Hoofdstuk 1: Het Europese integratieproces
1. ‘Europa’: een lange geschiedenis
1939 – 1945: WO II
Post-WO: heropbouw, Koude Oorlog met VSA en USSR als 2 nieuwe
supermachten, positie Frankrijk en Duitsland
Internationale (VN, Wereldbank, IMF, GATT….) en regionale
(Benelux) samenwerking
1944: oprichting Benelux (aanvankelijk douane-unie, later
economische unie;
sedert 2008 ‘Benelux Unie’)
Zürich, 19 september 1946: speech Winston Churchill, “a kind of
United States of Europe” (Bronnenboek p. 439)
1948: Organisatie voor Europese Economische Samenwerking
(Marshallplan < Truman-doctrine) 1961: OESO
1949: NAVO en Raad van Europa (1950: EVRM)
Kan je heel breed opvatten.
Start vanaf tweede wereldoorlog, maar is veel breder
Belangrijk verschil tussen voor WOII en na WOII
Europese mogendheden werden verzwakt na WOI, maar stonden
nog wel redelijk sterk, hadden kolonies en waren de grootmachten
Na WOII een ander beeld: door de tweede wereldoorlog lag de
Europese industrie en infrastructuur lagen plat en waren
beschadigd, veel armoede, maar terwijl 2 nieuwe grootmachten VS
en SU.
Hiertussen komt dan de Koude oorlog
2 invloedsferen
Europa is sterk verzwakt.
In het hart van Europa ligt Duitsland, maar ligt na 6 jaar oorlog ook
plat, net zoals Frankrijk (waren typisch de 2 grote continentale
zwaargewichten)
Daarna wederopbouw, aanleiding tot optimisme
Impuls naar internationale samenwerking
Creatie van internationale organen en organisaties (Wereldbank, ….)
Er ontstaat een nauwe samenwerking (eigenlijk al voor einde WOII)
tussen 3 kleine landen: BENELUX (eerst als douane-unie, nu bredere
economische samenwerking)
1
, Wat doen met Duitsland?
Vaak de agressor in oorlogen, veel conflicten met Duitsland
Maar is wel een groot land en ligt in het midden van Europa, grenst
aan Oost-Europa
Er ontstaat een ongerustheid: wantrouwen tegenover Duitsland
Duitsland is ook een groot land en belangrijke positie dus moeten
Duitsland aan onze kant hebben (anders mss aan de kant van SU)
Churchill was tijdens oorlog eerste minister van VK, dus aan kant
van geallieerden (oorlogsleider) wint de oorlog met Amerikanen en
geallieerden maar verliest de verkiezingen, wordt ww overal
gerespecteerd
‘Something that will astonish you’ Zware lot van Europa, situatie
na WOII is catastrophaal, heel somber
Remedie: recreate Europeaan familie as much as we can, to provide
….
Creëren van VS van Europa
Pleidooi voor europese samenwerking
Duitsland ongetwijfeld schuldig aan WOII en moeten voorkomen dat
die opnieuw kan bewapenen en nieuwe oorlog kan starten
Maar vergelding moet ook stoppen
France and Germany must take the lead together
Kijken op lange termijn en naar de toekomst
Was niet de enige met die gedachten, ook Truman
Lanceert een doctrine van buitenlands beleid (Truman doctrine)
Pleit dat er een actieve rol is
Marshall ontwerpt Marshallplan om enorme materiële en financiële
hulp te geven aan Amerikaanse bondgenoten en ook Duitsland er bij
betrekken om die er terug boven op te krijgen OESO
Aan Sovjetzijde is er vergelijkbaar Warschaupact
Er wordt dus veel in gang gezet.
9 mei 1950, het Schuman-plan (Monnet/Schuman): “L’Europe ne se
fera pas d’un coup, ni dans une création d’ensemble, elle se fera par
des réalisations concrètes,
créant d’abord une solidarité de fait” (Bronnenboek p. 442)
Economische en politieke doeleinden
Duitse economische reconstructie onder auspiciën van een
supranationale organisatie open voor andere Europese landen
Supranationaal ipv klassiek intergouvernementeel model
(overdracht van bevoegdheden aan hoger, onafhankelijk niveau ipv
samenwerking tussen soevereine Staten)
Concrete, pragmatische aanpak, weliswaar met ambitieuze
langetermijnvisie
2
, Monnet deed opdrachten van publiek belang.
Ondernemer met groot strategisch inzicht.
Om echt een alliantie te krijgen moeten we meer doen dan louter
plechtige verdragsteksten te maken.
2 belangrijke sectoren: Kolen en staal samen gaan beheren
voor meer liberalisering en meer concurrentie
Onttrekken aan de nationale controle maar binnen een
internationale/Europese organisatie te plaatsen onder
gemeenschappelijke controle plaatsen
Schumann giet plan van Monnet in politiek voorstel
9 mei = dag van Europa
Strategie op lange termijn, eerste stap naar Europese federatie
(noodzakelijk om vrede in Europa te bewaren)
Schumann-plan heeft economische en politieke doeleinden
18 april 1951: Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap
voor Kolen en Staal (Parijs; EGKS) – België, Frankrijk, Duitsland, Italië,
Luxemburg en Nederland
Mislukking Europese Defensiegemeenschap en Europese Politieke
Gemeenschap
25 maart 1957: Verdragen tot oprichting van
De Europese Economische Gemeenschap (Rome; EEG); en
De Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Rome; Euratom)
– België, Frankrijk, Duitsland, Italië, Luxemburg en Nederland
Verschillen tussen verdragen (EGKS als “traité-loi”; EEG als “traité-
cadre”) maar 3 Gemeenschappen met klassieke
intergouvernementele elementen en vooral gekenmerkt door
supranationale benadering (“communautaire methode”)
Belangrijke arresten Hof van Justitie in vroege jaren ’60, obv
teleologische interpretatie: autonome, nieuwe rechtsorde
gekenmerkt door voorrang en rechtstreekse werking
Duitsland heeft heel snel ja gezegd
Samenwerking gaat goed
Europees leger, gezamenlijk buitenlands beleid blijkt nog veel
te vroeg te zijn
Communautaire methode
8 april 1965: Fusieverdrag gemeenschappelijke instellingen voor
de drie Gemeenschappen
Verzet President de Gaulle, Akkoord van Luxemburg (1966)
(Bronnenboek p. 444)
3
, Jaren ‘70: economische crisis, de facto eenparigheidseis…
1 januari 1973: toetreding Denemarken, Ierland en het Verenigd
Koninkrijk (na 2 veto’s)
1 januari 1981: toetreding Griekenland
Jaren ‘80: Kohl, Mitterrand, Delors… positieve dynamiek
1 januari 1986: toetreding Portugal en Spanje
17 en 28 februari 1986: Europese Akte (“interne markt” ipv
“gemeenschappelijke markt”, QMV – ‘Europa 1992’)
Examen!! => Europese akte
President Mitterrand en bondskanselier Kohl hand in hand bij de
herdenking van de Slag bij Verdun (22 september 1984)
Heel belangrijk moment!!
9 november 1989: Val Berlijnse Muur
Einde Koude Oorlog, eenmaking Duitsland, …
7 februari 1992: Verdrag betreffende de Europese Unie (EU-Verdrag,
Maastricht)
Nieuwe bevoegdheden en procedures, maar ook subsidiariteit
Economische en Monetaire Unie (-> euro, 1 januari 2002)
Eén gemeenschappelijk dak (EU), met drie pijlers:
Europese Gemeenschappen (EG; EGKS, Euratom)
Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB)
Samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse
zaken (SJBZ)
1 Europees kader, maar 4 verdragen…
1 januari 1995: toetreding Oostenrijk, Finland en Zweden
2 oktober 1997: Verdrag van Amsterdam
Nieuwe bevoegdheden en procedures
Nauwere samenwerking
“Ruimte van vrijheid, veiligheid en recht” (RVVR) in de eerste en
de derde pijler
Derde pijler: Politiële en justitiële samenwerking in strafzaken
(PJSS)
26 februari 2001: Verdrag van Nice (institutionele hervorming in
licht
van nakende uitbreiding; Handvest van de grondrechten van de EU)
1 januari 2002: invoering euromunten en -biljetten
23 juli 2002: EGKS-Verdrag verstrijkt en wordt niet verlengd (cf.
brede toepassing EG-Verdrag)
4