Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 21 pages
Summary

Bronnen en beginselen notities lessen + samenvatting| Rechtspraktijk | Karel de Grote | 2025/26

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 21 pages

Dit studiedocument bevat gestructureerde aantekeningen voor het vak Bronnen en beginselen in Rechtspraktijk aan Karel de Grote-Hogeschool. Het behandelt fundamentele rechtsbegrippen zoals de definitie van recht, gedragsregels, handhavingsregels, de indeling in publiek- en privaatrecht, rechtspersonen, rechtsleer, gewoonte en algemene rechtsbeginselen. De uitgebreide uitwerking van elk onderwerp met voorbeelden en nuances maakt dit document ideaal voor examenvoorbereiding en het verhelderen van complexe juridische concepten.

Content preview

BRONNEN EN BEGINSELEN

DEEL 1: WAT IS RECHT?


HOOFDSTUK 1: DEFINITIE

1 Gedragsregels en handhavingsregels
 Bevelen
o Moeten = gebodsbepaling
o Niet mogen = verbodsbepaling
 Toelaten
o Kunnen = verlofbepaling
 Beloven

 Kunnen van dwingend (gewoon of openbare orde) of aanvullend recht zijn
Dwingend recht (imperatief recht) = partijen kunnen er niet van afwijken, moet
altijd toegepast worden
- Gewoon: beschermt voornamelijk een partij die door de wet als zwakker wordt
beschouwd, sanctie  relatieve nietigheid (beschermde persoon kan enkel
inroepen)
- Van openbare orde: beschermt voornamelijk het algemeen belang, sanctie 
absolute nietigheid (elke belanghebbende + rechter ambtshalve)

Aanvullend (suppletief recht) = partijen kunnen ervan afwijken, vaak toegepast als
er geen of onvoldoende afspraken gemaakt zijn

2 Handhavingsregels
 Regels die diensten oprichten die instaan voor de controle en ordening van de
samenleving
 Regels die bepalen hoe rechten kunnen worden afgedwongen

3 Opgelegd door de bevoegde overheid

Recht = regels opgelegd door ‘de overheid’

 Via bepaalde organen
 Volgens vaste procedures / modellen uitgewerkt
 Rechtsregels moeten worden bekendgemaakt = publicatieverplichting (in BS)

4 Ordening
 Recht heeft een ordenende functie
 Recht regelt alleen uitwendig gedrag

5 Rechtvaardigheid = doel van het recht
6 Afdwingbaarheid van rechtsregels
Bij niet-naleving: OH mag geweld gebruiken (= monopolie van rechtshandhaving
en geweld)  2 manieren (maar verschillende sancties binnen verschillende
rechtstakken) :
1) OH dwingt zelf regels af
2) OH voorziet instrumenten voor afdwinging

,HOOFDSTUK 2: BASISINDELING

1 Publiekrecht  privaatrecht

Publiekrecht Privaatrecht
Regelt organisatie OH
Regelt verhouding tussen OH en Regels over verhouding tussen
particulier particulieren
 OH is dominant  Gelijke partijen


2 Materieel  formeel recht

Materieel recht Formeel recht
= gedragsregels, spelregels van het = regels die de procedure bepalen hoe
maatschappelijk handelen men rechten kan afdwingen bij
schending van het materieel recht
(procesrecht)
= handhavingsregels
Regels die de maatschappij ordenen Ondersteunende functie
(inhoudelijk)


3 Relevantie indeling
1. Aard van de regels:
Publiekrecht: sterk bindend karakter – dwingende regelgeving
Privaatrecht: ook regels van aanvullend recht

2. Verhouding tussen partijen
3. Bevoegdheid van rechtbanken:
Publiekrecht: administratieve rechtbanken (verticale relaties)
Privaatrecht: burgerlijke rechtbanken (horizontale relaties)

4. Heuristiek
5. Begrip / betekenis: eigen betekenis
 Zie voorbeeld in boek p. 30


DEEL 2: BASISBEGRIPPEN VAN HET RECHT


HOOFDSTUK 1: OBJECTIEF EN SUBJECTIEF RECHT



Objectief recht (the law) Subjectief recht (right)
= geschreven en ongeschreven recht = een aan het objectief recht ontleende
(gewoonte), wat neerkomt op alle in de bevoegdheid of aanspraak van een
samenleving geldende regels persoon die bij de rechter kan worden
afgedwongen
= de abstracte regelgeving = concrete bevoegdheden, rechten,
gevolgen van het objectief recht voor een
persoon

, HOOFDSTUK 2: HET RECHTSSUBJECT
= persoon die rechtspersoonlijkheid heeft  bekwaam om drager te zijn van rechten en
plichten

Rechtspersoonlijkheid = hoedanigheid waardoor een persoon zelfstandig aan het
rechtsverkeer kan deelnemen
Rechtsobject = voorwerp waarop rechten en verplichtingen kunnen bestaan


Inhoud van de rechtspersoonlijkheid

1. Staat = het geheel van elementen en juridische kenmerken die de identiteit van
een person bepalen
- In de natie
- Familiale staat (enkel voor natuurlijke personen)

2. Vermogen = totaliteit van alle in geld waardeerbare goederen en rechten
o Elk rechtssubject heeft één vermogen dat ondeelbaar is
o Voor rechtspersonen
- Een afzonderlijk vermogen = RP beschikt over alle
vermogensrechten die nodig zijn om zijn doel te bereiken
- Specialiteitsbeginsel = vermogensrechten van een RP worden
begrensd door het doel waarvoor de RP in het leven werd geroepen

3. Bekwaamheid
Rechtsbekwaam = wie kan drager zijn van subjectieve rechten en plichten ?
Handelingsbekwaam = wie kan zijn subjectieve rechten zelfstandig (zonder
tussenkomst van derden) uitoefenen?
 Tenzij de wet anders beschikt, heeft iedere natuurlijke of rechtspersoon
rechtsbekwaamheid en handelingsbekwaamheid (art. 1.3 BW)

Natuurlijke persoon:
 Rechtsbekwaamheid maar gedeeltelijke rechtsonbekwaamheid mogelijk
 Handelingsbekwaamheid
o Principe: vanaf 18 jaar
o MAAR: uitzonderingen  vertegenwoordiging = wanneer een
persoon de bevoegdheid heeft om voor rekening van een ander een
rechtshandeling met een derde te verrichten (art. 1.8 BW), ontstaat
uit een rechtshandeling, gerechtelijke beslissing of de wet
o Bij verwekking: uitzonderlijk al rechtsbekwaam
o Bij geboorte: ontstaan NP en dus ook rechtsbekwaamheid
o Bij overlijden: uitzonderlijk nog rechten of plichten na overlijden

Rechtspersoon:
 Gedeeltelijk rechtsbekwaam door specialiteitsbeginsel (doelgebonden)
 Handelingsbekwaamheid
o Handelen via hun organen (orgaantheorie!) = de NP die in de
organisatie van de RP een functie vervult die door de wet of de
statuten wordt bepaald en die voor de RP beslissingen neemt of
rechtshandelingen verricht, met als gevolg dat die beslissingen of
rechtshandelingen in rechte gelden als de beslissingen en
rechtshandelingen van de RP zelf

Table of contents

  1. 01 Bronnen en beginselen 1
    1. Deel 1: Wat is recht? 1
    2. Deel 2: Basisbegrippen van het recht 2
    3. Deel 3: rechtstakken 8
    4. Deel 4: bronnen van het recht 13

Document information

Study
Uploaded on
April 28, 2026
Number of pages
21
Written in
2025/2026
Type
Summary
$5.18

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
4
Followers
0
Items
3
Last sold
19 hours ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions