Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

(Geslaagd 1ste zit) Volledige samenvatting - Personen en familierecht - Frederik Swennen | UA | 2025/26

Rating
4.0
(1)
Sold
13
Pages
129
Uploaded on
10-05-2026
Written in
2025/2026

Volledige samenvatting van personen- en familierecht, gebaseerd op de lessen en het handboek van Frederik Swennen. Inclusief verwijzingen naar alle relevante wetsartikels + inhoudsopgave op het einde.

Institution
Course

Content preview

Personen- en familierecht 2025-2026
Universiteit Antwerpen - Frederik Swennen

Hoofdstuk 1: niet kennen

Hoofdstuk 2. Personen
Afdeling 1: waarover gaat het?
Antropocentrisch recht

- Mens is het middelpunt van recht
- Enkel natuurlijke personen en rechtspersonen (gecreëerd door de mens) kunnen
deelnemen aan het recht.
- Personen zijn bestemmeling van het objectief recht dat hen subjectieve
rechten/plichten toekent

Personen, voorwerpen en dieren
Basisonderscheid

In het recht bestaan er drie categorieën: personen, voorwerpen en dieren

- Alle entiteiten behoren tot één categorie
- Iets kan niet tot meerdere of geen enkele categorie behoren

Het recht regelt enkel relaties tussen personen.

- Niet tussen personen en voorwerpen of tussen voorwerpen onderling
- Eigendomsrecht is iets dat andere personen moeten respecteren
- Voorwerpen/dieren kunnen wel voorwerp uitmaken van een recht

Dieren

- Art. 7bis Gw.: Overheid moet streven naar bescherming en zorg voor dieren als wezens
met gevoel
- Art. 3.38 BW: Dieren zijn een derde categorie naast voorwerpen en personen
- Art. 3.39 BW: dieren hebben gevoelsvermogen en biologische noden

Er bestaat heden nog geen invulling voor de rechtscategorie dier. De regeling van voorwerpen
blijft van toepassing op dieren.

Andere dragers van leven

Planten, water, lucht…

- Enkel beschermd via beperking van subjectieve rechten van personen

Levenloze entiteiten

Cultuurgoederen (art. 3.2 BW)

- Enkel beschermd via beperking van subjectieve rechten van personen

1

,Afdeling 2. De Natuurlijke persoon
§1. De Mens
- Medisch gedefinieerd
- Elk wezen, uit een mens geboren op basis van menselijke gameten
- Verbod om hybride mensen (mens/dier) te creëren

§2. Vanaf de geboorte
A. Levende (en levensvatbare) geboorte
Rechtspersoonlijkheid vat aan vanaf datum en uur van levende en levensvatbare geboorte (art.
3.13; 4.4 tweede lid en 4.137 derde lid BW + art. 44, 1° en 331bis oud BW)

Geboorte: vanaf men levend (en levensvatbaar) uit de baarmoeder is gekomen. Wordt
vastgesteld door een arts of vroedvrouw (art. 42 en 58§3 oud BW)

Levend: enig teken van leven geven zoals in- en uitademen. Vastgesteld door een arts of
vroedvrouw (art. 58, §3 oud BW).

Levensvatbaar : Enkel vereist in sommige wetsbepalingen.

- Niet vereist voor het bestaan als natuurlijk persoon
- Geen definitie voor levensvatbaar
- Weerlegbaar vermoeden van niet-levensvatbaarheid tijdens eerste 180 dagen van
zwangerschap (art. 58§1 en art. 326 oud BW)

Akte van geboorte

- Eerst: Medisch attest opgesteld door arts of vroedvrouw (art. 58§1 oud BW)
- De verantwoordelijke van de kraaminrichting, arts of vroedvrouw moet dit attest uiterlijk
de eerstvolgende werkdag bezorgen aan ambtenaar v.d. burgerlijke stand van de
geboorteplaats (art. 42 oud BW)
- Ouders, of één van hen, doen binnen 15 dagen aangifte bij dezelfde ambtenaar (art. 43
oud BW)
- De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt dan de akte van geboorte op
o Bevat datum, plaats, uur, naam, voornamen, geslacht en gegevens van ouders
indien bekend (art. 44 oud BW)
- Art. 45 – 47 oud BW: regeling voor vondelingen en geboortes op schip/vliegtuig

Akte van geboorte en van overlijden

Overlijdt een kind na geboorte maar voor de aangifte, moet er toch een akte van geboorte
opgesteld worden, meteen gevolgd door een akte van overlijden. Het kind heeft wel
rechtspersoonlijkheid gehad.




2

,B. Doodgeboorte
Begrafenis/crematie:

- Voor 180 dagen zwangerschap op vraag van ouders
- Vanaf 180 dagen zwangerschap verplicht

Akte van een levenloos kind (art. 58-59 oud BW):

- Indien arts/vroedvrouw vaststelt dat kind reeds overleden is bij geboorte
- Zij stellen een medisch attest op
- Ambtenaar burgerlijke stand maakt akte van levenloos kind
o Vanaf 180 dagen zwangerschap: Verplicht
o Tussen 140 en 180 dagen: op vraag van moeder, vader of mee moeder
o Onder 140 dagen: onmogelijk
- Akte heeft slechts rechtsgevolgen in de bij wet bepaalde gevallen
- Verplichte vermeldingen (art. 59, 1° - 4° oud BW):
o Datum, plaats, uur bevalling
o Geslacht
o Zwangerschapsduur
o Gegevens
- Vermelding voornaam: op verzoek moeder, vader of meemoeder (art. 59, 5° oud BW)
- Vermelding naam: enkel vanaf 180 dagen zwangerschap én verzoek ouders (art. 59, 6°
oud BW)
o Bepaling naam: zelfde regels van toepassing als bij levende kinderen

C. Nog geen geboorte
Infans-conceptus regel:

Infans conceptus pro iam nato habetur quoties de commodis eius agitur : “een verwekt kind word
als reeds geboren beschouwd, telkens dit in zijn belang is”

- Regel geldt enkel onder voorwaarde dat het kind nadien levend en levensvatbaar geboren
wordt
- Kind heeft met terugwerkende kracht, vanaf geboorte, rechtspersoonlijkheid vanaf het
moment van verwekking (i.e. vanaf bestaan in de baarmoeder)

Verwekking: vermoeden van verwekking tussen 180 en 300ste dag voor geboorte

Wettelijke toepassingen: art. 3.13, art. 4.4 en art. 4.137 BW en art. 328§3 oud BW

- Verwekt kind kan zakelijke rechten hebben, erven, giften krijgen en erkend worden

Wrongful-life vordering: stelling dat een persoon met een zware handicap beter niet had geleefd.
De gehandicapte persoon stelt een schadevordering in tegen diegene die ervoor heeft gezorgd
dat de gehandicapte persoon toch geboren is, daar ze beter aan zwangerschapsafbreking
hadden gedaan (bv. foute resultaten bij nipt-test).

- HvC verwerpt deze vordering




3

,Prenatal-injury vordering: vordering van het kind tegen de persoon die de handicap veroorzaakt
heeft (bv. rokende moeder).

HvC: verwerpt idee dat infans-conceptus regel een algemeen rechtsbeginsel is

Focus: Het menselijk leven voor de geboorte
Infans-conceptus regel biedt enkel ‘bewarende bescherming’ indien kind nadien levend en
levensvatbaar geboren wordt.

- Voor geboorte is een kind juridisch een voorwerp (hoewel HvJ en EHRM zich hiertegen
verzet op bepaalde vlakken. Bv. mogen niet beschouwd worden als eigendom van de
moeder)

Bescherming van verwekt menselijk leven

Rechtspersoonlijkheid:

- Het EHRM spreekt zich niet uit over de rechtspersoonlijkheid van ongeboren leven. Het
laat de lidstaten zelf bepalen.
- Belgische hoogste rechtscolleges: ongeboren leven niet dezelfde rechten als natuurlijke
personen

Menswaardigheid:

- Ongeboren leven heeft geen rechtspersoonlijkheid maar krijgt wel bescherming in het
licht van menswaardigheid

Bescherming van nog niet verwekt menselijk leven

= voor verwekking (bestaan in de baarmoeder)

