Oorlog(sdreiging voor WO I)
• 1905 – Duits aanvalsplan “Schlieffen”:
o Duitsland verwachtte een oorlog op twee fronten: tegen Frankrijk in het
westen en Rusland in het oosten.
o Het plan: binnen enkele weken Parijs innemen, wat alleen kon door België
binnen te vallen om Frankrijk te omzeilen.
• België:
o Wist dat het in geval van oorlog gepasseerd zou worden door het Duitse
leger.
o Nam daarom vooraf maatregelen, zoals dienstplicht invoeren en
defensieve voorbereidingen treffen.
• Juni 1914 – Crisis in de Balkan:
o Moord op de Oostenrijkse troonopvolger (Franz Ferdinand).
o Berlijn (Duitsland) en Wenen (Oostenrijk-Hongarije) waren bereid oorlog te
voeren tegen Servië.
o Dreigden andere landen: als ze niet instemden met hun eisen, zou oorlog
volgen.
• Einde juli 1914:
1
, o Duitsland bereidt zich actief voor op oorlog en plant door België te trekken
om Frankrijk aan te vallen.
o Dit markeert het begin van een keten van gebeurtenissen die uitmonden in
Wereldoorlog I.
BELGIË IN DE OORLOG
- Duitse ambassadeur informeert België:
• Duitsland vertelt dat, om Frankrijk te verslaan, ze door België moeten trekken.
• Duitsland belooft dat als België meewerkt (“vrije doortocht”), de schade
wordt vergoed.
• Als België weigert, wordt het als vijand gezien.
- Interne Belgische discussie:
• Een minderheid wil de Duitse doortocht toestaan om oorlog te vermijden.
• De meerderheid van de regering kiest voor verdediging van het grondgebied.
• Toestemming zou België in feite een bondgenoot van Duitsland maken, wat
tegen hun neutraliteit ingaat en hen bij oorlog met Frankrijk zou betrekken.
- Besluit van België:
• België stuurt een antwoord naar Berlijn:
o “Wij zullen ons grondgebied verdedigen.”
• Doel: Duitsland afschrikken en de neutraliteit behouden.
2
, Parlementszitting – 4 augustus 1914
• Publiek bewust van oorlog: tijdens de zitting wordt voor het eerst duidelijk voor
het publiek dat België in oorlog raakt.
• Troonrede door Koning Albert:
o De koning richt zich tot het parlement om nationale eenheid en gezindheid
te bevorderen.
o Het doel is om alle politieke partijen, inclusief de socialisten, achter de
oorlogsinspanningen te krijgen.
• Socialistische positie:
o Socialisten waren traditioneel tegen steun aan patriciale/nationale
oorlogen.
o Zij benadrukten internationale solidariteit.
o Hun houding: als een oorlog defensief is, kan steun worden gegeven.
• Doel van de troonrede:
o Het parlement en de samenleving mobiliseren en verenigen.
o Legitimatie geven aan de defensieve oorlogsinspanningen van België
tegen de Duitse invasie.
3