• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 5 pages
Resume

Samenvatting Bedrijfseconomie HAVO | Hoofdstukken 5-7 | 2025/2026

Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 5 pages

Aantekeningen voor Bedrijfseconomie HAVO toets 2, met samenvattingen van de kernstof uit hoofdstukken 5 tot en met 7. De stof behandelt enkelvoudige en samengestelde interest, eindwaarde en contante waarde, nominale en effectieve interest, aflossing op leningen, handel in effecten, aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, en het aangaan van een hypotheek. Deze gestructureerde aantekeningen helpen je snel de belangrijkste concepten, formules en definities te herhalen voor effectieve toetsen- en examenvoorbereiding.

Aperçu du contenu

Beco toets 2
Hoofdstuk 5 – enkelvoudige en samengestelde interest paragraaf 1 enkelvoudige en
samengestelde interest


samengestelde interest: je krijgt niet alleen interest over het beginkapitaal, maar ook over de
eerder bijgeschreven rente. (rente over rente) Interest = rente
Enkelvoudige interest: wordt alleen interest berekend over het beginkapitaal.
Paragraaf 2 – eindwaarde en constante waarde van 1 bedrag

Perunage: : 100. Bv: 5%  5 : 100 = 0,05 (factor) i formule: En = K x (1 + i)n
E = eindwaarde. K= (begin)kapitaal. i = interestperunage & n = aantal perioden.

Formule: Cn = E x (1 + i)-n C = contante waarde Paragraaf 3 – nominale en
effectieve interest:
Nominale interestpercentage: gegeven interest over een bepaalde tijdsperiode.
Effectieve interest: het (hogere) gelijkwaardige interestpercentage als er sprake is van
samengestelde interest.

Berekenen nieuwe rentepercentage: (1+i)n delen = (1+i)1/n
Paragraaf 4 aflossen op leningen

Berekenen schuldrest!!!! Bereken interestbedrag nadat er is afgelost
Schuldrest: het bedrag dat we op een bepaald moment nog verschuldigd zijn.
Lineaire aflossing: elk jaar wordt een evenredig gedeelte afgelost.


Hoofdstuk 6 beleggen paragraaf 1 handel in effecten
Effectenbeurs: brengt vraag en aanbod van effecten bij elkaar. (Amsterdamse
effectenbeurs)
Effecten: waardepapieren die kunnen worden gekocht/verkocht, VB: aandelen,
obligaties aandelenparticipaties in beleggingsfondsen en opties. (vermogen
titels)
Provisie: kosten bij het kopen/verkopen van aandelen.
Limietorder: de belegger geeft en maximale koopprijs / minimale verkoopprijs op
voor aandelentransactie.
Market order: de belegger geeft opdracht tot een zo snel mogelijke
aankoop/verkoop van aandelen zonder limiet.
Stop loss order: wordt het aandeel verkocht als de beurskoers onder een
bepaalde waarde daalt.
Paragraaf 2 aandelen: een bewijs van deelname in het eigen vermogen van een bv/nv.
Nominale waarde: het bedrag dat op het aandeel staat.
Koerswaarde: het bedrag dat je voor het aandeel moet betalen als je het wilt
kopen.

, Emissiekoers: de door de onderneming vastgestelde prijs waartegen beleggers
nieuwe aandelen kunnen kopen.
2 manieren om van aandelen te verdienen: 1 door het ontvangen van
winstuitkeringen (dividend) 2 door
koerswinst ( waardestijging van aandelen).
Dividend: uitkering uit de winst voor aandeelhouders . (nominaal $25 X % = dividend
per aandeel.)

Ontstaan koerswinst: goed in het nieuws komen / goede prestaties van de
onderneming  vraag neemt toe, prijs (beurskoers) stijgt. (ook door
toekomstverwachtingen  nieuw product)
Ontstaan koersverlies: twijfels over toekomstige winstmogelijkheden/ slecht in
nieuws komen.
Economische ontwikkelingen: ontwikkeling/gerucht die effect hebben op de
koersontwikkeling van aandelen.
Paragraaf 3 obligaties en beleggingsfondsen
Obligatielening: geldlening op lange termijn die in kleine bedragen is opgedeeld.
Obligatie: een bewijs van deelname in een obligatielening.
Beurskoers: de prijs die op een beurs wordt betaald voor de obligatie, vaak als %
van nominale waarde.

Koers staatsobligatie: wordt vooral bepaald door huidige marktrente.
Obligatiekoersen zijn in het algemeen stabieler dan aandelenkoersen.
Nieuw : oud x 100%
Couponrendement: de verhouding tussen de nominale rente en de koers van de
obligatie.
Nominale waarde x koers (10.000 x 102%= 10.200)  bedrag dat … voor de
obligatie betaalde.

Couponrente x nominale waarde = … : bedrag (betaald voor obligatie)
x 100%
 (vraag) bereken het couponrendement
Nieuwe beurskoers (waarde) % x nominale waarde = 10.300 n–o:ox
100%
 (vraag) bereken het koersresultaat als percentage van zijn
belegging.
Tekst blz. 85 onderste stukje (verschillen en overeenkomsten)
Doelstelling van een beleggingsfonds: - hoge koerswinsten behalen. – behoudend
(met weinig risico)

(Aantekening boekje  schema)
Hoofstuk 7 Woning paragraaf 1 Huren

Infos sur le Document

Type
Année scolaire
4
Publié le
5 juillet 2026
Nombre de pages
5
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
$7.45

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
1
Abonnés
0
Éléments
29
Dernière vente
1 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Vous travaillez sur vos références ?

Créez des citations précises en APA, MLA et Harvard avec notre générateur de sources gratuit.

Vous travaillez sur vos références ?

Foire aux questions