H2 Personeelsbeheer 2
H3 Informatie- en communicatiesystemen aan boord 7
H4 Gegevens verzamelen en beheren 9
H5 Nautische termen 10
H6 Nood-, spoed-, en veiligheidscommunicatie 10
H7 Goede en open werksfeer 13
H8 Sociale wetten 13
H9 Handhaving van alcohol- en drugsverbod 13
H10 Maaltijden en hygiëne 14
Exameninformatie CBR: 14
Exameneisen CBR: 14
(De hoofdstukken volgen de hoofdstukken van de reader van Edumar)
1
, H2 Personeelsbeheer
Vaartijdenboek, beantwoord de volgende vragen:
- Hoe vaart het schip? (=exploitatiewijze A1, A2, B)
- Wie is de bemanning?
- Welke reis heeft het schip en de bemanning gemaakt?
- Wanneer heeft de bemanning gerust?
Voor elk binnenvaartschip dat bedrijfsmatig op binnenwateren vaart is het verplicht een
vaartijdenboek bij te houden, bij onderstaande vaartuigen niet:
- Sleep- en duwboten die slechts in havens varen
- Onbemande duwbakken
- Overheidsschepen
- Pleziervaartuigen
Veerboten, veerponten en open rondvaartboten moeten een scheepsjournaal bijhouden
(Naam schip, scheepsnummer, begin/einde dienst en bemanning).
Het vaartijdenboek aanvragen bij SAB (Stichting Afvalstoffen en vaardocumenten
Binnenvaart) is de verantwoordelijkheid van de eigenaar.
Het invullen en bijhouden van het vaartijdenboek is de verantwoordelijkheid van de schipper.
Belangrijke wet en regelgeving rondom vaar- en rusttijden:
- Binnenvaartregeling - vaartijden en bemanningssterkte
- Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP) - rusttijd,
exploitatiewijze, tachograaf en vaartijdenboek
- Arbeidstijdenbesluit vervoer - arbeids- en rusttijden per exploitatiewijze
Exploitatiewijzen:
- A1 = Vaart ten hoogste 14 uur per 24 uur. Met een tachograaf mag eenmaal per
week verlengd worden naar 16 uur
- A2 = Vaart van ten hoogste 18 uur per 24 uur
- B = Continuvaart, 24 uur
Exploitatiewijze Minimale Rusttijd Minimale totale Per 48 uur Per 7 dagen
ononderbroken rusttijd tussendoor rusttijd
A1 8 uur 2 uur 10 uur 84 uur
A2 6 uur 4 uur 10 uur 84 uur
B 6 uur 4 uur 10 uur 24 uur 84 uur
- Advies: geef elk bemanningslid dat werknemer is minimaal 12 uur ononderbroken
rusttijd per 24 uur om hieraan te voldoen.
- Over een periode van 7 dagen mag maximaal 42 uur gewerkt worden tussen 23:00
en 6:00.
2
, Tijden jeugdige bemanningsleden (15-, 16-, 17-jarigen)
Exploitatiewijze Minimale ononderbroken rusttijd Rusttijd tussendoor Minimale totale rusttijd
A1 12 uur 4 uur 16 uur
A2 12 uur 4 uur 16 uur
B 2 x 6 uur 4 uur 16 uur
- 's Nachts mogen ze niet werken, behalve als dit onderdeel is van hun opleiding.
Invullen vaartijdenboek
Afkortingen:
- Sch = schipper
- St = stuurman
- vMt = volmatroos
- Mt = matroos
- Lm = Lichtmatroos
- Dm = Deksman
- Mc = machinist
Op iedere bladzijde dient de schipper het volgende aan te tekenen:
● De exploitatiewijze (A1, A2, B)
● Het jaar
● Zodra het schip de vaart begint:
- 1e kolom: de datum (dag en maand)
- 2e kolom: de tijd (uur en minuten)
- 3e kolom: de plaats waar de vaart begint
- 4e kolom: de kilometerraai van die plaats
● Zodra het schip de vaart onderbreekt:
- 1e kolom: de datum (dag en maand), indien deze afwijkt van de begindatum waarop
het schip de reis is begonnen.
- 5e kolom: de tijd (uur en minuten)
- 6e kolom: de plaats waar het schip stilligt
- 7e kolom: de kilometerraai van die plaats
● Zodra het schip de vaart voorzet: Dezelfde aantekeningen als bij het begin van de
vaart.
● Zodra het schip de vaart beëindigt: Dezelfde aantekeningen als bij een onderbreking
van de vaart.
- De 8e kolom (naam, voornaam, nummer dienstboekje/bevoegdheidsbewijs) moet
worden ingevuld wanneer de bemanning voor de eerste keer aan boord komt en
vervolgens telkens wanneer deze van samenstelling verandert.
- Kolommen 9 t/m 11 - begin en einde rusttijd van elk bemanningslid (aantekeningen
dienen uiterlijk voor 8 uur de volgende ochtend te worden aangebracht).
- Kolommen 12 en 13 moeten bij wisseling van de bemanning telkens het tijdstip van
aan boord komen of van boord gaan worden vermeld.
- In het geval dat de bemanningsleden hun rust nemen volgens een regelmatig
rooster, kunt u met 1 schema per reis volstaan, uitsluitend bij exploitatiewijze B.
3