4 kenmerken van volkomen concurrentie: P = GO = MO
1. Veel aanbieders; (hebben geen invloed op de prijs).
2. Homogeen product; alle exemplaren zijn identiek volgens de consument
3. Transparante markt; voor de consument is het makkelijk om inzicht te
krijgen in prijs en kwaliteit in de markt (doorzichtige markt).
4. Vrije toe- en uittreding; (mag altijd en is makkelijk).
Vrije spel van vraag en aanbod: Marktmechanisme (of
prijsmechanisme).
Qv = Qa kunnen mee rekenen
Als de vraag stijgt van een product, verschuif de Q v-lijn naar
rechts, zo ook andersom (links). winst stijgt van de producenten dus stijgt het
producentensurplus. Als bij de aanbod lijn het aanbod toeneemt, wordt het surplus
kleiner.
GVK = TVK / q GCK = TCK / q TK = TVK + TCK GTK =
GVK + GCK blz. 14
(bij schrijven!!!)
GVK TVK MK
Proportionele variabele Blijven Stijgen evenredig Gelijk aan
kosten gelijk GVK
Degressief variabele Dalen Stijgen minder dan Kleiner dan
kosten evenredig GVK
Progressief variabele Stijgen Stijgen meer dan Groter dan
kosten evenredig GVK
Degressief proportioneel progressief
“winst is altijd een blokje” bij een volledige mededinging heeft de
individuele producent geen enkele invloed op de prijs.
Als MO > MK, levert het de onderneming meer winst op per product. Bij MO < MK levert het
extra product minder op dan dat het kost.
Arceren van maximale winst: 1. MO=MK is q max. 2. Stippel naar GO lijn waar q bij
hoort. 3. Stippel tot GTK die hoort bij q. 4.
Arceer het vlak = maximale winst.
(bedrag is dan q x de winst
Hoofdstuk 2 – monopolie
Kenmerken van de markvormen van monopolie:
1. 1 aanbieder
2. Geen vrij toe- en uittreding
3. Transparante markt
4. P = GO = MO