IMPORTANCE OF
HISTORY IN THE
GEOGRAPHY OF CRIME
→ Dit gastcollege gaat over waarom geschiedenis belangrijk blijft in criminologisch
onderzoek.
→ Vooral binnen de omgevingscriminologie is het belangrijk om te zien dat
criminaliteit niet willekeurig verspreid is, maar bepaalde ruimtelijke patronen
volgt.
→ Veel inzichten die vandaag “modern” lijken, werden eigenlijk al 200 jaar geleden
vastgesteld met vroege misdaadkaarten.
→ Historische data tonen dat bepaalde patronen van criminaliteit verrassend stabiel
kunnen blijven doorheen de tijd.
→ gebruik van historische data in criminologisch onderzoek in het algemeen
en de omgevingscriminologie in het bijzonder
PAGE WITH NUMBER LIST
1. One
2. Two
3. Three
4. Four
1
,A (BRIEF) HISTORY OF THE GEOGRAPHY OF
CRIME
Where it all began
Guerry and Quetelet
o Guerry en Quetelet zijn pioniers in het geografisch bestuderen van
criminaliteit.
o Zij maakten al vroeg kaarten van criminaliteit en toonden dat criminaliteit
ruimtelijke patronen volgt.
o Belangrijk: zij ontdekten al patronen die vandaag nog altijd relevant zijn.
o In de academische wereld is het belangrijk om te weten wie bepaalde
inzichten als eerste formuleerde.
Violent crime and property crime, French departments (US county)
o Ze onderzochten onder meer geweldsmisdrijven en eigendomsmisdrijven
per Frans departement.
o Een Frans departement kan je ongeveer vergelijken met een county in de
Verenigde Staten.
o Door criminaliteit geografisch te vergelijken, zagen ze dat bepaalde regio’s
systematisch meer of minder criminaliteit vertoonden.
Obvious and stable patterns
o De patronen waren opvallend en stabiel doorheen de tijd.
o Eigendomsmisdrijven kwamen vaker voor in het noorden van Frankrijk en
in Corsica, en minder in het zuiden.
o Geweldsmisdrijven kwamen ook vaak voor in Corsica en in het zuiden.
o Verklaring: meer criminaliteit ontstaat vaak waar meer mensen, meer
goederen en meer opportuniteiten aanwezig zijn, zoals in steden en rijkere
regio’s.
o Oude methoden waren natuurlijk beperkter: vroeger vergeleek men
kaarten letterlijk door ze naast elkaar te leggen. Vandaag gebruiken we GIS
en spatial statistics, wat veel nauwkeuriger is.
o Belangrijk: de manier waarop je kaarten indeelt, bijvoorbeeld via “natural
breaks”, kan beïnvloeden hoe sterk patronen zichtbaar lijken.
2
,SOCIAL DISORGANIZATION THEORY
Very important to criminology
o Social disorganization theory is een van de belangrijkste theorieën binnen
de criminologie.
o Ze is vooral verbonden met de Chicago School.
o De theorie probeert te verklaren waarom sommige buurten structureel
hogere criminaliteit hebben dan andere.
Beginnings at the turn of the 20th century
o De oorsprong ligt rond de overgang van de 19e naar de 20e eeuw.
o De theorie ontstond in de context van snelgroeiende Amerikaanse steden,
migratie, armoede, industrie en stedelijke verandering.
1930s – 1960s, and still today
o De theorie was vooral invloedrijk tussen de jaren 1930 en 1960, maar is
vandaag nog altijd belangrijk.
o Vanaf de jaren 1990 kwam er een heropleving, onder meer door het werk
van Sampson over collective efficacy.
But misunderstood by many
o De theorie wordt vaak verkeerd begrepen omdat mensen secundaire
bronnen lezen in plaats van de originele teksten.
o Een belangrijke misinterpretatie is dat armoede of etniciteit rechtstreeks
criminaliteit zou veroorzaken.
o De theorie zegt eerder dat bepaalde sociale omstandigheden de kans op
criminaliteit verhogen doordat informele sociale controle zwakker wordt.
3
, WHAT IS SOCIAL DISORGANIZATION?
Places that are not able to establish a common set of values and a sense
of community
o Een buurt is sociaal gedesorganiseerd wanneer bewoners geen
gemeenschappelijk waardenkader of gemeenschapsgevoel kunnen
opbouwen.
o Er is dan weinig sociale cohesie, weinig vertrouwen en weinig contact
tussen buren.
o Gevolg: er is minder informele sociale controle en minder collective
efficacy.
Population turnover
o Hoge residentiële mobiliteit betekent dat mensen vaak verhuizen.
o Daardoor kennen buren elkaar minder goed en ontstaat er minder sociale
binding.
o Dit maakt het moeilijker om samen normen te bewaken of problemen aan
te pakken.
Ethnic heterogeneity
o In de historische context betekende dit vaak dat bewoners verschillende
talen, achtergronden en gewoonten hadden.
o Belangrijk: dit mag niet simpelweg als “ras” begrepen worden. In Chicago
ging het vaak om Europese migrantengroepen die verschillende talen
spraken.
o De kern was dus niet etniciteit op zich, maar communicatieproblemen en
gebrek aan sociale cohesie.
o De theorie kijkt naar sociale condities, niet naar biologische of raciale
verklaringen.
SHAW AND MCKAY
Delinquency Areas (1929)
o Shaw en McKay onderzochten waar jeugdcriminaliteit geconcentreerd was.
o Ze wilden weten of delinquentie samenhing met buurtkenmerken.
Juvenile Delinquency and Urban Areas (1942)
o Dit is hun bekendste werk.
o Ze onderzochten delinquentie in stedelijke gebieden en legden de basis
voor social disorganization theory.
A Study of Rates of Delinquency in Relation to Differential Characteristics
of Local Communities in American Cities
o De kernvraag was: hoe hangen delinquentiecijfers samen met kenmerken
van lokale gemeenschappen?
o Ze onderzochten fysieke, economische en bevolkingskenmerken van
buurten.
8 QUESTIONS
• Are delinquency rates correlated with neighbourhood characteristics?
4