Statistiek EBM
Les 1 zie bureaublad & Les 2 ?
21/04/2026
Les 3: hoofdstuk 3 Health science literacy
Onderzoeksdesign
• 2 soorten onderzoek:
ð Hoe hoger in de piramide, hoe hoger de bewijs kracht
Secundaire onderzoek staat hoger maar zonder de primaire kan er ook niet
verder onderzocht worden!
, Primaire onderzoek:
Ø Kan analytisch zijn of niet analytisch
§ Niet analytisch = geen verbanden, eerder gaan kijken wat er
gebeurt in een populatie.
§ Analytisch = verbanden zoeken tussen factoren waarbij je een
interventie/blootstelling en uitkomst hebt
Ø Binnen analytisch onderzoek, heb je nog designs
§ Experimenteel = de onderzoeker legt bepaalde behandelingen op
aan de patiënt
§ Observationeel = geen manipulatie of behandeling, maar je legt
verbanden en observeert
Oorzaak gevolg vind je enkel bij experimentele studie, daarom is dit
het sterkste onderzoeksdesign
Bij observationele studies heb je 3 studies
a. Cohortstudie
→ Je vertrekt van blootstelling (exposure) en volgt mensen in de tijd
om te zien of ze een uitkomst (outcome)ontwikkelen.
=> exposure → outcome (met tijdsverloop)
b. Case-controlstudie
→ Je vertrekt van mensen met en zonder uitkomst (cases vs
controls) en kijkt terug naar hun blootstelling.
=> outcome → exposure (meestal retrospectief)
c. Cross-sectionele studie
→ Je meet blootstelling en
uitkomst op hetzelfde moment.
=> exposure en outcome tegelijk
Belangrijk: je kan geen oorzaak-
gevolg (causaliteit) vaststellen,
enkel associaties.
Case-controlstudie: Op moment dat je outcome
meet is exposure al gebeurd in verleden
ZIE SCHEMAS PW
, Variabelen:
Ø Oorzaak = independent variable
Dit is de onafhankelijke variabele
→ de factor waarvan je denkt dat die een effect veroorzaakt
bv. roken, voeding, beweging
Ø Effect / uitkomst = dependent variable
Dit is de afhankelijke variabele
→ wat je meet als resultaat van de oorzaak
bv. longkanker, gewicht, bloeddruk
Dus: oorzaak → effect
(roken → longkanker)
Ø Andere factor = confounder
Dit is een verstorende variabele
→ een derde factor die zowel de oorzaak als de uitkomst beïnvloedt
bv. leeftijd
• ouderen roken misschien meer
• én hebben meer kans op ziekte
ð lijkt het alsof roken het effect volledig verklaart, terwijl leeftijd ook meespeelt.
++ De pijlen in de figuur tonen dat:
• de oorzaak het effect beïnvloedt
• maar een confounder beide kan beïnvloeden, en dus je resultaat kan vertekenen
Cause = oorzaak (onafhankelijke variabele)
Outcome / effect = gevolg (afhankelijke variabele)
Les 1 zie bureaublad & Les 2 ?
21/04/2026
Les 3: hoofdstuk 3 Health science literacy
Onderzoeksdesign
• 2 soorten onderzoek:
ð Hoe hoger in de piramide, hoe hoger de bewijs kracht
Secundaire onderzoek staat hoger maar zonder de primaire kan er ook niet
verder onderzocht worden!
, Primaire onderzoek:
Ø Kan analytisch zijn of niet analytisch
§ Niet analytisch = geen verbanden, eerder gaan kijken wat er
gebeurt in een populatie.
§ Analytisch = verbanden zoeken tussen factoren waarbij je een
interventie/blootstelling en uitkomst hebt
Ø Binnen analytisch onderzoek, heb je nog designs
§ Experimenteel = de onderzoeker legt bepaalde behandelingen op
aan de patiënt
§ Observationeel = geen manipulatie of behandeling, maar je legt
verbanden en observeert
Oorzaak gevolg vind je enkel bij experimentele studie, daarom is dit
het sterkste onderzoeksdesign
Bij observationele studies heb je 3 studies
a. Cohortstudie
→ Je vertrekt van blootstelling (exposure) en volgt mensen in de tijd
om te zien of ze een uitkomst (outcome)ontwikkelen.
=> exposure → outcome (met tijdsverloop)
b. Case-controlstudie
→ Je vertrekt van mensen met en zonder uitkomst (cases vs
controls) en kijkt terug naar hun blootstelling.
=> outcome → exposure (meestal retrospectief)
c. Cross-sectionele studie
→ Je meet blootstelling en
uitkomst op hetzelfde moment.
=> exposure en outcome tegelijk
Belangrijk: je kan geen oorzaak-
gevolg (causaliteit) vaststellen,
enkel associaties.
Case-controlstudie: Op moment dat je outcome
meet is exposure al gebeurd in verleden
ZIE SCHEMAS PW
, Variabelen:
Ø Oorzaak = independent variable
Dit is de onafhankelijke variabele
→ de factor waarvan je denkt dat die een effect veroorzaakt
bv. roken, voeding, beweging
Ø Effect / uitkomst = dependent variable
Dit is de afhankelijke variabele
→ wat je meet als resultaat van de oorzaak
bv. longkanker, gewicht, bloeddruk
Dus: oorzaak → effect
(roken → longkanker)
Ø Andere factor = confounder
Dit is een verstorende variabele
→ een derde factor die zowel de oorzaak als de uitkomst beïnvloedt
bv. leeftijd
• ouderen roken misschien meer
• én hebben meer kans op ziekte
ð lijkt het alsof roken het effect volledig verklaart, terwijl leeftijd ook meespeelt.
++ De pijlen in de figuur tonen dat:
• de oorzaak het effect beïnvloedt
• maar een confounder beide kan beïnvloeden, en dus je resultaat kan vertekenen
Cause = oorzaak (onafhankelijke variabele)
Outcome / effect = gevolg (afhankelijke variabele)