Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 11 pages
Summary

Samenvatting Chronische aandoeningen| DM2| Voorbereidende vragen| Leerdoelen| MA101

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 11 pages

Het DM2-document is een masterniveau-studiesamenvatting van de zelfstudiecasus (mw. Jadnanansingh), in twee delen: deel 1 werkt de leerdoelen thematisch uit (etiologie/diagnostiek, pathofysiologie, het uitgebreide NHG-2024-beleid met beide stappenplannen en de definitie van zeer hoog risico, en de farmacologie), en deel 2 beantwoordt vragen 1–12 inclusief de ingevulde geneesmiddeltabel, de β-celfysiologie, de incretine- en SGLT2-mechanismen en de insulinetypen.

Content preview

Casusbespreking Diabetes mellitus type 2 –
Uitgebreide samenvatting
FA-MA101 Chronische aandoeningen · zelfstudie (versie jan. 2025)

Casus: mw. N. Jadnanansingh, 62 jaar, lengte 1,64 m, gewicht 85 kg, BMI 31,6 (obesitas),
rookt, slecht mobiel. Voorgeschiedenis: DM2 (2023), essentiële hypertensie (2020), buikpijn op
metformine (2023, na 60 dagen gestaakt). Actuele medicatie: gliclazide 30 mg 1 dd,
hydrochloorthiazide 50 mg 1 dd, omeprazol z.n., valsartan 80 mg 1 dd. Metingen (jan.
2024): nuchter glucose 7,5 mmol/l (streef 4,5–8), HbA1c 58 mmol/mol (streef < 53 — dus
bóven streefwaarde), RR 135/70 (streef syst. < 140).

Bronnen die hieronder leidend zijn: NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 (versie 5.7, dec.
2024), Stumvoll et al. (Lancet 2005) voor de pathogenese, Kalyani (NEJM 2021) voor de
cardiovasculaire evidence van glucoseverlagers, en Adhien (PW 2019) voor de plaats van GLP-
1-agonisten.




Deel 1 — Uitwerking van de algemene leerdoelen

1. Prevalentie, symptomen en diagnostiek
DM2 is veruit de meest voorkomende diabetesvorm (circa 90% van alle diabetes) en de
prevalentie stijgt met de leeftijd en met de obesitas-epidemie. Etiologie/risicofactoren:
genetische aanleg/familieanamnese, overgewicht/obesitas (vooral abdominaal/visceraal vet),
lichamelijke inactiviteit, ongezond voedingspatroon, leeftijd, bepaalde etnische groepen (o.a.
Hindostaans, Turks, Marokkaans, Surinaams — relevant voor deze patiënt), eerdere
zwangerschapsdiabetes, hypertensie en dyslipidemie (metabool syndroom).

Acute symptomen van hyperglykemie: polyurie, polydipsie, gewichtsverlies, moeheid, wazig
zien, recidiverende infecties (o.a. genitale schimmelinfecties); DM2 verloopt echter vaak lang
asymptomatisch en wordt regelmatig toevallig of via screening gevonden.

Complicaties: microvasculair (retinopathie, nefropathie, neuropathie) en macrovasculair
(coronairlijden, CVA, perifeer arterieel vaatlijden) — bepalend voor morbiditeit en mortaliteit.

Diagnostiek/monitoring:

- HbA1c (mmol/mol) weerspiegelt de gemiddelde glykemie over ± 8–12 weken (glycering
van hemoglobine; onbetrouwbaar bij afwijkende erytrocytenoverleving, bv.
anemie/hemoglobinopathie).

, - Capillaire glucose (vingerprik/glucosemeter) voor zelfcontrole; veneus plasma voor
diagnose.
- Nierfunctie: creatinine en eGFR (CKD-EPI), plus albumine-creatinineratio (ACR) in
urine voor (vroege) nefropathie.
- Bloeddruk als cardiovasculaire risicofactor.


2. (Patho)fysiologie
In de fysiologie reguleren de β-cellen van de pancreas de glucosehuishouding: stijgend
bloedglucose wordt via GLUT2 opgenomen in de β-cel, gemetaboliseerd (↑ATP/ADP-
ratio), waarna het KATP-kanaal (met SUR1-subeenheid) sluit, de cel depolariseert,
spanningsafhankelijke Ca²⁺-kanalen openen en de Ca²⁺-influx de insulinesecretie triggert.
Insuline bevordert in spier- en vetweefsel de translocatie van GLUT4 naar de membraan
(glucose-opname) en remt in de lever de gluconeogenese.

De twee centrale defecten bij DM2 (zie vraag 5) zijn insulineresistentie (verminderde respons
van spier, vet en lever op insuline) en β-celdysfunctie (onvoldoende compenserende
insulinesecretie). Stumvoll et al. beschrijven het samenspel: aanvankelijk compenseert
hyperinsulinemie de resistentie; wanneer de β-cel faalt, ontstaat hyperglykemie.

Aanvullend wordt de hyperglykemie gevoed door meerdere organen (de "ominous
octet"-gedachte uit de casusfiguur): ↑hepatische en renale gluconeogenese,
↑renale glucosereabsorptie (SGLT2), ↓incretine-effect in de darm (↓GLP-1),
↑glucagon, ↓glucose-opname in spier, en centrale ontregeling van verzadiging.


3. Beleid (NHG-Standaard DM2, versie 5.)
Streefwaarde HbA1c: ≤ 53 mmol/mol
bij behandeling met leefstijl + stap 1;
vanaf stap 2 wordt de streefwaarde
geïndividualiseerd op basis van
leeftijd en ziekteduur (bv. soepeler bij
kwetsbare ouderen). Leefstijl
(stoppen met roken,
gewichtsreductie, voeding,
beweging) is de basis; bij BMI ≥ 30 is
gewichtsreductie een expliciet doel,
en remissie (≥ 3 mnd zonder
medicatie nuchter glucose < 7 én
HbA1c < 48) is een nieuw erkend einddoel.

Document information

Study
Uploaded on
June 23, 2026
Number of pages
11
Written in
2025/2026
Type
Summary
$4.19

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
7
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions