• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 21 pages
Summary

Samenvatting Omgevingsanalyse

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 21 pages

Samenvatting van 21 pagina's voor het vak Omgevingsanalyse aan de Avans

Content preview

Omgevingsanalyse
Hoofdstuk 9 Consumenten

9.1
Consumptieve bestedingen = de bestedingen van consumenten (de aanschaf van
goederen en diensten door de consument)

Door de openheid van de economie kan de exportbestedingen belangrijker zijn dan de
consumptieve bestedingen. In dit geval in Nederland.

De consumptieve bestedingen hebben effect op de economische groei, tevens is dit
ook afhankelijk van de economische groei.
Neemt de consumptieve bestedingen toe dan geeft dit een impuls aan de productie van
bedrijven en aan de economische groei. Gevolg dat de groei zal toenemen.  productie-
en inkomensstijging kunnen vervolgens de consumentenbestedingen verder
aanzwengelen waardoor de groei doorzet. Dit is het multipliereffect.

Bestedingen in Nederland:
- Export
- Consumptie
- Investeringen
- Overheidsbestedingen

9.2
Economische factoren die de groei van de consumptie bepalen:
- De ontwikkeling van het besteedbaar inkomen
- De vermogensontwikkeling

Besteedbaar inkomen = het inkomen dat na verwerving van herverdelende
maatregelen door de overheid overblijft voor besteding.

Soorten inkomens:
- Loon - Uitkeringen
- Winst - Overige inkomensbestanddelen
- Vermogensinkomsten

Primair inkomen = het inkomen voor de herverdeling (loon, huur, intrest en winst zijn
de basisvormen)

Arbeidsinkomen = wordt door de productiefactor arbeid verdient (grootste deel is loon)
Arbeidsinkomensquote = het aandeel dat het arbeidsinkomen uitmaakt van het bruto
binnenlands product
Winstquote = wordt gebruikt als indicator van de winstgevendheid. Stijgt de AIQ –
daalt de winstgevendheid van bedrijven

Koopkrachtontwikkelingen van één persoon wordt niet alleen door het reëel inkomen
besteedbaar inkomen bepaald maar ook door het inkomen van andere leden van het
huishouden

„‟ De overheid beïnvloed op verschillende manieren de koopkracht van het besteedbaar
inkomen‟‟.
Dit komt door de overheidsmaatregelen, die de omvang van het besteedbaar inkomen
vergroten of verkleinen.

Vermogensontwikkelingen maken net als de ontwikkeling van het reëel inkomen ook
deel uit van de groei bij de consumptieve bestedingen.




1

, Overwaarde = noemt men het verschil tussen de marktwaarde van een onroerend goed
en de hoogte van de hypotheek waarmee het is belast. Bij een waardestijging kan men
met hun huis de overwaarde verzilveren.

„‟ Stijgende huizenprijzen en stijgende aandelenkoersen leiden tot een
vermogenstoenamen‟‟.

Beurshausse = Lange periode van ononderbroken koersstijging
Kapitaaldekkingsstelsel = vanuit daar worden de toekomstige verplichtingen
gefinancierd

De pensioenpremies worden extra verhoogd om nieuwe reserves op te bouwen. Dit is
nodig voor de terug lopende beurskoersen.

Consumenten zijn gevoeliger voor koersverlies dan voor koerswinst. Als reactie op
koersdaling gaan mensen meer sparen.

2 verklaringen voor asymmetrie:
- Consumenten zijn risicomijdend (loss aversion / edowment effect)
- Aan het extra vermogen wordt steeds minder waarde gehecht (afnemend
grensnut)

Loss aversion = als mensen eenmaal een bepaald vermogen hebben opgebouwd,
trachten ze te voorkomen dat dit vermogen afneemt of verloren gaat
Endowment effect = iemand waardeert goederen en vermogen meer indien hij deze
goederen in bezit heeft
Afnemend grensnut = naarmate iemand meer vermogen heeft, zal de
vermogenstoename groter moeten zijn om hetzelfde nut op te leveren

9.3
Hoofdcategorieën bij het binnenlandse consumptie:
- Voedings- en genotmiddelen
- Duurzame goederen
- Overige goederen
- Diensten

Binnenlandse consumptie = de consumptie binnen de landsgrenzen (ingezetenen /
niet-ingezetenen)
Nationale consumptie = meet de consumptieve bestedingen van de ingezetenen, op
welke plaatst dan ook.

Distributiekanalen  detailhandel / niet-detailhandel (diensten)
Detailhandelsbestedingen  food- en non-foodbestedingen

9.4
Inkomensgevoeligheid = de aankoop hangt sterk van het inkomen
Prijsgevoeligheid = de aankoop hangt sterk af van de prijs

Inkomenselasticiteit = de verandering van de vraag naar een product bij een
verandering van het inkomen
Prijselasticiteit = de verandering van de vraag naar een product bij een verandering
van de prijs

Noodzakelijke producten = producten die inkomensongevoelig zijn (mensen hebben
de producten nodig, zoals medicijnen)
Inferieure producten = producten die, naar mate het inkomen toeneemt, minder
worden gekocht



2

, Luxeproducten = producten met hoge inkomensgevoeligheid
Inferieure producten Noodzakelijke producten Luxe producten
- 0 1 +


Formule voor het berekenen van de inkomenselasticiteit:

Ei = % verandering van de gevraagde hoeveelheid Ei = % Δ Qv
% verandering van het inkomen %Δi

Formule voor het berekenen van de prijselasticiteit:

Ep = % verandering van de gevraagde hoeveelheid Ep = % Δ Qv
% verandering van de prijs %ΔP


Symbolen:
Ei = inkomenselasticiteit Δ = verandering
Qv = gevraagde hoeveelheid Ep = prijselasticiteit
i = inkomen P = prijs

„‟ Producten die sterk reageren op de prijsveranderingen zijn prijselastische ofwel
prijsgevoelige producten‟‟.

Elastisch In elastisch
- -1 0 +


Productdifferentiatie = nadruk wordt gelegd op het product en minder op de prijs,
ondernemingen proberen zich te onderscheiden van andere ondernemingen

„‟ Ondernemingen proberen hun producten en diensten ongevoelig te maken voor de
prijsveranderingen‟‟.

Complementaire producten = producten die met elkaar verbonden zijn zoals;
inktprinter met inktpatronen. Hierbij speelt de prijselasticiteit een grote rol.

Index economisch klimaat = vragen met betrekking over de ontwikkelingen van de
economische situatie in Nederland. Deze zijn gerelateerd aan het consumenten
vertrouwen. Koopbereidheid is ook een vraag om het consumenten vertrouwen te
weten te komen.

9.5
Demografie = wetenschappelijke bestudering van kwantitatieve eigenschappen van de
bevolking, de veranderingen daarin en de gevolgen daarvan
De Nederlandse bevolking wordt gerekend met de bevolkingsomvang over een aantal
jaar.

Natuurlijke groei = het saldo van het geboortecijfer en het sterftecijfer
Migratiesaldo = het saldo van immigratie en emigratie
Vertrekoverschot = het aantal emigranten groter dan het aantal immigranten

„‟ De afname van de bevolkingsgroei wordt verklaard door het toenemende aantal
emigranten en het dalend aantal geboorten‟‟.

Ontgroening = de afname van het aantal jongeren als aandeel van de totale bevolking
Vergrijzing = de toename van het aantal ouderen als aandeel van de totale bevolking



3

Document information

Study
Uploaded on
November 10, 2014
Number of pages
21
Written in
2013/2014
Type
Summary
$5.78

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Mauwerd
3.0
(1)
Sold
26
Followers
21
Items
29
Last sold
3 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions