Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages
Class notes

Hoorcollege aantekeningen van leerjaar 3, module 'Het Conflict'

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages

Hoorcollege aantekeningen van leerjaar 3, module 'Het Conflict', die te gebruiken zijn gedurende de module en voor het assessment

Content preview

3.3 Hoorcolleges

Het Conflict – rechtspositie bepalen en procederen

Stelplicht en bewijslast: de partij die zich beroept op rechtsgevolgen van door haar gestelde feiten of
rechten, draagt de bewijslast van die feiten of rechten (wie stelt, bewijst) (art. 150 Rv). De partijen
moeten bewijsstukken bij de processtukken voegen of een bewijsaanbod doen (tegenbewijs staat
vrij).

Soorten verweren:
1. Ja, maar (bevrijdend verweer);
2. Nee (ontkennend verweer);
3. Niet weerleggen (vaststaand feit).

Substantiëringsplicht en stellast: de partijen moeten zo compleet mogelijk zijn in de eerste twee
processtukken (dagvaarding en conclusie van antwoord) (art. 111 Rv)

Bewijswaardering: het bewijsstelsel in het burgerlijk recht is vrij, ook ingeval van onrechtmatig
verkregen bewijs.



Wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en dagvaardingsprocedure

Opeisbaarheid vordering: de opeisbaarheid is niet hetzelfde als verzuim. De opeisbaarheid van de
vordering kan terstond worden gevorderd (art. 6:38 BW) of onder tijdsbepaling (art. 6:39 BW).

Verzuim: de schuldenaar moet in verzuim raken, voor een recht op schadevergoeding wegens
wanprestatie (art. 6:74 BW), recht op ontbinding wegens tekortkoming in de nakoming (art. 6:265
BW), en recht op schadevergoeding wegens onrechtmatige daad (art. 6:162 BW), tenzij de vertraging
hem niet kan worden toegerekend of nakoming reeds blijvend onmogelijk is (art. 6:81 BW). De
manieren om in verzuim te treden zijn een ingebrekestelling (art. 6:82 BW) of van rechtswege (art.
6:83 BW).

De ingebrekestelling en de 14-dagenbrief kunnen niet worden gecombineerd en beogen een ander
rechtsgevolg. De ingebrekestelling (betalen hoofdsom en rechtsgevolg: verzuim en wettelijke rente)
(verzuim, dan wettelijke rente gaat lopen) (bedreiging 14-dagenbrief) en dan 14-dagenbrief (laatste
termijn betalen hoofdsom en rechtsgevolg: hoogte van buitengerechtelijke incassokosten) (bedreiging
gerechtelijke procedure) (art. 6:96 lid 6 BW).

Wettelijke rente (vertragingsschade): de vertragingsschade is verschuldigd over de periode van
verzuim (art. 6:85 BW). De soorten wettelijke rente zijn de wettelijke rente (6%) (art. 6:119 BW) en de
wettelijke handelsrente (11,15%) (art. 6:119a BW), tenzij een contractuele rente is afgesproken. Er is
sprake van wettelijke handelsrechte, indien er sprake is van een handelsovereenkomst: overeenkomst
om baat (prestatie en tegenprestatie), een op meer partijen (rechtspersonen of natuurlijke personen
handelend in uitoefening van beroep of bedrijf), verplichtingen om te geven of te doen. De wettelijke

, handelsrente loopt vanaf de dag volgend op de dag die is overeengekomen (tenzij lid 2) t/m de dag
van betaling. Er is geen sprake van wettelijke handelsrente, dan is wettelijke rente van toepassing
over de periode van verzuim (tot en met p.m.) (art. 6:119 lid 1 BW). De deelbetalingen gaan van de
hoofdsom af (imputatieregels) (art. 6:44 BW).

