• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 17 pagina's
Samenvatting

samenvatting - biomoleculen en cellen

Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 17 pagina's

Het vak legt de fundamentele basis voor het begrijpen van de moleculaire biologie en celstructuur. Inhoud van het vak De cursus is opgedeeld in twee hoofdcomponenten: Deel Biomoleculen (Moleculaire basis): Hierbij ligt de focus op de structuur en functie van de vier belangrijkste biologische macromoleculen: eiwitten (proteïnen), sachariden (suikers), lipiden (vetten) en nucleïnezuren (DNA en RNA). Deel Cellen (Celstructuur en Functie): Dit deel behandelt de organisatie van de cel, inclusief celmembranen, organellen, en hoe cellen interageren en functioneren in levende organismen.

Voorbeeld van de inhoud

Biomoleculen en cellen samenvatting H2: eiwitten
Eiwitten of proteïnen
- Bestaat uit 50% van ons drooggewicht
- Kunnen allemaal helemaal anders uitzien

Functies
- Katalyse: snelheid van biochemische processen beïnvloeden
- Enzymen: enzymatische reacties opstarten; de meeste biomedische processen gaan niet
spontaan starten maar hebben enzym nodig om proces op gang te brengen
o Bijna alle enzymen zijn eiwitten, buiten een paar RNA-enzymen
- Structurele eiwitten: geven structuur, vorm, stevigheid en flexibiliteit aan weefsels (bv.
bindweefsel, collageen, elastine, amylopectine)
- Beweging van organellen en macromoleculen in cel + contractiel apparaat: microfilamenten,
microtubuli en intermediaire filamenten
- Transport en opslag: transporteiwitten in bloedbaan en doorheen celmembranen (bv.
transferine  een eiwit dat ijzer in bloedbaan transporteert want ijzer los in bloedbaan kan
zeer schadelijk zijn)
o Actief (tegen concentratiegradiënt) en passief transport (diffusie)
- Intercellulaire communicatie:
o Signaaltransductie: signalen van receptoren naar organellen van cellen doorsturen
o Receptoren op einde van neuronen  signaalmoleculen doorgegeven
o Signaalmoleculen binden hierop
o Aanwezig op celmembraan
- Immunologische afweer: onderdeel van ons immuunsysteem  antilichamen
(immunoglobines)

Apoptose = gecontroleerde celdood (goed)  er moet een weg zijn die dit heel streng reguleert

Necrose = ongecontroleerde celdood (slecht)



Structuur van eiwitten: 4 niveaus
1. Primaire structuur = sequentie van aminozuren wordt bepaald door genetische code van
DNA  opeenvolging van aminozuren (zegt niks over eiwit zelf)
2. Secundaire structuur = interacties tussen aminozuren door H-bruggen, peptidebindingen, …
die o.b.v. de primaire structuren dicht bij elkaar zitten/geplaatst worden (alfa-helices en
bèta-sheets)
3. Tertiaire structuur = de globale 3D vorm van eiwitmolecule door verschillende soorten
interacties tussen aminozuurresiduen (H-bruggen, ionaire verbindingen, van de Waals-
krachten en hydrofobe interacties)  eiwit vouwt en kronkelt tot een specifieke 3D structuur
a. Voor veel eiwitten stopt het hier
4. Quaternaire structuur = de manier waarop eiwitonderdelen (subeenheden) samengevoegd
worden en met elkaar interageren om een volledig eiwitcomplex te vormen (niet bij alle
eiwitten)

,Aminozuren en primaire structuur
Basisstructuur: α-C atoom, primaire aminegroep (H2N) en carboxylgroep (COOH, Bij neutrale pH:
COO- en H3O+) en variabele groep (R)

Indeling van aminozuren: gebeurt op basis van polariteit van zijketen (R)
- Polariteit van R-groep
- Apolaire aminozuren
- Polaire, ongeladen aminozuren
- Polaire geladen zuren

3 en 1 lettercode van aminozuren




Alle (a)polaire aminozuren: zie eind van document

Essentiële aminozuren
= aminozuren die we niet zelf kunnen aanmaken, moeten we uit gevarieerde voedingen halen

Bv. mensen (vooral in Azië) die enkel rijst eten  deficiëntie aan lysine en threonine

Stereochemie
Alle aminozuren (buiten glycine) = optisch actief: in polarimeter zetten en daar gepolariseerd licht op
schijnen  kunnen het vlak van gepolariseerd licht laten draaien

Chiraliteit
- Chiraal molecule (asymmetrisch molecule) = optisch actieve moleculen
- Typische chiraal/asymmetrische moleculen: bevat een centraal C-atoom (= het chiraal
centrum) met 4 verschillende substituenten
- Enantiomeren = asymmetrisch molecule met een chiraal centrum
- Chirale moleculen: fysisch en chemisch moeilijk te onderscheiden van elkaar
- Beschrijven van structuur van zo’n molecule  volgens Fisher conventie tekenen
o Fischer conventie: configuratie van groepen rond chiraal centrum wordt vergeleken
met die van glyceraldehyde (= monosacharide)
o 2 vormen van glyceraldehyde
 D-glyceraldehyde: draait gepolariseerd licht naar rechts (dextro)
 L-glyceraldehyde: draait gepolariseerd licht naar links (levo)

, Nieuwe schrijfwijze

- Bindingen horizontaal tekenen: alles wat boven vlak van blad steekt
- Bindingen verticaal tekenen: alles wat onder vlak van blad steekt

Hoe tekenen

- Kijken naar positie van NH3+ op chirale C-atoom
- Alle natuurlijke voorkomende aminozuren: L-aminozuren
- Afbeelding:
o L: stikstofgroep staat op centraal atoom naar links
o D: stikstofgroep staat op centraal atoom naar rechts




Chirale moleculen + metabolisme
Belangrijk bij o.a. geneesmiddelen: bv. 1 enantiomeer actief en het ander inactief of zelfs schadelijk

Bv. ibuprofen in jaren 70-80 tijdens zwangerschap genomen tegen misselijkheid: 1 enantiomeer
actief en ander schadelijk  tijdens embryogenese (zwangerschap) zware afwijkingen ontstaan

Tijdens onderzoeken nooit ontdekt want hebben een zeer cruciale stap overgeslagen  gedaan op
muizen maar niet op konijnen (konijnen: lijken veel meer op mens  konijnen ook afwijkingen)



Elektrolietgedrag van aminozuren
Zuur-base eigenschappen
- Aminefunctie: zwakke base (NH2)  pKa = 9
- Zure functie: zwak zuur = carboxylgroep (COOH)  pKa = 3,5
- Polyprotische zuren: stapsgewijs titreren naar andere lading
- Diverse groepen reageren apart

Theorie
- pH van een buffer: pH = pKa + log (base/zuur)
- pH = pKa + 2 (dus 2 hoger  100% basische vorm)
o bv. COO-; NH2
- pH = pKa – 2 (dus 2 lager  100% zure vorm)
o bv. COOH; NH3+

Inhoudsopgave

  1. 01 Biomoleculen en cellen samenvatting H2: eiwitten 1
    1. Eiwitten of proteïnen 1
    2. Structuur van eiwitten: 4 niveaus 1
    3. Aminozuren en primaire structuur 2
    4. Essentiële aminozuren 2
    5. Stereochemie 2
    6. Chiraliteit 2
    7. Chirale moleculen + metabolisme 3
    8. Elektrolietgedrag van aminozuren 3
    9. Primaire structuur van een eiwit 4
    10. Secundaire structuren = interacties tussen naastliggende aminozuren 6
    11. Tertiaire structuur = interacties tussen secundaire structuren 8
    12. Quaternaire structuur 9
    13. Vouwen van eiwitten (in vivo: in levend wezen) 9
    14. Denaturatie van eiwitten 10
    15. Post translationele modificatie 10
    16. Voorbeelden van eiwitten 11
    17. Immunoglobulinen 13

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
9 maart 2026
Aantal pagina's
17
Geschreven in
2023/2024
Type
Samenvatting
$14.03

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
8
Laatst verkocht
-



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen