Hannah Vrambout
Historische criminologie
1) Waarom en hoe het verleden bestuderen?
Wat is geschiedenis?
“De geestelijke vorm, waarin een cultuur zich rekenschap geeft v/ haar verleden.”
“Gesch is, net als liefde, zo geneigd om haar helden te omringen met een sfeer van
denkbeeldige helderheid.”
“Het verleden is voorbij, en gesch is wat historici ervan maken als ze aan het werk gaan.”
à Uiteenlopende uitspraken over wat gesch is.
à Gesch verwijst nr zowel het verleden als nr de versch perspectieven v/ mensen.
à Gesch is een punt v/ discussie/debat en dit is noodzakelijk vr de wetenschap.
Verleden is niet geschiedschrijving
Geschiedschrijving/historisch onderzoek = de studie v/ historici, historische werken, historici
schrijven hun eigen versie v/h verleden
De term “geschiedenis” verwijst naar:
- Fundamenteel onderscheid tussen verleden en wat historici daarover schrijven.
à Geschiedschrijving: constructie v/ taal en tekst
à 1 historisch werk = 1 lezing v/h verleden
- Bep groepen en gebeurtenissen uit verleden afwezig/verborgen in geschiedschrijving
à Bv: vrouwen, minderheden, lagere sociale klassen
Verschillen tussen verleden en geschiedschrijving:
- Verleden heeft plaatsgevonden en de gebeurtenissen kunnen onmogelijk teruggehaald
worden dr historici in boeken, bijdragen, …
- Geschiedschrijving bevindt zich in bibliotheken en boekenkasten.
- Verleden en geschiedschrijving wel met elkaar verbonden!
Doordat er versch versies zijn v/h verleden zorgt dit ook vr dominante versies
à De meest dominante groepen in de samenleving gaan grote rollen in verhalen spelen
Gesch wordt heel vaak gebruikt maar ook misbruikt (bv: propaganda v/ nazi’s)
à Gesch wordt vaak gebruikt om claims te maken in machtspelletjes
Rol v/h verleden
• Ons persoonlijke verleden vormt ons, maakt wat wij zijn (identiteit = verleden)
• Het verleden is geen objectief gegeven, maar steeds het product v/e bep interpretatie.
• Ons bewustzijn: vanuit ons verleden gericht op toekomst = menselijk bewustzijn altijd
tijdelijk à Bewustzijn draait altijd om tijd dus ook daar draag je gesch mee.
• Naast ieder individu houdt ook iedere gemeenschap zich met haar collectieve verleden
bezig à Gesch is gewoon overal, in het hele universum (speelt een belangrijke rol)
1
,Geschiedschrijving zonder nut
Sommige historici vinden dat gesch niet nuttig hoeft te zijn :
- Verleden bestuderen omwille van zichzelf: weergeven “wie es eigentlich gewesen”
= “hoe het werkelijk was” (Ranke, vader geschiedwetenschap)
- Verhalen maken die mensen amuseren en inspireren
- Aangename bezigheid en status voor historici
- Doen alsof alle verhalen gelijk zijn en iedereen even hard gehoord wordt maar dit is
niet zo want er zijn machtigere verhalen die eerder gehoord worden.
Bv: Gesch is geen politieke wetenschap om het heden te verklaren. Het is historisch
onderzoek bedoeld om de mensheid beter te begrijpen.
Post-moderne historici: “anything goes”
- Niemand kan claimen dat zijn of haar verhaal beter is
- Verhalen schrijven is belangrijker dan de waarheid erachter
Niet “anything goes”!
• Geschiedschrijving niet onschuldig, niet alle verhalen gelijke stem en impact
• Gebruik/misbruik verleden: macht, controle, beïnvloeding
• Veel volkeren proberen zich de gesch toe te eigenen uit ideologische motieven.
Alle verhalen moeten kunnen!
à Niet alle verhalen kunnen
à Er zijn ook zeer kwetsende verhalen (racisme, discriminatie, uitsluiting)
Geschiedschrijving wel nut
BESCHRIJVEN: Waarheid v/h verleden proberen reconstrueren:
- Voorkomen dat we dingen uit verleden vergeten (bv. de Holocaust)
- Lessen trekken = voorbeeldfunctie v/d geschiedenis
à Lessen hangen af van historicus en tijdsvak
à “Het enige dat we leren uit de gesch is dat we niet leren uit de gesch” – Churchill
- Ervoor zorgen dat er geen eenzijdige versies v/h verleden worden gerepresenteerd
- Minstens complexiteit blootleggen = mythen doorprikken, nuanceren
à Niet zomaar meelopen met bep visies
VERKLAREN via het verleden om het heden beter te begrijpen:
- Ontwikkelingen ontdekken en verklaren
à Verandering: verschuivingen, omwentelingen, groei
à Continuïteit: terugkerende patronen, verbanden of ‘rode draad’
à Dit is echt nieuw ofwel hebben we dit meegenomen uit het verleden?
- Inzicht in samenhang & proces = besef complexiteit
à Kritisch: wat zit er achter actuele fenomenen, hoe gegroeid?
à Common sense en stereotiepen vermijden
- Mogelijke scenario’s voor de toekomst
à Hoe verleden het heden bepaalt is de indicatie wat in de toekomst zal doorwerken
à Wat niet bepaald is door verleden is open voor keuze
Toekomst scenario’s: als er zoveel dingen zijn die v/h verleden meegenomen worden dan
zullen die in de toekomst ook voorkomen tenzij er serieuze veranderingen plaatsvinden.
à Als er een breuk is in de gesch kan je zien dat er een verandering heeft plaatsgevonden
2
,Beperkingen geschiedschrijving
1. Historici zelf niet vrij v/ common sense en stereotypen
- Historici zijn zelf nooit objectief
- Hebben zelf een eigen perspectief en achtergrond dat meespeelt in hun verhaal
2. Geen pasklare antwoorden op vraag aan sociale wetenschappers (What works?)
3. Geen toekomstvoorspellingen, wel schetsen en (on)mogelijke scenario’s
- Geen toekomstvoorspellingen want het zijn louter dingen die misschien voorkomen
4. Je moet opletten vr determinisme: er zijn steeds alternatieve wegen
- Niet alles wordt al bepaald door de gesch
Historici, hun feiten en interpretatie
Moeilijke relatie tussen feit en interpretatie
= kernprobleem in de geschiedschrijving!!
Bij elke stap in de keten:
interpretatieproblemen dr historici
Historici hebben niet direct toegang tot hun emprische data:
- Historici moeten onderzoek doen met wat er overgebleven is uit het verleden
- Historici werken met teksten
Niet alles wat gebeurd in het verleden is in een bron beland (bv: schilderijen)
1. Van feit naar bron
- Versch interpretaties v/ 1 gebeurtenis is mogelijk en komt vaak voor.
- Objectieve feiten bestaan daarom niet.
- Volledige objectiviteit bij registreren en bestuderen is niet mogelijk.
- Men kan hier enkel naar streven.
2. Bronnen en de moeilijkheden die ze inhouden vr historici
- Bronnen = uitspraken/interpretaties over feiten
- Vaak indruk dat we via de bron rechtstreeks de werkelijkheid zien à een misvatting.
- Onderzoeker/historicus moet aan de slag met bronnenmateriaal (ontcijferen)
- Veel bronnen zijn moeilijk te beschrijven/beschadigd/vervalst
- Gaat die historicus de bron correct gebruiken/interpreteren?
- Historicus moet onderscheidt maken tussen info uit de bron en eigen interpretatie.
3. Historicus gaat zijn studie schrijven adhv de bronnen en in een verhaal gieten
- Opnieuw is de interpretatie belangrijk!!
In welke mate komt het verhaal v/d historicus overeen met de gebeurtenis uit de gesch?
