Onderzoeksmethoden in economie en
management: samenvatting
0 Inleiding
0.1 Wat is een masterproef?
Veel manieren om masterproef te definiëren!
Engelstalige definitie:
A dissertation is “a report on a major piece of primary research, which gives an account of a
student’s investigation into an issue, provides an analysis of the research and presents the
conclusions that are drawn from it
• Report: een neerslag van wat je hebt gedaan
• Major: omvangrijk werkstuk (als in: het is inhoudelijk groot, niet per se # pagina’s)
• Primary: iets origineel (geen plagiaat) & het voegt iets toe aan de literatuur
o Dus niet: een bestaand onderzoek herschrijven
• Analysis: niet puur beschrijvend (zoals bv. marktonderzoek): je moet iets verklaren of
uitleggen
• Conclusion: deze neerschrijven
Nederlandstalige definitie:
Een masterproef moet minimaal aantonen dat de student op kritische wijze kennis heeft
genomen van een onderwerp eigen aan de opleiding, en in staat is dit op een overzichtelijke,
geargumenteerde en gedocumenteerde wijze uiteen te zetten
• Onderwerp eigen aan opleiding: het moet duidelijk zijn dat een HI/TEW’er dit schreef
• Geargumenteerd: er mogen geen loze beweringen in staan: altijd bewijs nodig
0.1.1 Verwante termen
• Thesis: een stelling of betoog die wordt onderbouwd met bewijsmateriaal en literatuur
• Project: al de activiteiten die helpen aan het voltooien van een masterproef
• Onderzoeksvoorstel (proposal): document dat het project definieert, uitlegt waarom het
belangrijk is, en hoe het in zijn werk gaat
• Paper: kort document, geschikt voor presentatie op een academische conferentie of
journal. Kan zo een wetenschappelijk artikel worden
• Management report: een erg kort document voor presentatie aan managers en
beslissingsmakers: bevat de highlights
0.1.2 Masterproef: algemeen
• Schrijf voor een academisch doelpubliek
o Hoeft ook niet in moeilijke woorden: sec & duidelijk is beter
Academiejaar 2025-2026 1
,Vrije Universiteit Brussel
• Duidelijk scope afbakenen (en verantwoorden: waarom wel A, maar geen B?)
o Thematisch (wat ga je echt onderzoeken? → duidelijke definities)
o Geografisch (Europa, België, China, de VUB, Zuid-Korea, …)
o In de tijd (financiële bubbels: kan zowel ‘.com-bubbel’ als de ‘tulpenbubbel’ zijn)
o ‘Unit of observation: waarover ga je onderzoek doen? (specifieke onderneming, een
sector)
0.2 Het onderzoeksproces
Geen sequentieel proces: meerdere activiteiten lopen parallel en vaak stappen terugzetten
Bv: je zal nooit stoppen met literatuur lezen: nieuwe updates etc.
Zeer grof:
1. Zoek onderwerp & promotor
2. Verzamelen van materiaal (bibliografie)
3. Lezen & ordenen van materiaal (structureren)
4. Grondig bestuderen van onderwerp
5. Schrijven van masterproef: samenvoegen op overzichtelijke wijze
Dit alles is dus iteratief & met feedback (van bv. promotor)
6 stappen voor het schrijven van een masterproef:
1. Onderwerp kiezen en onderzoeksvragen formuleren
a. Ruwe ideeën vinden: uit eigen creativiteit of door literatuur te lezen
2. Kritische literatuurstudie
a. Literatuur zoeken, lezen & verwerken
3. Onderliggende theorie, conceptueel kader & constructen kiezen. Argumentatie van belang!
a. Vaak meerdere, tegenstrijdige theorieën
b. Conceptueel kader = ‘map’ die verschillende concepten samenvat, vaak
aangepaste versies van modellen en theorieën uit literatuur
c. Soort handleiding voor je onderzoek: je weet wat te meten & hebt hypotheses
4. Verzamelen/analyseren van onderzoeksmateriaal (data, interviews, coderen van interview)
5. Interpreteren van onderzoeksresultaten
a. Vaak vind je iets onverwachts!
6. Argumentatie, kadering en rapportering
→ veel trial & error: loopt door elkaar
Academiejaar 2025-2026 2
,Vrije Universiteit Brussel
→ je komt vaak terug op hetzelfde punt (je
schakelt tussen thinking en finding out;
confidence en confusion
Iets waarvan je dacht dat je het al wist, kan
opeens anders blijken
→ zoektocht
0.3 Kenmerken van wetenschappelijk onderzoek
Doelgericht Met duidelijke scope
Rigoureus Goede theoretische basis, goede methode kiezen, methode goed
uitwerken, …
→ je moet er werk insteken
Testbaar Hypothese moet te testen zijn (cf. deductie, zie later)
Repliceerbaar Als iemand zelfde onderzoek uitvoert, moet men zelfde resultaten
bekomen
→ Belang van vermelding van alle (meta)data: welke dataset gebruikte
je, wie waren respondenten (demografie), hoe data-analyse, …
• In praktijk weinig onderzoek herdaan: vaak tegenvallende resultaten +
lage kans op publicatie (er valt niks nieuws te rapen)
• Er wordt vaak tegen gezondigd!
o Steeds meer aandacht voor: alleen nog papers met 𝑛 voldoende
groot, aparte sectie in tijdschrift voor voorzien, …
Publication bias (vertekening): tijdschriften publiceren niet vaak onderzoek
zonder spectaculaire/unieke resultaten uit nieuwe onderzoeken
o Onderzoeken zonder verband tussen variabelen: amper
gepubliceerd
o Hierdoor: vertekening in literatuur, ook al zijn resultaten wel
correct!
o Gevolg: gekozen theorie aanpassen om verband te vinden…
§ Oplossing: op voorhand registreren wat je gaat doen, wat je
gebruikt, hoe je het gaat doen, …
Journal of negative results: publiceert onderzoek waar geen significant
verband werd gevonden (niet populair)
Sure journal: publiceert onderzoek dat niet verrassend is (niet populair)
Academiejaar 2025-2026 3
, Vrije Universiteit Brussel
Precies & Je kan (bijna) nooit iedereen bevragen (populatie te groot), dus er zal een
betrouwbaar foutenmarge zijn
Geef die foutenmarge weer!
(Meestal: sterretjes in correlatietabel
Objectief Cf. onderzoeksparadigma’s
Veralgemeenbaar De resultaten uit je steekproef moeten veralgemeenbaar zijn voor de
populatie (→ representatieve steekproef)
Interne validiteit: meet je wat je denkt te meten?
Externe validiteit: gaan bevindingen op buiten de steekproef?
• Crowd sourcing: enquêteplatform waar respondenten betaald
worden (maar dit is ook risico: online (geen ouderen), snel vanaf
maken, voorkennis respondenten, …) (vb: Amazon Mechanical Turk)
• Convenience sample: makkelijk te bereiken publiek (vb: studenten):
vaak groot verschil met de representatieve sample
• Big Data zorgt voor meer en makkelijkere dataverzameling
o Maar niet iedereen is altijd eerlijk, verkeerde percepties, …
→ let goed op met veralgemenen! Soms kan/mag je alleen een uitspraak
doen over jouw steekproef. Vermeld dit in paper!
“Parsimony” Beperk je analyses tot het noodzakelijke
→ alleen de variabelen die er echt toe doen
0.4 Deductie vs. inductie
DEDUCTIE INDUCTIE
Er is een theorie waarmee je een hypothese Specifieke fenomenen observeren en o.b.v.
opstelt, en die ga je vervolgens testen met observaties algemene conclusies afleiden
verzamelde data → patronen vinden in data
Meeste economische onderzoeken zijn 1 tegenvoorbeeld volstaat om een theorie te
deductief verwerpen (alleen maar witte zwanen tellen →
‘alle zwanen zijn wit’. Zodra er 1 zwarte is:
theorie ontkracht)
Hypothetico-deductief onderzoek
1. Probleem identificeren
2. Probleemstelling (doelgericht) definiëren
3. Hypotheses ontwikkelen
a. Testbaar & falsifieerbaar: doe er alles aan om deze te kunnen ontkrachten (test to
destruction). Academici zoeken naar fouten!
4. Constructen operationaliseren: proxy opstellen voor niet-/lastig-meetbare zaken
5. Data verzamelen
6. Data analyseren
7. Bevindingen interpreteren
a. Hypothese aanvaarden kan nooit. Wel: “de hypothese kan niet verworpen worden”
b. Ook kijken naar de implicaties
Academiejaar 2025-2026 4