Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 32 pages
Class notes

Overzicht/uitleg arresten rechtspraakbundel

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 32 pages

Dit document bevat de besproken arresten. Alle arresten zijn verduidelijkt en uitgeschreven met extra informatie. De grote van de kaders is zo aangepast dat het makkelijk in het boek te plakken is.

Content preview

Casus van de zwiepende tak:
U en EF gaan samen wandelen. Op het pad ligt een tak waartegen EF schopt, die nog
vasthing aan een stuk struik, waardoor deze terug zwiept in uw oog. Het slachtoffer dat de
zwiepende tak in het oog heeft gekregen, heeft een aantal schadeposten (medische kosten,
invaliditeit, esthetische schade, inkomensbederf, arbeidsongeschiktheid).
De persoon heeft schade geleden, vanuit welke bron kan hij schadevergoeding bekomen? Is
persoon EF aansprakelijk of niet?
- Eerste aanleg: geen aansprakelijkheid
- Hoger beroep: wel aansprakelijkheid
- Hoge Raad: geen aansprakelijkheid want het uitgangspunt is dat de schade blijft
liggen waar ze is ontstaan; the loss lies where it falls.

In principe moet men eigen schade zelf dragen maar wanneer je kan aantonen dat de
voorwaarden zijn vervuld, kan je eventueel een schadevergoeding bekomen.
Een cruciaal element van de foutbeoordeling is de vraag de schade voorzienbaar was.
Er is pas sprake van een fout als je de schade hebt voorzien en niet de nodige maatregelen
hebt genomen om de schade te voorkomen. Persoon EF kon niet weten dat de tak nog
vastzat en terug ging zwiepen in het oog van persoon U, de schade was dus niet
voorzienbaar. OPGELET: men kan niet tweemaal voor dezelfde schade vergoed worden.


Badkuipargument:
Als je uitschuift in je bad zegt men in België dat niemand een fout heeft begaan waardoor je
je eigen schade moet vergoeden. In Nieuw-Zeeland zegt men daarentegen dat er geen
verschil is tussen uitschuiven in bad en een auto-accident. Er is sowieso een vergoeding door
de staat, ongeacht de oorzaak. Het is de loutere fout die er toe doet. In feite is dit een
bredere dekking.


Schadevergoende functie:
Tweede belangrijke element in die schadevergoedende functie is dat waar men uitging van
the loss lies where it falls naar een foutaansprakelijkheid.
De wetgever heeft door de jaren heen meer en meer foutloze/objectieve
aansprakelijkheden ingevoerd, waarbij het slachtoffer geen fout gaat moeten bewijzen om
schadevergoeding te verkrijgen. Dit is een enorme bewijslastverlichting.
Bv.: arbeidsongevallenregeling is een soort van no fault vergoedingssysteem


Preventieve functie:
Als iemand een aansprakelijkheidsverzekering heeft, dat is de verzekerde zelf niet degene
die de schadevergoeding zal moeten betalen. Dus heel veel preventieve functies gaan er dan
niet uit van het aansprakelijkheidsrecht.
- Daarom is het de verzekeraar zelf die in de aansprakelijkheidsverzekering prikkels
inbouwt om iemand tot zorgvuldig gedrag aan te sporen. Dit doet de verzekeraar
door zogenaamde vrijstellingen of franchises in te voeren.
Bv.: brandverzekering werkt met franchise of vrijstellingen. Als er een
schadegeval is dan moet men de eerste 200-300 euro zelf betalen.



Punitive damages:
De punitive damages via andere wegen implementeren.
Stel Tom Hanks bedriegt zijn partner met een heel mooie vrouw. Een paparazzi fotograaf
neemt een foto en het tegen een hoge prijs verkoopt aan een roddelblad. Die eindredacteur
weet perfect dat dit een schending is van je recht op een privéleven, maar die zitten er niks
mee in. Stel dat een Frans tijdschrift zegt dat ze met plezier die schadevergoeding gaan
betalen, want hun omzet zal gigantisch zijn.


De Franse rechtspraak neemt het woord punitive damages niet in de mond, maar die gaan
een enorm hoge morele schadevergoeding opleggen. Morele schade is onmeetbaar (zie
Indicatieve Tabel). Dus om bovenstaande praktijken tegen te gaan heeft de Franse
rechtspraak enorme bedragen aan morele schade toegekend. Eigenlijk is dit een soort van
punitive damages, ook al zeggen ze het niet.

,Controverse over ervaring:
Mag je rekening houden met de ervaring van iemand?
Bv.: een autobestuurder die gisteren zijn rijbewijs heeft gehaald en die maakt vandaag een
fout door gebrek aan ervaring. Mogen we daar rekening mee houden? Je hebt uw rijbewijs
dus je zou moet kunnen rijden.


Persoonlijk vindt de prof dat ervaring geen rol mag spelen in het aansprakelijkheidsrecht
omdat het een in abstracto beoordeling is. Het is de culpa levis in abstracto die hier geldt.
We moeten wegblijven van de subjectieve beoordeling, de prof vindt ervaring een subjectief
element. We zien in de rechtspraak dat er nooit rekening wordt gehouden met het gebrek
aan ervaring bij autobestuurders. We zien wel dat bij advocaat-stagiairs en artsen-stagiairs
dat er rechtspraak is die daar wel rekening mee houdt. Hier zie je wel dat de rechtspraak
milder is. De rechtspraak is zeker dus niet eenduidig. Ook vanuit het standpunt van het
slachtoffer is het beter om een strenge zorgvuldigheidsnorm te hanteren en geen rekening
te houden met de ervaring.


Verschillende doelstellingen:
Aansprakelijkheidsrecht: vier doelstellingen = schadevergoeding, preventie, schadespreiding
en reglementerende functie
- In abstracto beoordeling: toetsing aan de bonus pater familias
- Bv.: gedrag van autobestuurder vergelijken met normaal, zorgvuldig persoon

Strafrecht: andere doelstellingen = bescherming van de samenleving, preventie, herstel van
de schade, vergelding.
- In concreto beoordeling: zo veel mogelijk rekening houden met subjectieve en
objectieve elementen (= geïndividualiseerd)



ARREST: Cass. 15/05/1941 STEENBAKKERSARREST
Feiten: Twee steenbakkerijen die elkaar de duivel aandoen en de ene steenbakkerij heeft zogenaamde ‘vlammende stenen’
ontwikkelt door leem met krijt te mengen. Een andere steenbakkerij brengt diezelfde stenen op de markt. Waarop die
eerste bakkerij zegt dat het plagiaat is. De tweede bakkerij zegt dat dit niet waar is omdat in elk handboek voor
steenbakkers dat procedé staat beschreven én het feit dat je een proces tegen mij instelt omdat ze dat zogezegd
geplagieerd zou hebben, is op zich een fout. Kan het instellen van een proces een fout uitmaken?
Cassatie: Het instellen van een proces dat maakt op zichzelf geen fout uit, maar de omstandigheden waarin een proces
wordt ingesteld kunnen wel tot een fout leiden. Namelijk als je een proces instelt op zo’n lichtzinnige manier dat geen
normaal zorgvuldig persoon geplaatst in dezelfde omstandigheden ooit zo’n proces zou hebben ingesteld.
Hof van Beroep: HvB beslist dat de steenbakker fout had begaan door op zo’n lichtzinnige wijze een proces in te stellen.
Cassatie: Bijkomend en interessant zegt cassatie: U bent een groot bedrijf met heel veel middelen, u had dat zeker moeten
weten. Men houdt hier een beetje rekening met een subjectief element (= de omvang van het bedrijf is een in concreto
beoordeling). Steenbakker had gezegd dat ze misschien wel een fout hadden begaan, maar het is toch maar een kleine,
lichte fout dat kan toch nooit tot die schadevergoeding aanleiding geven.
Cassatie: Art. 1382 oud BW maakt geen enkel onderscheid naargelang de aard van de fout. Elke fout verplicht de
schadeverwekker de schade integraal te vergoeden.
Conclusie: Dit gaat over verschilpunt tussen het strafrecht en het aansprakelijkheidsrecht. Het strafrecht is iets beperkter,
in de zin dat je maar een straf kan opleggen als er een misdrijf in de wet bepaald is (nullem crimen sine lege). Art. 1382 BW
is veel rijker want het BW bevat geen lijst van fouten en definieert het begrip fout zelfs niet. Het BW zegt enkel dat je
schadevergoeding verschuldigd bent als je door je fout schade hebt veroorzaakt. De rechtspraak en de rechtsleer hebben
dan gesteld een fout is het gedrag waar een normaal zorgvuldig persoon zich niet schuldig aan zou hebben gemaakt. Dit is
oneindig soepel, aanpasbaar aan de concrete omstandigheden, wat een rijkere inhoud geeft.



ARREST: Cass. 27/05/1943 ELECTA UNA VIA
Feiten: Werknemer bij de NMBS is slachtoffer van een ongeval dat aan iemand anders wordt toegeschreven. De dader
wordt veroordeeld wegens slagen en verwondingen door de strafrechter en hij krijgt schadevergoeding, want hij heeft zich
burgerlijke partij gesteld. Schadevergoeding voor de medische onkosten en voor zijn tijdelijke arbeidsongeschiktheid. Er is
een vonnis van de strafrechter met strafrechtelijke veroordeling en schadevergoeding voor medische onkosten en tijdelijke
arbeidsongeschiktheid. Na verloop van enige tijd evolueert die tijdelijke arbeidsongeschiktheid naar een blijvende
arbeidsongeschiktheid. Er is dus nieuwe schade en hij vraagt schadevergoeding voor toekomstige schade, want die
blijvende arbeidsongeschiktheid zal blijvend zijn tot het einde van zijn carrière. Zijn advocaat gaat voor deze nieuwe schade
niet terug naar de strafrechter maar naar de burgerlijke rechter.
Hof van Beroep Luik: Deze zegt dat meneer bij de verkeerde rechtbank zit op basis van een adagium ‘electa una via non
datur recursus ad alteram’. Eén keer dat je een keuze hebt gemaakt, moet je altijd naar dezelfde rechtbank gaan. Dus op
basis van die rechtsspreuk zegt het Hof van Beroep te Luik ‘u zit bij het verkeerde rechtscollege, u had terug naar de
strafrechter moeten gaan voor die bijkomende schade schadevergoeding te claimen’.
Cassatie: Art. 4 V.T.SV. geeft aan de benadeelde, die een burgerlijke vordering heeft voortvloeiend uit een strafrechtelijk
misdrijf, de keuze om ofwel naar de strafrechter te gaan ofwel naar de burgerlijke rechter. Verder zegt die bepaling niets
over het wijzigen van die keuze. Ook als we gaan kijken naar de parlementaire voorbereidingen van dit artikel dan zegt die
ook niks over die rechtsspreuk ‘electa una via’. Dus de rechtsspreuk bestaat wel, maar in de wetteksten noch in de
parlementaire voorbereidingen is daar iets over terug te vinden. Dus zegt het Hof dat we daar niet door gebonden zijn,
behoort het niet tot het Belgische positieve recht en gaan we dat ook niet toepassen. Het HvB Luik had die rechtsspreuk
niet mogen toepassen en dus het arrest wordt vernietigd. Iemand die eerst naar de strafrechter is geweest en nadien
nieuwe/bijkomende schade wilt vorderen, kan dat doen bij de burgerlijke rechter en is niet gebonden door dat adagium.

,Over keuzerecht:
Het feit dat men keuze heeft tussen 2 soorten rechtsmachten kan het risico met zich
meebrengen dat men tegenstrijdige uitspraken bekomt, dit wil de wetgever vermijden met
een adagium: “le criminel tient le civil en état”.
- Als iemand tegelijkertijd de strafrechter en de burgerlijke rechtbank in gang zet moet de
burgerlijke rechtbank wachten: het burgerlijk proces wordt geschorst tijdens de
strafrechtelijke procedure om tegenstrijdige uitspraken te vermijden = het strafrechtelijk
gezag van gewijsde (algemeen rechtsbeginsel art. 4 SV): het is van openbare orde = absoluut
karakter en geldt erga omnes
- De burgerlijke rechtbank is dus gebonden door wat de strafrechter heeft beslist,
aansprakelijkheidsrecht moet nederig zijn en zich schikken naar het strafrecht


