Prof. Dr. K. Van Calsteren
Inhoud
1. Inleiding
a. Wat is verloskunde?
b. Wat typeert verloskunde anno 2025 in Vlaanderen?
c. Waar situeert verloskunde zich als specialisme binnen de opleiding geneeskunde?
2. Uitgangspunten van prenatale zorg
a. Maternale mortaliteit en morbiditeit – te kennen cijfers
b. Perinatale mortaliteit – te kennen cijfers
c. Perinatale zorg: opzet & organisatie
Cijfers zwangerschapscomplicaties
(Zie document examinering vakken 2de semester wat te kennen is hiervan)
,Inhoud
1. Inleiding
a. Wat is verloskunde?
b. Wat typeert verloskunde anno 2025 in Vlaanderen?
c. Waar situeert verloskunde zich als specialisme binnen de opleiding
geneeskunde?
2. Uitgangspunten van prenatale zorg
a. Maternale mortaliteit en morbiditeit
b. Perinatale mortaliteit
c. Perinatale zorg: opzet & organisatie
Wat is verloskunde?
= kunde, leer, wetenschap die zich bezighoudt met zwangerschap, bevalling en geboorte.
Het is een fysiologisch gebeuren: spontaan zwanger worden, spontaan bevallen zonder
complicaties.
Als het niet goed gaat: verloskundigen anticiperen/merken tijdig op om te interveniëren.
Wat typeert verloskunde anno 2025 in Vlaanderen
Dalend geboortecijfer:
Progressieve daling v. geboortecijfer in Vlaanderen
o Maatschappelijke en economische onzekerheid
o Uitstel v. kinderwens tot latere leeftijd
o Minder stabiliteit op partnergebied
o Bewust kleinere gezinsplanning
Zwangere populatie:
Wordt ouder
Fysieke conditie gaat achteruit (meer obesitas, meer comorbiditeiten, meer medicatiegebruik)
Fertiliteitsgeneeskunde: meer ZWS bij vrouwen die eerder niet spontaan zwanger konden
worden
PGD, whole genome sequencing, embryoselectie, performante echografie en afwijkingen
vroeg opsporen, spina bifida repair intra-uterien (kortom meer ethische dilemma’s)
Minder educatie vanuit de omgeving/maatschappij (minder buren met ervaringen) à meer
begeleiding door artsen
In de verloskundige zorgpaden is de laatste jaren meer aandacht gekomen voor de psychosociale
conditie van zwangeren, en voor patiënt-voorkeuren in de organisatie en uitvoer van de zorg.
Waar situeert verloskunde zich als specialisme binnen de opleiding geneeskunde?
Gynaecologie-verloskunde:
Fertiliteit
Benigne gynaecologie
Gynaecologische oncologie
, Verloskunde:
o Laagrisico verloskunde: ZWS zonder bijzondere risicofactoren (opvolging in 1ste-
2de lijn)
o Hoog risico verloskunde (opvolging in de 2de – 3de lijn): ZWS met (een verhoogd
risico op):
Obstetrische complicaties (bv. ZWS-diabetes, groeirestrictie, placenta
previa, pre-eclampsie, peripartumcomplicaties zoals schouderdystocie of
bloeding)
Prenatale diagnostiek en foetale therapie: foetus met congenitale of
genetische afwijkingen
Maternale geneeskunde: zwangerschappen bij vrouwen met onderliggende
medische aandoeningen (bv. transplant, muco, cardiopathie, Marfan, kanker)
Of een zwangerschap een laagrisico zwangerschap betreft, weet je eigenlijk pas wanneer de
zwangerschap en bevalling ongecompliceerd verlopen zijn … nadien dus.
Inhoud
1. Inleiding
a. Wat is verloskunde?
b. Wat typeert verloskunde anno 2025 in Vlaanderen?
c. Waar situeert verloskunde zich als specialisme binnen de opleiding geneeskunde?
2. Uitgangspunten van prenatale zorg
a. Maternale mortaliteit en morbiditeit
b. Perinatale mortaliteit
c. Perinatale zorg: opzet & organisatie
Uitgangspunten van de prenatale zorg
Doel:
Moeder en embryo-foetus zo veilig en optimaal mogelijk door de ZWS & bevalling te loodsen
= medische opvolging en zo nodig interventie
o Zo geen medische interventie: hoge morbiditeit & mortaliteit van zowel kind (3,5-5%)
als moeder (0,5-1%)
= begeleiding; informatie, duiding, reliëf, steun
Maar ook voeding, stress, infecties, toxines spelen een rol waaraan de foetus/baby wordt blootgesteld:
als de baby hieraan in de foetale fase wordt blootgesteld in de eerste 1000 dagen = impact op latere
leeftijd (groei, ontwikkeling en gezondheid).
, Maternale mortaliteit & morbiditeit
MATERNALE MORTALITEIT:
Definitie:
Maternale sterfte = ‘dood van een vrouw terwijl zwanger, of binnen de 42d na een bevalling, een
miskraam of afbreking, tgv een oorzaak die verband houdt met of verergerd wordt door de ZWS of
haar behandeling, maar niet door accidentele of incidentele oorzaken’
Maternal mortality rate: #moedersterftes ged. een bepaalde periode per 100.000 levendgeboorten
Oorzaken:
Directe oorzaken = rechtstreeks gevolg van obstetrische verwikkelingen
o Bv. trombose, bloeding, infectie/sepsis, hypertensie/pre-eclampsie,
vruchtwaterembolie, ZM, geobstrueerde arbeid, onveilige abortus
Indirecte oorzaken = tgv voorafbestaande ziekte of ziekte die zich tijdens de ZWS heeft
ontwikkeld en die door de ZWS dermate ernstig is geworden dat ze tot het overlijden heeft
geleid
o Bv. hartziekte, epilepsie, HIV/AIDS, malaria, influenza, kanker, trauma, drugs, DM,
systeemlupus
Van ‘toevallige’ sterfte is sprake als de ZWS geen invloed had op het beloop, in deze
gevallen wordt NIET van moedersterfte gesproken
MMR (maternal mortality rate):
Drukt het aantal vrouwen uit dat overlijdt direct dan wel indirect ten gevolge van de
zwangerschap, bevalling of kraambed, per 100.000 levend geboren kinderen.
Geografische verschillen
o Verbetering van het zorgaanbod, toegang tot gezondheidszorg en correcte
informatie in de ontwikkelingslanden zou de maternale sterfte drastisch kunnen
verlagen
o 5/100.000 in BE, 200/100.000 wereldwijd