Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 36 pagina's
Samenvatting

SAMENVATTING GNK Thema 1

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 36 pagina's

Samenvatting thema 1 blok 1 semester 1 jaar 1 Geneeskunde Groningen

Voorbeeld van de inhoud

Thema 1

Mitose:
à In somatische cellen - diploïd
à Enkele deling van moedercel in 2 dochtercellen
à Het aantal chromosomen per kern blijft gelijk
à Voor de celdeling vindt in de interfase, in de s-fase, DNA-replicatie plaats.
à Geen paring van homologe chromosomen, geen crossing over tussen chromosomen
à Centromeren worden tijdens anafase gesplitst
à Dochtercellen hebben identiek genotype als moedercel

Meiose:
à In geslachtscellen (gameet) – haploïd
à 2 delingen, moedercel resulteert in 4 meioseproducten
à Moedercel is altijd diploïd (2 sets chromosomen)
à Van 2n naar n
à Alleen meiose I – gaat s-fase aan vooraf
à Profase I – volledige paring van alle homologe chromosomen, minstens 1 crossing-over
per homoloog chromosomenpaar (chiasmata)
à Alleen bij meiose II – centromeren worden gesplitst tijdens anafase II (net als mitose)
à Meiose producten verschillen genetische van de moedercel (variatie in nageslacht)

Karyotype = afbeelding van chromosomen van een persoon geordend op lengte
Autosomaal = niet X-linked of Y-linked – Aa, AA, aa
De Novomutatie = nieuwe mutatie bij individu
Kiemcelmosaïcisme = mutatie die in bijna alle kiemcellen voorkomt, maar niet in alle
somatische
Verminderde Penetrantie = wel ziekte veroorzakend genotype, maar niet zieke fenotype
(Penetrantie = begrip dat weergeeft hoe vaak het afwijkende fenotype wordt vastgesteld bij
individuen met afwijkend genotype)
Variabele expressie = ernst van genetische aandoening verschilt binnen een familie
Locus heterogeniteit = een bepaalde ziekte wordt veroorzaakt door mutaties op
verschillende loci in verschillende families à meerdere genotypes zorgen voor 1 ziekte
Pleiotropie = genen die meer dan 1 effect hebben op het lichaam (2 verschillende
afwijkingen (vb/ hart en oog) door 1 mutatie)

Non disjunctie = onvolledige scheiding van chromosomen tijden meiose en mitose

Numerieke chromosomale aandoening: - trisomies en monosomies (aantal)
Structurele chromosomale aandoening: - structuur is veranderd – deleties en mutaties

Autosomaal dominant – alle generaties – 50% kans
Autosomaal recessief – slaat soms generaties over – 25% kans

X-inactivatie:
à Vindt plaats in elke cel van vrouwelijke embryo

,à 1 van de 2 chromosomen wordt willekeurig geïnactiveerd (random) – wordt dan zichtbaar
als Barrlichaampje aan de rand van de cel.
à Ongeveer 10-15% wordt inactief (evenveel als info van Y)
à 7 – 10 dagen na de bevruchting in lange arm – q

Genomisch imprinting:
- Het is een proces waardoor een bepaald allel van een gen alleen tot uitdrukking komt
(actief is), wanneer het van één ouder afkomstig is: de vader óf de moeder
- 1 van de allelen is inactief – kan bij dezelfde overerving – kan dus 2 ziektes
veroorzaken (zoals bij Prader Willi en Angelman)

Uniparentale disomie:
- Ziekte waarbij 1 van de ouders 2 kopieën van chromosomen geeft aan de nakomeling
en de andere geen.

Mutatie = verandering in DNA sequentie
à in somatische cellen kan het leiden tot kanker
à in gameten tot nieuwe kenmerken in de volgende generaties

Locus = de locatie van een gen in een chromosoom
Non-disjunctie = verkeerd uiteengaan van homologe chromosomen tijdens celdeling
Polymorfisme = veranderingen in de nucleotiden volgorde, die bij zo’n grote groep in de
bevolking voorkomen dat men niet meer spreekt over een mutatie

Soorten mutaties:
Basepaarsubstitutie = puntmutatie
- 1 basepaar wordt vervangen door een ander basepaar -> leidt tot verandering in
aminozuurketen
- Missense mutatie – verandering van een aminozuur door ander basepaar
- Nonsense mutatie – aminozuur verandert in stopcodon (beïnvloedt de transcriptie)
- Stille mutatie – hebben geen invloed, aminozuur blijft hetzelfde
Microdeleties – deel chromosoom verloren, één of meer baseparen gaan verloren
Insertie – deel DNA erbij geplakt
Frame shift mutatie – veroorzaakt door insertie of deletie door toevoeging of verwijdering
schuift alles een plekje op, waardoor geheel andere codons gelezen worden en een ander
eiwit wordt gevormd.
Inversie – omgekeerd deel
Duplicatie – verdubbeling
Translocatie – uitwisseling
1. Reciproke = 2 chromosomen wisselen delen uit – normaal fenotype – niks
verloren
2. Robertsoniaanse = p-armen (korte arm) gaan verloren van 2 chromosomen, de
lange armen smelten samen tot 1 deel.
Bij voorplanting kan deel loslaten à veroorzaakt trisomie (extra chromosoom)
(Kan alleen bij acrocentrische chromosomen – 13,14,15,21,22)
Promotor mutaties – mutatie die affiniteit van RNA-polymerase verminderd. Dit kan leiden
tot verminderde productie van mRNA en dus van het eiwit

,Splice-site mutatie – mutatie vlak bij het exon-intron gebied -> kan ervoor zorgen dat
introns niet goed weggeknipt worden of juist exons.

Consequenties van mutaties:
1. Gain of function – nieuw eiwitproduct wordt gevormd – activerend effect –
dominante aandoeningen
2. Loss of function – verminderd aantal eiwitproducten – remmend effect – leidt tot
recessieve aandoeningen

Euploïd = cel met normaal aantal chromosomen (23 haploïd en 46 diploïd)
Polyploïd = wanneer cel extra set chromosomen heeft (69 of 92)
Aneuploïd = cel met missende of toegevoegde individuele chromosomen bevatten
(mono/trisomie)

DNA-sequencing – kleine veranderingen – mutaties en polymorfismen – DNA wordt gelabeld
- Bepaling van de basereeks volgorde van het DNA
- Dideoxymethode -> DNA-fragmenten worden gescheiden op lengte

FISH – Techniek waarbij chromosoomdelen aangekleurd worden en onder een fluorescentie
microscoop bestudeerd worden. Om missend of extra chromosomaal materiaal op te
sporen, of verandering in volgorde. Met Probes. Chromosomale afwijkingen

PCR – polymerase chain reaction – DNA moleculen zijn erg klein, dus techniek om DNA
zichtbaar te maken. Niet voor opsporen mutaties!!
Microarrays – voor opsporen mutaties
CGH – Voor kleine deleties of duplicaties met mircoarrays


Naam ziekte: Kenmerken: Oorzaak: Extra’s:
Trisomie 18 - Klein hoofd, grauw, Non-disjunctie Hartafwijking, laag
Edwards vuistjes met (95%), mosaicism geboortegewicht
syndroom overlappende vingers, (5%) of
hakvoeten, translocatie (>1%)
dysmorfische oren, klein
aangezicht, hypertonie,
ingetrokken kleine teen

Trisomie 21 - Brachycefalie, platte Non-disjunctie Congenitale
Downsyndroom neusbrug, kleine oren, (92,5%) → vaak hartafwijkingen, gastro
naar boven hellende maternale meiose intestinale afwijkingen,
amandelvormige ogen, I, Robertsoniaanse leukemie,
epicanthus plooien, translocatie (5%), hypo/hyperthyreoïdie,
dikke, uit de mond mosaicism (1-2%) retardatie, cataract en
stekende tong, laag immuunsysteem ,
een rechte handplooi, laag geboortegewicht
gat tussen tenen,
instabiliteit, hypotonie

Trisomie 13 - Extra pink, huiddefect Mosaicism 8,6% overleefd het 1e
Patau op kruin van hoofd, jaar, hart/nier/darm

, hazenlip, kleine ogen, afwijkingen, normaal
microcephalie geboortegewicht

Trisomie X Weinig consequenties, Non-disjunctie
wel wegblijven moeder
menstruatie en milde
cognitieve achterstand,
ADHD, epicanthus,
kromme pinken,
lichaamslengte

Klinefelter Kleine testes, laag Non-disjunctie van 50% doodgeboren
syndroom testosteron, weinig gameet (ei of
lichaamshaar, lange spermacel)
armen, verminderde
spiermassa, laag IQ

Turner Normale intelligentie, Meiose fout bij
syndroom, klein postuur, vader (non-
monosomie X afwezigheid van disjunctie) X
secundaire chromosoom van
geslachtskenmerken, vader niet
oren naar achter doorgegeven
gedraaid, schilvormige
borst, oedeem handen
en voeten, 3-hoekig
gezicht

Cri du Chat Tracheale hypoplasie Deletie korte arm
chromosoom 5, de
novo mutaties

Prader Willi Hypotonie, Micro-deletie Prader - van papa
syndroom voedingsproblemen, (70%) of
obesitas, obsessieve uniparentale
handelingen disomie (30%)

Angelman Obsessies en Micro-deletie of angelMan - van mama
syndroom compulsies, autisme en uniparentale
hyperactiviteit, opgepast disomie
lachen, vrolijk
aangezicht

Willams Congenitale Deletie op De Novo mutatie
syndroom hartafwijkingen, elven chromosoom
gezicht 7q11.2


Geheimhoudingsplicht:

1. Zwijgplicht – zwijgen over patiënt gegevens en informatie
2. Verschoningsplicht – recht om te weigeren om te getuigen

Algemeen belang voor de maatschappij, individueel beland voor de patiënt.

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
12 juni 2021
Aantal pagina's
36
Geschreven in
2020/2021
Type
Samenvatting
$11.10

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Verkocht
21
Volgers
21
Items
11
Laatst verkocht
2 jaar geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen