Hoorcollege 1
Situering van het vak
Situering
● Klemtoonvak Privaatrecht
● 6 SP
● Master in de rechten
● Verdiepend en verbredend
Inhoud en aanpak
● Centraal thema: Kind en ouders
○ De familierechtelijke vormgeving en gevolgen van ouder-kindrelatie in diverse
gezinsvormen
● Waarom?
● Hoe? Subthema’s rond verschillende gezinsvormen en vormen van ouder-
kindrelaties
● DEEL 1: Inleiding
● DEEL 2: Juridisch ouderschap
● DEEL 3: Medisch begeleide voortplanting: kinderen en wensouders, donoren,
draagmoeders
● DEEL 4: Trans personen en ouderschap
● DEEL 5: Adoptie
● DEEL 6: Samengestelde gezinnen: plusouders en pluskinderen
● DEEL 7: Pleeggezinnen
● DEEL 8: Intentionele meeroudergezinnen
● DEEL 9: Kind en ouders na (echt)scheiding
Leerdoelen
Dit opleidingsonderdeel draagt bij tot volgende leerresultaten en kerndoelen:
● De student bezit zowel gespecialiseerde (ten aanzien van basiskennis verbredende
en verdiepende) kennis en inzicht in een aantal samenhangende
basisrechtsdomeinen alsook diepgaande kennis in transversale rechtsdomeinen die
uitdrukking geven aan de samenhang en/of wisselwerking tussen de verschillende
basisrechtsgebieden dan wel aan vernieuwing en dynamiek in het recht.
● De student …
○ kan kennis en inzicht aanwenden op gespecialiseerd en gedetailleerd niveau
bij vakinhoudelijke discussies en vragen
○ kan kritisch positie innemen ten aanzien van maatschappelijke en/of
juridische vernieuwing in transversale rechtsdomeinen en zich positioneren
ten aanzien van out-of-the-box redeneringen of oplossingen in het recht
1
, ○ kan de wisselwerking tussen verschillende samenhangende
basisrechtsdomeinen duiden en operationaliseren.
● De student kan juridische argumenten en redeneringen kaderen in een
maatschappelijke, historische en/of waardegeoriënteerde context, dankzij een
kritische en reflexieve grondhouding ten aanzien van recht, mens en maatschappij.
● De student …
○ kan de wisselwerking tussen recht, mens maatschappij en de daarmee
verband houdende normen en waarden, identificeren en operationaliseren in
een juridische context.
● De student hanteert een systematische methode in zijn benadering van complexe
juridische en maatschappelijke vraagstukken. Hij is in staat om zelfstandig een
juridische analyse en synthese te maken van problemen met het oog op de
beantwoording van vragen met een juridisch of maatschappelijk karakter. De student
beschikt over het methodologische en argumentatieve vermogen om aanvaardbare
oplossingen aan te dragen en te legitimeren en is in staat om op kritische wijze
verklarende, evaluatieve en probleemoplossende standpunten in te nemen.
● De student…
○ kan zijn/haar analytisch vermogen aanwenden om complexe juridische of
maatschappelijke vraagstukken te verklaren, te evalueren of op te lossen.
○ kan zijn/haar synthetisch vermogen aanwenden om complexe juridische of
maatschappelijke vraagstukken te verklaren, te evalueren of op te lossen
○ kan een afweging en een beargumenteerde keuze maken tussen
verschillende juridische mogelijkheden
○ kan een eigen juridisch verantwoorde stelling formuleren over een juridisch of
maatschappelijk probleem.
○ kan zowel voor leken als voor juristen heldere teksten opstellen en
uiteenzettingen brengen.
○ beheerst schriftelijk en mondeling het academisch Nederlands
Evaluatie
● Schriftelijk examen
● Open vragen (zie ook Toledo)
● Beoordelingscriteria:
○ Inhoudelijke kwaliteit en juistheid van argumentatie en redenering
○ Grondigheid en volledigheid van argumentatie en redenering
○ Helderheid formulering en opbouw
● Materiaal voor examen:
○ Codex + extra wetgeving (wel bundelen)
● Examenstof =
○ alle HC + gastcolleges
○ RS op Toledo = enkel examenstof als behandeld in HC (datum vonnis of
arrest niet belangrijk, wel de principes eruit halen)
○ Teksten op Toledo = hulpmiddel ter ondersteuning (enkel wat behandeld is, is
examenstof)
2
,Colleges - (indicatieve) kalender
● 23/09: Algemene info en Deel 1 Inleiding
● 30/09: Deel 1 Inleiding en Deel 2 Juridisch ouderschap
● 07/10: Deel 2 Juridisch ouderschap
● 14/10: Deel 3 MBV
● 21/10: Deel 3 MBV
● 28/10: Deel 4 Trans personen en ouderschap
● 04/11: Deel 3 MBV – Toegang tot afstammingsinformatie
● 12/11 (woensdag, 13-16u!): Deel 5: Adoptie
● 18/11: geen college wegens Global Law
● 25/11: Deel 6. Plusouders en samengestelde gezinnen
● 02/12: Deel 7. Pleeggezinnen
● 09/12: Deel 8. Intentionele meeroudergezinnen
● 16/12: Deel 9. Kind en ouders na scheiding
● 21/01: eerste examenmoment
● 28/01: tweede examenmoment
Deel 1. Inleiding
Inhoud
Kind en ouders. De familierechtelijke vormgeving en gevolgen van ouder-kindrelatie in
diverse gezinsvormen
1. Maatschappelijke ontwikkelingen
2. Juridische relevantie
3. Juridische benadering van ouderschap: van geïntegreerde naar gedesintegreerde
benadering
4. Belang van het kind als eerste overweging
Documentatie
● EHRM 3 december 2009, Zaunegger/Duitsland
● F. Swennen, “Wat is ouderschap”, TPR 2016, 11-95.
● Kind en ouders in de 21ste eeuw. Rapport van de Staatscommissie Herijking
Ouderschap, Den Haag, 2016, 637 p.
● Kabinetsreactie op de aanbevelingen van de Staatscommissie Herijking Ouderschap,
2019.
● VN Comité voor de rechten van het kind, Algemeen Commentaar nr. 14 (2013) over
het recht van het kind zijn belangen als de eerste overweging te laten zijn (art. 3,
eerste lid)
● Gezinsenquête 2021 – drie delen
● Kind bij paar en bij alleenstaande ouders. Rapport Statistiek Vlaanderen, 2021/7
3
, Maatschappelijke ontwikkelingen
● Leiden tot nieuwe mogelijkheden voor gezinsvorming en veranderende
gezinssamenstellingen
● Laureen Hu, Familie door te zijn, willen of doen: een juridische en morele
heroverweging van het afstammingsrecht, Boom, 2025
● Veranderingen sinds 1945
1. Toegenomen diversiteit aan relatie- en ouderschapsvormen
2. Veranderingen t.a.v. genderrolpatronen in gezin
3. Nieuwe technologische voortplantingsmogelijkheden
4. Veranderde positie van kinderen
● Achtergrond: secularisering, individualisering, toegenomen welvaart
○ Waardenpatroon in Westerse samenleving veranderd
○ Keuzevrijheid en zelfontplooiing
→ Individuen laten zich o.a. op gebied van relaties, gezin en ouderschap minder
leiden door voorgeschreven normen
● Secularisering
○ Tot jaren 1960: Christelijke gezinsideaal breed gedragen
■ Huwelijk = onverbreekbare en monogame levensverbintenis
■ Huwelijk = instituut waarbinnen kinderen verwekt en grootgebracht
werden
■ Verwekking van kinderen was Christelijke huwelijksplicht
■ Intieme relaties buiten huwelijk moreel afgekeurd
● Individualisering
○ Minder sterke band van individuen met gemeenschappen (Kerk, vakbond,
buurt, familie) die controlerende invloed uitoefenden
○ Meer nadruk op zelfontplooiing en tolerantie op gebied van normen
■ Groeiende tolerantie voor echtscheidingen
■ … voor relatie- en gezinsvormen afwijkend van traditionele
standaardgezin
■ Neiging om minder vaste verbindingen aan te gaan:
● uitstel van huwelijk, ouderschap
● hogere (emotionele) eisen aan aangegane verbintenissen;
sneller verbroken als die niet aan verwachtingen voldoen
● Toegenomen welvaart
○ Ontwikkeling welvaartsstaat na WO II
○ Gezinnen kunnen zich geleidelijk losmaken van inbedding in Kerk, buurt,
familie
→ ruimte om individuele keuzes te maken op relatie- en gezinsvlak
4