HOOFDSTUK 0: KRITISCH DENKEN
Begrip Omschrijving Paginanumm
er
Kritisch o Vermogen om zelfstandig te komen tot Slide 14,
denken weloverwogen en beargumenteerde PowerPoint Les
afwegingen, oordelen en beslissingen. 1
Hiervoor zijn denkvaardigheden
noodzakelijk.
o Informatie niet zonder meer accepteren.
Kritisch o Afkomstig van “Kriterion”= norm. Slide 13,
o Afkomstig van “Kritiké”= in staat zijn om te PowerPoint Les
onderscheiden. 1
HOOFDSTUK 1: OBSERVEREN → HET MENSELIJK PERSPECTIEF
Begrip Omschrijving Paginanumm
er
Waarnemen o Het ontvangen van signalen uit de P. 14 + P. 37
omgeving. Dit is een subjectief gebeuren.
o Is een proces van informatieverwerking. P. 24
Signaleren Het vaststellen van feiten. P. 14
Observeren o Het waarnemen met een doel. P. 14
o Bewust, gericht, betekenisgevend aan P.17
stimuli waarnemen. Het is doelgericht en
P. 21
bewust.
o Een manier om informatie over een situatie
of iemand te verkrijgen door systematisch
waar te nemen en die waarneming te
interpreteren
Cultuur o Zijderveld: “Het intrigerende verschijnsel P. 15
dat mensen die met elkaar dingen doen, al
heel gauw manieren van doen -
gedragspatronenontwikkelen die ze
belangrijk vinden. Zo belangrijk dat zij ze
aan nieuwkomers en volgende generaties
overdragen. En aangezien deze niet niet los
kunnen worden gezien van denken en
voelen gaat het hier om denk- en
emotionele patronen.”
o Vermeersch: “Het is de verzameling van die
fenomenen of objecten die door de mens
vorm gekregen hebben.”
Cultureel o Gezamenlijke waarden en normen, duidelijke P. 15
, kapitaal normatieve gedragsregels en
tussenmenselijke verhoudingen. Hierover
bestaat gedeeld begrip.
Sociaal kapitaal o Bestaat uit gedeeld begrip; deel uitmaken P. 16
van een
netwerk, familie, vrienden, school, …. De
verschillende sociale verbanden hebben.
Een gemeenschappelijke taal en
gedragingen die duiden op het gezamenlijk
gedeeld begrip.
Doelgericht o Je interpreteert wat je ziet en geeft er P. 17
proces betekenis aan.
Subjectief o Het gericht waarnemen en het interpreteren P. 17
observeren vanuit de eigen gedachten en gevoelens
zodat er een heel eigen mening wordt
gevormd.
Pluraliteit o Elk mens is anders en uniek. Pluraliteit is P. 18
wat communicatie noodzakelijk en mogelijk
maakt.
Communicatie o Is een uitwisseling van informatie over de P. 18
werkelijkheid waardoor over die
werkelijkheid gedeeld begrip ontstaat.
Gedeeld begrip o Je bent het met elkaar eens over feiten en P. 24
verbanden van die tot informatie verwerkte
prikkels. Die verbanden worden via een
proces van operante conditionering aan
elkaar geleerd.
Tussenmenselijk o Het precognitieve besef dat er P. 18
e medemensen zijn en dat je met die
medemensen een relatie hebt. Door de
kwaliteit van het tussenmenselijke ontstaat
er een gevoel van (on)veiligheid,
wan-/vertrouwen, en alles wat hier tussen
ligt.
Co-regulatie o Met elkaar en in relatie met elkaar P. 19
reguleren mensen samen de werkelijkheid,
tegelijkertijd maar niet tegelijk, voortdurend
maar niet allemaal op dezelfde manier
à beschreven als proces van actie & reactie:
de ene doet iets en de ander reageert, het
gaat over het voortdurend inspelen op
elkaar + je omgeving dwingt u om aan die
processen deel te nemen
Sociaal o Het goed invoelend kunnen interpreteren P. 19
emotionele van coregulatieve processen.
vaardigheden