• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 36 pagina's
College aantekeningen

Quantitative Research Methods | Samenvatting Pre master Business Administration| VU | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 36 pagina's

Volledige samenvatting van Quantitative Research Methods voor de Pre-Master Business Administration aan VU Amsterdam, gebaseerd op de lezingen van week 1 tot 5 en het boek van Huntington-Klein. De samenvatting behandelt de fundamenten van kwantitatief onderzoek, validiteit en betrouwbaarheid, lineaire regressie, hypothesetoetsing, moderatie en mediatie, allemaal uitgelegd met praktische voorbeelden en duidelijke redeneringen. Ideaal voor examenvoorbereiding: elk concept wordt toegankelijk uitgelegd voor beginners, met een handige cheat sheet aan het einde waarin alle essentiële punten per week zijn samengevat.

Voorbeeld van de inhoud

Quantitative Research Methods
Volledige samenvatting (Lectures week 1 t/m 5 + boek Boek Huntington-Klein )

Dit document is bedoeld voor mensen die het vak Quantitative research methods volgen aan de
Vrije Universiteit voor hun Pre-master. In deze samenvatting wordt elk begrip uitgelegd alsof het
de eerste keer is dat je het hoort, met voorbeelden en de redenering erachter. De stof bouwt op:

- Week 1 = het fundament (wat is onderzoek, wat is een goede vraag, wat is een theorie).
- Week 2 = hoe weet je of je meting deugt (validiteit & reliability) + hoe beschrijf je data
(descriptives, distributies, correlatie).
- Week 3 = hoe modelleer je verbanden tussen variabelen (lineaire regressie, OLS,
omitted variable bias).
- Week 4 = hoe weet je of je verband écht is en niet door toeval (hypothesetoetsing, t-
waardes, p-waardes) + welke regressievariant gebruik je voor verschillende soorten
variabelen.
- Week 5 = de "voor wie" en "via wat" vragen (moderatie en mediatie).

Helemaal onderaan staat één gecombineerde cheat sheet met alles wat je per week absoluut
moet onthouden!!!




Inhoudsopgave
- Week 1 — Wat is kwantitatief onderzoek en wanneer doe je het?
- Week 2 — Validiteit, betrouwbaarheid en het beschrijven van data
- Week 3 — Lineaire regressie en omitted variables aanpakken
- Week 4 — Welke toets wanneer + hypothesetoetsing
- Week 5 — Moderatie en Mediatie
- Cheat sheet — alles op één plek




Week 1 — Wat is kwantitatief onderzoek en
wanneer doe je het?
Week 1 gaat niet over rekenen, maar over denken. Voordat je iets meet, moet je weten
waarom je het meet en wat een goede onderzoeksvraag is. Als de vraag rot is, helpt geen
statistiek je nog.

,1.1 Wat is kwantitatief onderzoek?
Kwantitatief onderzoek = een onderzoeksvraag beantwoorden door numerieke
data te verzamelen en die te analyseren met wiskundige methoden (vooral
statistiek).

Het keiwoord is numeriek. Je drukt observaties uit in getallen (lengte in cm, aantal
aanmeldingen, score op een schaal van 1–7) zodat je er statistiek op los kunt laten. Dat staat
tegenover kwalitatief onderzoek, waar je werkt met tekst, interviews en betekenissen.


1.2 Twee soorten kwantitatief onderzoek

Descriptief (beschrijvend) — vraag: "Wat?"
Je wilt een toestand of verandering in cijfers vatten, zonder per se te verklaren waarom.

- "Hoeveel premasterstudenten zijn er ingeschreven?"
- "Welke AirBnB-eigenaren hebben de hoogste boekingsgraad?"
- "Stijgt het aantal premasterstudenten ten opzichte van vorig jaar?"


Inferentieel (verklarend) — vraag: "Waarom?"
Je wilt relaties testen of iets verklaren.

- "Wat is het verband tussen het zelfvertrouwen van studenten en hun gemiddelde cijfer?"
- "Welke factoren veroorzaken veranderingen in studieprestatie over tijd?"

Het belangrijkste verschil: descriptief beschrijft wat er is; inferentieel doet uitspraken over
oorzaken of populaties op basis van een steekproef.


1.3 Waarom hebben we kwantitatief onderzoek nodig?
- Het is een gereedschapskist om de (sociale) wereld te bestuderen via de
wetenschappelijke methode.
- Het beperkt de invloed van eigen aannames die ons interpretatievermogen vertekenen.
- Voor sommige onderwerpen is het, gezien wat al bekend is, de enige zinvolle manier om
iets toe te voegen.
- Het is de enige manier om causale relaties vast te stellen (oorzaak-gevolg, niet alleen
samenhang).


Belief bias — waarom je je intuïtie niet altijd kunt vertrouwen
Belief bias = de neiging om een argument waar te vinden als de conclusie strookt met je eigen
overtuigingen, ongeacht of de redenering logisch klopt. Dit is precies waarom we onderzoek
doen in plaats van te vertrouwen op wat we "weten". Onze hersenen liegen tegen ons.

,1.4 Wanneer is kwantitatief onderzoek geschikt?
Niet altijd. Kwantitatief werkt het best wanneer je:

- een duidelijke, meetbare onderzoeksvraag hebt,
- toegang hebt tot voldoende numerieke data,
- bestaande theorie hebt om op te bouwen of te toetsen.

Voor exploratieve, betekenis-gerichte vragen ("hoe ervaren mensen X?") is kwalitatief
onderzoek vaak beter.


1.5 Wat is een goede onderzoeksvraag?
Een goede onderzoeksvraag voldoet aan drie eisen:

- Beantwoordbaar én verdient een antwoord (de "so what?"-test: is het de moeite
waard?).
- Vergroot ons begrip van hoe de wereld werkt.
- Voedt theorie — het antwoord doet er theoretisch toe, niet alleen praktisch.


Checklist (uit Huntington-Klein, hoofdstuk 2)
- Potentiële uitkomsten: kun je vooraf iets interessants zeggen over wat de mogelijke
antwoorden zouden betekenen? Zo niet, dan is je vraag waarschijnlijk niet sterk
verbonden aan theorie.
- Haalbaarheid: kun je de juiste data krijgen?
- Schaal: heb je tijd en middelen om het uit te voeren?
- Design: kun je een onderzoeksopzet bedenken die de vraag echt kan beantwoorden?
- Houd het simpel.


1.6 Wat is een theorie?
Theorie = een verklaring van relaties tussen concepten of gebeurtenissen
binnen een bepaalde context (boundary conditions).

Een goede theorie vereenvoudigt complexe werkelijkheid en verklaart waarom dingen
samenhangen. Het is geen losse hypothese en ook geen uitgebreide beschrijving — het is een
set redenen waarom dingen gebeuren zoals ze gebeuren.


Vier elementen van een goede theorie
- What — constructen en variabelen die in de verklaring horen. (Wat speelt er een rol?)
- How — proposities en hypothesen die de verbanden ertussen aangeven. Vaak causaal.
(Hoe hangen ze samen?)

, - Why — de "lijm": de redenering die uitlegt waarom die concepten bij elkaar horen en
waarom hun verband zo zou moeten zijn.
- Who, where, when — onder welke omstandigheden geldt de theorie? (De grenzen van
de generaliseerbaarheid.)

Als één van deze ontbreekt, is je theorie wankel.


Construct vs. variabele
Een construct is een abstract idee dat je niet direct kunt meten (bv. "intelligentie",
"tevredenheid", "leiderschap"). Een variabele is de concrete meting die je gebruikt om dat
construct te benaderen (bv. IQ-score voor intelligentie). Eén construct kan via meerdere
variabelen gemeten worden.


1.7 Het Data Generating Process (DGP)
Dit is een van de belangrijkste concepten van het hele vak.

Data Generating Process = het volledige, complexe proces in de echte wereld dat
de data produceert die jij waarneemt.

Jouw theoretisch model is altijd maar een kleine simplificatie van dat proces. In de echte
wereld hangen dingen samen via tientallen kanalen die je niet allemaal in je model stopt.

Waarom is dit belangrijk? Omdat je geloofwaardige claims wilt maken over het hele DGP. Je
moet snappen welke variatie in je data je vraag beantwoordt en welke ruis is. Als je het DGP
niet doordenkt, kun je verbanden vinden die nergens over gaan.


Promotion vs. prevention focused vragen
Een voorbeeld uit de slides: stel je vraag is "Hoe beïnvloeden eigenschappen van oprichters de
funding van een startup?" Je kunt dit op twee manieren benaderen:

- Promotion-focused: wat doen oprichters die succes opzoeken? (Groei, kansen.)
- Prevention-focused: wat doen oprichters die risico's vermijden? (Veiligheid,
voorzichtigheid.)

Het idee: dezelfde uitkomst (funding) kan via heel verschillende paden in het DGP ontstaan.
Een goed model maakt expliciet welk pad je bedoelt.


1.8 Wat doet een goed onderzoeksdesign?
1. Gebruikt theorie om het DGP zo accuraat mogelijk te schetsen.
2. Identificeert alternatieve verklaringen — andere redenen waarom je data eruit kan zien
zoals het eruit ziet, die niets met je onderzoeksvraag te maken hebben.

Inhoudsopgave

  1. 01 Quantitative Research Methods 1
  2. 02 Volledige samenvatting (Lectures week 1 t/m 5 + boek Boek Huntington-Klein ) 1
    1. Inhoudsopgave 1
  3. 03 Week 1 — Wat is kwantitatief onderzoek en wanneer doe je het? 1
    1. 1.1 Wat is kwantitatief onderzoek? 2
    2. 1.2 Twee soorten kwantitatief onderzoek 2
    3. 1.3 Waarom hebben we kwantitatief onderzoek nodig? 2
    4. 1.4 Wanneer is kwantitatief onderzoek geschikt? 3
    5. 1.5 Wat is een goede onderzoeksvraag? 3
    6. 1.6 Wat is een theorie? 3
    7. 1.7 Het Data Generating Process (DGP) 4
    8. 1.8 Wat doet een goed onderzoeksdesign? 4
    9. 1.9 Kernbegrippen uit Huntington-Klein hoofdstuk 1 & 2 5
  4. 04 Week 2 — Validiteit, betrouwbaarheid en het beschrijven van data 5
    1. 2.1 Validiteit — meet je wat je wilt meten? 5
    2. 2.2 Vier bedreigingen voor validiteit 6
    3. 2.3 Betrouwbaarheid — meet je consistent? 7
    4. 2.4 Beschrijvende statistiek — de eerste kennismaking met je data 8
    5. 2.5 Soorten variabelen (uit Huntington-Klein hoofdstuk 3) 9
    6. 2.6 Distributie van één variabele 9
    7. 2.7 Symbolen die je vaak ziet (woordenlijst) 11
    8. 2.8 Beschrijven van relaties — conditionele gemiddelden 11
    9. 2.9 Correlatie 12
    10. 2.10 Eerste kennismaking met regressie 13
  5. 05 Week 3 — Lineaire regressie en omitted variables aanpakken 13
    1. 3.1 Het simple linear regression model 14
    2. 3.2 OLS — Ordinary Least Squares 14
    3. 3.3 BLUE en de aannames van OLS 15
    4. 3.4 Wat als deze aannames niet kloppen? 16
    5. 3.5 Omitted variable bias (en hoe je het oplost) 17
    6. 3.6 Conditional conditional means — wat "controleren" eigenlijk doet 18
  6. 06 Week 4 — Welke toets wanneer + hypothesetoetsing 18
    1. 4.1 Soorten regressie op één rijtje 19
    2. 4.2 Binaire (dummy) variabelen — de t-test verkleed als regressie 19
    3. 4.3 Categorische variabelen met meer dan twee categorieën 20
    4. 4.4 Wat als je DV níét continu is? 22
    5. 4.5 Hypothesetoetsing — het hart van week 4 22
    6. 4.6 Een typische regressie-output ontleed 24
    7. 4.7 Significant ≠ betekenisvol (heel belangrijk!) 25
    8. 4.8 P-hacking en de replicatiecrisis (waarom je dit niet moet doen) 26
    9. 4.9 Termen die voor verwarring zorgen — woordenlijstje 26
  7. 07 Week 5 — Moderatie en Mediatie 27
    1. DEEL 1 — MODERATIE 27
    2. 5.1 Wat is moderatie? (de intuïtie) 27
    3. 5.2 Soorten moderatoren 28
    4. 5.3 Drie patronen van moderatie 28
    5. 5.4 Het regressiemodel met moderatie — de interactieterm 28
    6. 5.5 Voorbeeld — moderator is binair 29
    7. 5.6 Voorbeeld — moderator is continu 30
    8. 5.7 Centreren bij continue variabelen — een belangrijke tip 30
    9. 5.8 Simple slopes — moderatie visualiseren 31
    10. 5.9 Hoe weet je of moderatie significant is? 31
    11. DEEL 2 — MEDIATIE 31
    12. 5.10 Wat is mediatie? (de intuïtie) 31
    13. 5.11 Drie soorten effecten 32
    14. 5.12 De klassieke vier-stappen-methode (Baron & Kenny) 32
    15. 5.13 Het indirecte effect toetsen 33
    16. 5.14 Moderatie versus mediatie — het verschil in één zin 34
    17. 5.15 Voorbeeld dat alles bij elkaar brengt 34
  8. 08 Cheat sheet, alles op één plek kort uitgelegd 35
    1. Week 1 — Conceptueel 35
    2. Week 2 — Validiteit & betrouwbaarheid 35
    3. Week 2 — Beschrijvende statistiek 35
    4. Week 3 — Regressie 35
    5. Week 4 — Welke toets wanneer 35
    6. Week 4 — Hypothesetoetsing in vier stappen 36
    7. Week 5 — Moderatie 36
    8. Week 5 — Mediatie 36
    9. Verschil moderatie / mediatie onthouden 36

Gekoppeld boek
 image
Nick Huntington-Klein The Effect
Uitgever: Onbekend ISBN: 9781032125787 Druk: Onbekend

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
1 mei 2026
Aantal pagina's
36
Geschreven in
2025/2026
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Kai becker
Bevat
Alle colleges
$17.33

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
3
Volgers
1
Items
6
Laatst verkocht
21 uur geleden




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen