Week 1:
Hoorcollege:
Hoofdstuk 5 Awb: de basis van toezicht en handhaving:
Hoofdstuk 5 van de Awb is het fundament voor alles wat met toezicht en handhaving te maken
heeft. Het document benadrukt dat dit hoofdstuk essentieel is voor iedereen die met
bestuursrecht werkt.
De structuur van Hoofdstuk 5
♥ Titel 5.1 Toezicht op naleving Hier staan de algemene regels over toezichthouders: wie ze
zijn, wat ze mogen, en hoe toezicht werkt.
♥ Titel 5.2 Herstelsancties Sancties die bedoeld zijn om een overtreding te stoppen of
ongedaan te maken.
♥ Titel 5.3 Last onder dwangsom & last onder bestuursdwang Dit zijn de belangrijkste
herstelsancties.
♥ Titel 5.4 Bestuurlijke boete Dit is een bestraffende sanctie: het doel is leed toevoegen.
Toezichthouders: wie zijn ze en wat mogen ze?
Aanwijzing van toezichthouders
Toezichthouders kunnen worden aangewezen via:
♥ Een aanwijzingsbesluit van B&W of de burgemeester
- Bijvoorbeeld bij: Alcoholwet, APV of Omgevingswet
- In zo’n besluit staat: wie toezichthouder is, voor welke wet, in welk gebied en met
welke bevoegdheden
- Het document zegt: “Een aanwijzingsbesluit is niks anders dan een papiertje waarop
staat wie de toezichthouder is voor welke regels.”
♥ Rechtstreeks uit de wet: Sommige toezichthouders worden niet door de gemeente
aangewezen, maar door de wet zelf. Voorbeeld: Arbeidsinspectie (Arbowet).
Bevoegdheden van toezichthouders art. 5:11 e.v. Awb.
Ze mogen o.a.:
♥ plaatsen betreden
♥ inlichtingen vorderen
♥ papieren inzien
♥ monsters nemen
♥ voertuigen stilhouden
♥ medewerking eisen (art. 5:20 Awb)
,Belangrijk: “Een ieder is verplicht medewerking te verlenen.” Dus niet alleen de ondernemer,
maar ook personeel, bezoekers, etc.
De ‘twee petten’-situatie
Veel toezichthouders zijn ook BOA. Dat betekent:
♥ Pet 1: toezichthouder (bestuursrecht)
♥ Pet 2: opsporingsambtenaar (strafrecht)
Tijdens toezicht kan een strafbaar feit worden ontdekt → dan schakelt hij over naar opsporing.
Voorbeeld uit het document: horeca-inspectie, politie loopt mee, bij illegale werknemers →
strafrecht (Vreemdelingenwet)
Het omslagpunt: van toezicht naar opsporing
Dit is een cruciaal juridisch moment.
Toezichtfase:
♥ geen verdachte
♥ geen cautie
♥ medewerking verplicht
♥ doel: controleren of regels worden nageleefd
Opsporingsfase:
♥ er is een overtreding of strafbaar feit geconstateerd
♥ betrokkene wordt ‘verdachte’
♥ cautieplicht geldt (art. 5:10a Awb)
♥ nemo tenetur: je hoeft niet mee te werken aan je eigen veroordeling
Het document zegt: “Dan moet die cautie worden medegedeeld… dat hij niet tot antwoorden
verplicht is.”
Bestuurlijke sancties: herstelsancties vs. bestraffende sancties
Herstelsancties
Doel: overtreding stoppen of herstellen
Voorbeelden: last onder dwangsom en last onder bestuursdwang
Kenmerken:
♥ geen straf
♥ geen leedtoevoeging
♥ EVRM art. 6 is niet van toepassing
Bestraffende sancties
Doel: leed toevoegen
,Voorbeeld: bestuurlijke boete
Kenmerken:
♥ wél straf
♥ art. 6 EVRM geldt
♥ cautie verplicht
♥ rechtsbescherming vergelijkbaar met strafrecht
Voorbeeld uit de les: Alcoholwet & minderjarige
1. Toezichthouder controleert vergunningen: Dit is toezicht. De caféhouder moet
meewerken.
