2025-2026
Schadevergoedingsrecht
2e bachelor
,
,INLEIDING
H1: OVERZICHT LEERSTOF EN LESSENPLAN
Thema = niet-contractuele verbintenissen tot schadeloosstelling
Klassiek: buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht (= grootste deel & core cursus)
Andere schadevergoedingsmechanismen (= nodig om verbanden te zien met core)
- Indemnitaire verzekeringen = verzekeringen die schade vergoeden
o particuliere rechtstreekse eigenschadeverzekering
o sociale rechtstreekse eigenschadeverzekering (ziekte & invaliditeit)
o eigenschadeverzekering ten behoeve van derden (arbeidsongevallen)
o schadeverzekeringen: diegene die schade lijdt, is zelf verzekerde
- wettelijk opgelegde vergoedingsplicht verkeersschade WAM-verzekeraars
o letselschade
o ongeval zonder vaststelbare aansprakelijkheid
- schadefondsen
H2: SITUERING (CIVIELE) AANSPRAKELIJKHEID
§1. BEGRIP AANSPRAKELIJKHEID
Art. 5.3, lid 1 BW “Verbintenissen ontstaan uit een rechtshandeling, uit een oneigenlijk contract, uit de
buitencontractuele aansprakelijkheid of uit de wet.”
→ aansprakelijkheid = bron van verbintenissen?
- NEEN: Aansprakelijkheid = verbintenis → i.p.v. de bron ervan zoals in de wet staat
- Ratio in art. 5.1 BW: verbintenis is een “rechtsband op grond waarvan een schuldeiser van
een schuldenaar, indien nodig in rechte, de uitvoering van een prestatie mag eisen”
o Dit spreekt 5.3, lid 1 BW tegen: de aansprakelijkheid zorgt er nl. voor dat men een
prestatie (schadeloosstelling) mag eisen → is verkeerd
- Verbintenis = rechtsgevolg door objectief recht gekoppeld aan bepaalde feiten
o DUS de effectieve bron van aansprakelijkheid: rechtsregel + (rechts)feit
▪ Gevolg: bestaan van ASH moet nooit bewezen worden, de feiten waarop het
zich baseert moeten worden bewezen1
▪ Bv. wie foutief schade veroorzaakt (feit) is aansprakelijk o.b.v. de rechtsregel
in art. 6.5 BW → beide feit & rechtsregel moeten bewezen worden
DUS: verbintenis = rechtsgevolg dat door objectief recht aan bepaalde feiten wordt gekoppeld
Waaruit ontstaat de verbintenis “aansprakelijkheid”?
- Rechtsregel en
- Rechtsfeit
o Délits
o Quasi-délits
1
Dus op examen nooit schrijven “de aansprakelijkheid is bewezen” → “de feiten zijn bewezen dus er is
aansprakelijkheid”
Pagina 1 van 176
, RECHTSFEITEN
Délits (misdrijven) et quasi-délits (oneigenlijke misdrijven) in terminologie
art. 1370, lid 4 Oud BW : “De verbintenissen die hun oorsprong vinden in de eigen daad van
degene die verbonden is, ontstaan ofwel uit oneigenlijke contracten, ofwel uit misdrijven of
oneigenlijke misdrijven.” (vervangen door art. 5.3 BW)
Structuur gangbare doctrinale analyse
- constitutieve bestanddelen/elementen van rechtsfeit
o schade
o veroorzaakt door (= causaliteit)
o tot aansprakelijkheid leidend feit (hierna ‘TALF’)
▪ Prof wou aansprakelijkheid genererend feit (AGF)
o → slechts bij hun co-existentie: een rechtsfeit
- = bestaansvoorwaarden voor aansprakelijkheid
DUS: de rechtsfeiten die tot een aansprakelijkheid leiden zijn de bron van de verbintenis
CONTRACTUEEL VS. EXTRA-CONTRACTUEEL
Fr: responsabilité contractuelle, E: contractual liability
= alternatief/complement voor (dwang)uitvoering contractuele verbintenis
Contractuele
aansprakelijkheid ➝ (secundaire) verbintenis tot reparatie of compensatie van schade ten
gevolge van wanprestatie (= niet-nakoming primaire verbintenis)
Schade door (niet) uitvoeren van verbintenis
Fr: responsabilité extracontractuelle, E: extra-contractuel liability
➝ (primaire) verbintenis tot reparatie of compensatie van schade die niet
gevolg is van niet-nakoming contractuele verbintenis
Subjectieve of foutaansprakelijkheid (E: fault liability)
Buitencontractuele - = schade door eigen fout
aansprakelijkheid
Objectieve aansprakelijkheid (Fr: responsabilité objective/strikte, E: strict
liability)
- = schade door ander rechtsfeit dan eigen fout
- = aansprakelijke maakt zelf geen fout, maar is toch aansprakelijk (wie
risico creëert, moet risico dragen)
§2. SCHADEVERSCHUIVING VS. SCHADESPREIDING
FUNCTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT
Relevantie van de functie van een juridische regeling:
- teleologische interpretatie2 van geformuleerde regels (bv. wettekst)
- toetsing aan gelijkheidsbeginsel art. 10 Gw.
o wanneer strijdig met gelijkheidsbeginsel?
2
= wettekst wordt uitgelegd o.b.v. doel van de wet
Pagina 2 van 176
Schadevergoedingsrecht
2e bachelor
,
,INLEIDING
H1: OVERZICHT LEERSTOF EN LESSENPLAN
Thema = niet-contractuele verbintenissen tot schadeloosstelling
Klassiek: buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht (= grootste deel & core cursus)
Andere schadevergoedingsmechanismen (= nodig om verbanden te zien met core)
- Indemnitaire verzekeringen = verzekeringen die schade vergoeden
o particuliere rechtstreekse eigenschadeverzekering
o sociale rechtstreekse eigenschadeverzekering (ziekte & invaliditeit)
o eigenschadeverzekering ten behoeve van derden (arbeidsongevallen)
o schadeverzekeringen: diegene die schade lijdt, is zelf verzekerde
- wettelijk opgelegde vergoedingsplicht verkeersschade WAM-verzekeraars
o letselschade
o ongeval zonder vaststelbare aansprakelijkheid
- schadefondsen
H2: SITUERING (CIVIELE) AANSPRAKELIJKHEID
§1. BEGRIP AANSPRAKELIJKHEID
Art. 5.3, lid 1 BW “Verbintenissen ontstaan uit een rechtshandeling, uit een oneigenlijk contract, uit de
buitencontractuele aansprakelijkheid of uit de wet.”
→ aansprakelijkheid = bron van verbintenissen?
- NEEN: Aansprakelijkheid = verbintenis → i.p.v. de bron ervan zoals in de wet staat
- Ratio in art. 5.1 BW: verbintenis is een “rechtsband op grond waarvan een schuldeiser van
een schuldenaar, indien nodig in rechte, de uitvoering van een prestatie mag eisen”
o Dit spreekt 5.3, lid 1 BW tegen: de aansprakelijkheid zorgt er nl. voor dat men een
prestatie (schadeloosstelling) mag eisen → is verkeerd
- Verbintenis = rechtsgevolg door objectief recht gekoppeld aan bepaalde feiten
o DUS de effectieve bron van aansprakelijkheid: rechtsregel + (rechts)feit
▪ Gevolg: bestaan van ASH moet nooit bewezen worden, de feiten waarop het
zich baseert moeten worden bewezen1
▪ Bv. wie foutief schade veroorzaakt (feit) is aansprakelijk o.b.v. de rechtsregel
in art. 6.5 BW → beide feit & rechtsregel moeten bewezen worden
DUS: verbintenis = rechtsgevolg dat door objectief recht aan bepaalde feiten wordt gekoppeld
Waaruit ontstaat de verbintenis “aansprakelijkheid”?
- Rechtsregel en
- Rechtsfeit
o Délits
o Quasi-délits
1
Dus op examen nooit schrijven “de aansprakelijkheid is bewezen” → “de feiten zijn bewezen dus er is
aansprakelijkheid”
Pagina 1 van 176
, RECHTSFEITEN
Délits (misdrijven) et quasi-délits (oneigenlijke misdrijven) in terminologie
art. 1370, lid 4 Oud BW : “De verbintenissen die hun oorsprong vinden in de eigen daad van
degene die verbonden is, ontstaan ofwel uit oneigenlijke contracten, ofwel uit misdrijven of
oneigenlijke misdrijven.” (vervangen door art. 5.3 BW)
Structuur gangbare doctrinale analyse
- constitutieve bestanddelen/elementen van rechtsfeit
o schade
o veroorzaakt door (= causaliteit)
o tot aansprakelijkheid leidend feit (hierna ‘TALF’)
▪ Prof wou aansprakelijkheid genererend feit (AGF)
o → slechts bij hun co-existentie: een rechtsfeit
- = bestaansvoorwaarden voor aansprakelijkheid
DUS: de rechtsfeiten die tot een aansprakelijkheid leiden zijn de bron van de verbintenis
CONTRACTUEEL VS. EXTRA-CONTRACTUEEL
Fr: responsabilité contractuelle, E: contractual liability
= alternatief/complement voor (dwang)uitvoering contractuele verbintenis
Contractuele
aansprakelijkheid ➝ (secundaire) verbintenis tot reparatie of compensatie van schade ten
gevolge van wanprestatie (= niet-nakoming primaire verbintenis)
Schade door (niet) uitvoeren van verbintenis
Fr: responsabilité extracontractuelle, E: extra-contractuel liability
➝ (primaire) verbintenis tot reparatie of compensatie van schade die niet
gevolg is van niet-nakoming contractuele verbintenis
Subjectieve of foutaansprakelijkheid (E: fault liability)
Buitencontractuele - = schade door eigen fout
aansprakelijkheid
Objectieve aansprakelijkheid (Fr: responsabilité objective/strikte, E: strict
liability)
- = schade door ander rechtsfeit dan eigen fout
- = aansprakelijke maakt zelf geen fout, maar is toch aansprakelijk (wie
risico creëert, moet risico dragen)
§2. SCHADEVERSCHUIVING VS. SCHADESPREIDING
FUNCTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT
Relevantie van de functie van een juridische regeling:
- teleologische interpretatie2 van geformuleerde regels (bv. wettekst)
- toetsing aan gelijkheidsbeginsel art. 10 Gw.
o wanneer strijdig met gelijkheidsbeginsel?
2
= wettekst wordt uitgelegd o.b.v. doel van de wet
Pagina 2 van 176