6 constitutieve bestanddelen
1. Ongeval of verkeersongeval
2. Op een openbare plaats (art. 28 WVW en art. 2 WAM)
3. Nemen v/d vlucht
a. Niet letterlijk interpreteren: wordt vrij breed geïnterpreteerd door het HvC
b. Niet noodzakelijk de vlucht nemen van op de plaats v/h ongeval
i. Kan ook enige tijd na het ongeval en niet noodzakelijk vanop de plaats v/h ongeval
c. Ook betrokkenheid verzwijgen
4. Als bestuurder of persoonlijk
a. Bestuurder v/e voertuig of persoonlijk
b. Bestuurder v/e dier
c. Niet noodzakelijk dat men bestuurt op het moment v/h ongeval
5. Weten dat men oorzaak of aanleiding v/h ongeval was
a. Oorzaak of aanleiding is niet noodzakelijk de fout a/h ongeval. Dit moet door het OM bewezen
worden.
b. Kennis v/h ongeval volstaat niet, ook betrokkenheid
c. Kan ook als gevolg van spreken met derden of getuigen
d. Kennis volstaat op moment van vertrek
e. Geen kennis vereist omtrent grootte, omvang of bijzondere aard schade
6. Met als doel zich onttrekken a/d dienstige vaststellingen
a. Bijzonder opzet dat moet aanwezig zijn op het ogenblik v/d vlucht en betreft de vaststellingen m.b.t.
de persoon (alcohol, drugs...) en niet alleen ter plaatste of m.b.t. voertuig
Ongeacht de eigen schuld
Weerlegbaar vermoeden kentekenplaathouder (art. 67bis WVW)
Poging strafbaar
Verjaring
Verjaring strafvordering: drie jaar te rekenen vanaf de dag waarop het misdrijf werd begaan (art. 68 WVW)
Verjaring tenuitvoerlegging straf: vijf jaar tenzij uitgesproken straf > 3 jaar, dan verjaringstermijn van 10 jaar
(art. 92 Sw.)
Samenloop
Geen eendaadse samenloop (art. 65 Sw.) tussen vluchtmisdrijf en evt. voorafgaande verkeersovertredingen
Wel meerdaadse samenloop tussen meerdere vluchtmisdrijven
Rechtvaardigings- en verschoningsgronden
Weinig rechtvaardigingsgronden: meeste rechtvaardigingsgronden zullen eerder verhinderen dat er sprake is v/h
bijzonder opzet, waardoor er geen vluchtmisdrijf gepleegd wordt.
(!!) De dader kan wel veroordeeld worden voor het zich onttrekken a/d dienstige vaststellingen (art. 52/3 Wegcode)
Niet ter plaatse blijven na een ongeval (vereist geen bijzonder opzet)
Overtreding v/d eerste graad en dus geen verval v/h recht tot sturen
1
, Wat weet je over onopzettelijke slagen en verwondingen + toepassing in het wegverkeer.
Ruime interpretatie van artikel 418 – 420 Sw.
Elke overtreding van WVW of Wegcode kan onachtzaamheid uitmaken
Culpa levisima = de lichtste fout volstaat
o Onrechtvaardig t.a.v. degene die er het voorwerp van is
Nieuw Strafwetboek = ernstig gebrek aan voorzichtigheid en voorzorg
o Gevolg: strafrechtelijk kan je vrijuit gaan, maar toch kan een schadevergoeding geëist worden omdat
burgerrechtelijk de lichtste fout telt
NIET: opzettelijk veroorzaakt schadegeval
NIET vereist dat onvoorzichtigheid en het ongeval op zelfde plaats of ogenblik plaatsgrijpen
Het kan ook een gevolg zijn dat pas later optreedt
Equivalentieleer: fout, schade en oorzakelijk verband (fout: inbreuk op de Wegcode)
Elke voorwaarde zonder welke het gevolg niet zou zijn ingetreden, is een oorzaak v/h gevolg
Slachtoffer kan materiële en persoonlijke schade vorderen
Bestraffing:
Onopzettelijke slagen en verwondingen: 8 dagen – 1 jaar
Verzachtende omstandigheden = mogelijk
Eendaadse samenloop met verkeersinbreuk = mogelijk
o Eén en hetzelfde feit. Verkeersinbreuk = gebrek aan voorzichtigheid/voorzorg, maar valt samen met
onopzettelijke slagen en verwondingen
Zwaarste straf: slagen en verwondingen
In WVW: facultatief of verplicht rijverbod mogelijk (art. 38 WVW)
Nieuw strafwetboek: verkeersdoding (art. 107 Nsw)
Terminologisch beter afstemmen op de realiteit
o Doding in het verkeer vs. dodelijk verkeersongeval
Bestraffing: niveau 3
Verzwaarde verkeersdoding: niveau 4 (art. 107/1 Nsw)
2