• Falsches Dokument? Kostenlos tauschen
  • Geschrieben von Student*innen, die bestanden haben
  • Sofort verfügbar nach Zahlung
  • Online lesen oder als PDF
Verkaufen
Wo studierst du
Deine Sprache
Document preview thumbnail
Vorschau 4 aus 47 Seiten
Zusammenfassung

samenvatting anatomie en fysiologie deel 1

Document preview thumbnail
Vorschau 4 aus 47 Seiten

in dit document behandel ik alle leerstof die aanbod komt in het vak anatomie en fysiologie deel 1 in fase 1.

Inhaltsvorschau

Anatomie en fysiologie
Inleiding
De functiesystemen
Metabolisme/stofwisseling
Dit gebeurd in de cellen. Er zijn 2 mechanismen die hieronder vallen.
 Katabolisme  afbraak
Glucose + O2  H2O + CO2 + Energie
Dus glucose wordt verbrand in de aanwezigheid van zuurstof en de eindproducten
daarvan zijn water, koolstofdioxide en energie. Door die energie functioneert de cel.
Die energie bestaat uit ATP en warmte. ATP moet je zien als een soort batterij met
reserve energie.
 Anabolisme  opbouw Met de energie die opgeslagen zit in de ATP moleculen
kunnen er nieuwe moleculen worden opgebouwd.
Cellen
Hierin bevind zich de stofwisseling. Celweefselorgaanstelsel. Dus een paar cellen bij
elkaar zijn een weefsel. Weefsels bij elkaar zijn een orgaan en organen die samenwerken
noem je een stelsel. Cellen bevinden zich in het tussencelvocht/interstitieel
vocht/intercellulair vocht/interstitium/milieu interne/milieu interieur. Dit zijn allemaal
synoniemen. In dit vocht zitten metabolieten/stofwisselingsproducten die de cellen kunnen
opnemen bv glucose. Na het verbranden van die glucose geven ze de afvalstoffen ook weer
af aan het tussencelvocht. Wanneer er overmaat is van dit vocht spreken we van oedeem.
Circulatiestelsel/cardiovasculair stelsel
Dit zorgt ervoor dat het milieu interieur voorzien blijft van metabolieten en zorgt er ook voor
dat de afvalstoffen worden afgevoerd. Dit gebeurd d.m.v.
 Het buizenstelsel, de bloedvaten
 De pomp van het hart
 De circulerende vloeistof, bloed
Spijsverteringsstelsel
Het bloed moet de voedingsstoffen kunnen halen vanuit het milieu exterieur (de
buitenwereld). Nadat we hebben gegeten gaan we het voedsel verteren. In de
spijsverteringsbuis gaan we het voedsel kleiner maken en afbreken tot kleine bouwstoffen,
dat proces heet verteren. Daarvoor hebben we spijsverteringssappen nodig. Dit zijn sappen
die worden afgegeven van het maag- darm kanaal en worden vermengd met het voedsel. Zij
gaan het voedsel afbreken tot kleine bouwstenen. De klieren die deze sappen maken
noemen we klieren met externe secreties. Die bouwstenen worden dan opgenomen in het
bloed. Dan pas is het in het inwendig milieu. Dus we moeten eerst verteren voordat we
kunnen resorberen. Alles wat via de mond wordt ingenomen en opgenomen moet eerst
langs de lever.

,Urinewegstelsel/excretiestelsel
Nieren spelen hier een belangrijke rol in. Het bloed wordt op zijn beurt ontdaan van
afvalstoffen. Deze worden afgevoerd naar het milieu exterieur.
Ademhalingsstelsel
Dit zorgt ervoor dat het bloed voorzien wordt van O2 vanuit de buitenwereld en wordt
gezuiverd van CO2.
De huid
Dit is de afgrenzing van het organisme ten opzichte van de buitenwereld.
Hormoonstelsel
Een hormoon is een stof die door endocriene klier wordt afgescheiden, direct in het bloed.
Voortplantingsstelsel
Zorgt voor de handhaving van de soort.
Integratie
Het afstemmen van de werking van de verschillende systemen. Het zijn verschillende
functiesystemen die als 1 geheel moeten samenwerken.
Mondholte
Palatum durum
Dit is het harde gehemelte, het is hard door het bot wat er zit.
Palatum molle
Dit is het zachte gedeelte van het gehemelte. Het zit iets verder naar achter bij de huig, ook
wel uvula genoemd. Het bestaat uit spier.
Beide gedeeltes van het gehemelte zijn bedekt met slijmvlies, ook wel mucus genoemd.
Gehemeltebogen
Je hebt twee gehemeltebogen.
De achterste  de palato pharyngeus bij de keelholte
De voorste  de palato glossus, bij de tong
Tussen beide gehemeltebogen bevinden zich de amandelen. Amandelen zijn lymfoied
weefsel die ons helpt om ons te verdedigen tegen indringers. Via de mond kunnen heel wat
micro-organismen het lichaam binnentreden. Daarom is het belangrijk dat we daar
amandelen hebben. Deze noemen we de gehemelte amandelen/amygdala/tonsillea
palatinea.
Ring van Waldeyer

,Dit zijn alle lymfoiede weefsels in de mond en keelholte, namelijk de tonsillen.
Daarbij horen :
 De twee gehemelteamandelen/amygdala. Als deze worden verwijderd noemen we
dat amygdalectomie of tonsillectomie.
 De adenoïd, dat is de neusamandel. Bij kinderen is dat een belangrijke amandel. Bij
kinderen wordt deze vaak groter/verdikt omdat ze vaker last hebben van virale
infecties. Groter worden van deze amandel noemen we neuspoliepen. Het gevolg
ervan is dat de buis van Eustachius wordt geblokkeerd. De uitmonding van de buis
van Eustachius is in de neus- keelholte en komt aan de andere kant uit in het
middenoor. Het is de bedoeling dat de buis verse lucht brengt naar het middenoor.
De buis is normaalgesproken gesloten maar door te gapen en te slikken wordt de
buis geopend en doordoor wordt het middenoor verlucht waardoor de luchtdruk
binnen gelijk wordt aan de luchtdruk buiten. Dus als de buis geblokkeerd is door de
verdikking van de neusamandel wordt het middenoor niet meer verlucht en ontstaat
er een middenoorontsteking. Als de neusamandel word verwijderd spreken we van
een adenectomie. Het ligt op de achterwand van de pharynx op het niveau van de
neus.
 Tonsilla lingualis, deze bevind zich in de basis van de tong.
Tand (Dens)
Het bestaat uit:
 Dentine, dit is het tandbeen.
Het is gevoelig en is het grootste deel van de tand. Het is bedekt met glazuur.
 Glazuur, email.
Dit is hard en ongevoelig. Het wordt aangetast door zuren.
 Cement, dit bekleed de wortel.
 Mergholte
Dit is het wortelkanaal gevuld met pulpa. Hierin bevinden zich de bloedvaten,
zenuwen en lymfeafvoer.
 Par o dontium, dit is het wortelvlies. Per o dontale membraan of ligament, het zet
de tand vast in de tandkas. Ligament bestaat uit bindweefsel en verbind
structuren met elkaar. Peri o  rond. Dontale tand. Membraan  vlies.
Par o naast.
 Gingiva, dit is het tandvlees.
Tanden en gezondheid
De tand indien niet goed verzorgt is een ingangspoort voor bacterien. Tandplaque is
wanneer suikers op het glazuur kleven en daar kunnen zich bacterien in ontwikkelen. Als de
tandplaque niet word verwijderd door tandenpoetsen, veranderd dit in tandsteen en dit kan
je niet meer zelf weghalen, hiervoor moet je naar de tandarts. Door tandsteen krijgen we
caries, dat is tandbederf (gaatjes). Je kan het glazuur versterken door fluorhoudende
tandpasta te gebruiken.

, Pulpitis
Dit is een ontsteking van het tandmerg en geeft vliegende tandpijn. Het wordt erger als je
gaat liggen. Dit komt omdat de tand een afgesloten ruimte is, door ontsteking komt er een
zwelling en geeft het een kloppende pijn. Wanneer je gaat liggen stroomt er meer bloed
naar het hoofd waardoor de volume in de ruimte van de tand toeneemt en dus nog meer
druk geeft op de zenuwen.
Speekselklieren
Klier wordt ook wel glandula genoemd.
 Glandula par otis, dit is de oorspeekselklier. Par  naast. Otis  oor.
Bij de kinderziekte bof ontsteekt deze klier en zwelt het op. De oorlellen krullen op
en je krijgt dan een zwelling achter onder en voor het oor. Bij parotitis kan het virus
zich verspreiden naar het pancreas en hersenen. Bij mannen kan het een ontsteking
geven bij de teelballen met eventueel blijvende gevolgen voor de vruchtbaarheid.
 Glandula sub mandibularis. Sub  onder. Mandibularis  onderkaak.
 Glandula sub lingualis. Lingualis  tong.


Samenstelling speeksel
 H2O, dit werkt als oplosmiddel.
 Mucus is slijm, hierdoor glijd het makkelijker.
 Speeksel amylase, ook wel ptyaline genoemd. Dit is een enzym voor de vertering van
koolhydraten. Kauwen is belangrijk om het enzym goed te laten inwerken op het
voedsel.
De afscheiding van speeksel gebeurd continue maar tijdens het eten wordt er extra speeksel
geproduceerd. Dit komt ook door mechanische factoren bv als een tandarts met
instrumenten bezig is in je mond.
Pharynx en slokdarm
Delen van de pharynx (keelholte). Van craniaal naar claudiaal. Dus van boven naar beneden.
 Naso pharynx.
Hier bevind zich de buis van Eustachius en de adenoïd.
 Oro pharynx.
Een gedeelte van de keelholte achter de mondholte.
 Laryngo pharynx.
Dit ligt ten hoogte van het strottenhoofd.
De pharynx is een gemeenschappelijke weg voor lucht en voedsel. Als je nog verder naar
beneden gaat scheiden die wegen zich  de slokdarm en de luchtpijp.
Slikmechanisme
Latijnse benaming voor slikken is deglutitie.

Dokument Information

Studium
Hochgeladen auf
9. juni 2021
Anzahl der Seiten
47
geschrieben in
2020/2021
Typ
Zusammenfassung
$12.68

Falsches Dokument? Kostenlos tauschen Innerhalb von 14 Tagen nach dem Kauf und vor dem Herunterladen kannst du ein anderes Dokument wählen. Du kannst den Betrag einfach neu ausgeben.
Geschrieben von Student*innen, die bestanden haben
Sofort verfügbar nach Zahlung
Online lesen oder als PDF

Seller avatar
zxz
Verkauft
0
Anhänger
0
Sachen
1
Zuletzt verkauft
-



Warum sich Studierende für Stuvia entscheiden

on Mitstudent*innen erstellt, durch Bewertungen verifiziert

Geschrieben von Student*innen, die bestanden haben und bewertet von anderen, die diese Studiendokumente verwendet haben.

Nicht zufrieden? Wähle ein anderes Dokument

Kein Problem! Du kannst direkt ein anderes Dokument wählen, das besser zu dem passt, was du suchst.

Bezahle wie du möchtest, fange sofort an zu lernen

Kein Abonnement, keine Verpflichtungen. Bezahle wie gewohnt per Kreditkarte oder Sofort und lade dein PDF-Dokument sofort herunter.

Student with book image

“Gekauft, heruntergeladen und bestanden. So einfach kann es sein.”

Alisha Student

Arbeitest du an deiner Quellenangabe?

Erstelle korrekte Quellenangaben in APA, MLA und Harvard mit unserem kostenlosen Zitiergenerator.

Arbeitest du an deiner Quellenangabe?

Häufig gestellte Fragen