Inleidende begrippen
Anatomie
➔ Macroscopisch = te zien met het blote oog -> microscopisch = vergroting details
Fysiologie
➔ Functioneren van de anatomie, werking / mechanismen
➔ Physis = origine, logia = studie van
Athologie
➔ Pathos = lijden, pijn; logia = studie van
1. Scheikundige processen
2. Cellen
3. Weefsel
4. Organen
5. Orgaanweefsel
6. De mens
Homeostase:
= Het in evenwicht (‘steady state’) houden van het interne milieu van het lichaam
- Lichaamstemperatuur, bloeddruk, glycemie...
- Verstoring homeostase = gevaar voor het welzijn v.h. individu & risico op ontstaan
van ziekte/pathologie
Negatieve terugkoppeling:
- Tegengestelde reactie
- Ter afname van de verstoring
- vb. regelen bloeddruk, glycemie,
lichaamstemperatuur…
, ❖ Receptor
❖ Controlecentrum
❖ Effector
bloeddruk :
1. De bloeddruk daalt of stijgt
door een negatieve
terugkoppeling in het
lichaam.
2. Bij dalende bloeddruk registreren de baroreceptoren in de aortaboog en
halsslagaders de verandering. Het controlecentrum stuurt daarna signalen naar
de effectoren om de bloedvaten te laten vernauwen en het hart sneller te laten
slaan, zodat de bloeddruk weer stijgt.
Bij stijgende bloeddruk gebeurt het omgekeerde: het controlecentrum zorgt voor
vasodilatatie en een lagere hartslag, waardoor de bloeddruk daalt.
Positieve terugkoppeling :
- ter versterking van de verstoring
- vb. lactatie, ovulatie, bloedstolling
Anatomische positie:
Armen langs het lichaam
Handpalmen naar voren
Voeten naast elkaar
,De anatomische vlakken & positionele termen:
1. Sagittaal
= Verdeling in linker- en rechterdeel
▪ Midsagittale of mediane vlak: perfect in het midden
▪ Sinister vs. Dexter
▪ Mediaal vs. Lateraal
2. Frontaal/coronaal
= Verdeling in voor & achterzijde
▪ Ventraal vs. Dorsaal
▪ Anterior vs. Posterior
3. Transversaal/horizontaal
= Verdeling in boven en onder
▪ Craniaal vs. Caudaal
▪ Superior vs. Inferior
, 1. De huid
Functies van de huid:
Grootste orgaan van het lichaam (>15% van lichaamsgewicht).
6 Belangrijkste functies:
▪ bescherming (trauma, chemische stoffen, straling, infecties, vochtverlies)
▪ temperatuurregeling (o.a. via zweten)
▪ vorming en opslag van vitamine D
▪ zintuiglijke gewaarwording
▪ uitscheiding (zweet, talg)
▪ energie-opslag in onderhuids vet.
Algemene structuur van de huid
Opbouw: epidermis, dermis, hypodermis