Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

samenvatting Economie B | UGent | 2025/26

Rating
-
Sold
2
Pages
136
Uploaded on
25-05-2026
Written in
2025/2026

samenvatting Eco B 21-37 van het boek en extra notities uit les. 1e gem jaar HIR/TEW/EW

Institution
Course

Content preview

Deel 7: de overheid
−21. Ongelijkheid en herverdeling
 Ingrepen overheid op distributief vlak bekijken
 Oordeel over ongelijkheid -> moreel standpunt
o Inkomensongelijkheid door productiviteitsverschillen tssn individuen

21.1 beoordeling van ongelijkheid
Extra
Compenserende loonverschillen
 Soms moet loon er voor zorgen dat ook lastige minder attractieve jobs worden ingevuld
o Onaangenaam werk (vuilnisophalen)
o Gevaarlijk werk (dakwerker)
o Ploegenwerk
o Nachtwerk
o Werk met stress / verantwoordelijkheid
Verschillen in levensduurte
 Waarom verdient een glazenwasser meer in een grote stad dan op het platteland?
 Het is duurder om te leven in een grote stad
o Huisprijzen
o Prijzen voor levensmiddelen en diensten
o Niet het loon in euro, maar de lokale koopkracht van het loon telt
o lokale prijzen verschillen => loonverschillen => koopkracht gelijk?
Menselijk kapitaal
 Bepaalde jobs vragen veel tot zeer veel menselijk kapitaal
o Scholing en opleiding
o Specifieke talenten (stressbestendigheid)
o Specifieke ervaring
o Vraagt investeringen in menselijk kapitaal
 Zeer lange (soms dure) opleiding
 Permanente bijscholing
o Deze investeringen renderen onder andere in de vorm van hoger loon
o Returns on education
Superstar economics
 In veel beroepen verdienen toppers uitzonderlijk veel (Topsporters, CEO’s, topacteurs)
o Veel talent en menselijk kapitaal
o Maar verantwoordt dit echt de bedragen?
 Omvang van de markt
o De supersterren bedienen de wereldmarkt, lokale sterren de lokale markt
o Technologie heeft dit fenomeen nog versterkt
o Iedereen kan tegen betaling elke match van Manchester City zien, elke film zien

21.1.1 inspanningen en omstandigheden
Inspanningen = actoren waar een individu verantwoordelijk voor gehouden wordt
 rechtvaardig
o Bv. Harder of meer werken, ondernemen, menselijk kapitaal opbouwen (studie)




1|Pa g in a
Lize V.A.

,Omstandigheden = factoren waar een individu niet verantwoordelijk voor gehouden wordt
 Onrechtvaardig
o Man of vrouw (de befaamde wage gap)
o Leeftijd
o Etnische origine
o Sociaaleconomische achtergrond (rijke ouders of niet)
o Seksuele geaardheid
 Rechtvaardig
o Verschillen in levensduurte
o Superstars economics
intergenerationele inkomensongelijkheid
= De mate waarin de inkomenspositie binnen de inkomensverdeling verandert van generatie tot generatie
 Hoog? Kinderen uit arm gezin hebben evenveel kansen om een hoog inkomen te verwerven
 Laag in VS, hoog in Scandinavië
21.1.2 waarom aandacht voor ongelijkheid
Maatschappelijke voorkeuren en normen over ongelijkheid
 Veel mensen: voorkeur voor gelijkere samenleving
John Rawl’s veil of ignorance (a theory of justice)
 Stel dat je je positie in de samenleving niet weet (50% kans arm, 50% kans rijk)
 En je moet kiezen tussen een gelijke en een ongelijke samenleving
 Mensen zijn risicoavers -> ze kiezen voor het zekere => gelijke samenleving
Gelijkheid en allocatieve e iciëntie gaan hand in hand
 Ongelijkheid => minder scholing => verspilling talent => PMG (productiemogelijkhedengrens) ↓
 In ongelijke samenleving zonder vangnet => minder risico’s/ ondernemerschap => PMG ↓
 Ongelijkheid => armoede => criminaliteit & conflict => PMG ↓
o Er wordt geïnvesteerd in beveiligingsmaatregelen
 Ongelijkheid & armoede reduceren => gelijkere verdeling => e iciënter functioneren
o Niet nodig om grote politiemacht te financieren, of dat elk gezin geweer aankoopt
Ongelijkheid en politiek (Piketty)
 Vermogensongelijkheid leidt tot accumulatie en vorming van elite
 Vermogen is steeds meer geconcentreerd in handen van kleinere groep
 Te veel kan de democratie zelf bedreigen

21.1.3 discriminatie en de arbeidsmarkt
Discriminatie: Groep mensen met de juiste arbeidsvaardigheden heeft toch minder opportuniteiten op de
arbeidsmarkt
 Vaak te maken met omstandigheden, kenmerken waar het individu geen controle over heeft
smaakdiscriminatie: idee dat sommigen onnut ervaren wnr ze moeten interageren met bepaalde groepen
 Ze zullen minder geneigd zijn deze mensen aan te werven
 sluit aan bij wat mensen racisme, seksisme of ageïsm noemen -> uitsluiten omwille van afkeer tov van
bepaalde mensen




2|Pa g in a
Lize V.A.

,  Gevolgen
o Lange termijn (bij competitieve en mobiele arbeidsmarkt)
 Paarsogen in B zien dat ze kunnen meer verdienen in A
 Dus ze verhuizen naar A, waardoor daar de lonen weer dalen
 In B daalt het aanbod, zodat daar de lonen weer stijgen
 Maar A eindigt met alleen paarsogen en B zonder paarsogen
 Geen loonverschil, wel structureel verschil in samenstelling tewerkstelling:
segregatie
o Wel loonverschil als ook de vraagkant discrimineert: “ik wil geen loodgieter met gele of groene
ogen, ik vertrouw alleen iemand met paarse ogen”

Statische discriminatie: gediscrimineerd worden obv kenmerken
 Discriminatie zonder vooroordeel
o Voorbeeld: Ik weet dat een bepaalde groep gemiddeld minder aanwezig is op het werk, of het
werk tijdelijk zal verlaten
o Voetballers (blessures) of jonge vrouwen (zwangerschap)
o Dit kan de kans op aanwerving/promotie verminderen
 MAAR
o Dit is dikwijls een rationalisatie van vooroordelen
o Voorbeeld: E ectieve beschikbaarheid van werknemers is complex
o Wetgeving grijpt hier dikwijls in en verbiedt de discriminatie

21.1.4 ongelijkheid van wat?
Verschillende vormen van ongelijkheid:
 Ongelijke toegang tot bepaalde diensten
o Bv. gezondheidszorg of scholing
 Inkomensongelijkheid
o Ongelijkheid van inkomens tussen individuen (uit arbeid of kapitaal)
 Vermogensongelijkheid
o Ongelijkheid van bezittingen tussen individuen (aandelen, obligaties, vastgoed…)

Inkomensongelijkheid: tijdspanne van inkomensberekening belangrijk
Bv. jaarloon, uurloon…
 Loonkloof voor het jaarloon tussen man en vrouw is 20%
 Loonkloof voor het uurloon tussen man en vrouw is 8%
 Reden verschil? Omdat vrouwen vaak deeltijds werken

Overheid wil ontstane inkomensverdeling bijsturen
 Belastingsysteem
 Sociale zekerheid
 Collectieve voorzieningen
 Ingrijpen met wetgeving




Soorten inkomensongelijkheid
 Primaire (door de markt in stand gekomen)
 Secundaire (na belastingen en sociale zekerheid)
 Tertiaire (na belastingen, sociale zekerheid en collectieve voorzieningen)



3|Pa g in a
Lize V.A.

, Factoren
 Grote van het gezin
o Grotere gezinnen genieten van schaalvoordelen: collectief gebruikmaken van wasmachine,
vaatwasser,…
 Vaak wordt het equivalente gezinsinkomen YE berekend
o Equivalent gezinsinkomen =YE = Y / √𝑛 waarbij n ≠ aantal gezinsleden, maar dan zouden de
schaalvoordelen van samenwonen onderschat worden, maar n = aantal gezinsleden als
equivalentieschaal
 Geeft inschatting van het welvaartsniveau van een gezinslid weer en wordt gebruikt om
gezinnen te vergelijken alsof het telkens maar om gezinnen van één persoon gaat


21.2 hoe ongelijkheid meten?
21.2.1 weergave van de verdeling
Eenvoudige / grafische methode
 Deel iedereen op in eenvoudige inkomensklassen
 Toon % van de bevolking (x-as) per inkomensklasse (y-as)

Percentielenmethode (per deciel – per 10%)
 Sorteer mensen van arm naar rijk
 Vergelijk aandeel van de percentielen in totaal inkomen
 10 decielen, per deciel aandeel, onderste rij is cumulatief aandeel
 Vergelijken met perfect egalitaire verdeling: 10% van tot #gezinnen verdient 10% van het tot inkomen
o In realiteit is dit natuurlijk niet zo bv: dec 1: 3,9%; deciel 10: 20,9%
Lorenz-curve
 Projecteert cumul. inkomenspercentielen op cumul. percentage van het inkomen
 Toont hoeveel % van het totaal inkomen een bepaald % van de bevolking heeft
 Perfect egalitaire maatschappij: lijn is een rechte
o Grotere oppervlakte tussen de rechte en de curve => grotere ongelijkheid
Olifantenfiguur
 Door Branko Milanovic
 Geeft percentuele inkomenstoename tussen 1998 en 2008 voor wereldbevolking
 Horizontale as: bevolking geordend van arm naar rijk
 Verticale as: procentuele inkomensstijging
 Observaties
o Armste: niet op vooruitgegaan, zelfs daling van inkomen
o Voor middelste percentiel zijn er op vooruitgegaan
o Inkomensdaling percentiel 75-85
o Rijkste zijn er meest op vooruitgegaan




4|Pa g in a
Lize V.A.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
21-37
Uploaded on
May 25, 2026
Number of pages
136
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$13.15
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
lizevanacker

Get to know the seller

Seller avatar
lizevanacker Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
5
Member since
2 months
Number of followers
0
Documents
10
Last sold
2 days ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions