CAMA – boekhouden geboekstaafd 2
Samenvatting tentamen 15 juni
Balansrekeningen:
Rubriek 0: Rekening van vaste activa, eigen vermogen, voorzieningen en vreemd vermogen
Rubriek 1: Financiële rekeningen
Rubriek 2: Controlerende tussenrekeningen
Rubriek 3: Rekeningen van voorraden grond- en hulpstoffen
Rubriek 7: Voorraadrekeningen (gereed product)
Resultaatrekeningen:
Rubriek 4: Kostenrekeningen
Rubriek 5: Rekeningen voor de verdeling van indirecte kosten
Rubriek 6: Fabricagerekeningen
Rubriek 8: Rekeningen voor de vaststelling van de verkoopresultaten
Rubriek 9: Rekeningen voor de opstelling van de analytische winst- en-verliesrekening per periode
Hoofdstuk 3
Overboekingsrekening = wordt uitsluitend gebruikt om het totaal van het kostenbedragen uit rubriek 4
en het saldoresultaat uit de rubrieken over te boeken naar rubriek 9, en het saldoresultaat uit rubriek 9
naar rubriek 0.
- Het rekeningnummer eindigt altijd met .99
- Ook wel: collectieve overboekingsrekening
Werkelijke kosten = werkelijke verbruikte hoeveelheid * werkelijke inkoopprijs
- Hw * Pw
Toegestane kosten = toegestane hoeveelheden * standaardprijzen
- Hs * Ps
- Toegestane hoeveelheid = de hoeveelheid nodig bij de meest efficiënte fabricagemethode
- Standaardprijs = gelijk aan de verwachte gemiddelde inkoopprijs in de komende periode
Boekingen uitgebreide VVP:
1. Ontvangst inkoopfacturen
310 nog te ontvangen grondstoffen
@ 180 te vorderen OB
@ 140 crediteuren
2. Ontvangen grondstoffen
300 voorraad goederen (VVP)
@ 310 nog te ontvangen grondstoffen
@ 320 prijsverschil bij inkoop grondstof
3. Opslag voor indirecte inkoopkosten (% van VVP)
320 prijsverschil bij inkoop grondstof
@ 515 opslag indirecte inkoopkosten
4. Opslag voor magazijnkosten (% van VVP)
320 prijsverschil bij inkoop grondstof
@ 525 opslag magazijnkosten
5. Directe inkoopkosten
320 prijsverschil bij inkoop grondstof
180 te vorderen OB
@ 100 kas / 110 bank
, - Reden debitering inkoopkosten op rekening 320: na de journaalpost bij #2 geeft rekening 320 het
verschil tussen de VVP en de inkoopprijs, maar de VVP bestaat behalve de inkoopprijs ook uit de
verwachte gemiddelde directe inkoopkosten.
6. Werk indirect inkoopkosten en magazijnkosten
510 indirecte inkoopkosten
520 magazijnkosten
@ 499 overboekingsrekening
7. Verbruiksregister grondstoffen
400 verbruik grondstoffen
@ 300 voorraad grondstoffen
Boekingen loonkosten:
1. Loonlijst brutoloon
280 tussenrekening lonen
@ 150 af te dragen loonheffingen
@ 154 te betalen pensioenpremie
@ 155 te betalen nettolonen
2. Loonverdeelstaat
410 directe lonen
420 indirecte lonen
@ 280 tussenrekening lonen
3. Lijst overige kosten menselijk arbeid
412 sociale lasten
@ 150 af te dragen loonheffingen
+
413 kosten vakantietoeslag
@ 153 te betalen vakantietoeslag
+
414 kosten pensioen
@ 154 te betalen pensioenpremie
4. Bankafschrift
150 af te dragen loonheffing
153 te betalen vakantietoeslag
154 te betalen pensioenpremie
155 te betalen nettolonen
@ 110 bank
Hoofdstuk 4 + 5
- Opslag indirecte fabricagekosten overboeken vanuit rubriek 5 naar rubriek 6
- Opslag indirecte verkoopkosten overboeken vanuit rubriek 5 naar rubriek 8
- Verschil tussen 540 en 545 = resultaat op indirecte fabricagekosten (540 < 545 = voordelig)
- Verschil tussen 550 en 555 = resultaat op indirecte verkoopkosten (550 < 555 = voordelig)
- Directe kosten = kosten die direct aan een kostendrager zijn toe te rekenen (grondstofkosten,
arbeidskosten).
- Indirecte kosten = kosten waarbij geen causale relatie bestaat tussen het bestaan van de
kosten en de kostendrager (onderhoudskosten, administratiekosten).
- Buitengewone kosten = kosten die niet worden verbijzonderd. Worden gelijk tlv resultaat in
rubriek 9 geboekt, niet in de kostprijs (verkoop(verlies) buitengebruik gestelde machine).