ARREST: Cass. 12/12/1968 HET VERDWENEN-KABELARREST
Feiten: Meneer Hamoir, een aannemer, voert openbare werken uit op straat. Er wordt een nutsleiding (elektriciteit en gas)
beschadigd en de elektriciteits- en gasmaatschappij lijdt daardoor schade.
Politierechtbank SPA: De politierechtbank spreekt meneer Hamoir vrij wegens twijfel. Dus meneer Hamoir wordt
strafrechtelijk vrijgesproken. De elektriciteitsmaatschappij gaat naar de Rechtbank van Koophandel te Verviers en die stelt
meneer Hamoir aansprakelijk. Die motiveert door te zeggen dat een strafrechtelijke aansprakelijkheid helemaal anders is
dan een civielrechtelijke aansprakelijkheid, die fouten vallen niet samen en meneer Hamoir had dubbel zo voorzichtig
moeten zijn want hij wist dat daar ergens in de buurt elektriciteitsleidingen lagen. Meneer Hamoir is niet tevreden met
deze uitspraak en gaat naar het Hof van Cassatie.
Cassatie: In beginsel is de burgerlijke rechter gebonden door wat de strafrechter zeker en noodzakelijk heeft beslist, dat is
een algemeen rechtsbeginsel en geldt erga omnes. Hier vallen de strafrechtelijke en civielrechtelijke fout zeker samen, dus
was er geen enkele aanleiding voor de burgerlijke rechter om niet gebonden zijn door wat de strafrechter zeker en
noodzakelijk heeft beslist. De burgerlijke rechter heeft zich ten onrechte niet gehouden aan het strafrechtelijk gezag van
gewijsde. Het middel is gegrond en het bestreden arrest wordt vernietigd. (= Voorbeeldige toepassing van het gezag van
strafrechtelijke gewijsde. Zeer klassiek.)



ARREST: Cass. 04/02/1972 DROESHOUTARREST
Feiten: Meneer Pierre Meers rijdt met zijn wagen op de openbare weg met naast hem mevrouw Kristien Meers. Meneer
Meers rijdt met zijn wagen tegen een tractor die op de weg was achtergelaten en niet verlicht was, maar er was wel
openbare verlichting.
Correctionele Rechtbank Nijvel: Meneer Meers wordt strafrechtelijk veroordeeld door de correctionele rechtbank te Nijvel
wegens het toebrengen van onopzettelijke slagen en verwondingen aan mevrouw Meers en om het niet te hebben kunnen
stoppen voor een voorzienbare hindernis (inbreuk op het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer). De
voorzienbare hindernis is de tractor. De verzekeraar van meneer Meers betaalt mevrouw Meers uit, maar gaat dan naar de
burgerlijke rechtbank en dagvaardt Droeshout, de eigenaar van de tractor. De verzekeraar meent dat meneer Droeshout
daar ook voor aansprakelijk is.
Hof van Beroep Gent: De vordering van de verzekeraar wordt afgewezen. Ik kan daar niet op ingaan omdat ik ben
gebonden door wat de strafrechter heeft beslist en de strafrechter heeft beslist dat meneer Meers aansprakelijk is voor het
schadegeval, dus kan ik Droeshout niet meer aansprakelijk stellen. De verzekeraar is niet tevreden en gaat naar HvC.
Cassatie: Je moet goed de draagwijdte van dat strafrechtelijk gezag van gewijsde begrijpen, zegt het Hof van Cassatie. Het
strafrechtelijk gezag van gewijsde geldt maar, heeft een beperkte draagwijdte, geldt enkel voor wat de strafrechter zeker
en noodzakelijk heeft beslist. Dat moet je analyseren. De strafrechter heeft enkel beslist dat meneer Meers aansprakelijk is,
maar heeft niets gezegd over een eventuele medeaansprakelijkheid van meneer Droeshout. Droeshout was zelfs geen
partij in het strafproces, dus heeft de strafrechter daar ook niks over beslist. Het is de burgerlijke rechter dan ook
toegelaten om te beslissen dat er eventueel een causaal verband is tussen de eventuele fout van Droeshout om zijn tractor
onverlicht achter te laten op de openbare weg en het verkeersongeval. Door te oordelen dat men niks kon zeggen over
Droeshout heeft men een veel te ruime draagwijdte gegeven aan het strafrechtelijk gezag van gewijsde. Arrest vernietigd.



ARREST: Cass. 15/02/1991 HET STAPPERSARREST
Feiten: Een bromfietser, meneer Paspont, die wil van de autoweg waarop hij rijdt op de linker voorsorteerstrook gaan
staan om een zijstraat in te slaan. Er komen tegenliggers aan. Meneer Stappers komt met zijn wagen uit de andere richting
aangereden en die zegt dat Paspont niet op de voorsorteerstrook stond, maar al op zijn rijstrook. Stappers moet uitwijken
en rijdt daardoor het echtpaar Leunissen Van Dorpe aan. LVD lijden daardoor schade. Op basis van de verklaring van
Stappers spreken zijn Paspont (de bromfietser) aan voor de strafrechter. De strafrechter zegt dat uit de technische
bevindingen kunnen wij geen fout van Paspont vaststellen en wij denken dat hij wel op die linker voorsorteerstrook stond.
Paspont wordt dus vrijgesproken voor de strafrechter.
Het echtpaar gaat naar de burgerlijke rechter en stellen een aansprakelijkheidsvordering in tegen Stappers die hun heeft
aangereden. Stappers was geen partij in het strafproces en Stappers wilt voor Hof van Beroep te Antwerpen aantonen dat
Paspont zich in een onrechtmatige positie bevond en dat hij al op zijn rijstrook was en niet op die voorsorteerstrook.
Hof van Beroep Antwerpen: Je kan niet bewijzen dat Paspont een fout heeft begaan want hij is voor de strafrechter
vrijgesproken. Wij moeten ons daaraan houden want het gezag van strafrechtelijke gewijsde verplicht ons daartoe.
Stappers gaat naar Cassatie en zegt dat hij zich beroept op art. 6, lid 1 EVRM, het recht op een eerlijke behandeling van de
zaak. De bewijzen die ik heb, kon ik niet aanvoeren voor de strafrechter omdat ik geen procespartij was en ik kan die ook
niet aanvoeren voor de burgerlijke rechter. Ik kan mijn bewijsmiddelen nooit voor een rechtbank brengen. Het Hof van
Cassatie wordt hier geconfronteerd met een conflict van rechtsregels, enerzijds het algemeen rechtsbeginsel van het gezag
van gewijsde dat erga omnes geldt en anderzijds art. 6, lid 1 EVRM het recht op een eerlijke behandeling van de zaak en
het recht op verdediging. Op basis van de hiërarchie der normen heeft internationale norm voorrang op nationale norm.
Cassatie: Art. 6, lid 1 EVRM heeft hier voorrang. Dus moet je de kans krijgen, niettegenstaande het strafrechtelijk gezag van
gewijsde, om je bewijsmiddelen aan te voeren.
Conclusie: Principe-arrest dat het erga omnes karakter van strafrechtelijk gezag van gewijsde op de helling zet. Als je geen
partij was in de strafprocedure dan moet je in de burgerlijke procedure toch nog het recht krijgen om je bewijsmiddelen en
je argumenten aan te voeren. Dit vlakt het erga omnes-karakter van strafrechtelijke gewijsde dus af. Degene die partij was
in strafprocedure is wel gebonden door wat strafrechter heeft gezegd, want die hebben hun bewijzen kunnen voorleggen.

, ARREST: Cass. 08/03/1973 HET SNOECKARREST
Feiten: Iemand veroorzaakt in dronken toestand een verkeersongeval als autobestuurder, die maakt zich schuldig aan twee
mogelijke strafrechtelijke misdrijven: 1. Onopzettelijke slagen en verwondingen, eventueel met de dood tot gevolg en ook
aan 2. Dronkenschap achter het stuur. De strafrechter zou twee straffen kunnen opleggen, twee strafrechtelijke misdrijven.


Cassatie: Wanneer eenzelfde feit verschillende misdrijven oplevert dan wordt alleen de zwaarste straf uitgesproken. Als je
als rechter toch twee straffen oplegt, dan zeg je dat die dronkenschap niets met het verkeersongeval te maken heeft. Want
als het eenzelfde feit is dan moet je enkel de zwaarste straf opleggen, maar je hebt twee straffen opgelegd waardoor je
zegt dat het verkeersongeval niet te wijten is aan die dronkenschap. Dit is heel belangrijk want de schadeverwekker heeft
in dronkenschap een verkeersongeval veroorzaakt, waarvan er een slachtoffer is.


De autobestuurder is wettelijk verplicht verzekerd. Bij een aansprakelijkheidsverzekering heeft het slachtoffer altijd een
rechtstreekse vordering tegen de verzekeraar. Dit is interessant want als de schadeverwekker onvoldoende vermogend is
om de schadevergoeding te betalen dan heb je de verzekeraar nog waar dat risico veel kleiner is. Dus kan het slachtoffer
rustig naar de verzekeraar gaan en rechtstreeks schadevergoeding eisen indien de schadeverwekker daartoe veroordeeld
is. De verzekeraar gaat het daar niet bij laten omdat dronkenschap in elke autoverzekering als een zware fout wordt
gekwalificeerd, waarbij de verzekeraar een regresvordering kan instellen tegen de schadeverwekker verzekerde. De
verzekeraar zal de schadevergoeding op de schadeverwekker verhalen.


Als de strafrechter twee verschillende straffen heeft uitgesproken wil dat zeggen dat dat verkeersongeval niet te wijten is
aan dronkenschap en kan de verzekeraar geen regresvordering instellen.
- Alcoholintoxicatie = het aantal promille dat men in het bloed heeft
- Dronkenschap = men heeft geen controle meer over uw daden
- Deze twee vallen vaak samen, maar niet noodzakelijk: sommige mensen kunnen geïntoxiceerd zijn maar niet dronken zijn.
- Wanneer de strafrechter afzonderlijke straffen heeft uitgesproken, is de burgerlijke rechter (bij wie de zaak aanhangig is
gemaakt) gebonden door het strafrechtelijke gewijsde en is hij verplicht om het ene misdrijf als afzonderlijk misdrijf te
beschouwen van het andere misdrijf (= principe).


Conclusie: Specifiek aan dit arrest werden er twee straffen opgelegd maar het hof van beroep had ook gezegd dat door de
alcohol zijn verantwoordelijkheidszin aanzienlijk was verminderd. Hierdoor spreekt de strafrechter zichzelf tegen waardoor
de burgerlijke rechter niet meer is gebonden door wat hij had beslist.
We passen het Stappersarrest toe op bovenstaande situatie. De verzekeraar is geen partij bij het strafproces, dus voor de
burgerlijke rechter ofschoon de strafrechter twee verschillende straffen heeft opgelegd, zal de verzekeraar toch nog de
gelegenheid moeten krijgen om aan te tonen dat het verkeersongeval toch te wijten is aan dronkenschap. Om de
verzekerde toch in enige mate te beschermen tegen een volledige regresvordering voor de integrale schade van de
verzekeraar, heeft de wetgever de regresvordering van de verzekeraar tegen de schadeverwekker verzekerde
beperkt/geplafoneerd tot 30 000 euro.



ARREST: Cass. 07/11/1969 HET RUNDERTUBERCULOSE-ARREST
Feiten: Een KB van 1963 dat rundertuberculose wil bestrijden, verplicht alle veehouders om hun runderen te laten
vaccineren. Tijdens die vaccinatie verwondt het rund de veearts. Die veearts heeft een contract gesloten met de
landbouwer. Hij zou zich dus kunnen beroepen op de contractuele aansprakelijkheidsregels, maar dan moet hij een fout
aantonen. Hij vindt dat hij zich beter kan beroepen op art. 1385 oud BW dat een objectieve aansprakelijkheid heeft
ingevoerd op de eigenaar of bewaarder van het dier voor de schade veroorzaakt door dat dier. Dat is veel gemakkelijker.
Kan die nu in een contractuele relatie art. 1385 oud BW toepassen?
Eerste vraag: Is hier eigenlijk wel een contract?
Want men is wettelijk verplicht om uw runderen te laten vaccineren, is hier dan eigenlijk wel een contract als het wettelijk
verplicht is? Is hier sprake van een vrije toestemming?
Cassatie: Er is een vrije toestemming zegt het Hof. Er is wel een wettelijke plicht, maar je hebt de vrije keuze van veearts.
Dus is er een contract kunnen ontstaan.
Tweede vraag: Kan art. 1385 oud BW worden toegepast in een contractuele relatie?
Cassatie: Ja, uit de enkele omstandigheid dat er tussen de schadeverwekker en het slachtoffer een overeenkomst bestaat,
volgt niet dat de buitencontractuele aansprakelijkheid is uitgesloten. Samenloop wordt aanvaard door het HvC.



ARREST: Cass. 13/02/1930 SAMENLOOP NMBS
Feiten: Vervoersovereenkomst van een paard door de NMBS. Tijdens het vervoer sterft het paard. Normaal rust er een
foutvermoeden op de NMBS op basis van de wet betreffende de vervoersovereenkomst, maar in het algemeen reglement
van de NMBS stond er een soort exoneratiebeding. Dus probeert de benadeelde contractant de NMBS aan te spreken op
grond van de buitencontractuele aansprakelijkheidsregels (art. 1382 oud BW). Hij zegt dat hij wilt aantonen dat de NMBS
een buitencontractuele fout heeft begaan tijdens het transport van het paard.
Hof van Beroep Brussel: Het Hof laat dit toe. NMBS gaat in Cassatie.
Cassatie: De regel die in artikel 1382 oud BW staat (iedereen die aan een ander schade veroorzaakt, moet die vergoeden),
is een algemeen geldende regel die zich aan iedereen opdringt en die van toepassing is in alle omstandigheden. Het feit dat
er een contract is tussen twee partijen sluit niet uit dat die regel kan worden toegepast. Samenloop is toegelaten.



ARREST: Cass. 07/12/1973 HET STUWADOORSARREST
Feiten: Een fabrikant van een machine en die moet die machine leveren in New York per schip. De fabrikant doet daarvoor
beroep op een rederij en die rederij doet beroep op een stuwadoor om die machine aan boord van dat schip te krijgen. De
stuwadoor gaat de machine in netten plaatsen en zo wordt die machine in die netten aan boord gehesen. Net op het
moment dat die machine helemaal boven is, stort die naar beneden in 1000 stukken. De fabrikant wordt vergoed door zijn
verzekeraar, maar die verzekeraar die wilt zich nu verhalen op de rederij of de stuwadoor. Hij kan twee partijen
aanspreken. Er is een aansprakelijkheidsbeperking ten aanzien van de rederij, de rederij kan niet integraal worden
aangesproken. De verzekeraar gaat dus de stuwadoor aanspreken op grond van art. 1382 oud BW. De stuwadoor is een
derde, dus kan die perfect buitencontractueel worden aangesproken. (co-existentie)
Cassatie: De hulppersoon die de vervoerder in zijn plaats stelt om een deel of geheel van het vervoercontract uit te voeren,
die is ten aanzien van de uitvoering van het contract geen derde. De prof vindt dit een zeer vreemde uitspraak, want er is
geen contract tussen de fabrikant en de stuwadoor, het is geen contractant en het hof zegt dat het ook geen derde is. Wat
is het dan? Je bent ofwel contractant, ofwel derde. Het Hof zegt dat het geen contractant is en geen derde. De prof vindt
dit een verkeerde uitspraak van het Hof, dat kan niet, het is het één of het ander. Toch zegt het Hof dat het geen derde is,
dus je kan hem ook niet zuiver aanspreken op grond van art. 1382 oud BW. Wanneer kan je hem dan wel aanspreken?
Het Hof zegt dat als aan twee voorwaarden voldaan is: 1. Indien de hem verweten fout de schending uitmaakt, niet van de
contractuele aangegane verbintenis, doch van een iedereen opgelegde verplichting EN 2. Indien die fout een andere
schade heeft veroorzaakt dan die louter uit de gebrekkige uitvoering van een contract.
Conclusie: De stuwadoor kan hier niet aansprakelijk worden gesteld, Cassatie is van oordeel dat men zich tot zijn contractant
moet richten. Het Stuwadoorsarrest heeft geleid tot twee tegenstrijdige kampen in de rechtspraak en rechtsleer: de

Document information

Study
Uploaded on
March 10, 2026
Number of pages
32
Written in
2024/2025
Type
Class notes
Professor(s)
Thierry vansweevelt
Contains
All classes
$12.03

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
0
Items
1
Last sold
2 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions