Introductie:
Prof: Jasmien Dewilde
Examen: mondeling examen met speech (+/- 4min) en 2 theoretische
vragen
speech = 80%
theorie = 20%
Facultatieve evaluatie halverwege semester (niet op punten)
Les 1: Inleiding tot het tolken
Hoofdstuk 16 handboek In Balans
Verschil tolken en vertalen
Tolken is mondeling, vertalen is schriftelijk
Vertalen als parapluterm
“Tolken is een vorm van vertalen waarin een unieke en definitieve
omzetting in een andere taal geproduceerd wordt op basis van een
eenmalige presentatie van een uiting in een brontaal” (De Sutter &
Delaere, 2019, p. 347)
Bij tolken meer loskomen van het origineel dan bij vertalen door
real-time
Drie kenmerken die tolken onderscheiden van vertalen (Pöchhacker,
2004)
“Real-time translation”
Vertalers hebben hun tekst voor zich die ze steeds kunnen herlezen
wanneer ze willen en kunnen advies vragen aan collega’s of een
woordenboek raadplegen. Tolken hebben die mogelijkheid over het
algemeen niet. Zij hebben meestal geen tekst voor zich en moeten
vertrouwen op hun gehoor, geheugen en notities. Daardoor moeten tolken
herformuleren en kunnen er informatie of nuances verloren gaan, zelfs bij
de meest doorgewinterde tolk. Het is belangrijk voor een tolk om kennis te
hebben of informatie in te winnen over het onderwerp van het tolkgesprek
1
,of de voordracht, omdat hij/zij tijdens het tolken niet of nauwelijks in
de gelegenheid zijn om informatie of termen op te zoeken. Dat
geldt voor vertalers ook, maar in mindere mate.
2
,“Oral versus written message”
Vertalen is de schriftelijke boodschap overzetten van een taal (de
brontaal) naar een andere (de doeltaal). Bij tolken daarentegen wordt de
boodschap doorgaans mondeling omgezet naar de doeltaal. Behalve in
het geval van gebarentolken.
“Real-time translation in a communicative context”
In tegenstelling tot de vertaler is de (gespreks-)tolk actief betrokken bij
het communicatieproces. Als enige persoon in het gesprek die beide talen
van de gesprekspartners machtig is, heeft de tolk ook een
coördinerende taak.
Soort tolken: tolkmodi
● Consecutief tolken
- Tolken nadat de spreker uitgesproken is. Meestal op basis van
notities. Meestal in een gesprek tussen personen.
- Voorbeeld: https://www.youtube.com/watch?v=Cz3fjAX5Meg
● Simultaan tolken
- Tolken (bijna) gelijktijdig met de spreker.
- Voorbeeld: https://www.youtube.com/watch?v=lK_GK_F3IoQ
3 soorten simultaantolken
1. Fluistertolken (“chuchotage”): zonder hulpmiddelen en beperkt
aantal luisteraars.
2. Biduletolken: met behulp van een bidule, i.e. mobiele tolkset
(microfoon en hoofdtelefoons), maar zonder luisterondersteuning voor
de tolk. Geschikt voor enkele tientallen deelnemers en één taal.
3. Cabinetolken: vanuit een geluidsdichte kamer met volledige
geluidsinstallatie.
Voor grote groepen en meerdere talencombinaties.
3
, Vertalen van het blad (sight translation)
Mondelinge vertaling van een schriftelijke tekst. Vooral als pedagogisch
instrument. Vertalen terwijl je leest, zin per zin zonder de tekst op
voorhand gezien te hebben.
4