à Nooit een exacte weerspiegeling
Historici, hun feiten en interpretatie:
- Waarnemen en registreren = interpreteren
- Historici geen eigen waarneming: werken met sporen
- Alle mogelijke sporen/getuigenissen kunnen bronnen zijn
- Bronnen kunnen verschillend gelezen / begrepen worden
- Ordenen informatie uit bronnen in verhaal: weer interpretatie
3
, Falsa en bronnenmanipulatie
• ‘Fake news’ is van alle tijden en in alle soorten
• Van kwaad opzet tot slordigheid
• Vervalsingen op het spoor komen is moeilijk
• Vals van echt onderscheiden:
à via materiaal, taalgebruik, technische kenmerken, inhoudelijke inconsequenties…
• Enkele beruchte voorbeelden: voorwerpen, teksten en beelden
Voorbeelden van manipulatie
Joe Rosenthal’s met Pulitzer-prijs bekroonde foto:
- VS Mariniers hijsen Amerikaanse vlag
- In Iwo Jima, Japan op 23 feb 1945
- Één v/d meest gereproduceerde foto’s ooit.
- Beeld v/d echte actie maar foto is met grotere vlag
Je hebt valse manipulatie (fake) maar je hebt ook lichte vormen v/ manipulatie:
à Grote manipulatie: Bv: fake foto’s of video’s v/ oorlog (valse propaganda)
à Kleine manipulatie: Bv: Amerikaanse mariniers die de vlag hijsen
Toespraak v/ Lenin in Moskau op 5 mei 1920:
- De start v/d Sovjet Unie met Lenin als leider
- Lenin doet een toespraak
- Mensen uit de foto geknipt + vervangen dr journalisten die nr Lenin luisteren
Geschiedschrijving: allemaal interpretatie?
Basis spelregels historische bewijsvoering :
- Kritische juxtapositie v/d bronnen
• Afwegen van getuigenissen = vergelijken v/ onafh bronnen
• Principes van Bernheim & Langlois-Seignobos
• Valkuilen: mythe van de unanimiteit (woord tegen woord)
- Redeneringen opbouwen
• Falsificatietechniek (Popper): een hypothese of mogelijke verklaring is
bewezen zolang ze niet wordt tegengesproken/ontkracht
• Redeneringen in het negatieve: het zwijgen v/d bron als indicatie
4
Historische criminologie
1) Waarom en hoe het verleden bestuderen?
Wat is geschiedenis?
“De geestelijke vorm, waarin een cultuur zich rekenschap geeft v/ haar verleden.”
“Gesch is, net als liefde, zo geneigd om haar helden te omringen met een sfeer van
denkbeeldige helderheid.”
“Het verleden is voorbij, en gesch is wat historici ervan maken als ze aan het werk gaan.”
à Uiteenlopende uitspraken over wat gesch is.
à Gesch verwijst nr zowel het verleden als nr de versch perspectieven v/ mensen.
à Gesch is een punt v/ discussie/debat en dit is noodzakelijk vr de wetenschap.
Verleden is niet geschiedschrijving
Geschiedschrijving/historisch onderzoek = de studie v/ historici, historische werken, historici
schrijven hun eigen versie v/h verleden
De term “geschiedenis” verwijst naar:
- Fundamenteel onderscheid tussen verleden en wat historici daarover schrijven.
à Geschiedschrijving: constructie v/ taal en tekst
à 1 historisch werk = 1 lezing v/h verleden
- Bep groepen en gebeurtenissen uit verleden afwezig/verborgen in geschiedschrijving
à Bv: vrouwen, minderheden, lagere sociale klassen
Verschillen tussen verleden en geschiedschrijving:
- Verleden heeft plaatsgevonden en de gebeurtenissen kunnen onmogelijk teruggehaald
worden dr historici in boeken, bijdragen, …
- Geschiedschrijving bevindt zich in bibliotheken en boekenkasten.
- Verleden en geschiedschrijving wel met elkaar verbonden!
Doordat er versch versies zijn v/h verleden zorgt dit ook vr dominante versies
à De meest dominante groepen in de samenleving gaan grote rollen in verhalen spelen
Gesch wordt heel vaak gebruikt maar ook misbruikt (bv: propaganda v/ nazi’s)
à Gesch wordt vaak gebruikt om claims te maken in machtspelletjes
Rol v/h verleden
• Ons persoonlijke verleden vormt ons, maakt wat wij zijn (identiteit = verleden)
• Het verleden is geen objectief gegeven, maar steeds het product v/e bep interpretatie.
• Ons bewustzijn: vanuit ons verleden gericht op toekomst = menselijk bewustzijn altijd
tijdelijk à Bewustzijn draait altijd om tijd dus ook daar draag je gesch mee.
• Naast ieder individu houdt ook iedere gemeenschap zich met haar collectieve verleden
bezig à Gesch is gewoon overal, in het hele universum (speelt een belangrijke rol)
1
,Geschiedschrijving zonder nut
Sommige historici vinden dat gesch niet nuttig hoeft te zijn :
- Verleden bestuderen omwille van zichzelf: weergeven “wie es eigentlich gewesen”
= “hoe het werkelijk was” (Ranke, vader geschiedwetenschap)
- Verhalen maken die mensen amuseren en inspireren
- Aangename bezigheid en status voor historici
- Doen alsof alle verhalen gelijk zijn en iedereen even hard gehoord wordt maar dit is
niet zo want er zijn machtigere verhalen die eerder gehoord worden.
Bv: Gesch is geen politieke wetenschap om het heden te verklaren. Het is historisch
onderzoek bedoeld om de mensheid beter te begrijpen.
Post-moderne historici: “anything goes”
- Niemand kan claimen dat zijn of haar verhaal beter is
- Verhalen schrijven is belangrijker dan de waarheid erachter
Niet “anything goes”!
• Geschiedschrijving niet onschuldig, niet alle verhalen gelijke stem en impact
• Gebruik/misbruik verleden: macht, controle, beïnvloeding
• Veel volkeren proberen zich de gesch toe te eigenen uit ideologische motieven.
Alle verhalen moeten kunnen!
à Niet alle verhalen kunnen
à Er zijn ook zeer kwetsende verhalen (racisme, discriminatie, uitsluiting)
Geschiedschrijving wel nut
BESCHRIJVEN: Waarheid v/h verleden proberen reconstrueren:
- Voorkomen dat we dingen uit verleden vergeten (bv. de Holocaust)
- Lessen trekken = voorbeeldfunctie v/d geschiedenis
à Lessen hangen af van historicus en tijdsvak
à “Het enige dat we leren uit de gesch is dat we niet leren uit de gesch” – Churchill
- Ervoor zorgen dat er geen eenzijdige versies v/h verleden worden gerepresenteerd
- Minstens complexiteit blootleggen = mythen doorprikken, nuanceren
à Niet zomaar meelopen met bep visies
VERKLAREN via het verleden om het heden beter te begrijpen:
- Ontwikkelingen ontdekken en verklaren
à Verandering: verschuivingen, omwentelingen, groei
à Continuïteit: terugkerende patronen, verbanden of ‘rode draad’
à Dit is echt nieuw ofwel hebben we dit meegenomen uit het verleden?
- Inzicht in samenhang & proces = besef complexiteit
à Kritisch: wat zit er achter actuele fenomenen, hoe gegroeid?
à Common sense en stereotiepen vermijden
- Mogelijke scenario’s voor de toekomst
à Hoe verleden het heden bepaalt is de indicatie wat in de toekomst zal doorwerken
à Wat niet bepaald is door verleden is open voor keuze
Toekomst scenario’s: als er zoveel dingen zijn die v/h verleden meegenomen worden dan
zullen die in de toekomst ook voorkomen tenzij er serieuze veranderingen plaatsvinden.
à Als er een breuk is in de gesch kan je zien dat er een verandering heeft plaatsgevonden
2
,Beperkingen geschiedschrijving
1. Historici zelf niet vrij v/ common sense en stereotypen
- Historici zijn zelf nooit objectief
- Hebben zelf een eigen perspectief en achtergrond dat meespeelt in hun verhaal
2. Geen pasklare antwoorden op vraag aan sociale wetenschappers (What works?)
3. Geen toekomstvoorspellingen, wel schetsen en (on)mogelijke scenario’s
- Geen toekomstvoorspellingen want het zijn louter dingen die misschien voorkomen
4. Je moet opletten vr determinisme: er zijn steeds alternatieve wegen
- Niet alles wordt al bepaald door de gesch
Historici, hun feiten en interpretatie
Moeilijke relatie tussen feit en interpretatie
= kernprobleem in de geschiedschrijving!!
Bij elke stap in de keten:
interpretatieproblemen dr historici
Historici hebben niet direct toegang tot hun emprische data:
- Historici moeten onderzoek doen met wat er overgebleven is uit het verleden
- Historici werken met teksten
Niet alles wat gebeurd in het verleden is in een bron beland (bv: schilderijen)
1. Van feit naar bron
- Versch interpretaties v/ 1 gebeurtenis is mogelijk en komt vaak voor.
- Objectieve feiten bestaan daarom niet.
- Volledige objectiviteit bij registreren en bestuderen is niet mogelijk.
- Men kan hier enkel naar streven.
2. Bronnen en de moeilijkheden die ze inhouden vr historici
- Bronnen = uitspraken/interpretaties over feiten
- Vaak indruk dat we via de bron rechtstreeks de werkelijkheid zien à een misvatting.
- Onderzoeker/historicus moet aan de slag met bronnenmateriaal (ontcijferen)
- Veel bronnen zijn moeilijk te beschrijven/beschadigd/vervalst
- Gaat die historicus de bron correct gebruiken/interpreteren?
- Historicus moet onderscheidt maken tussen info uit de bron en eigen interpretatie.
3. Historicus gaat zijn studie schrijven adhv de bronnen en in een verhaal gieten
- Opnieuw is de interpretatie belangrijk!!
In welke mate komt het verhaal v/d historicus overeen met de gebeurtenis uit de gesch?
à Nooit een exacte weerspiegeling
Historici, hun feiten en interpretatie:
- Waarnemen en registreren = interpreteren
- Historici geen eigen waarneming: werken met sporen
- Alle mogelijke sporen/getuigenissen kunnen bronnen zijn
- Bronnen kunnen verschillend gelezen / begrepen worden
- Ordenen informatie uit bronnen in verhaal: weer interpretatie
3
, Falsa en bronnenmanipulatie
• ‘Fake news’ is van alle tijden en in alle soorten
• Van kwaad opzet tot slordigheid
• Vervalsingen op het spoor komen is moeilijk
• Vals van echt onderscheiden:
à via materiaal, taalgebruik, technische kenmerken, inhoudelijke inconsequenties…
• Enkele beruchte voorbeelden: voorwerpen, teksten en beelden
Voorbeelden van manipulatie
Joe Rosenthal’s met Pulitzer-prijs bekroonde foto:
- VS Mariniers hijsen Amerikaanse vlag
- In Iwo Jima, Japan op 23 feb 1945
- Één v/d meest gereproduceerde foto’s ooit.
- Beeld v/d echte actie maar foto is met grotere vlag
Je hebt valse manipulatie (fake) maar je hebt ook lichte vormen v/ manipulatie:
à Grote manipulatie: Bv: fake foto’s of video’s v/ oorlog (valse propaganda)
à Kleine manipulatie: Bv: Amerikaanse mariniers die de vlag hijsen
Toespraak v/ Lenin in Moskau op 5 mei 1920:
- De start v/d Sovjet Unie met Lenin als leider
- Lenin doet een toespraak
- Mensen uit de foto geknipt + vervangen dr journalisten die nr Lenin luisteren
Geschiedschrijving: allemaal interpretatie?
Basis spelregels historische bewijsvoering :
- Kritische juxtapositie v/d bronnen
• Afwegen van getuigenissen = vergelijken v/ onafh bronnen
• Principes van Bernheim & Langlois-Seignobos
• Valkuilen: mythe van de unanimiteit (woord tegen woord)
- Redeneringen opbouwen
• Falsificatietechniek (Popper): een hypothese of mogelijke verklaring is
bewezen zolang ze niet wordt tegengesproken/ontkracht
• Redeneringen in het negatieve: het zwijgen v/d bron als indicatie
4