Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 39 pages
Summary

Samenvatting Taal: diagnostiek (fase 1)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 39 pages

Samenvatting "Taal: diagnostiek" (fase 1) + afbeeldingen!

Content preview

Belangrijke definities
Wat is een taalontwikkelingsstoornis (TOS)?
Verborgen stoornis: niet zichtbaar.
Het verwerven van mondelinge taal is opvallend trager en moeizamer
ASHA
= American Speech-Language-Hearing Association
Significant tekort (het niet optijd halen van de taalmijlpalen) in de ontwikkeling en gebruik
van taal op alle domeinen.
Problemen met taalbegrip en/of taalproductie in verschillende taaldomeinen.
Mogelijks voor altijd.
Symptomen kunnen wel veranderen doorheen de tijd.
Minimum spreeknorm van kinderen
0 – 12 maanden
Het kind ontwikkelt (non-)verbale taalvoorwaarden:
 Huilen, lachen, kraaien
 Oogcontact
 Spelen met lippen, tong, verhemelte en stem
 Luisteren naar stem van ander en kijken naar mondbeeld
 Brabbelen in een steeds gevarieerder patroon
 Imiteren
 Beurtnemen
1 – 1;6 jaar
Het kind begrijpt opdrachten van 2 woorden.
Kind kan één of meer lichaamsdelen aanduiden.
Kan veel en gevarieerd brabbelen met af en toe een verstaanbaar woord.
1;6 – 2 jaar
Kind gebruikt minimum 5 tot 10 woorden.
2 – 2;6 jaar
Kind begrijpt zinnen met 3 woorden.
Kind gebruikt 2-woorduitingen waarbij de woordopbouw nog onvolledig is.
2;6 – 3 jaar
Kind gebruikt 3-woorduitingen waarbij de woordopbouw nog onvolledig is.
3 – 3;6 jaar
Kind gebruikt drie- tot vijfwoorduitingen.
Ongeveer de helft van wat kind zegt, is verstaanbaar.
3;6 – 4 jaar
Kind vertelt soms spontaan een verhaal.
50 -70% van wat kind zegt, is verstaanbaar.
4 – 5;6 jaar
Kind kan verhalen navertellen aan de hand van afbeeldingen.
Kind gebruikt enkelvoudige zinnen (nog problemen met meervouden en vervoegingen
mogelijk)
75 – 90% verstaanbaar.
> 5;6 jaar
Kind gebruikt goed gevormde, ook samengestelde zinnen.
Goed verstaanbaar.
Taalgebruik is compleet.

Wat is een prevalentie?
Geeft aan hoeveel kinderen er zijn met een TOS op een bepaald moment.
 5-10% van schoolkinderen heeft een TOS.

Indeling van taalontwikkelingsstoornissen
1. PRIMAIRE TOS
Staat op zichzelf: geen duidelijke verklaring voor de taalachterstand.
= achterstand in de taalverwerving zonder duidelijke verklaring.


1

,TOS = Taalontwikkelingsstoornis : nationaal
DLD = Developmental Language Disorder : internationaal
 Prevalentie: 7%. Komt 3x meer voor bij M dan bij V.
 Diagnose obv uitsluitingscriteria
o = aantonen dat de achterstand niet het gevolg is van problemen in andere
ontwikkelingsdomeinen of onvoldoende taalaanbod.
 Comorbiditeit mogelijk: meerdere stoornissen tegelijk mogelijk.
Voorbijgaand of blijvend?
o Vertraagde taalontwikkeling
o Taalniveau van jonger kind ivm de rest van zijn/haar leeftijdsgenoten.
o Harmonisch profiel, gelijkmatige uitval
o Taalontw. later op gang en trager verloop
o Achterstand in te halen met juiste therapie
o Gestoorde taalontwikkeling
o Hardnekkig probleem (amper weg te halen)
o Disharmonisch profiel (geen gelijkmatige uitval)
o Verdere opsplitsing in ontwikkelingsdysfagie en kinderafasie.
 Ontwikkelingsdysfagie
o Zeer hardnekkige, aangeboren TOS.
o Therapieresistent (problemen blijven deels aanwezig of kunnen terugkomen)
o Blijvende problemen.
o Heterogene groep met gevarieerde taalprofielen (fonologie, syntaxis,
morfologie…)
o Prevalentie: 3%
 Kinderafasie
o Strikt genomen is dit géén primaire TOS: wél zelfde beeld.
o Terugval in taalontw. tgv hersenletsel.
o OORZAKEN: hersentrauma, tumoren en infecties, cerebrovasculaire
aandoening (trombose of bloeding), …
o Enkel als taalgebieden in hersenen w aangetast.

