1 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
Algemene Histologie
Weefsel
Het is een groepering van een groot aantal cellen, die gespecialiseerd zijn om
een bepaalde functie uit te voeren
Deze functie staat in voor het behoud van de homeostase
Hoofdtypes
- Epitheel
- Bindweefsel
- Spierweefsel
- Zenuwweefsel
Deze soorten weefsels kunnen niet onafhankelijk van elkaar bestaan
Primaire kiemlagen
Tijdens de gastrulatie worden 3 primaire kiemlagen gevormd
- Endoderm
- Mesoderm
- Ectoderm
Verder zullen de cellen van deze kiemlagen differentiëren tot de specifieke
weefsels dit proces noemt de histogenese.
H1 – Epithelen
Algemene kenmerken
Epitheel verwijst naar het weefsel dat:
- Het lichaamsoppervlak bedekt
- Holten & kanalen in het lichaam aflijnt
- Klieren vormt (=klierepitheel)
Aangezien epithelen in rechtstreekst contact staan met de buitenwereld,
moeten ze gespecialiseerd zijn in de uitwisseling van stoffen
Voorbeeld: in de long gebeurt gasuitwisseling (door diffusie) tussen de lucht in
de longblaasjes & het bloed in de bloedvaten, hierdoor zal het epitheel van de
blaasjes zeer dun moeten zijn ‘anders kan O2 er niet door)
,2 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
De epitheelcel
Epitheelweefsel heeft volgende zaken:
- Het bestaat uit 1 of meerdere lagen van epitheelcellen, deze cellen sluiten
nauw aaneen
- Tussen de cellen is er zeer weinig extracellulaire matrix aanwezig
LM: je ziet dicht opeengepakte cellen
EM: je ziet nauwe spleten van 20-50nm (kan vloeistoffen doorlaten)
- De epitheelcellen rusten op een basaalmembraan, dit is de afgrenzing
met het onderliggen bindweefsellaag
- In het epitheelweefsel komen nooit bloedvaten voor
Hoe komt het epitheelweefsel aan voedingsstoffen & O2
In epitheelweefsel komen geen bloedvaten voort, hierdoor is
epitheel dus afhankelijk van diffusie van O2 & voedingstoffen uit
onderliggende weefsels. Ook worden de afvalstoffen door diffusie
uit de cel verwijderd.
Cytoskelet van de epitheelcellen
Het cytoskelet van de epitheelcellen, oftewel het geraamte, bestaat uit keratine.
Keratine eiwitten worden geproduceerd in alle epitheelcellen, dit wil zeggen dat
een bepaalt type cel dus een bepaalt type epitheel zal bevatten.
Gevolg: we kunnen het soort epitheelcel dus herkennen aan het soort keratine
dat aanwezig is. Verder zullen deze keratine-eiwitten keratine-filamenten
vormen, deze zijn zeer stevig & behouden zo onze structuur.
Polariteit
Epitheelcellen hebben cel polariteit, dit wil zeggen dat we verschillende
domeinen aantreffen die functioneel verschillend zijn.
- Het apicale domein; dit is het domein dat verschillende
eiwitten bevat die belangrijk zijn voor de uitwisseling van
water, elektrolyten & moleculen met de omgeving. Bij
bepaalde organen vind je hier ook oppervlakte-
specialisaties zoals microvillia, cilia (trilharen) of
stereocilia
,3 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
- Het laterale domein: dit domein verbindt naburige epitheelcellen via cel-
cel verbindingen zoals tight junctions, adherens junctions &
desmosomen, wat zorgt voor mechanische stabiliteit & communicatie
- Het basale domein; dit domein is gericht naar het basaalmembraan &
bevat structuren zoals hemidesmosomen, die de cel verankeren &
betrokken zijn bij signaaltransductie & transport
Oppervlakte – specialisaties
Aan het apicale domein vinden we, per definitie, vooral oppervlakte-
specialisaties terug zoals:
- Microvilli: deze zorgen voor oppervlaktevergroting, het zijn kleine
uitstulpingen van het celmembraan
- Stereocilia: deze hebben een zintuigfunctie
- Cilia (trilharen): deze zorgen voor een slagbeweging
- Flagellen: deze zorgen voor een slagbeweging (spermatozoa
hebben flagellen)
Mircovilli
Een microvillus is een uitstulping van het plasmembraan die
ondersteunt worden door centraal gelegen actine filamenten. Deze
actinefilamenten worden t.h.v. de microvilli gebundeld door
eiwitten zoals fimbrine & fascine. De actine
filamenten in de microvilli staan vast op de actine
filamenten die niet in de microvilli ligt, ze hechten
aan op het ‘terminaal web’ in de cel.
Microvilli hebben een grootte van +- 1µm & een
diameter van +- 80nm
Conclusie: microvilli vinden we vooral terug op
plekken waar een oppervlaktevergroting nuttig is (bv. De darm). Ook zien we
een dwarsdoorsnede van een microvilli, hierin zie je duidelijk de actine
filamenten.
Stereocilia
Stereocilia zijn langgerekte structuren waarin we bundels van
actine filamenten terugvinden, waardoor ze onbeweeglijk zijn
, 4 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
Ciliën
Ciliën, oftewel trilhaartjes, zijn structuren die zich bevinden op epitheel. De
slagbeweging die de ciliën maakt is onder meer te danken aan het eiwit dynïne.
Ciliën hebben een grootte van 5-10µm & een diameter van 0,2µm
Ook bij een dwarsdoorsnede van ciliën zien we een centraal microtubuli
doublet. Hierrond zullen nog 9 microtubuli doubletten liggen. Deze structuur
noemt men een axonema.
Verder zien we dat we, aan deze 9 picrotubuli doubletten, dyneïne-armen
terugvinden & dat een nexine de doubletten met elkaar gaat verbinden. Nexine
is dus het koppeleiwit van de 9 microtubuli doubletten.
De slagbeweging komt tot stand door de werking van de dyneïne-armen,
dierdoor zullen de microtubuli doubletten t.o.v. gaan bewegen.
De microtbuli zelf zitten vast in het basaal lichaam. Deze basale lichaampjes
hebben een triplet structuur van microtubuli.
Specialisaties
Aan de laterale kant van een epitheelcel vinden we de specialisaties terug die
ervoor zorgen dat onze cellen aan elkaar gehecht blijven, deze specialisaties zijn
de celjuncties. We onderscheiden 3 soorten celjuncties, namelijk:
- Occludens celjuncties
- Adhaerens celjuncties
- Nexus celjuncties
Hiernaast vinden we ook desmosomen, oftewel macula adhaerens terug, deze
bestaat uit een plaque die zich in cel 1 bevindt & een plaque die zich in cel 2
bevindt. Deze plaques zullen ervoor zorgen dat hierin onze keratine filamenten
in vastgehecht zijn. Tussen deze plaques vinden we verbindingen, deze zorgen
Algemene Histologie
Weefsel
Het is een groepering van een groot aantal cellen, die gespecialiseerd zijn om
een bepaalde functie uit te voeren
Deze functie staat in voor het behoud van de homeostase
Hoofdtypes
- Epitheel
- Bindweefsel
- Spierweefsel
- Zenuwweefsel
Deze soorten weefsels kunnen niet onafhankelijk van elkaar bestaan
Primaire kiemlagen
Tijdens de gastrulatie worden 3 primaire kiemlagen gevormd
- Endoderm
- Mesoderm
- Ectoderm
Verder zullen de cellen van deze kiemlagen differentiëren tot de specifieke
weefsels dit proces noemt de histogenese.
H1 – Epithelen
Algemene kenmerken
Epitheel verwijst naar het weefsel dat:
- Het lichaamsoppervlak bedekt
- Holten & kanalen in het lichaam aflijnt
- Klieren vormt (=klierepitheel)
Aangezien epithelen in rechtstreekst contact staan met de buitenwereld,
moeten ze gespecialiseerd zijn in de uitwisseling van stoffen
Voorbeeld: in de long gebeurt gasuitwisseling (door diffusie) tussen de lucht in
de longblaasjes & het bloed in de bloedvaten, hierdoor zal het epitheel van de
blaasjes zeer dun moeten zijn ‘anders kan O2 er niet door)
,2 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
De epitheelcel
Epitheelweefsel heeft volgende zaken:
- Het bestaat uit 1 of meerdere lagen van epitheelcellen, deze cellen sluiten
nauw aaneen
- Tussen de cellen is er zeer weinig extracellulaire matrix aanwezig
LM: je ziet dicht opeengepakte cellen
EM: je ziet nauwe spleten van 20-50nm (kan vloeistoffen doorlaten)
- De epitheelcellen rusten op een basaalmembraan, dit is de afgrenzing
met het onderliggen bindweefsellaag
- In het epitheelweefsel komen nooit bloedvaten voor
Hoe komt het epitheelweefsel aan voedingsstoffen & O2
In epitheelweefsel komen geen bloedvaten voort, hierdoor is
epitheel dus afhankelijk van diffusie van O2 & voedingstoffen uit
onderliggende weefsels. Ook worden de afvalstoffen door diffusie
uit de cel verwijderd.
Cytoskelet van de epitheelcellen
Het cytoskelet van de epitheelcellen, oftewel het geraamte, bestaat uit keratine.
Keratine eiwitten worden geproduceerd in alle epitheelcellen, dit wil zeggen dat
een bepaalt type cel dus een bepaalt type epitheel zal bevatten.
Gevolg: we kunnen het soort epitheelcel dus herkennen aan het soort keratine
dat aanwezig is. Verder zullen deze keratine-eiwitten keratine-filamenten
vormen, deze zijn zeer stevig & behouden zo onze structuur.
Polariteit
Epitheelcellen hebben cel polariteit, dit wil zeggen dat we verschillende
domeinen aantreffen die functioneel verschillend zijn.
- Het apicale domein; dit is het domein dat verschillende
eiwitten bevat die belangrijk zijn voor de uitwisseling van
water, elektrolyten & moleculen met de omgeving. Bij
bepaalde organen vind je hier ook oppervlakte-
specialisaties zoals microvillia, cilia (trilharen) of
stereocilia
,3 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
- Het laterale domein: dit domein verbindt naburige epitheelcellen via cel-
cel verbindingen zoals tight junctions, adherens junctions &
desmosomen, wat zorgt voor mechanische stabiliteit & communicatie
- Het basale domein; dit domein is gericht naar het basaalmembraan &
bevat structuren zoals hemidesmosomen, die de cel verankeren &
betrokken zijn bij signaaltransductie & transport
Oppervlakte – specialisaties
Aan het apicale domein vinden we, per definitie, vooral oppervlakte-
specialisaties terug zoals:
- Microvilli: deze zorgen voor oppervlaktevergroting, het zijn kleine
uitstulpingen van het celmembraan
- Stereocilia: deze hebben een zintuigfunctie
- Cilia (trilharen): deze zorgen voor een slagbeweging
- Flagellen: deze zorgen voor een slagbeweging (spermatozoa
hebben flagellen)
Mircovilli
Een microvillus is een uitstulping van het plasmembraan die
ondersteunt worden door centraal gelegen actine filamenten. Deze
actinefilamenten worden t.h.v. de microvilli gebundeld door
eiwitten zoals fimbrine & fascine. De actine
filamenten in de microvilli staan vast op de actine
filamenten die niet in de microvilli ligt, ze hechten
aan op het ‘terminaal web’ in de cel.
Microvilli hebben een grootte van +- 1µm & een
diameter van +- 80nm
Conclusie: microvilli vinden we vooral terug op
plekken waar een oppervlaktevergroting nuttig is (bv. De darm). Ook zien we
een dwarsdoorsnede van een microvilli, hierin zie je duidelijk de actine
filamenten.
Stereocilia
Stereocilia zijn langgerekte structuren waarin we bundels van
actine filamenten terugvinden, waardoor ze onbeweeglijk zijn
, 4 Histologie - 1ste Bachelor Biomedische Wetenschappen 2025-2026
Ciliën
Ciliën, oftewel trilhaartjes, zijn structuren die zich bevinden op epitheel. De
slagbeweging die de ciliën maakt is onder meer te danken aan het eiwit dynïne.
Ciliën hebben een grootte van 5-10µm & een diameter van 0,2µm
Ook bij een dwarsdoorsnede van ciliën zien we een centraal microtubuli
doublet. Hierrond zullen nog 9 microtubuli doubletten liggen. Deze structuur
noemt men een axonema.
Verder zien we dat we, aan deze 9 picrotubuli doubletten, dyneïne-armen
terugvinden & dat een nexine de doubletten met elkaar gaat verbinden. Nexine
is dus het koppeleiwit van de 9 microtubuli doubletten.
De slagbeweging komt tot stand door de werking van de dyneïne-armen,
dierdoor zullen de microtubuli doubletten t.o.v. gaan bewegen.
De microtbuli zelf zitten vast in het basaal lichaam. Deze basale lichaampjes
hebben een triplet structuur van microtubuli.
Specialisaties
Aan de laterale kant van een epitheelcel vinden we de specialisaties terug die
ervoor zorgen dat onze cellen aan elkaar gehecht blijven, deze specialisaties zijn
de celjuncties. We onderscheiden 3 soorten celjuncties, namelijk:
- Occludens celjuncties
- Adhaerens celjuncties
- Nexus celjuncties
Hiernaast vinden we ook desmosomen, oftewel macula adhaerens terug, deze
bestaat uit een plaque die zich in cel 1 bevindt & een plaque die zich in cel 2
bevindt. Deze plaques zullen ervoor zorgen dat hierin onze keratine filamenten
in vastgehecht zijn. Tussen deze plaques vinden we verbindingen, deze zorgen