FILOSOFIE: INTRODUCTIE
1) ESSENTIALLY CONTESTED CONCEPT
Oud begrip, veel debatten, visies, interpretaties, vragen, kaders
Waarom zo veelzijdig/terugkerend thema? Dubbele aard van het begrip:
descriptief & normatief.
Ongelijkheid is ethisch relevant wanneer zij als onrechtvaardig wordt ervaren. Maar…
Wanneer is ongelijkheid problematisch? Welke vormen van ongelijkheid
verdienen onze morele aandacht? Zijn er vormen van ongelijkheid die wel
verdedigbaar zijn (i.f.v. inspanning, verdienste,…)?
Welke middelen zijn legitiem en doeltreffend om dergelijke ongelijkheden aan
te pakken?
Wat zijn de oorzaken van de ongelijkheid (institutionele barrières,
vooroordelen, ongelijkheid van kansen in onderwijs, arbeidsmarkt, politieke
participatie)
Wat zijn gelijke kansen?
Hoe moeten we precies herverdelen, rechtzetten?
…
Waaier van vragen die kan leiden tot een waaier van antwoorden
Geen eensgezindheid Inzet van normatieve/politieke strijd “Iedereen is voor
gelijkheid…”
1
,Strikte gelijkheid?
2) PRELIMNINAIRE GEDACHTEN
PG 1 : FORMELE GELIJKHEID (FG)
KERNGEDACHTE
Meest eenvoudige en voor de hand liggende interpretatie van gelijkheid.
Consequent handelen: Gelijke gevallen moeten gelijk & ongelijke gevallen
ongelijk behandeld worden.
Wie in zelfde situatie zit, moet op gelijke manier recht gedaan worden. Wie
zich in ongelijke situatie bevindt, moet ongelijk behandeld worden.
Voorbeeld
Student A: Alle antwoorden correct 20/20
Student B: Alle antwoorden correct 20/20 12/20: ??
Student C: 5 Fouten 15/20 20/20: ??
Voordeel
Behandeling van mensen is afgestemd op de feitelijke gelijkheid/ongelijkheid
van hun situatie.
Morele aantrekking Morele intuïtie: “Behandel gelijke gevallen gelijk en
ongelijke gevallen ongelijk.” Basis voor het rechtsstelsel dat
2
, rechtszekerheid als onpartijdigheid garandeert. Besluitvorming mag niet
afhangen van willekeur, voorkeur, vriendjespolitiek, nepotisme,…
NADEEL 1
Het is een lege formule. Geen inhoudelijke precisie. Consistentie is niet per se
rechtvaardigheid
Het verplicht om consequent te handelen, maar specificeert niet wat precies
de kenmerken zijn die relevant zijn voor de gelijke/ongelijke behandeling. Wat
moeten we als (on)gelijk behandelen??
Gevolg: FG wordt ogenschijnlijk correct toegepast, maar leidt tot immorele
resultaten.
Vb. Aisha & Fatima
o Leven onder strikt discriminerende wet die vrouwen verbiedt om te
stemmen.
o FG: Alle vrouwen zoals A&F behandelen
o Deze toepassing van FG is moreel verwerpelijk, omdat het systematisch
een groep mensen uitsluit en hun fundamentele (politieke) rechten
ontzegt. Wanneer enkel op FG wordt gelet, dan worden vrouwen op
geen enkele manier beschermd tegen dergelijke immorele praktijken.
FG zorgt enkel voor consequentie: “Wie als gelijk wordt beschouwd,
moet gelijk behandeld worden, ongeacht of de behandeling zelf
rechtvaardig is of moreel aanvaardbaar.”
o Als het uitgangspunt immoreel is, kan FG de onrechtvaardigheid
bestendigen.
NADEEL 2
Ook bij ongelijke zaken ongelijk behandelen, ontbreekt een duidelijke richtlijn
over welke verschillen moreel relevant zijn.
Wanneer niet bepaald welke verschillen belangrijk zijn, kan er ruimte ontstaan
voor willekeur MAAR (!) FG was er net om willekeur tegen te gaan
Vb. Ziekenhuis
o Patiënten krijgen voorrang o.b.v. huidskleur en financiële status. In
lijn met FG. Maar, het is moreel verwerpelijk omdat het doorslaggevend
criterium de ernst van de medische toestand moet zijn.
PROPORTIONELE GELIJKHEID (PG)
Aristoteles wees op de beperkingen van FG en introduceerde daarom PG.
Rechtvaardigheid = “Het (on)gelijk behandelen van (on)gelijke gevallen, EN het
maken van een onderscheid obv relevante kenmerken zoals verdienste, capaciteiten
of behoeften.”
3
, Regel Ga na wat werkelijk relevant is in een situatie. Dit voorkomt dat
discriminerende kenmerken zoals ras, geslacht, afkomst,… als rechtvaardiging
dienen voor ongelijke behandeling.
PG 2: EGALITAIR PLATEAU
Definitie
Ronald Dworkin & Will Kymlicka
Morele gelijkwaardigheid als axioma
Verschillen spelen geen r
Autonomie Vermogen om zelf te bepalen hoe men het eigen leven wil
vormgeven. Dieren = instincten, overlevingsdrang. // Mensen:
overdenken van keuzes, levenspad uitstippelen. Soevereiniteit van het
geweten verdient bescherming.
3 Implicaties
IMPLICATIE 1: INFERIORITEIT EN SUPERIORITEIT
Wie beweert dat sommige mensen/groepen (vb. vrouwen, mensen met
donkere huidskleur, homoseksuelen, etc.) inferieur/superieur zijn, valt van het
plateau
Vrijheid van meningsuiting Niet oproepen tot discriminatie, slavernij,…
IMPLICATIE 2: AS EQUALS
Mensen moeten ‘as equals’ behandeld worden.
Gelijke mate van ‘respect’ & ‘zorg’ Sociale rechtvaardigheid
RESPECT: Rechtsstraat: strikte gelijkheid Dezelfde rechten en plichten
Discriminatie
ZORG: Verzorgingsstaat: Ongelijke behandeling in naam van gelijkheid
Extra middelen om kansen te egaliseren om leven naar eigen inzicht te leven.
IMPLICATIE 3: RESPECT & WAARDERING
Recht op gelijk respect
Geen recht op gelijke waardering
RESPECT
Axel Honneth
Institutional respect: Respect obv gelijke morele status, en niet obv
uitzonderlijke prestaties of kwaliteiten. Nood aan sociale, politieke, juridische
instituties.
4