2. SECUNDAIRE TOS
Gevolg van één of meerdere problemen in ander ontwikkelingsdomein.
 Problemen in de sensorische ontw.: gehoorverlies
o Permanent gehoorverlies: 0,1% van de kinderen.
o Nood aan hulpmiddelen om beter te horen.
o Extra stimulatie bij ontw. van spraak en taal.
o FACTOREN
o Leeftijd van vaststelling
o Ernst vh gehoorverlies
o Oorzaak vh gehoorverlies
o Gebruik van gehoorversterkende hulpmiddelen
o Aanwezigheid van medische aandoening
o Communicatieaanbod vanuit de omgeving
 Problemen in sensorische ontw.: slechtziend of blindheid
o Mits optimaal taalaanbod: zelden taalproblemen.
o Vaak kwetsbaar op sociaal-emotioneel en communicatief vlak: impact op
taalontwikkeling door minder communicatie en interactie met anderen.
 Problemen in de motorische ontw.
o Bij geïsoleerd motorisch probleem: doorgaans normale taalontw.
 Problemen in de cognitieve ontw.: verstandelijke beperking
o Verstandelijke beperking: IQ onder of = 70.
o Verdere indeling:
o IQ = 50 – 70: lichte verstandelijke beperking. Ontwikkelingsleeftijd 7 – 10
jaar. 80% vd populatie.
o IQ = 35 – 49: matige verstandelijke beperking. Ontwikkelingsleeftijd 5 – 7
jaar. 12% vd populatie.



2

, o IQ = 20 – 34: ernstige verstandelijke beperking. Ontwikkelingsleeftijd 2 – 5
jaar. 7% vd populatie.
o IQ < 20: diepe verstandelijke beperking. Ontwikkelingsleeftijd < 2 jaar. 1%
vd populatie.
o OORZAKEN
o Vaak genetisch (syndroom)
o Zuurstoftekort bij geboorte
o Overmatig alcoholgebruik tijdens zwangerschap
 Problemen in de sociaal-emotionele ontw.: ASS
o Een complexe neurologische ontwikkelingsstoonis:
- Aanhoudende tekorten in sociale communicatie en interactie.
- Beperkte, repetitieve patronen en gedrag, interesses of activiteiten.
Symptomen al in vroege kindertijd aanwezig + leiden tot ernstige beperkingen in
(sociaal) functioneren.
o PREVALENTIE
o 1% vd schoolkinderen
o 40% heeft verstandelijke beperking
o Groot deel kampt met taalontwikkelingsstoornis
 Kwalitatieve tekorten in verbale en non-verbale communicatie.
o PROBLEMEN BIJ TAALVORM
o Afwijkende prosodie (monotoon)
o Grammaticale ontw. (soms afwijking in syntaxis)
o PROBLEMEN BIJ TAALINHOUD
o Echolalie = letterlijk herhalen van uitingen van iemand anders.
o (onmiddellijke en uitgestelde echolalie)
o atypische organisatie vh lexicon.
o Het vasthangen aan letterlijke betekenissen van taal.
o Kinderen met ASS begrijpen dus minder dan je zou verwachten obv wat ze
zeggen.
o PROBLEMEN BIJ TAALGEBRUIK
o Het begrijpen en gebruiken van non-verbale communicatie.
o Een stoornis in de ontw. van gedeelde aandacht.
o Een gesprek voeren (beurtneming, initiatief nemen, topic handhaven, gesprek
onderhouden en afronden, gestoorde presuppositie, …)
 Problemen in sociaal-emotionele ontw.: selectief mutisme
o Kinderen spreken enkel in vertrouwde situatie, niet op school of andere.
o Weigering van spreken duurt tot >/= 6 maanden.
o PREVALENTIE
o <0,1% , vaak familiaal (erfelijke factor)
o Extreem angstig om te spreken.
o Multimodiale behandeling door verschillende disciplines.



Primaire taalontwikkelingsstoornissen (TOS)
Oorzaken van TOS
Genetische factoren
 Familiaal
o Kans op TOS verhoogt als ouders TOS hebben: van 7% naar 20-40%.
 Tweelingenstudies
o TOS komt meer voor bij één-eigen tweelingen dan bij twee-eigen tweelingen.
o Invloed van omgeving kan uiteindelijk taalniveau doen verschillen tussen de
kinderen.
 Genstudies
o (nog in ontw.)
o 2 genen op chromosoom 7: spelen rol in ontw. van TOS -> FOXP2 en CNTNAP2
Omgevingsfactoren



3

, Hebben invloed op uiteindelijke taalvaardigheid.
 O.a. taalaanbod, vroege interventie.
 Situatie tijdens zwangerschap en bevalling.
Neurobiologie
 Opbouw vd hersenen -> kinderen met TOS hebben atypische asymmetrie in de
hersenen.
o (hersenbanen zorgen voor communicatie en verbinding tussen hersencellen)
 Activiteit in de hersenen -> minder activiteit in delen vh hersenen die belangrijk
zijn voor taal. Ook afwijkende hersenactiviteit bij het verwerken van
ongrammaticale/foute zinnen. Ze reageren trager op fouten.
Cognitie
= vermogen vd hersenen.
Stoornis in de spraakperceptie
 Auditieve verwerkingsstoornis: moeite met snel veranderde akoestische informatie
(detecteren, discrimineren of categoriseren van stemcontrast -> /da/ vs /ta/).
 Spraakperceptie trainen leidt niét tot betere taalvaardigheid!
Stoornis in het geheugen
 Zwak auditief kort termijngeheugen.
 Stoornis in het procedureel geheugen:
o Patronen die door veelvoudige herhaling routine worden (spreken, fietsen,
lezen, …). Dit zorgt bij kinderen met TOS voor problemen met het leren van
taalregels en nieuwe woorden.
 Declaratief geheugen vaan relatief intact:
o Bewust en expliciet leren van algemene kennis over werelden kennis van
woorden.
o Kinderen met TOS hebben minder moeite met het leren van
woordbetekenis van nieuwe woorden dan met het leren van woordvorm
(procedureel geheugen).

Kenmerken van TOS
KENMERKEN BELANGRIJK VOOR DIAGNOSE EN OC’s.
Voortalige fase (0 – 1j)
Vroege signalen die kunnen wijzen op TOS.
Taalgebruik
 Contactproblemen tussen ouder en kind: geen oogcontact, niet lachen, …
 Communicatieve intentieproblemen: op einde van 1ste jaar nog niet
duidelijk kunnen maken wat ze willen.
Taalvorm
 Geen rechte aandacht voor gesproken taal + niet of weinig gevarieerd brabbelen.
 Geen natuurlijke gebaren.
Vroegtalige fase (1 – 2;6j)
Diagnostisch onderzoek in deze fase mogelijk.
Vroegtijdige behandeling levert betere prognose op.
Taalgebruik
 Communicatieve intentieproblemen: interactie met omgeving is nodig ifv taalontw.
 Weinig contact tussen ouder en kind:
 Kind is weinig op anderen gericht, weinig aandacht voor dat anderen doen of
zeggen, weinig oogcontact, in zichzelf gekeerd.
o Géén oogcontact wijst vaak op ASS.
 Gezamenlijke aandacht is voorwaarde voor het leren van taal = joint attention.
 Protoconversaties ontbreken: om de beurt praten (hoeft niet verstaanbaar te zijn).
Taalvorm
 Begripsproblemen
 Belangrijk om tijdig op te sporen, want vaak hardnekkig.
 Moeilijker om te identificeren .
 In praktijk: niet of inadequaat reageren op opdrachten: moeite met uitingen.
Taalinhoud
 Beperkte woordenschat en conceptvorming: vaak gebruik van verwijswoordjes ipv
personen of voorwerpen.



4

Document information

Study
Uploaded on
May 22, 2021
Number of pages
39
Written in
2020/2021
Type
Summary
$10.63

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
3
Followers
3
Items
5
Last sold
4 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions