FINANCIËLE ACTUALITEIT
HOOFDSTUK 1 - ECONOMISCHE VOORUITZICHTEN
1 VOORLOPENDE CONJUNCTUUR INDICATOREN
Conjunctuur: schommeling die voortkomen door verandering hier is er een
groot belang bij de PRODUCTIE (BPP), we trachten dit te meten van een bepaald
land hoeveel gaat men gaan produceren?
IN Bij werk en machines
Werken & OUT
machines wordt er waarde
toegevoegd
Hoe kan je de productie benaderen
1. Wat is de totale waarde van de totale toegevoegde waarde? => hierdoor kan
je zien welke sectoren het meeste waarde toevoegen vb. landbouw,
industrie, diensten, …
2. Totale waarde van Inkomens benadering => hoe zit de verdeling van de
inkomens
3. Bestedingsbenadering => C + I + G + X - Z
A A
C = Consumptie
Import van I = Investeren
buiten of G = Overheid
binnenland X = Export
A = producten worden verkocht en worden terug ingebracht dit speelt geen rol
want dit wordt opgeteld en uiteindelijk toch weer afgetrokken dit heeft geen
invloed op de bestedingsbenadering
BBP België = 600 miljard
lange termijn middellange termijn
korte termijn
ORGANISATIE MAATSCHAPPIJ AANBOD C+I+G+X-
Z
‘instituties’
conjunctuur
BBPreëel BBPreëel BBPreëel conjunctuur
Stoom, AI,
elektricite
it
1500 NU 1900 NU 1965 NU
1
,Reële BBP = houdt rekening met de prijsverandering (inflatie)
Wat zijn conjunctuur indicatoren: hoe is het met de conjunctuur? Hoe is het
met de productie
BBP vanuit uitgaven optiek
BBP vanuit productieoptiek
=> bestedingen benadering
=> productie benadering of
toegevoegde waarde
benadering
voorlopende conjunctuur
indicator: je kijkt naar iets en daarmee kan je voorspellen wat er zal gebeuren
met de conjunctuur (voorspellende indicatoren) => we proberen de conjunctuur
te voorspellen op KT
PMI = purchasing managers index = vooruitlopende … indicator een
indexcijfer da teen induk geeft van het vertrouwen dat inkoopmanagers op
dat moment in de economie hebben de waarde boven de 50 wordt gezien als
tegen van vertrouwen / groei onder de 50 is er een afname van activiteit
verwacht
Schuldplafond (in de VS) = perspectief van OVERHEIDSFINANCIËN => is het
wettelijke plafond voor de toegestane hoogte van de Amerikaanse staatsschuld
zodra dit bedrag wordt bereikt dienen alle niet-essentiële activiteiten direct
gestaakt te worden (gouvernement shutdown)
Overheidstekort (meer uitgaven dan inkomen) < 0 % - < 3%
2
, Overheidsschuld (overheid gaat lenen -> uitstaande leningen) < 60% - <
105%
IN AMERIKA
L (democraten) R
(republiek)
Overheidstussenkomst weinig
overheidstussenkomst
belastingen / inkomsten besparen /
uitgaven
Wat gebeurt er als ze schuldplafond niet aanpassen = government
shutdown alle niet-essentiële activiteiten gaan sluiten (museum)
2 INFLATIE
Inflatie = waarde van geld die daalt na een bepaalde periode (verlies aan
koopkracht)
Trump 2.0 = inflatie dreigt? => werkt met importtarieven / invoertarieven
GESLOTEN GLOBALISEREN (OPEN) IMPORTTARIEF
A P A P A
P
€50/ST €40/ST
€20/ST + importtaks
€20/ST
V V V
1 000 ST Q 1 700 ST Q 1 300 ST Q
binnenland / lokaal consumptie en prijs
consumptie en prijs
buitenland / import binnenlandse productie binnenlandse
productie
import
waarom dreigt trump 2.0 inflatie in amerika te veroorzaken:
Sterke economie nog verder stimuleren
Verhoging importtarieven: vraag en aanbodscurve, bij evolutie gesloten
economie naar open economie en vervolgens open economie met
importtarieven
open economie = door de grenzen los te maken heb je een totaal ander
aanbod. Hierdoor zal er bij de prijs veel groter aanbod aangeboden kunnen
worden dat is doordat de wereld ook kan aanbieden. Dit resulteert dat er minder
3
, lokaal wordt geproduceerd er zal een lage prijs zijn waarbij meer verhandeld zal
worden een klein deel wordt nog lokaal geproduceerd
importtarief = wereldaanbod zal stijgen de prijzen stijgen het verbruik zal
dalen hierdoor zal de lokale productie stijgen en de import zal verminderen zijn
budget zal vergroot worden
1. door zijn tarieven maakt Trump een inflatoir beleid
2. economische activiteit is niet slecht in de VS
recessie = 2 kwartalen van negatieve groei
document ‘inflatie cijfers’
waarom bang van inflatie =>
1. er wordt een herverdeling doorgevoerd zonder maatregelen
2. onzekerheid => uitstel van beslissingen (verandering van aluminium naar
kunststof door de sterk plots stijgende prijs van aluminium, gaan we door met
verbouwen of niet?)
inflatie is goed voor de mensen met schulden maar voor de mensen die
gespaard hebben zijn niet blij (waarde van geld verminderd)
rentevoeten LT = beleggers zullen slechts bereid zijn op LT geld ter
beschikking te
stellen mits voldoende hoge LT rente
rentevoeten KT = CB zullen inflatie proberen onder controle te krijgen
door
verhoging KT rente
hoewel de sterkere dollar de vrees op inflatie invoer blijft voeden =
sterkere dollar ten opzichte ven de euro is dus zwakkere euro ten opzichte
van de dollar import wordt hierdoor duurder (vb. olie)
in Europa is het BPP niet zo goed, de inflatie is hier onzeker we zijn bang (gaan
we ze onder controle kunnen houden’ we kijken naar $ => €1 = $1,04
we hebben nu een gevoel dat de $ erg sterk zal worden en zal stijgen als dit
gebeurt zal € goedkoper worden ten opzichte van de $
als de € goedkoper zal worden is dit GOED voor de export
als de € duurder zal worden is dit SLECHT voor de import (olie importeren wij het
meest en deze wordt aangerekend in $)
FED = KT rentevoeten bepalen, rente rustig houden, verwachting naar tragere
verlaging rente
4
HOOFDSTUK 1 - ECONOMISCHE VOORUITZICHTEN
1 VOORLOPENDE CONJUNCTUUR INDICATOREN
Conjunctuur: schommeling die voortkomen door verandering hier is er een
groot belang bij de PRODUCTIE (BPP), we trachten dit te meten van een bepaald
land hoeveel gaat men gaan produceren?
IN Bij werk en machines
Werken & OUT
machines wordt er waarde
toegevoegd
Hoe kan je de productie benaderen
1. Wat is de totale waarde van de totale toegevoegde waarde? => hierdoor kan
je zien welke sectoren het meeste waarde toevoegen vb. landbouw,
industrie, diensten, …
2. Totale waarde van Inkomens benadering => hoe zit de verdeling van de
inkomens
3. Bestedingsbenadering => C + I + G + X - Z
A A
C = Consumptie
Import van I = Investeren
buiten of G = Overheid
binnenland X = Export
A = producten worden verkocht en worden terug ingebracht dit speelt geen rol
want dit wordt opgeteld en uiteindelijk toch weer afgetrokken dit heeft geen
invloed op de bestedingsbenadering
BBP België = 600 miljard
lange termijn middellange termijn
korte termijn
ORGANISATIE MAATSCHAPPIJ AANBOD C+I+G+X-
Z
‘instituties’
conjunctuur
BBPreëel BBPreëel BBPreëel conjunctuur
Stoom, AI,
elektricite
it
1500 NU 1900 NU 1965 NU
1
,Reële BBP = houdt rekening met de prijsverandering (inflatie)
Wat zijn conjunctuur indicatoren: hoe is het met de conjunctuur? Hoe is het
met de productie
BBP vanuit uitgaven optiek
BBP vanuit productieoptiek
=> bestedingen benadering
=> productie benadering of
toegevoegde waarde
benadering
voorlopende conjunctuur
indicator: je kijkt naar iets en daarmee kan je voorspellen wat er zal gebeuren
met de conjunctuur (voorspellende indicatoren) => we proberen de conjunctuur
te voorspellen op KT
PMI = purchasing managers index = vooruitlopende … indicator een
indexcijfer da teen induk geeft van het vertrouwen dat inkoopmanagers op
dat moment in de economie hebben de waarde boven de 50 wordt gezien als
tegen van vertrouwen / groei onder de 50 is er een afname van activiteit
verwacht
Schuldplafond (in de VS) = perspectief van OVERHEIDSFINANCIËN => is het
wettelijke plafond voor de toegestane hoogte van de Amerikaanse staatsschuld
zodra dit bedrag wordt bereikt dienen alle niet-essentiële activiteiten direct
gestaakt te worden (gouvernement shutdown)
Overheidstekort (meer uitgaven dan inkomen) < 0 % - < 3%
2
, Overheidsschuld (overheid gaat lenen -> uitstaande leningen) < 60% - <
105%
IN AMERIKA
L (democraten) R
(republiek)
Overheidstussenkomst weinig
overheidstussenkomst
belastingen / inkomsten besparen /
uitgaven
Wat gebeurt er als ze schuldplafond niet aanpassen = government
shutdown alle niet-essentiële activiteiten gaan sluiten (museum)
2 INFLATIE
Inflatie = waarde van geld die daalt na een bepaalde periode (verlies aan
koopkracht)
Trump 2.0 = inflatie dreigt? => werkt met importtarieven / invoertarieven
GESLOTEN GLOBALISEREN (OPEN) IMPORTTARIEF
A P A P A
P
€50/ST €40/ST
€20/ST + importtaks
€20/ST
V V V
1 000 ST Q 1 700 ST Q 1 300 ST Q
binnenland / lokaal consumptie en prijs
consumptie en prijs
buitenland / import binnenlandse productie binnenlandse
productie
import
waarom dreigt trump 2.0 inflatie in amerika te veroorzaken:
Sterke economie nog verder stimuleren
Verhoging importtarieven: vraag en aanbodscurve, bij evolutie gesloten
economie naar open economie en vervolgens open economie met
importtarieven
open economie = door de grenzen los te maken heb je een totaal ander
aanbod. Hierdoor zal er bij de prijs veel groter aanbod aangeboden kunnen
worden dat is doordat de wereld ook kan aanbieden. Dit resulteert dat er minder
3
, lokaal wordt geproduceerd er zal een lage prijs zijn waarbij meer verhandeld zal
worden een klein deel wordt nog lokaal geproduceerd
importtarief = wereldaanbod zal stijgen de prijzen stijgen het verbruik zal
dalen hierdoor zal de lokale productie stijgen en de import zal verminderen zijn
budget zal vergroot worden
1. door zijn tarieven maakt Trump een inflatoir beleid
2. economische activiteit is niet slecht in de VS
recessie = 2 kwartalen van negatieve groei
document ‘inflatie cijfers’
waarom bang van inflatie =>
1. er wordt een herverdeling doorgevoerd zonder maatregelen
2. onzekerheid => uitstel van beslissingen (verandering van aluminium naar
kunststof door de sterk plots stijgende prijs van aluminium, gaan we door met
verbouwen of niet?)
inflatie is goed voor de mensen met schulden maar voor de mensen die
gespaard hebben zijn niet blij (waarde van geld verminderd)
rentevoeten LT = beleggers zullen slechts bereid zijn op LT geld ter
beschikking te
stellen mits voldoende hoge LT rente
rentevoeten KT = CB zullen inflatie proberen onder controle te krijgen
door
verhoging KT rente
hoewel de sterkere dollar de vrees op inflatie invoer blijft voeden =
sterkere dollar ten opzichte ven de euro is dus zwakkere euro ten opzichte
van de dollar import wordt hierdoor duurder (vb. olie)
in Europa is het BPP niet zo goed, de inflatie is hier onzeker we zijn bang (gaan
we ze onder controle kunnen houden’ we kijken naar $ => €1 = $1,04
we hebben nu een gevoel dat de $ erg sterk zal worden en zal stijgen als dit
gebeurt zal € goedkoper worden ten opzichte van de $
als de € goedkoper zal worden is dit GOED voor de export
als de € duurder zal worden is dit SLECHT voor de import (olie importeren wij het
meest en deze wordt aangerekend in $)
FED = KT rentevoeten bepalen, rente rustig houden, verwachting naar tragere
verlaging rente
4