- Delirium ook bekend als
o Acute verwardheid
o Acuut optredende verwardheid
o Intensive-care psychose
o Postoperatieve verwardheid
o Organisch hersensyndroom
o Reversibele dementie
o Acute dementie
o Toxische of metabole encephalopathie
- Delirium is ernstig
o Cijfers
Tot 100% bij patiënten met dementie, opgenomen met
somatische aandoening
1/3 oudere patiënten op spoed
1/3 gehospitaliseerde patiënten 70+ tijdens algemene
ziekenhuisopname, waarvan ½ reeds delirium bij opname
51% postoperatief, meer na heupoperatie, cardiochirurgie
o Gevolgen
10x meer risico op overlijden tijdens ziekenhuisopname
3-5x meer risico op nosocomiale complicaties, verlengde
hospitalisatieduur, intensere verpleegkundige zorg, postacute
opname in WZC
Slecht functioneel herstel en meer risico tot 2j na ontslag
Aanhoudende delirium slechte prognose op lange termijn
o Herkenning
Vpk herkennen <50%, artsen herkennen <20%
Delirium herkennen
- DSM-5 criteria
o A. Stoornis in bewustzijn en aandacht
o B. Stoornis ontwikkelt zich in korte tijd, betreft verandering in
premorbide niveau van bewustzijn en aandacht, heeft neiging in
loop van dag in ernst te fluctueren
o C. Bijkomende stoornis in cognitieve functies
o D. Symptomen in A en C kunnen niet beter worden verklaard door
andere eerder bestaande, ontwikkelde of zich ontwikkelende
neurocognitieve stoornis en doen zich niet voor in context van
ernstig gedaald bewustzijn, zoals coma
o E. Er zijn aanwijzingen uit anamnese, lichamelijk onderzoek of labo-
uitslagen dat stoornis directe fysiologische gevolg is van somatische
aandoening, intoxicatie of onttrekking van middel, of blootstelling
aan giftige stof, of gevolg van multipele oorzaken
, - Andere symptomen
o Komen vaak voor bij delirium, maar geen diagnostische waarde
o Stoornissen in
Slaap-waakritme
Stemmingen en affect = emotionele labiliteit
Psychomotorische activiteit (onderscheid hypoactief en
hyperactief)
Hyperactief – hyperalert
o Motorische onrust
o Hallucinaties
Hypoactief – stil delier
o Teruggetrokken, apatisch, trage bewegingen en
spraak, slaperig maar door stimuli wakker te
krijgen
o Komt relatief vaak voor bij ouderen
o Meest voorkomende vorm op intensive care
Mengvorm
o Meest voorkomend bij ouderen
o Vaak in eerste instantie hyperactief, daarna
langzaam hypoactief
Ongepast of onveilig gedrag
Lichamelijke verschijnselen
- Risicofactoren
o Predisponerende factoren
Dementie, bestaande cognitieve stoornissen
Hoge leeftijd
Ernstige onderliggende ziekte
Medische comorbiditeit; chronische ziekten en behandeling
Alcoholgebruik
Sensorische beperkingen (zicht, gehoor)
Ondervoeding en dehydratatie
Eerder doorgemaakt delirium
o Precipiterende of luxerende factoren
Medicatie
Toevoeging van 3 of meer medicijnen in korte tijd
Beperking bewegingsvrijheid/immobiliteit – bedrust
Gebruik fixatie
Fecale impactie, constipatie
Verblijf op IC waar 24-uursritme wordt gestoord
Verblijfskatheter
Iatrogene factoren (cardiopulmonaire complicaties,
ziekenhuisinfectie, complicatie bij onderzoek of behandeling,
verwondingen/vallen)
Pijn
Urineretentie
Vreemde omgeving, lawaai