Langdurige zorg
Inleiding
Enkele vaststellingen:
- Wereldwijde toename van het aantal mensen met een chronische aandoening
- Overheid investeert in de zorg voor mensen met langdurige zorgnood
- Nood aan preventie is levensbelangrijk
- Het Relationeel perspectief binnen de langdurige zorg
- Cursus biedt kennis en inzichten
1. Chronische ziekten – langdurige zorg
1.1. Acute ziekte en chronische ziekte
LANGDURIGE ZIEKTEN WHO
= langdurige ziekten met een meestal langzame progressie
vanbuiten!!
International Classification of Primary Care (1998)
=> een zorgepisode van een omschreven ziekte die zich over een langere periode
uitstrekt en die zo ernstig is dat de voor de leeftijd en geslacht ‘gewone’ dagelijkse
bezigheden, er zonder behandeling, blijvend en in belangrijke mate worden door
belemmerd.
1.2. De prevalentie van chronische ziekten
In 2020: 12% Vlaams Gewest heeft statuut chronische aandoening
Systematische toename
1 op 4 Belgen heeft minstens één chronische aandoening
Verschillen in sociaal economische status:
- Lager opgeleiden meer kans op chronische aandoeningen
- Hoger opgeleiden statistisch minder kans op chronische aandoening
1
, 1.2.1. De belangrijkste chronische aandoeningen
1.2.2. Bijkomend cijfermateriaal over chronische aandoeningen
1.2.3. Invloed van chronische ziekten morbiditeit en mortaliteit
1.2.4. Prevalentie en belang van multimorbiditeit
Het hebben van een chronische aandoening verhoogt het risico op ontwikkeling andere
chronische ziekten
MULTIMORBIDITEIT
= meerdere aandoeningen tegelijk aanwezig
1.2.5. De prevalentie neemt toe
1.3. Risicofactoren in de leefstijl
Roken
Gewicht versus overgewicht
Alcohol en overconsumptie alcohol
Lichaamsbeweging
Voedingsrichtlijnen
Link aan sociaal economische status: minder loon voor gezonde voeding, stappen
minder snel naar dokter, …
1.4. Belang van preventie
Populatiebrede preventie loont
Voorbeelden:
- Vlaams instituut gezond leven
- Vlaams Vlaams expertisecentrum voor alcohol en drugs (VAD)
- Vlaams expertisecentrum dementie
2
, Preventie gericht op mensen met lage sociaal economische status rendeert
1.5. Stijgende kosten voor de gezondheidszorg
Chronische ziekten kosten veel voor het individu
Bijkomende kwetsbaarheden
Chronische ziekten kosten veel voor de overheid
70 tot 80% van totale gezondheidszorgkost voor chronische ziekten
2. De zorgontvanger met een chronische aandoening
2.1. Wat betekent chronisch ziek zijn?
2.2. Leven met (een) chronische ziekte(n)
Invloed op kwaliteit van leven
Nood aan continu verwerken van de ziekte- de ziektetekenen- de gevolgen
2.3. Het leven aanpassen als gevolg van een chronische ziekte
Adaptieve opgaven
- Ziekte gerelateerd
- Persoonlijke opgaven
- Sociale opgaven
- Materiële opgaven
2.4. Zelfmanagement
2.4.1. Definities
ZELFMANAGEMENT
= het vermogen om adequaat om te gaan met alle fysieke, psychische en sociale consequenties van
de aandoening, de benodigde zorg en behandeling en met de aanpassingen in leefstijl die een
chronische aandoening vergen
vanbuiten!
2.4.2. Het generiek model zelfmanagement
3
Inleiding
Enkele vaststellingen:
- Wereldwijde toename van het aantal mensen met een chronische aandoening
- Overheid investeert in de zorg voor mensen met langdurige zorgnood
- Nood aan preventie is levensbelangrijk
- Het Relationeel perspectief binnen de langdurige zorg
- Cursus biedt kennis en inzichten
1. Chronische ziekten – langdurige zorg
1.1. Acute ziekte en chronische ziekte
LANGDURIGE ZIEKTEN WHO
= langdurige ziekten met een meestal langzame progressie
vanbuiten!!
International Classification of Primary Care (1998)
=> een zorgepisode van een omschreven ziekte die zich over een langere periode
uitstrekt en die zo ernstig is dat de voor de leeftijd en geslacht ‘gewone’ dagelijkse
bezigheden, er zonder behandeling, blijvend en in belangrijke mate worden door
belemmerd.
1.2. De prevalentie van chronische ziekten
In 2020: 12% Vlaams Gewest heeft statuut chronische aandoening
Systematische toename
1 op 4 Belgen heeft minstens één chronische aandoening
Verschillen in sociaal economische status:
- Lager opgeleiden meer kans op chronische aandoeningen
- Hoger opgeleiden statistisch minder kans op chronische aandoening
1
, 1.2.1. De belangrijkste chronische aandoeningen
1.2.2. Bijkomend cijfermateriaal over chronische aandoeningen
1.2.3. Invloed van chronische ziekten morbiditeit en mortaliteit
1.2.4. Prevalentie en belang van multimorbiditeit
Het hebben van een chronische aandoening verhoogt het risico op ontwikkeling andere
chronische ziekten
MULTIMORBIDITEIT
= meerdere aandoeningen tegelijk aanwezig
1.2.5. De prevalentie neemt toe
1.3. Risicofactoren in de leefstijl
Roken
Gewicht versus overgewicht
Alcohol en overconsumptie alcohol
Lichaamsbeweging
Voedingsrichtlijnen
Link aan sociaal economische status: minder loon voor gezonde voeding, stappen
minder snel naar dokter, …
1.4. Belang van preventie
Populatiebrede preventie loont
Voorbeelden:
- Vlaams instituut gezond leven
- Vlaams Vlaams expertisecentrum voor alcohol en drugs (VAD)
- Vlaams expertisecentrum dementie
2
, Preventie gericht op mensen met lage sociaal economische status rendeert
1.5. Stijgende kosten voor de gezondheidszorg
Chronische ziekten kosten veel voor het individu
Bijkomende kwetsbaarheden
Chronische ziekten kosten veel voor de overheid
70 tot 80% van totale gezondheidszorgkost voor chronische ziekten
2. De zorgontvanger met een chronische aandoening
2.1. Wat betekent chronisch ziek zijn?
2.2. Leven met (een) chronische ziekte(n)
Invloed op kwaliteit van leven
Nood aan continu verwerken van de ziekte- de ziektetekenen- de gevolgen
2.3. Het leven aanpassen als gevolg van een chronische ziekte
Adaptieve opgaven
- Ziekte gerelateerd
- Persoonlijke opgaven
- Sociale opgaven
- Materiële opgaven
2.4. Zelfmanagement
2.4.1. Definities
ZELFMANAGEMENT
= het vermogen om adequaat om te gaan met alle fysieke, psychische en sociale consequenties van
de aandoening, de benodigde zorg en behandeling en met de aanpassingen in leefstijl die een
chronische aandoening vergen
vanbuiten!
2.4.2. Het generiek model zelfmanagement
3