- Mogelijkheid tot invriezen van ei/zaakcellen
- HvJ en EHRM verzet zich tegen de kwalificatie van deze zaken als voorwerp
- Worden echter niet beschermd door infans-conceptus regel

§3. Tot aan het overlijden
A. Overlijden
- Geen juridisch begrip, gewone taalkundige betekenis
- Vastgesteld door arts die een overlijdensattest opstelt (art. 55 § 1 oud BW)
- Overleden persoon noemt ‘lijk’ of ‘stoffelijk overschot’
- Voor orgaantransplantatie dient overlijden vastgesteld te worden door 3 onafhankelijke
artsen

Akte van overlijden

- Opgesteld door ambtenaar burgerlijke stand na ontvangen overlijdensattest
- Bevat (indien bekend) (art. 56 oud BW):
o Naam + voornaam
o Geboortedatum en -plaats
o Plaats, datum en uur van overlijden of van de vaststelling van het overlijden indien
die van het overlijden zelf niet meer bepaald kunnen worden

4

,B. Afwezigheid (art. 112-125 oud BW)
Wanneer onzeker is of een persoon nog leeft of niet (i.e. vermist)

1. Vermoeden van afwezigheid
Voorwaarden (cumulatief):

- Persoon is gedurende meer dan drie maanden niet in zijn woonplaats verschenen
- Men heeft gedurende meer dan drie maanden geen nieuws over persoon ontvangen
- Daaruit vloeit onzekerheid voort of hij nog in leven is

Gevolgen

- Vermoeden van afwezigheid wordt vastgesteld door rechter
- Goederen
o worden beheerd door zijn algemeen gevolmachtigde
o Indien geen gevolmachtigde aangesteld, wijst de rechter een bewindvoerder aan
- Kinderen
o Voogdijrecht wordt toegepast (art. 125 oud BW)
o Indien afwezige enige voogd => voogdij valt open
o Indien er een andere ouder is => deze oefent gezag alleen verder uit (art. 375 oud
BW)
o Afwezige wordt niet automatisch meer vader of meemoeder van kinderen van
wie diens echtgenote meer dan 300 dagen na dienst verdwijning bevalt (art. 316
en 325/2 oud BW)
- Huwelijk/wettelijk samenwonen
o Geen onmiddellijke gevolgen
o Wel bescherming van achterblijvende (art. 214 tweede lid en art. 220 oud BW)
- Procureur des Konings waakt over belangen van de vermoedelijk afwezige persoon (art.
112 § 2 oud BW)

Einde

1. Persoon keert terug of men ontvangt nieuws van hem
a. Vermoedelijk afwezige persoon kan derdenverzet aantekenen tegen de
gerechtelijke vaststelling van het vermoeden van zijn afwezigheid
b. Vrederechter beëindigt het bewind
c. Maatregelen i.v.m. gezag over kinderen vervallen
d. Vaderschapsregel (art. 316) blijft van toepassing
2. Overlijden wordt vastgesteld
a. Bewind wordt beëindigd
3. Verklaring van afwezigheid wordt uitgesproken

2. Verklaring van afwezigheid
Toepassingsvoorwaarden (niet cumulatief) (art. 118 oud BW):

- 5 jaar verstreken sinds vaststelling van vermoedelijke afwezigheid
- 7 jaar geen nieuws ontvangen over afwezige persoon (zonder voorafgaande vaststelling
van vermoedelijke afwezigheid)


5

, - Verzoek moet gepubliceerd worden in (art. 119 oud BW):
o Belgisch staatsblad
o 2 lokale dagbladen
o 1 nationaal dagblad
- Verklaring van afwezigheid kan pas één jaar na bekendmaking gebeuren (art. 119-10
oud BW)

Gevolgen:

- Rechter spreekt verklaring van afwezigheid uit (art. 118 oud BW)
- Op basis daarvan wordt akte van afwezigheid opgesteld door ambtenaar van burgerlijke
stand (art. 61 oud BW)
- Dezelfde gevolgen als overlijden vanaf datum van de opmaak van akte van afwezigheid
(art. 121 § 2 oud BW)

Terugkeer van betrokkene:

- Akte van afwezigheid kan worden verbeterd via vordering tot verbetering (art. 35 + 122
oud BW)
- Het vonnis houdende verbetering wordt eveneens bekendgemaakt conform art. 119 oud
BW)

C. Gerechtelijke verklaring van overlijden (art. 126 – 135 oud BW)
Wanneer persoon in levensbedreigende omstandigheden is verdwenen (bv. vliegtuigcrash).
Men noemt dit een ‘verdwenen persoon’.

Toepassingsvoorwaarden (cumulatief) (art. 126 oud BW):

- 1. Er is geen akte van overlijden
- 2. Persoon is in levensbedreigende omstandigheden verdwenen
- 3. Geen identificeerbaar lijk teruggevonden
- 4. Overlijden kan als zeker beschouwd worden

- Verzoek tot gerechtelijk overlijden verklaring kan facultatief, op initiatief van de
rechtbank gepubliceerd worden in het BS
- Tijdens procedure worden enkele ad-hoc beschermingsmaatregelen ingesteld voor het
vermogen van de verdwenen persoon (art. 128 oud BW)

Gevolgen

- Rechtbank stelt gerechtelijke verklaring van overlijden op
- Datum van overlijden wordt bepaald door de rechter (art. 131 oud BW)
- Ambtenaar van de burgerlijke stand stelt akte van overlijden op (art. 132)

Terugkeer:

- Bij terugkeer van de persoon wordt de akte van overlijden verbeterd via de procedure tot
verbetering van een akte van de burgerlijke stand (art. 35 + 134 eerste en tweede lid oud
BW)
- De verbetering wordt bekendgemaakt conform art. 119 oud BW

6

,Focus: het menselijk leven na de dood
Overleden persoon valt puur juridisch in categorie van voorwerpen (net zoals niet-geboren
leven). De menselijke waardigheid biedt daarbij toch bescherming (bv. lijkschennis).

Staat van de overledene: kan post-mortem worden vastgesteld indien daartoe belang bestaat:

- Toekenning Belgische nationaliteit aan een kind van een overleden Belg
- Nietigverklaring huwelijk
- Vestiging of betwisting afstamming
- Beslissing adoptieprocedure die voor overlijden werd gestart

Vermogen van de overledene: blijft in beperkte mate bestaan, zelfs na overlijden. Bv. er kunnen
onderhoudsvorderingen tegen een nalatenschap worden ingesteld.

Persoonlijkheidsrechten: 2 benaderingen

1. Objectiefrechtelijke bescherming
a. = bescherming van het algemeen belang, niet dat van de overledene persoon
zelf
b. Bv. verbod op lijkschennis
2. Bescherming van private belangen van de overledene
a. Zeggenschap over vermogen: testament
b. Zeggenschap over lijk: bv. orgaandonatie

Afdeling 3. De menselijke persoon en zijn persoonlijkheidsrechten
§1. Waarover gaat het?
Persoonlijkheidsrechten geven een natuurlijk persoon zeggenschap over bepaalde belangen

Dit is tweeledig: Enerzijds zelfbeschikkingsrecht en anderzijds negatief afweerrecht t.o.v. derden

Horizontale werking: persoonlijkheidsrechten beschermen iemands persoonlijkheid t.o.v.
andere deelnemers in de rechtsgemeenschap

- Tegenover de overheid
- Tussen burgers onderling

Kwalificatie:

Persoonlijkheidsrechten worden individueel op verschillende wijzen gekwalificeerd, met
verschillende gevolgen;

- Vrijheid of belang: bij schending moeten regels van buitencontractuele aansprakelijkheid
gevolgd worden, schade, fout en oorzakelijk verband moeten aangetoond worden door
het slachtoffer
- Subjectief recht: de wetgever kan een persoonlijkheidsrecht opnemen als subjectief
recht in wetgeving met vastgelegde sancties in geval van schending. Het slachtoffer moet
bij schending zelf geen fout en schade meer aantonen.




7

,§2. Kenmerken
1. Algemeen: iedereen is in principe gelijke (mogelijke) drager van persoonlijkheidsrechten. Ze
worden niet voorbehouden voor bepaalde categorieën van mensen. Ook mensen die wils- en
handelingsonbekwaam zijn hebben persoonlijkheidsrechten, hoewel ze deze soms niet zelf uit
kunnen oefenen.

2. Absoluut: persoonlijkheidsrechten zijn tegenstelbaar aan iedereen, zowel de staat als burgers

- Negatieve bescherming/afweerrecht: geen inmenging van derden
- Positief zeggenschap/zelfbeschikkingsrecht: keuze over eigen leven

Absoluut karakter ook tweeledig in het kader van belangenafweging:

- Individuele belangen: het recht van één persoon mag het recht van anderen niet schaden
- Algemeen belang: het recht van één persoon mag het algemeen belang niet schaden

3. Extrapatrimoniaal: persoonlijkheidsrechten vallen buiten iemands vermogen. Ze zijn:

- Niet vatbaar voor beslag
- Niet vatbaar voor zijdelingse vordering
- Niet overerfbaar

=> Nuancering:

- Mogelijkheid om contracten te sluiten over persoonswaarden (model, zanger, schrijver)
- Schending van persoonlijkheidsrechten wordt wel financieel vergoedt

4. Onvervreemdbaar: je kan je persoonlijkheidsrechten niet doorgeven aan iemand anders. (Bv.
je kan je zelfbeschikkingsrecht niet doorgeven opdat iemand anders over je lichaam zou
beslissen)

=> dit maakt ze ook onverjaarbaar en niet vatbaar voor verkrijgende verjaring

5. Geen algemene vertegenwoordiging: algemene vertegenwoordiging/lastgeving voor
persoonlijkheidsrechten is onmogelijk (met uitzondering voor meerderjarige beschermde
personen en minderjarigen). Een specifieke vertegenwoordiging/lastgeving voor een
persoonlijkheidsrecht is wel mogelijk.

§3. Overzicht
Art. 8 EVRM: gelet er geen vaste indeling van persoonlijkheidsrechten bestaat, is artikel 8 EVRM
(recht op eerbiediging van privéleven) een eerste aanknopingspunt. Het EHRM legt dit recht uit
als de binnenste cirkel waarbinnen een individu zijn leven vormt en beleeft. Deze cirkel bevat de:

- Fysieke, psychische, morele en sociale identiteit/integriteit

Het recht omvat eveneens de mogelijkheid om relaties met anderen aan te knopen, te
ontwikkelen en te beëindigen (juncto artikel 12 EVRM, recht op huwen/gezin stichten).

In België worden persoonlijkheidsrechten opgedeeld. De volgenden hebben te maken met
personen- en familierecht:




8

,Het lichaam
= bescherming van de fysieke persoonlijkheid

- Fysieke vrijheid (art. 12 Gw.): verbod op wederrechtelijke vrijheidsberoving
- Menswaardig leven (art. 23 Gw.): bescherming van gezondheid
- Fysieke integriteit: bescherming tegen aantasting door anderen (geweld) +
beslissingsrecht over eigen lichaam (bv. orgaandonatie)
o Voor geboorte: wetgeving inzake abortus
o Na overlijden: bescherming via strafwet (lijk- en grafschennis)

Focus 5: Het rechtop een menswaardig levenseinde

Volgens het EHRM bevat het recht op leven (art. 2 EVRM) geen recht om te sterven. Er bestaat
geen algemeen recht om te sterven al verzet de huidige maatschappelijke opvattingen zich
daartegen. Daarom bestaan er toch procedures in het Belgisch recht:

2 soorten:

- Passieve levensbeëindiging: het niet opstarten/verderzetten van levensreddende
behandeling in uitzichtloze situaties (art. 8/1 Wet Patiëntenrechten)
- Actieve levensbeëindiging: euthanasie (Euthanasiewet)
o Het kiezen hoe men zijn leven beëindigt valt volgens het EHRM binnen het recht
op privéleven (art. 12 EVRM)
o Het recht moet echter worden afgewogen tegen het algemeen belang en de
rechten van anderen.
▪ Algemeen belang: Lidstaten mogen euthanasie verbieden als er als
alternatief kwaliteitsvolle gezondheidszorg voor handen is.
▪ Rechten van anderen: bv. ongeboren kind van moeder met
euthanasiewens. Familieleden kunnen zich niet beroepen op dit recht en
hebben geen invloed op de euthanasiebeslissing.

De individualiteit
- De afbeelding
- De stem
- De naam
- De erkenning van gender en geslachtswijziging
- De kennis over eigen identiteit met inbegrip van voorgeschiedenis en herkomst
- Vrijheid van beroep

Gedachte(n)(goed), gevoelens en gedrag
Het belangrijkste persoonlijkheidsrecht is het recht op eerbiediging van privéleven (art. 22 Gw.).
De bescherming biedt zich voornamelijk in het verbod op inmenging alsook in het niet mogen
openbaar maken van iemands privéleven.

Dit wordt bereikt via verscheidene andere persoonlijkheidsrechten zoals o.a. onschendbaarheid
van de woning, communicatiegeheim en beroepsgeheim.

Niet enkel de inhoud van het privéleven wordt beschermd maar ook de dragers waarop dit te
vinden is (bv. brieven, e-mails, foto’s…).

9

, Affectieve en seksuele betrekkingen vallen binnen dit recht.

Er zijn echter kan het privéleven beperkt worden door het algemeen belang (bv. verbod op
seksuele activiteiten in het openbaar of de bekendmaking van iemands naam bij veroordeling).

Groepstoebehoren: collectieve persoonlijkheidsrechten
Sommige persoonlijkheidsrechten beschermen het lidmaatschap tot een groep. Deze
persoonlijkheidsrechten noemt men collectieve persoonlijkheidsrechten.

- Bekendste: Familiale persoonlijkheidsrechten: deze kunnen worden opgedeeld in
verschillende rechten:
o Ten eerste: beschermen iemands belangen als lid van een familie (bv. het recht
op een deel van het stoffelijk overschot van een overleden familielid)
o Ten tweede: familiale rechten (= het recht om een relatie te starten/beëindigen)
o Ten derde: eerbiediging van gezins- en familieleven (beleving van familiale
relaties) (bv. naamkeuze van kinderen)
- Andere: ook voor ruimere groepen zoals etnische groepen

Collectieve persoonlijkheidsrechten zijn geen recht om lid te worden of blijven van een groep. Er
is geen recht om nationaliteit, burgerschap, verblijfsrecht te verwerven of behouden.

Wel kan de beslissing tot verwerven of ontnemen van een lidmaatschap een schending van art.
8 EVRM uitmaken indien het één van de beschermde criteria als reden gebruikt (bv. iemand geen
burgerschap geven omdat hij homoseksueel is).

Processuele persoonlijkheidsrechten
= persoonlijkheidsrechten tijdens het verloop en na afloop van een gerechtelijke of
administratieve procedure. Bv. vermoeden van onschuld, recht op afbeelding, recht op
eerbiediging van privéleven.

Deze moeten worden afgewogen tegen het recht op informatie (bv. bekendmaking van identiteit
van een veroordeelde)

Afdeling 4. De juridische persoon en zijn staat
§1. De Staat
A. Waarover gaat het?
De staat is één van de drie zaken die iemands rechtstoestand bepaalt:

- Hebben (vermogen)
- Mogen (staat)
- Zijn (belichaming/bezieling)

Hebben: het vermogen dat bestaat uit het geheel van diens goederen en verbintenissen (art.
3.35 BW)

Mogen: rechtspersoonlijkheid. Omvat het geheel van iemands gerechtigdheden om deel te
nemen aan de rechtsgemeenschap.

In welke mate iemand kan deelnemen hangt af van de categorieën waartoe hij wordt ingedeeld.
De indeling gebeurt op basis van iemands staat.

10

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
May 10, 2026
Number of pages
129
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$17.66
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
1 month ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
lv10 Universiteit Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
26
Member since
6 months
Number of followers
1
Documents
4
Last sold
1 hour ago
Lucas V.

4.0

6 reviews

5
1
4
4
3
1
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions