ZIEKTEMECHANISMEN
DEEL 2
,Afweer
Weerstand & immuniteit
Wat is afweer?
< Immunis (= niet onderhevig aan belasting), immuniteit, weerstand → Immunisatie
Het immuunsysteem/afweersysteem is een bepaald systeem dat bestaat uit organen die
gaan reageren bij contact met lichaamsvreemde bestanddelen (geneesmiddelen,
pathogenen, …)
• Bestaat uit WBC in het bloed (leukocyten) en lymfevaten (lymfatisch systeem)
• Lymfatisch systeem is de plaats waar WBC worden vervoerd en opgeslagen en is
nauw betrokken met immunologisch systeem
• Op verloop van de lymfevaten hebben we lymfeknopen: zijn organen van het IS:
verzamelplaatsen van lymfocyten (deel van leukocyten)
• WBC zijn de belangrijkste cellen in afweersysteem, hebben verschillende taken en
werken soms samen
Doel = eliminatie + autonome + passieve bescherming weefselherstel
Tolerantie = tegenovergestelde van immuniteit
• Immuniteit = weerstaan aan vreemde zaken (infectie, ziekte, …)
• Tolerantie = lichaamseigen zaken ook kunnen tolereren: niet auto-reageren
• Fijne balans reageren dat lichaamseigen <-> lichaamsvreemd is → auto-immuniteit
(eigen afweersysteen gaat eigen lichaam aanvallen)
Onderdelen van het immuunsysteem
Bloed
Bloedname → centrifugeren → plasma (55%), buffy coat (<1% = leukocyten en
bloedplaatjes), erythorcyten (45%)
136
,In imuunsysteem: vooral het werk van de WBC: ze zijn gespecialiseerd: bepaalde WBC zijn
specifiek voor bepaalde targets → voor elk mogelijke target in de natuur zijn er specifieke
lymfocyten
Alle bloedcellen (RBC, WBC, BP) worden gevormd in het rode beenmerg (lange beenderen,
wervels & sternum, platte beenderen)
• Compact botweefsel aan de buitenkant van een bot en spongieus botweefsel aan de
binnenkant → hier worden bloedcellen aangemaakt
Productie van bloedcellen (hematopoëse) → alle cellen ontstaan uit een hematopoëtische
stamcel en differentiëren zich verder in:
1) Myeloïde progenitor (voorloper) cel → verdere differentiatie in:
a. Megakaryocyten → vorming bloedplaatjes/trombocyten
b. Erytroïde progenitor cel → vorming RBC/erytrocyten
c. Monocyt progenitor cel
o Vorming monocyten
o Vorming macrofagen → monocyten circuleren in het bloed, maar als ze uit
bloedbaan treden en in weefsels dringen zullen ze zich anders gedragen →
macrofaag = uitgetreden monocyt
d. Granulocyt progenitor cel → vorming neutrofielen, eosinofielen, basofielen
e. Myeloïde dendritische cel (antigeenpresenterende cellen)
f. Mestcel/mastocyt (allergie & ontsteking)
2) Lymfoïde progenitor cel → verdere differentiatie in:
a. T-cel progenitor cel (rijpen in de thymus)
o Helper T-cel (TH-cel) (activatie B-cellen, macrofagen, cytotocische T-cellen)
o Regulatoire T-cel (TR-cel) (remmen immuunreacties)
o Cytotoxische T-cel (TC-cel) (doden geïnfecteerde en kankercellen)
o B-cel progenitor
b. B-cel progenitor cel → vorming B-cellen (maken antistoffen) → vorming
plasmacellen ( produceren grote hoeveelheden antistoffen)
c. Natural killer cel (NK) (snelle afweer tegen virus-geïnfecteerde en tumorcellen)
d. Lymfoïde dendritische cel (antigeenpresenterende cellen in adaptieve immuniteit)
137
, Kort overzicht:
Progenitor Celtypes Functie
Myeloïde RBC, trombocyten, O₂-transport, stolling,
neutrofielen, eosinofielen, aangeboren immuniteit
basofielen, monocyten →
macrofagen, mastcellen,
myeloïde DC
Lymfoïde T-cellen, B-cellen → Adaptieve immuniteit & NK-
plasmacellen, NK-cellen, afweer
lymfoïde DC
→ Alle bloedcellen behalve de rode bloedcellen en bloedplaatjes behoren tot de groep van
leukocyten
→ Neutrofielen en eosinofielen behoren tot de groep van granulocyten en samen met de
macrofagen behoren ze tot de groep van fagocyten
→ Cellen die ontstaan uit de lymfoïde voorloper cel behoren tot de groep van
→ lymfocyten (NK-cellen lijken op lymfocyten, maar gedragen zich niet zoals hen)
→ Macrofagen en granulocyten doen aan fagocytose → is een van de belangrijkste
verdedigingen van aangeboren afweer
→ Mestcellen zijn een soort poortwachter, bevinden zich onder huidepitheel om bij contact
met vreemde stoffen snel alarm te slaan
→ Dendritische cellen zijn cellen die antigenen produceren bij de verworven immuniteit (uit
zowel myeloïde en lymfoïde reeks) → behoren niet tot WBC!
138