Samenvatting tentamen 15 juni
Balansrekeningen:
Rubriek 0: Rekening van vaste activa, eigen vermogen, voorzieningen en vreemd vermogen
Rubriek 1: Financiële rekeningen
Rubriek 2: Controlerende tussenrekeningen
Rubriek 3: Rekeningen van voorraden grond- en hulpstoffen
Rubriek 7: Voorraadrekeningen (gereed product)
Resultaatrekeningen:
Rubriek 4: Kostenrekeningen
Rubriek 5: Rekeningen voor de verdeling van indirecte kosten
Rubriek 6: Fabricagerekeningen
Rubriek 8: Rekeningen voor de vaststelling van de verkoopresultaten
Rubriek 9: Rekeningen voor de opstelling van de analytische winst- en-verliesrekening per periode
Hoofdstuk 3
Overboekingsrekening = wordt uitsluitend gebruikt om het totaal van het kostenbedragen uit rubriek 4
en het saldoresultaat uit de rubrieken over te boeken naar rubriek 9, en het saldoresultaat uit rubriek 9
naar rubriek 0.
- Het rekeningnummer eindigt altijd met .99
- Ook wel: collectieve overboekingsrekening
Werkelijke kosten = werkelijke verbruikte hoeveelheid * werkelijke inkoopprijs
- Hw * Pw
Toegestane kosten = toegestane hoeveelheden * standaardprijzen
- Hs * Ps
- Toegestane hoeveelheid = de hoeveelheid nodig bij de meest efficiënte fabricagemethode
- Standaardprijs = gelijk aan de verwachte gemiddelde inkoopprijs in de komende periode
Boekingen uitgebreide VVP:
1. Ontvangst inkoopfacturen
310 nog te ontvangen grondstoffen
@ 180 te vorderen OB
@ 140 crediteuren
2. Ontvangen grondstoffen
300 voorraad goederen (VVP)
@ 310 nog te ontvangen grondstoffen
@ 320 prijsverschil bij inkoop grondstof
3. Opslag voor indirecte inkoopkosten (% van VVP)
320 prijsverschil bij inkoop grondstof
@ 515 opslag indirecte inkoopkosten
4. Opslag voor magazijnkosten (% van VVP)
320 prijsverschil bij inkoop grondstof
@ 525 opslag magazijnkosten
5. Directe inkoopkosten
320 prijsverschil bij inkoop grondstof
180 te vorderen OB
@ 100 kas / 110 bank
, - Reden debitering inkoopkosten op rekening 320: na de journaalpost bij #2 geeft rekening 320 het
verschil tussen de VVP en de inkoopprijs, maar de VVP bestaat behalve de inkoopprijs ook uit de
verwachte gemiddelde directe inkoopkosten.
6. Werk indirect inkoopkosten en magazijnkosten
510 indirecte inkoopkosten
520 magazijnkosten
@ 499 overboekingsrekening
7. Verbruiksregister grondstoffen
400 verbruik grondstoffen
@ 300 voorraad grondstoffen
Boekingen loonkosten:
1. Loonlijst brutoloon
280 tussenrekening lonen
@ 150 af te dragen loonheffingen
@ 154 te betalen pensioenpremie
@ 155 te betalen nettolonen
2. Loonverdeelstaat
410 directe lonen
420 indirecte lonen
@ 280 tussenrekening lonen
3. Lijst overige kosten menselijk arbeid
412 sociale lasten
@ 150 af te dragen loonheffingen
+
413 kosten vakantietoeslag
@ 153 te betalen vakantietoeslag
+
414 kosten pensioen
@ 154 te betalen pensioenpremie
4. Bankafschrift
150 af te dragen loonheffing
153 te betalen vakantietoeslag
154 te betalen pensioenpremie
155 te betalen nettolonen
@ 110 bank
Hoofdstuk 4 + 5
- Opslag indirecte fabricagekosten overboeken vanuit rubriek 5 naar rubriek 6
- Opslag indirecte verkoopkosten overboeken vanuit rubriek 5 naar rubriek 8
- Verschil tussen 540 en 545 = resultaat op indirecte fabricagekosten (540 < 545 = voordelig)
- Verschil tussen 550 en 555 = resultaat op indirecte verkoopkosten (550 < 555 = voordelig)
- Directe kosten = kosten die direct aan een kostendrager zijn toe te rekenen (grondstofkosten,
arbeidskosten).
- Indirecte kosten = kosten waarbij geen causale relatie bestaat tussen het bestaan van de
kosten en de kostendrager (onderhoudskosten, administratiekosten).
- Buitengewone kosten = kosten die niet worden verbijzonderd. Worden gelijk tlv resultaat in
rubriek 9 geboekt, niet in de kostprijs (verkoop(verlies) buitengebruik gestelde machine).