Crisishantering
Deel 1: Basiskennis
Hoofdstuk 1: Wat is agressie?
• Niet altijd negatief, levenslust en energie, zonder schadelijke
gevolgen (bv. sport, fantasiespel, haka’s Nieuw-Zeeland, …)
Wat is grensoverschrijdend gedrag?
Wanneer er een grens wordt overschreden die je voor jezelf hebt bepaald.
(subjectief)
Welke beïnvloedende factoren worden benoemd in de reportage?
• Dat een opvoeder niet aan de noden kan toekomen. Bv. door
personeelstekort
• Met te veel op de kamer slapen
• Omgevingsprikkels (bv. als een ander al boos is.)
1.1 Agressie en grensoverschrijdend gedrag als koepelterm
(modegevoelig)
Gaslighting = Iemand manipuleren en doen geloven dat die iets zei of
deed dat niet is gebeurt.
Sextortion = Wanneer iemand intieme beelden heeft die hij/zij zelf
stuurde en die daarmee afpersen tenzij hij/zij meer foto’s/geld stuurt. Uit
de hand gelopen sexting.
Grooming = Volwassenen die jongere kinderen benaderen om die
seksueel te misbruiken.
Steaming = Als groep iemand viseren.
1.2 Weloverwogen definitie: agressie
Agressie = ‘het intentioneel aanwenden van of dreigen met fysieke of
psychologische macht of kracht, ten aanzien van zichzelf, een andere
persoon of tegen een groep of gemeenschap en wel zo dat er sprake is
van of een reële kans bestaat op het toebrengen van kwetsuren, de dood,
psychologische schade, een problematische ontwikkeling of deprivatie’
(def. van Wereldgezondheidsorganisatie)
Slechte definitie !
1
, • Met een definitie die enkel kijkt naar gedrag dat doelbewust ingezet
is om iemand grens te overschrijden, blijven heel wat situaties onder
de radar!
Bv. frustratie, beperking, …
• Boek: kiest ervoor om agressie en grensoverschrijdend gedrag te
definiëren vanuit het standpunt van het slachtoffer.
! ‘Gedrag waarbij een persoon schade toebrengt aan materiaal /
Agressie psychische of fysieke grenzen overschrijdt van zichzelf (automutilatie,
eetstoornis, …) of van een andere persoon’.
Definitie vanuit het standpunt van SO (= slachtoffer)
• Subjectiviteit
• Gevaar voor bepaalde beroepsgroepen: gewenning aan
grensoverschrijdend gedrag (bv. Giles de la Tourette)
• Ook lichtere vormen van agressie serieus nemen.
! 1.3 Kijk op agressie: vier uitgangspunten !
Uitgangspunt 1: structurele veiligheid naast relationele veiligheid
• Omgaan met agressie = aandacht hebben voor veiligheid
• Duidelijke werk- en leef structuur (structurele veiligheid)
• Noodzaak van vertrouwensrelaties (relationele veiligheid)
= basisvoorwaarden om agressie te voorkomen of professioneel te
hanteren
• Duidelijk kader: 7 regels voor constructief leefklimaat
mens kan maximum 7 regels onthouden
voor iedereen duidelijk, eenduidig gehanteerd
• Doel regels: grenzen aangeven
• Professionele opdracht vertalen in regels en afspraken
persoonlijk item op pauze (we moeten nadenken in belang van
doelgroep, niet thuissysteem)
Structurele veiligheid = wanneer er teamdenken ontstaat over regels
en grenzen, brengt dit rust en duidelijkheid voor iedereen.
Uitgangspunt 1: structurele veiligheid naast relationele veiligheid
• Ieder mens heeft relaties nodig
• Vertrouwen = risico nemen
• Als PGO: banden opbouwen!
2
, • Mensen die zich vaak agressief opstellen fundamentele angst
extra inzetten op vertrouwensband!
Bv. In een relatie stappen met angst voor conflict. Frustraties blijven
slikken tot het ontploft, en dan na een paar conflicten leren beseffen
dat je niet gedumpt wordt na een conflict.
! Belang van relationele veiligheid door evenwichtig handelen en balans in
emoties
Structurele en relationele veiligheid: deze zijn nodig voor veiligheid en
voorspelbaarheid!
Uitgangspunt 2: basishouding van ‘zorgdragende begrenzing’
Evenwicht
normerende houding
gezag-dragende houding
begrenzende houding
warme zorgende houding
Attributietheorie van probleemgedrag
Internaliseren Pr Attributie (denken) Reactie begeleider Effect
Psychosomatisc ob (gedrag)
he klachten, le
angst, e
teruggetrokken m
gedrag ge
dr
Risicofactoren • Jongere voelt zich • Begrip Toenadering
ag
bij kind en niet goed • Bezorgdheid (medeleven)
omgeving • Zijn er problemen • Een praatje
thuis? maken
• “Ocharme, die
heeft het al zo
moeilijk.”
3
, • Luistert nooit • Irritatie Afwijzing
• Altijd brutaal • Sancties
• Ouders kijken ook • Negatieve
nooit naar kind cirkels
om
• “wat een
agressieveling.”)
Externalisere
n
Druk, brutaal of
agressief
gedrag
Zorgzaamheid: te veel (= grenzeloosheid)
• Verwenning
• Parentificatie
• Symbiose = samenvallen
Begrenzing: te veel (= verstikken)
• Gedragsproblemen (uiten zich elders: bv. op internaat flink en op
school stout)
• Verstoorde binding
• Frustratie kanaliseren naar grensoverschrijdend gedrag
Ruimte bieden om te ontplooien + kans om bij te tanken!
Grenzen stellen = kansen bieden veiligheid en duidelijkheid
Uitgangspunt 3: agressie is ‘A x C’
A = aanleg (nature)
• in DNA en genen: portie basisemoties meegekregen (=
temperament)
• Bv. ADHD, hechtingsstoornis, lage socio-emotionele leeftijd, …
C = context/omgeving (nurture)
• Begeleider heeft impact op context (helpen co-reguleren) bv.
complimenten
Beiden hebben invloed op hoe agressief een persoon is
Uitgangspunt 4: agressie is taal
Agressie is:
• vorm van communicatie
4
Deel 1: Basiskennis
Hoofdstuk 1: Wat is agressie?
• Niet altijd negatief, levenslust en energie, zonder schadelijke
gevolgen (bv. sport, fantasiespel, haka’s Nieuw-Zeeland, …)
Wat is grensoverschrijdend gedrag?
Wanneer er een grens wordt overschreden die je voor jezelf hebt bepaald.
(subjectief)
Welke beïnvloedende factoren worden benoemd in de reportage?
• Dat een opvoeder niet aan de noden kan toekomen. Bv. door
personeelstekort
• Met te veel op de kamer slapen
• Omgevingsprikkels (bv. als een ander al boos is.)
1.1 Agressie en grensoverschrijdend gedrag als koepelterm
(modegevoelig)
Gaslighting = Iemand manipuleren en doen geloven dat die iets zei of
deed dat niet is gebeurt.
Sextortion = Wanneer iemand intieme beelden heeft die hij/zij zelf
stuurde en die daarmee afpersen tenzij hij/zij meer foto’s/geld stuurt. Uit
de hand gelopen sexting.
Grooming = Volwassenen die jongere kinderen benaderen om die
seksueel te misbruiken.
Steaming = Als groep iemand viseren.
1.2 Weloverwogen definitie: agressie
Agressie = ‘het intentioneel aanwenden van of dreigen met fysieke of
psychologische macht of kracht, ten aanzien van zichzelf, een andere
persoon of tegen een groep of gemeenschap en wel zo dat er sprake is
van of een reële kans bestaat op het toebrengen van kwetsuren, de dood,
psychologische schade, een problematische ontwikkeling of deprivatie’
(def. van Wereldgezondheidsorganisatie)
Slechte definitie !
1
, • Met een definitie die enkel kijkt naar gedrag dat doelbewust ingezet
is om iemand grens te overschrijden, blijven heel wat situaties onder
de radar!
Bv. frustratie, beperking, …
• Boek: kiest ervoor om agressie en grensoverschrijdend gedrag te
definiëren vanuit het standpunt van het slachtoffer.
! ‘Gedrag waarbij een persoon schade toebrengt aan materiaal /
Agressie psychische of fysieke grenzen overschrijdt van zichzelf (automutilatie,
eetstoornis, …) of van een andere persoon’.
Definitie vanuit het standpunt van SO (= slachtoffer)
• Subjectiviteit
• Gevaar voor bepaalde beroepsgroepen: gewenning aan
grensoverschrijdend gedrag (bv. Giles de la Tourette)
• Ook lichtere vormen van agressie serieus nemen.
! 1.3 Kijk op agressie: vier uitgangspunten !
Uitgangspunt 1: structurele veiligheid naast relationele veiligheid
• Omgaan met agressie = aandacht hebben voor veiligheid
• Duidelijke werk- en leef structuur (structurele veiligheid)
• Noodzaak van vertrouwensrelaties (relationele veiligheid)
= basisvoorwaarden om agressie te voorkomen of professioneel te
hanteren
• Duidelijk kader: 7 regels voor constructief leefklimaat
mens kan maximum 7 regels onthouden
voor iedereen duidelijk, eenduidig gehanteerd
• Doel regels: grenzen aangeven
• Professionele opdracht vertalen in regels en afspraken
persoonlijk item op pauze (we moeten nadenken in belang van
doelgroep, niet thuissysteem)
Structurele veiligheid = wanneer er teamdenken ontstaat over regels
en grenzen, brengt dit rust en duidelijkheid voor iedereen.
Uitgangspunt 1: structurele veiligheid naast relationele veiligheid
• Ieder mens heeft relaties nodig
• Vertrouwen = risico nemen
• Als PGO: banden opbouwen!
2
, • Mensen die zich vaak agressief opstellen fundamentele angst
extra inzetten op vertrouwensband!
Bv. In een relatie stappen met angst voor conflict. Frustraties blijven
slikken tot het ontploft, en dan na een paar conflicten leren beseffen
dat je niet gedumpt wordt na een conflict.
! Belang van relationele veiligheid door evenwichtig handelen en balans in
emoties
Structurele en relationele veiligheid: deze zijn nodig voor veiligheid en
voorspelbaarheid!
Uitgangspunt 2: basishouding van ‘zorgdragende begrenzing’
Evenwicht
normerende houding
gezag-dragende houding
begrenzende houding
warme zorgende houding
Attributietheorie van probleemgedrag
Internaliseren Pr Attributie (denken) Reactie begeleider Effect
Psychosomatisc ob (gedrag)
he klachten, le
angst, e
teruggetrokken m
gedrag ge
dr
Risicofactoren • Jongere voelt zich • Begrip Toenadering
ag
bij kind en niet goed • Bezorgdheid (medeleven)
omgeving • Zijn er problemen • Een praatje
thuis? maken
• “Ocharme, die
heeft het al zo
moeilijk.”
3
, • Luistert nooit • Irritatie Afwijzing
• Altijd brutaal • Sancties
• Ouders kijken ook • Negatieve
nooit naar kind cirkels
om
• “wat een
agressieveling.”)
Externalisere
n
Druk, brutaal of
agressief
gedrag
Zorgzaamheid: te veel (= grenzeloosheid)
• Verwenning
• Parentificatie
• Symbiose = samenvallen
Begrenzing: te veel (= verstikken)
• Gedragsproblemen (uiten zich elders: bv. op internaat flink en op
school stout)
• Verstoorde binding
• Frustratie kanaliseren naar grensoverschrijdend gedrag
Ruimte bieden om te ontplooien + kans om bij te tanken!
Grenzen stellen = kansen bieden veiligheid en duidelijkheid
Uitgangspunt 3: agressie is ‘A x C’
A = aanleg (nature)
• in DNA en genen: portie basisemoties meegekregen (=
temperament)
• Bv. ADHD, hechtingsstoornis, lage socio-emotionele leeftijd, …
C = context/omgeving (nurture)
• Begeleider heeft impact op context (helpen co-reguleren) bv.
complimenten
Beiden hebben invloed op hoe agressief een persoon is
Uitgangspunt 4: agressie is taal
Agressie is:
• vorm van communicatie
4