provinciaal onderwijs Vlaanderen
Katholiek onderwijs Vlaanderen
OKO: overleg kleine onderwijsverstrekkers
9. Maak in een schema duidelijk
op welke manier de
onderwijskoepels verbonden
zijn met de verschillende
onderwijsnetten.
2
Onderwijs in Vlaanderen: Opdracht
Onderstaande opdracht gaat over de inhouden ‘onderwijs in Vlaanderen’ en deze bereid je
thuis voor. De antwoorden kan je terugvinden in de brochure ‘onderwijs in Vlaanderen
(2008)’ (Blackboard) en via de website onderwijs.vlaanderen.be .
Thema 1: Situering van Vlaanderen (blz. 5)
1. België is een federale staat die bestaat uit gemeenschappen en gewesten. Onderwijs is
een bevoegdheid van de: (kruis aan en vul aan)
Gemeenschappen, namelijk Vlaamse gemeenschap, Waalse gemeenschap en
Duitstalige gemeenschap
Gewesten, namelijk Vlaams gewest, Waals gewest en Brusselshoofdstedelijk
gewest
2. De federale staat behoudt enkele bevoegdheden namelijk: (benoem 3 bevoegdheden)
Het bepalen van begin en einde van de leerplicht
Het vastleggen van de minimumvoorwaarden voor het behalen van een diploma
Het bepalen van de pensioenen van het onderwijspersoneel
3. De huidige Vlaamse minister van onderwijs en vorming is …
Ben Weyts
Thema 2: Algemene principes (blz. 9)
4. Vanaf welke leeftijd tot welke leeftijd is een kind in België leerplichtig?
De leerplicht start op 1 september van het jaar waarin een kind 6 jaar wordt en duurt 12 volle
schooljaren. Dus tot 18 jaar. Maar een leerling is voltijdsleerplichtig tot 15 of 16 jaar.
5. Omschrijf het verschil tussen leerplicht en schoolplicht.
Leerplicht is de wettelijke verplichting om kinderen onderwijs te laten volgen.
Wanneer er sprake is om dit aan een school te doen is dit schoolplicht.
6. Leg volgende stelling uit: “De vrijheid van onderwijs kent twee vormen.”
1
, Leren onderwijzen
Er is vrijheid voor welke school je kiest. Alle scholen moeten ervoor zorgen dat alle
eindtermen worden voltooid.
7. Welke zijn de drie onderwijsnetten (afkortingen + voluit)?
Zoek op in welk onderwijsnet je stageschool te situeren is (als deze al bekend is).
1. GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap
2. Het officieel gesubsidieerd onderwijs – OGO
3. Vrij gesubsidieerd onderwijs - VGO
8. De onderwijskoepels verenigen de inrichtende machten binnen een bepaald
onderwijsnet. Noteer de vier bekendste onderwijskoepels (afkortingen + voluit).
OVSG: onderwijsvereniging van steden en gemeenten
POV: provinciaal onderwijs Vlaanderen
Katholiek onderwijs Vlaanderen
OKO: overleg kleine onderwijsverstrekkers
9. Maak in een schema duidelijk
op welke manier de
onderwijskoepels verbonden
zijn met de verschillende
onderwijsnetten.
2