2. Toezichthouder ziet dat een 16-jarige alcohol krijgt: Dit is een overtreding van art. 20
Alcoholwet.
3. Omslagpunt
♥ Vanaf dit moment:
- caféhouder wordt ‘overtreder’
- cautie verplicht
- verklaring mag pas daarna worden opgenomen
4. Boeterapport: De toezichthouder maakt een rapport op (art. 5:48 Awb). Daarin staat o.a.:
naam overtreder, overtreden voorschrift, plaats en tijd en feitenvaststelling
5. Burgemeester beslistOp basis van art. 44a Alcoholwet.
Gemeenten gebruiken een handhavingsmatrix. Bij herhaalde overtredingen kan zelfs de
vergunning worden ingetrokken.
Beginselplicht tot handhaven
De Afdeling bestuursrechtspraak (2004) heeft bepaald:
Het bestuursorgaan moet handhaven, tenzij:
1. er concreet zicht op legalisatie is, of
2. handhaving onevenredig is.
Concreet zicht op legalisatie betekent: nu is het verboden, maar binnen afzienbare tijd wordt het
legaal. Dan hoeft het bestuursorgaan niet te handhaven
Voorbeeld: De docent bouwde een vlonder die eerst niet mocht, maar later wel gelegaliseerd
zou worden. Daarom werd de last onder dwangsom niet gehandhaafd.
Werkcollege:
Zwijgrecht: Art. 6 EVRM: nemo tenetur-beginsel
Handhaving: controle op de naleving van wet en regelgeving. Geregeld in hoofdstuk 5 AWB, 4
afdelingen:
1. algemene bepalingen 5.1
2. toezicht op naleving 5.2
3. herstelsancties 5.3
4. bestuurlijke boete 5.4
, bestuurlijke sanctie: Art. 5:2 Awb: een door een bestuursorgaan wegens een overtreding
opgelegde verplichting of onthouden aanspraak;
1. herstellend/repertoire, Art. 5:2 lid 1 sub c Awb: iemand zelf aan de slag zetten om de
situatie te herstellen.
- Last onder bestuursdwang: Art. 5:21 Awb:
- Last onder dwangsom Art. 5:31d Awb
- intrekking
2. bestraffen/punitief, Art. 5:2 lid 1 sub b Awb: niks meer doen dan iemand leed toevoegen,
in de vorm van een straf.
- Bestuurlijke boete Art. 5:40 Awb
- Intrekking
Verleent de Awb de bevoegdheid tot oplegging van een bestuurlijke sanctie? Nee alleen bij of
krachtens de wet Art. 5:4 Awb
Art. 125 Gemw
- Wegenverkeerswet 1994 Art. 160 lid 1
- Wet identificatieplicht Art. 2
- Politiewet 2012 Art. 8 lid 1
- Strafvordering Art. 55 b
- Strafvordering Art. 96b
- Opiumwet Art. 9 lid 1
- EVRM Art. 6 en 8
Toezicht: alle handelingen van toezichthouders gericht op verzamelen van gegevens over de
naleving van wettelijke voorschriften en de oordeelsvorming over die naleving.
Het opschrijven word vaak gedaan door een bestuurlijke rapportage.
Toezichthouder: Art. 5:11 Awb, hebben een legitimatieplicht, Art. 5:12 Awb, Art. 5:13 Awb, mag
alleen doen dat nodig is voor de vervulling van de taak.
Natuurlijke persoon
a-orgaan: Art. 1:1 lid 1 sub a Awb: publiekrechtelijke rechtspersonen, zoals burgemeester
algemene beginselen van behoorlijke bestuur:
- Zorgvulgdigheidsbeginsel
- Evenredigeheidsbeginsel
- Vertrouwensbeginsel
- Motiveringsbeginsel
- Verbod misbruik bevoegdheid beginsel
Art. 5:20 Awb: medewerkingplicht.
Arrest Saunders: nemo tenetur-beginsel
Handhavingsplicht:
-concreet zicht op legalisatie: checken of het toch nog gelegaliseerd kan worden door het
bestuur, en concreet is dan dat de college van mening is dat een beschikking af gegeven kan
worden.