H1 Geomorfologie
= studie van reliëf vormen, bestudeert vormen die in landschappen voorkomen & het ontstaan & de ontwikkeling
Geografie = beschrijven van de landschapsvormen
1.1 Inleiding
Reliëfvorming
1. Endogeen = processen die zich afspelen binnen de aardkorst. Endo betekent dan ook “van binnenuit
ontstaan” (bv. Vulkaanuitbarstingen)
2. Exogeen = processen die zich afspelen buiten de aardkorst. Exo betekent “van buitenaf ontstaan” en kunnen
gehele landschappen vervormen.
- eolische processen = wind (bv. op strand ontstaan duinen door de wind)
- neerslag
- glaciale processen (= ijs) (vb. noorse fjorden = verschillende eilanden zoals noorwegen)
- fluviatieve processen (= stroom nr rivieren)
- maritieme processen (= zee)
- hellingsprocessen (vb. oppervlakkige afspoeling, modderstroom
- dalprocessen (= colluviale = bergen)
- chemische processen
verwering = afbraak door chemische processen, planten, neerslag
erosie = transport
1.2 Landschapselementen
Landschapselementen ordenen in verschillende ‘families’
Levende natuur Weer en klimaat
Reliëf Bodem
Water Landbouw verbinding
Bebouwing
Via landschapselementen → verdere ‘typering’ v/h landschap
Synthese
Landschapselementen: menselijk, natuurlijk
Landschappen: natuurlandschap, cultuurlandschap
Landschappen: agrarisch, stedelijk, industrieel, toeristisch
4 H’s: Hoogte, Helling, Hoogteverschil, Horizon
1.3 De 4 H’s / cartografische voorstelling van het reliëf
Hoogte = verschil in hoogte tss 2 plaatsen in het landschap
Helling = overgang tss hogere & lagere delen in het landschap
Horizon = lijn in de verte waar de hemel en de aarde elkaar schijnen te raken
Hoogteverschil = tss twee punten
1.4 De verschillende reliëfvormen (2 elementen: hellingen en horizontale vlakken)
Reliëf: reliëfvormen
Plateau = vlakke horizon, helling en diepe snijdingen (door rivieren)
Gebergte = bergen, steile helling
spitse bergtoppen - komt door minder processen (niet veel wind zorgt voor geen afgevlakte vorm
Vlakte = geen hoogte verschil, vlakke horizon en geen rivieren
Heuvel = helling niet fel en heb je meer een glooiende helling
Depressie = laagte in één van de bovenstaande reliëfvormen & horizonlijn is ingestulpt
Dal of vallei = langgerekte laagte in één van de bovenstaande reliëfvormen & ontstaan door rivier of gletsjer
De Herdt Kaat Odisee
,1.5 Reliëfzones (wereld)
Reliëf zones
- Laagland (0-200m): laagvlakte, laagplateau & lage heuvel
- Middelland (200-2000m): vlakte, plateau, heuvel & middel hoge berg
- Hoogland (>2000): hoogvlakte, hoge heuvel, hoog plateau & berg
1.8 Dallen en valleien benoemen
- Vlakdal: zacht gesteente Dijle (trans & sedi)
- Vlakbodemdal: kalksteen Maas (trans & sedi)
- Boogdal: zacht gesteente (bv. afstroom velden) Semois (erosie & sedi)
- Kloofdal: zandsteen (bv. Colorado, canyon, gorge) De lesse (erosie)
De Herdt Kaat Odisee
, - V-dal: rivier insnijdingen, zandsteen Ourthe (erosie)
- U-dal: gletjers Vesder (sedi)
1.9 Reliëf in Europa
Laagland (0-200m)
Russisch Laagland
Laagvlakte West- en Noord-Frankrijk
Midden-Donauvlakte
Laag-België
Hongaarse Laagvlakte
Po-vlakte
Kaspische Laagvlakte
Noord-Duits Laagland
Hoogland (>2000m)
Alpen
Pyreneeën
Kaukasus
De Herdt Kaat Odisee