1.Het gezonde kind
1.1 spelen en ontwikkeling
Leerdoelen:
- De rol en functies van spel kennen
- De effecten van spelen benoemen
- Positieve factoren om tot spelontwikkeling te komen weergeven, uitleggen en illustreren
- De rol van het spel bij ziekte en ziekenhuisopname verklaren.
- Spelen – universeel
- Innerlijke motivatie
- Geen extrinsiek (van buitenaf) doel
- Het proces van observeren, testen, uitproberen, nabootsen, genieten, …
- Leren via spel – wereld kennen, omgang met de gevoelens en emoties
- Durven iets doen
- Veilig
- Spelend kind voelt zich goed, ziek kind spelt minder (observatie)
- Meer tijd en aandacht aan spel die kinderen zelf kiezen
- Rechten van het kind: alle kinderen hebben recht op ontspanning, op spel en op culturele en
creatieve activiteiten.
- Spelen - een essentieel onderdeel binnen de normale ontwikkeling van het kind.
- Rol van de verpleegkundige – observeren, stimuleren, ondersteunen, gebruiken bij de zorg
1.1.1 Functies van spel
- Beïnvloedt de structuur en de functie van de hersenen
- Vermindert stress
- Beter gedrag
- “even belangrijk voor de gezondheid als slaap of voeding”
- Spel is belangrijk voor
o Sociale vaardigheden
o Aanpassingsvermogen
o Intelligentie
o Creativiteit
o Probleemoplossend vermogen
- De gevolgen van gebrek aan spel -> depressie, inflexibiliteit, gebrek aan empathie, verslavende
voorkeuren
, 2 Kindzorg en pediatrie
Effecten van spelen:
6 domeinen van de ontwikkeling worden gestimuleerd:
Sensorische-motorische ontwikkeling Cognitieve ontwikkeling Relationele en morele ontwikkeling
- Ontwikkelt de grove en fijne - verkent vormen, maten, texturen, - leert volwassen rollen en
motorische vaardigheden en kleuren genderrolgedrag
coördinatie - leert getallen, ruimtelijke relaties, - test relaties
- ontwikkelt alle zintuigen abstracte concepten - ontwikkelt sociale vaardigheden
- exploreert de fysieke wereld - gebruikt en breidt taalvaardigheid - gaat interactie aan en krijgt een
- kanaliseert energie uit positieve attitude ten overstaan
- herhaalt vroegere ervaringen in van anderen
nieuwe percepties en relaties - leert goedgekeurde
- begrijpt de wereld beter en gedragspatronen en morele
onderscheidt fantasie van standaarden
realiteit
Creactiviteit Zelfbewustzijn Therapeutische waarde
- komt tot creatieve ideeën en - ontwikkelt eigen identiteit - reduceert spanning en stress
interesses - regelt zijn eigen gedrag - laat toe zijn emoties en niet-
- laat fantasie en verbeelding toe - kan zijn eigen mogelijkheden geaccepteerde impulsen op
testen en met die van anderen sociaal aanvaarde wijze te uiten
vergelijken - experimenteert met en test
- leert hoe zijn eigen gedrag angstige situaties op een veilige
anderen raakt manier
- vergemakkelijkt non-verbale
communicatie van noden,
angsten en wensen
De rol van spel bij ziekte en ziekenhuisopname
- Veranderingen in het spelgedrag
- Aangepast spelmateriaal
o afgestemd op de mogelijkheden van het kind op dat moment
o uitdagend en aantrekkelijk
o hanteerbaar wat grootte, vorm, tijd
o goed kunnen reinigen -> gevaar voor kruisinfecties
- Functies van spel bij ziekte
o Voorbereiding
o Verwerking
o Therapie
o Ontspanning
o Communicatie
o Observaties
,3 Kindzorg en pediatrie
1.2 Huilen
Leerdoelen:
- De oorzaken en de beïnvloedende factoren van huilen verklaren.
- Huilen uitleggen binnen de normale ontwikkeling van het kind, aan de hand van de
verschillende leeftijdsfasen.
- Verloop van het huilen in de dag en in de tijd uitleggen.
- Uitleggen waarom doorverwijzing bij heftig huilen soms noodzakelijk is.
- De gevolgen van het excessief huilen bij de verschillende actoren samenvatten.
- Ondersteuning genereren voor de ouders bij het veelvuldig huilen van de zuigeling
- De uitleg ivm Shaken Baby Syndrome aan de ouders geven
Communicatiemiddel
- Signalen van onlust
- Werkt zorggedrag op
- Doel: onlust wegnemen
- Vorm van interactie
- Ondersteuning van de ouder-kindrelatie
Oorzaken en beïnvloedende factoren
- Kind-factoren
- Ouder-factoren
- Factoren in de ouder-kindrelatie
1.2.1 kind factoren
- Organische oorzaken
o Bij 5 à 10% van de baby’s
o Klinisch onderzoek
o Ontwikkelingsonderzoek
- Temperament van de baby !
REACTIVITEIT:
o de gevoeligheid, snelheid en heftigheid waarmee op prikkels gereageerd wordt door
het autonoom zenuwstelsel
het hormonaal systeem
het centraal zenuwstelsel
o uit zich in motorische reacties, in huilen en krijsen en in rood aanlopen
ZELFREGULATIE:
o verwijst naar de mogelijkheid om die reacties af te remmen, te doseren of te
versterken.
- Oververmoeidheid
- Verslavingsproblematiek
- Geboortecomplicaties
- Tandjes
- Mentale sprongen (‘hersensprongen’)
, 4 Kindzorg en pediatrie
1.2.2 ouder factoren
- Zwangerschap
- Sociaal-economische status
- Stress
- Postpartum depressie
1.2.3 Factoren in de ouder-kindrelatie
- Verschillende behoeften, eigen persoonlijkheid, eigen verwachtingen
- Omgevingsfactoren (financiële problemen, huisvestingsproblemen, weinig sociale steun),
- Factoren binnen de ouder zelf (zoals slaapgebrek, spanning, stress).
- Spanningen in het gezin
- Aanpassen aan het temperament van de baby
- Vaardigheden
Plots wijzigingen in het huilgedrag
- Krijsen
- Kreunen
- Hoog en schril huilen (‘centrale’ schrei) - Is er iets acuut aan de hand? (crie encéphalique)
o urineweginfectie bij de kleine zuigeling
o koemelkeiwitallergie
o ernstige vorm van GOR (gastro-oesofagale reflux)
o pijn
o meningitis, encephalitis
Excessief huilen
- overmatig, buitensporig veel huilen
- Het begrip ‘huilbaby’
- Wessel (1954) - “een baby die langer huilt dan
- 3 uur per dag, en dit minstens
- 3 dagen per week, gedurende
- 3 opeenvolgende weken (3-3-3-regel). “