INLEIDING
TRENDS IN DE VASTGOEDSECTOR
DIGITALISERING
2 toepassingsgebieden digitalisering:
1. Interne werkprocessen: grotere efficiëntie via scannen en automatisch betalen van facturen,
digitale handtekeningen en het verkleinen van de papierberg
2. Externe werkprocessen: relatie met klant verbetert door een snellere communicatie via het digitaal
klantentraject
Digitalisering binnen verschillende niches:
• Bemiddeling: verhuursegment wordt sneller gedigitaliseerd dan verkoopsegment
• Beheer: financieel beheer wordt sneller gedigitaliseerd dan technisch beheer
DUURZAAMHEID
Duurzaamheid wordt belangrijker:
• Ecologische factoren: belang van private en collectieve omgeving en strengere normen op
energiezuinigheid voor woningen
• Sociale factoren: nood aan een buurt met een community-gevoel en mogelijkheid op buurtleven
PROFESSIONALISERING
Evoluties:
• Stijgende complexiteit van de beroepen leidt tot een hoger verwacht kennisniveau waardoor
specialisaties toenemen
• Stijgende concurrentie
HR-UITDAGINGEN
Basiscompetenties en verwachtingen schoolverlaters zijn niet ‘up-to-standard’
• Sector verwacht communicatieve en commerciële vaardigheden: een correcte en beleefde
briefwisseling, taalbeheerding (met name Frans), kennis van professioneel vastgoed, …
• Schoolverlaters verwachten een hoge verloning, maar de bereidheid om hard te werken ontbreekt
1
,CONSOLIDATIE
Concurrentievoordelen voor grote spelers:
• Meer middelen te spenderen
• Kosten spreiden over een groter aantal klanten
Kleine spelers hinken achterop en staan voor een keuze:
• Specialiseren
• Integreren in een groter bedrijf = consolidatie
BELANG VAN MANAGEMENT SKILLS
Consolidatie → meer managementfuncties
Stijgende concurrentie → strategisch management
Stijgende complexiteit → zowel specialist als generalist
Verandering → leiderschap
2
,1° STRATEGISCH MANAGEMENT
MANAGEMENT SKILLS
Om management te begrijpen moet je altijd starten bij de omgeving van de organisatie.
KOERS VAN EEN ORGANISATIE
MISSIE EN VISIE
Missie = doel van een organisatie; “Waarom bestaan we?” (Bv. we willen woningen betaalbaar maken) →
KERNOPDRACHT
Visie = een toekomstperspectief; “Waarvoor staan we?” (Bv. we willen marktleider zijn) → KERNWAARDEN
Strategie = hoe doen we dit? → DOELSTELLINGEN
3
, MISSIE
= wat een organisatie doet
• Waarom bestaat ze?
• Wat is maatschappelijke waarde voor de maatschappij/burger?
Vragen die je kan beantwoorden:
• Werkterrein: ‘What business are we in?’
• Bestaansrecht: ‘wie zijn onze klanten en hun behoeften?’
• Betekenis voor stakeholders: ‘wat willen de betekenen voor wie?’
• Normen, waarden en overtuigingen
VISIE
= wat een organisatie hoopt te bereiken
Een visie bestaat uit:
• Omgevingsbeeld: ‘Hoe ziet de relevante omgeving er voor ons bedrijf uit in de (verre) toekomst?’
• Gedroomde positie: ‘Waar willen we staan?’
• Succesformule: ‘Hoe bereiken we onze gedroomde positie?’
ONDERSCHEID JEZELF: GOLDEN CIRCLE
CONCLUSIE
Missie Visie
1. Wie zijn we? 1. Wat willen we betekenen?
2. Tijdloos 2. Voor een bepaalde periode
3. Geformuleerd vanuit verleden 3. Blik op de toekomst
4