Handboek: Development across the life span (9de editie van Robert Feldman)
Documentaire 2018: 3 identical strangers (experimenteel onderzoek → niet ethisch)
3 broers → Een ervan werd verward door iemand anders en was dus op zelfde unif als identieke
tweelingbroer → Media → 3de broer gevonden→ Eeneiige drieling → gescheiden bij adoptiebureau (elk in
een verschillende klasse (laag, midden, hoog)) → experiment voor vraag “In welke mate spelen nature
(genetica) en nurture (omgeving) een rol?”
= goed vb belang ontwikkelingspsychologie
Definitie ontwikkelingspsychologie: De wetenschappelijke studie (niet gebaseerd op intuïtie/buikgevoel &
wetenschappelijke methodes gebruiken bv hypothese)) van de veranderingsprocessen en stabiliteit bij (een)
individu(en) vanaf de conceptie tot aan de dood op verschillende domeinen in wisselwerking met de
omgeving
- Co relationeel onderzoek: verbanden en samenhang zoeken (betekent niet dat het de oorzaak is) →
vb.: gewelddadige programma’s en agressie
- Experimenteel onderzoek: interesse in een groep (vaak kinderen, jongeren in OP) →wij gaan ingrijpen
in een situatie → groepen random en op elkaar lijken → manipulatie in beide groepen → kijken wat
dat met de agressie doet → vgl resultaten →diegene die film hebben gezien agressiever? Eventueel
antwoord
Van conceptie tot dood:
Genetica is belangrijk → niet deterministisch (sommige dingen al vastgelegd bij conceptie)
Externe invloeden tijdens prenatale periode (vb. impacten: stress, grondstoffen, medicatie)
Niet strikt gedefinieerd (bv vroeger was je volwassen vanaf je regels --> veranderd over tijd of cultuur) (ook
sociale invloeden)
Ontwikkelingsfases: Erikson (zie ppt)
60+ kunnen we opdelen (levenskwaliteit wordt beter bv ze lopen nog ipv zoals vroeger echt oud)
Domeinen: fysiek, cognitief, socio-emotioneel (wisselwerking met omgeving
,Basisthema’s
Nature-nurture-debat: in welke mate wordt iets beïnvloed door omgeving en/of genetica
Continu-discontinu: hoe verloopt ontwikkeling (Piaget cognitieve ontwikkeling) → vroeger heel discontinu
gezien (stap per stap) (bv stappen van een baby vandaag niet volgende week wel) → het is heel continu
(graduele toename van eenzelfde soort aardigheid)
Universeel-individueel: vele dingen vallen samen, abstract redeneren (gemeenschappelijk maar niet per se
absoluut universeel) → iedereen neemt stappen (niet per se zelfde moment en/of niveau (bv: leren praten))
Soms is één bepaald moment geschikt om een vaardigheid te leren (bv taal tussen 0 en 6/7) → het kan nog
om een taal te leren maar veel moeilijker)
Nature Nurture
Aangeboren, biologische predisposities Fysische en sociale wereld
Gebaseerd op genetische overdracht Beïnvloedt biologische en psychologische
ontwikkeling
Bepaalt levensloop Bepaalt levensloop
Theoretische kaders
Psychoanalytische theorie (Sigmund Freud) (namen te kennen, data’s niet)
Onderbewustzijn heeft grote invloed op persoonlijkheid en gedrag (ijsberg)
Freudiaanse verspreking “you say one thing, but you mean your mother”
(Freud verwijs graag naar relatie met moeder)
3 onderdelen psychologie van de mens:
Es (id) - Biologische driften zijn basis van psychisch
leven (lustprincipe)(eros en thanatos) (bv:
ik wil auto stelen)
- Onbewust, vanaf geboorte
Ich (ego) - Bewust, rationeel deel van de psyche
(realiteitsprincipe) (bv: ik wil auto maar ik
moet sparen)
- Ontstaat vroeg in babytijd
- Kanaliseert impulsen van het Es
Über- ich (super-ego) - Het geweten (sociale normen)
- Ontwikkelt tussen 3 en 6 jaar, door
interactie met ouders
Psychoseksuele ontwikkeling
➔ Als er te weinig/veel bevrediging is tijdens een bepaalde fase → fixatie
Probleem bij een van die fases → problemen later
(vb: te weinig/veel bevrediging tijdens orale fase → later roken)
, 0-1 jaar Orale fase (bevrediging orale drift) (tijdens
borstvoeding)
1-3 jaar Anale fase (controle) (tijdens zindelijkheidstraining)
3-6 jaar Fallisch (ontwikkeling voortgezet (ik ben jongen en
heb een piemel)
6-11 jaar Latentie (verborgen, niet per se zichtbaar, ze
groeien maar seksueel groeien ze minder)
12- ... Genitaal
Psychosociale theorie: Erik Erikson
➔ Veel psychologische gebeuring door sociale interactie
8 fases waar telkens conflict werd behandeld, je moest het conflict zo goed mogelijk oplossen (helemaal
oplossen ging niet, gewoon zo goed mogelijk)
- Nadruk op sociale interactie (samenleving & cultuur beïnvloed ons)
- Verdere ontwikkeling na de adolescentie (letterlijk psychoanalytische theorie)
- Je kan door van ene fase naar andere maar niet met optimale omstandigheden
Basis vertrouwen/wantrouwen Baby Identiteit VS Adolescentie
In welke mate kan baby in vertrouwen (0-1 jaar) identiteitsverwarring (12-18 jaar)
nemen, kan kind vertrouwen (waar ben ik goed in maar is
ontwikkelen dat er iemand staat als dat belangrijk voor mij)
hij het nodig heeft (kan je niet alles uitproberen -
-> verwarring)
TUSSENFASE NU
Autonomie VS schaamte en twijfel Peuter Intimiteit VS isolement Jonge
(In welke mate autonomie (1-3 jaar) (ik weet wie ik ben, belangrijk volwassenheid
ondersteunt bv handje geven of vindt, ik wil connecteren met (18-30 jaar)
geruststellen --> bezorgde ouders = iemand, opzoek naar partner
nooit leren stappen = schaamte of --> lukt het niet dan dreigt
twijfel) isolement)
Initiatief VS schuld Kleuter Scheppend VS stagnatie Volwassenheid
(bv helpen met iemand iets geven en (3-6 jaar) (Kennis doorgeven en denken (30-60 jaar)
laat het vallen --> boos worden dan aan toekomst (bv kinderen
neemt die geen initiatief meer en niet krijgen)
meer proberen)
Vlijt VS minderwaardigheid (goed Kind Ik-integriteit VS wanhoop Ouderdom
proberen worden in iets bv hobby’s, (6-11 jaar) (Mensen houden zich bezig (60+ jaar)
als je zegt je kan dat niet dan voelt met terugkijken op leven
kind zich minderwaardig en geeft op “Heb ik spijt, het goed
en draagt het mee) gedaan?” --> tijd om te
verbeteren wordt korter)
, Behaviorisme - John Watson
Ontwikkeling kan begrepen worden in termen van observeervaar gedrag en externe stimuli die dit gedrag
uitlokken (geen levensfase, kwantitatieve ontwikkeling)
Focus op het gedrag → inspiratie: hond van Pavlov
We geven hond eten → hond kwijlt → bellen als eten → kwijlt niet → samen bel geluid + eten geven soms →
hond weet dat bel geluid eten betekent
Gedrag veroorzaakt door stimuli (Bv kamer is blauw → wordt u favoriete kleur → kan als je baby bent maar
ook als tiener ofzo)
Behaviorisme kijkt enkel naar wat er te zien is → observeerbaar
! Kijk little albert video!
Klassieke conditioneren (onvrijwillig, automatisch, eerder reacties (bv hond kwijlt)
Operante conditionering B.F. Skinner (controle over beslissing, gedrag aanleren door straf & beloning,
individu nog steeds passief, stimulus → gedrag)
Gedrag dat aangeleerd is, kan ook afgeleerd worden (basis voor gedragsmodificatie, vb roken)
Sociaal-cognitieve leertheorie (Albert Bandura)
Behaviorisme (gedrag (bv aanval door hond) → reactie)
Sociaal-cognitie (sociaal (bv zeggen dat honden bijten) → reactie)
Leren is gevolg van observatie → ‘modelling’ (gedrag nabootsen)
- Niet trial and error
- Niet nodig om gevolgen te ervaren
Gedrag
- Observatie → Herinneren gedrag → Accuraat herhalen van gedrag → Motivatie om gedrag te stellen
(actieve rol van individu)
Sociaal
- Leren van andere
Cognitief
- Cognitieve vaardigheden vereist; actievere rol van individu (itt behaviorisme)