Buitengerechtelijke kosten: de redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte (art. 6:96
lid 2 sub c BW jo. 2 lid 1 BIK), zoals buitengerechtelijke incassokosten (niet gerechtelijke kosten, die
beginnen bij de aanvang van het geding). Indien er sprake is van een handelsovereenkomst, dan is er
zonder aanmaning buitengerechtelijke incassokosten van minimaal €40,00 verschuldigd (art. 6:119a
lid 4 BW jo. Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten). Indien er sprake is van een
handelsovereenkomst, waarvan de schuldenaar een natuurlijke persoon is die niet handelt in de
uitoefening van een beroep of bedrijf, dan moet er sprake zijn van verzuim (ingebrekestelling) (art.
6:119a lid 5 jo. lid 6 BW). Indien de schuldeiser btw niet kan verrekenen (natuurlijke persoon), dan
moeten de buitengerechtelijke incassokosten worden verhoogd met BTW (art. 2 lid 3 BIK). De
buitengerechtelijke kosten kunnen worden vermeerderd met de wettelijke rente (art. 6:119 BW) met
ingang van de dag van betekening van betekening van de dagvaarding, tenzij art. 6:74 jo. 6:83 sub b
BW.

Dagvaardingsprocedure in eerste aanleg (bij kantonrechter): de eiser moeten de vordering, wettelijke
rente en buitengerechtelijke kosten (en BTW) onderbouwen. De dagvaarding (ondertekening door
deurwaarder) moet voldoen aan de eisen van art. 45 jo. 111 Rv. De relatieve competentie is geregeld
in art. 99 e.v. Rv en de absolute competentie is geregeld in art. 93 Rv. De termijn van de dagvaarding
is minimaal 1 week (art. 114 Rv). De eiser moeten de stukken, waarop zij zich beroepen, overleggen,
zoals de 14-dagenbrief en de ingebrekestelling (art. 85 Rv).

De gedaagde moet nakijken of de eiser heeft voldaan aan de vereisten van een dagvaarding en voert
zo nodig verweer in de conclusie van antwoord (art. 128 Rv), die moet worden ondertekend door
partijen zelf of de gemachtigde (art. 83 Rv) en ingediend voor de rolzitting (art. 82 Rv), zoals een
exceptie tot onbevoegdheid (art. 128 lid 3 Rv). Daarbij kan de gedaagde (eiser in reconventie) een eis
in reconventie (conclusie van antwoord in conventie) doen (art. 136 e.v. Rv). De eiser (gedaagde in
reconventie) kan hiertegen een conclusie van antwoord in reconventie indienen.

De partijen hebben een stelplicht en mogen niet liegen (art. 21 Rv). De partijen moeten in de
dagvaarding (vordering, (mogelijk) verweer van gedaagde en weerlegging) en de conclusie van
antwoord zo volledig mogelijk zijn (substatieringsplicht) (art. 111 lid 3 Rv). De partijen kunnen een
bewijsaanbod doen door de bewijsmiddelen (producties) die er zijn mee te sturen bij de dagvaarding,
conclusies, akten (art. 150 jo. 128 lid 5 Rv). De partijen kunnen akten of conclusies indienen ter
wijziging van de eis (art. 129 jo. 130 Rv), om een bewijsaanbod doen of ter overlegging van stukken.
De partijen kunnen ook incidenten indienen (art. 210 jo. 217 Rv) bij dagvaarding of conclusie (art. 208
jo. 209 Rv). De partijen kunnen ook hun stellingen bewijzen middels een (voorlopige)
getuigenverhoor (art. 163 jo. 186 Rv), (voorlopig) deskundigenbericht (art. 194 jo. 202 Rv),
(voorlopige) plaatsopneming (descente) (art. 201 jo. 202 Rv).

Connected book
 image
Publisher: 19 augustus 2024 ISBN: 9789463174145 Edition: 27

Document information

Study
Uploaded on
May 30, 2026
Number of pages
10
Written in
2024/2025
Type
Class notes
Professor(s)
Mw. paulus en soons
Contains
All classes
$7.14

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
5
Followers
0
Items
86
Last sold
1 month ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions