GEESTELIJKE GEZONDHEID – Stefaan Plysier
1. Cultuursensitieve zorg
• Meestal geen aandacht voor culturele aspecten
o Meestal niet gesproken over cultuur
• Etnische matching
o = overtuiging/illusie dat als we patiënt hebben met andere etnische achtergrond, dat het nuttig
kan zijn om hulpverlener in te schakelen met dezelfde etnische achtergrond
o Als het gedaan wordt, dan in termen van etnische matching
o Maar werkt eigenlijk niet (als we het systematisch doen): in sommige gevallen helpt het, in sommige
gevallen is er geen verschil, in andere gevallen werkt het negatief
• Enkel aandacht voor de cultuur van de client/patient
o Analyseren van eigen zorgsysteem zou evenmin moeten gebeuren, niet enkel van cultuur van de patient
o ‘Waarom doen we dit? Wat is de culturele achtergrond?’
▪ Bv. waarom nemen we een hersenscan van iemand? (culturele keuze)
o Soms kunnen culturele keuzes botsen of niet voor de hand liggend zijn voor patient
• Analyse van cultuur van eigen zorgsysteem meestal als irrelevant beschouwd
o Doet uitstralen dat wij (hulpverleners) geen cultuur hebben (door enkel de cultuur van de ander te
beschrijven, zonder die van zichzelf aan te kaarten)
• Cultural consultants as de casus over een client van ‘exotische’, ‘ongewone’, culturele achtergrond gaat
o Code van de cultuur kraken door iemand in te schakelen die dit wel begrijpt
o Interculturele bemiddelaars
▪ Evolutie hierin: enkele jaren geleden hadden ze ‘rugzak met antwoorden over cultuur’, maar nu
komen ze eerder met ‘rugzak met de juiste culturele vragen’
▪ Welke vragen moeten we stellen, waar moeten we op letten
2. Evolutie van cultuursensitieve zorg
3 fases:
Van een multiculturele benadering KENNIS
Via een interculturele benadering VAARDIGHEDEN
Naar een transculturele benadering ATTITUDE
➢ Voor multiculturele fase nog een universalistische fase
o Vanuit westen zo overtuigd van onderzoeken dat we dachten dat wat we vonden ook voor de rest van de
wereld geldig was
o Als het over geestelijke gezondheid ging, was het moeilijk om de diagnoses over te brengen naar de rest
van de wereld (andere omgeving, waarden, …)
o Opleggen aan andere culturen
➢ Multiculturele fase
o Oplossing om verder te kunnen: kennis verzamelen (van andere culturen, dan zal verdere hulpverlening
wel lukken)
o Eerste reflex van psychiaters die terugkwamen
o Bv. anders kaderen van psychose als we in ander werelddeel of bij andere cultuur zitten
o Etnopsychiatrie: welke inzichten moeten we hebben als we bij een andere cultuur gaan kijken
o Westen blijft neutrale cultuur, andere ziektebeelden die we ontdekken in de rest van de wereld noemen
we cultural bound syndromes (verstoring van normaal begrip dat we kennen)
➢ Interculturele benadering
o Jaren 80 – 90
o Multiculturele kennis houdt ergens op, we kunnen niet kennis over alle culturen verzamelen
o Kijken hoe we tussen de culturen een connectie of patroon kunnen vinden
o Niet zozeer over kennis, eerder over vaardigheden wat hebben we nodig om aan de slag te gaan met om
het even welke cultuur
▪ Zelfs kennis en vaardigheden samen volstond niet om te spreken over cultuur volwaardige zorg:
nog steeds gebrek om tussen culturele te kunnen werken
, ➢ Transculturele benadering
o Ander zicht: gedachte dat iemand behoort tot bepaalde cultuur (in vakje duwen en hierdoor beter
begrijpen) is verkeerd
o Familie en omgeving grotere rol dan cultuur: cultuurverschil minder belangrijk dan
persoonlijkheidsverschil
o Idee dat iedereen tot een bepaalde cultuur behoorde, is onhaalbaar
▪ Niet zomaar vatten in cultuur A, B of C, maar mix of net niets of …
o We menen de cultuur van iemand te herkennen
o Ongetwijfeld beïnvloed door bepaalde cultuur, maar we mogen persoon niet volledig in deze cultuur
plaatsen (in vak duwen)
o Er is altijd cultuur
▪ Als men er geen rekening mee houdt: storend, toch bepaalde invloed
▪ Bij antropologie: woord ‘cultuur’ amper nog gebruikt
o Buiten kennis en vaardigheden, ook zoeken in attitude (MAAR eigenlijk ook nog niet genoeg)
▪ Beroep gedaan op individuele competenties van de hulpverleners (kennis, vaardigheden en
attitude), maar blijkt nog steeds niet genoeg
3. Cultuur als betekenissysteem
• Er iets niet zo iets als cultuur A en B
• Niemand is cultuurloos
“De mens is een dier dat vasthangt aan een web van betekenissen die hij zelf heeft gesponnen. Ik beschouw dat web als
cultuur.” – Clifford Geertz
➢ Web van betekenissen: zoals web gemaakt door spin, wordt web van betekenissen gemaakt door mens zelf
o Zelf eigen cultuur creeren? NEEN
o Bepaalde zaken kunnen niet gekozen worden, overstijgen het individu manier van kijken wordt
ingelepeld (door opvoeding, omgeving, sociale media, …)
▪ Er wordt getoond aan ons hoe we zaken moeten bekijken of moeten aanpakken
▪ Bv. regels over hoe te reageren op iemand die ziek is
▪ Onderzoek
• Standaard: bespreekbaar maken van depressie als moeilijke periode, iedereen kan het
meemaken
• Laatste Nieuw: minder rechtstreeks gesproken over depressie, woord ‘depressie’ werd
vaak op gestigmatiseerde manier aan bod
➢ Zelf gesponnen: zelf invloed erop
o We veranderen van mening
o Symptomen en syndromen, wat we vinden, wat we eraan moeten doen, … steeds andere kijk
➢ Web als cultuur: betekenis die je geeft aan wat er rondom jou gebeurt, wat er gebeurt en wat je ermee doet
o Deels in de hand, deels onderdanig
▪ Deels zelf bepalen, deels opgelegd
o Deels opnieuw spinnen en opnieuw maken, deels onveranderbaar
o Geen enkele keer wordt hetzelfde web opnieuw gemaakt, maar toch herkennen we het telkens als een
web
4. Cultureel bewustzijn
Bewust worden van:
• Eigen cultuur, waarden en normen
o Op individueel niveau
o Kan heel interessant zijn
o Wat is de oorsprong? Wat vind ik zelf belangrijk? Wat zijn mijn waarden en mijn normen?
o Moeilijk om alleen te doen: hiervoor zijn intervisies (spreken met collega’s en anderen om eigen cultuur te
ontdekken)
o Eigen blik en perspectief gebruiken we als instrument: belangrijk om deze te kennen en te weten in welk
cultureel web dit plaatsvindt: hoe kan dit eruit zien
• Cultuur van de patient
• Cultuur van de hulpverlening
o Niet enkel IN de hulpverlening, maar ook VAN de hulpverlening
,4.1 Hoe beïnvloedt cultuur ons denken over ziekte en gezondheid?
Geen enkele cultuur/regio op aarde leeft zonder ziektesysteem: ziektesysteem wordt duidelijk in 3 vragen (zijn overal
aanwezig):
• Herkennen: wanneer is iemand ziek en hoe drukt hij/zij dat uit onderscheid tussen ziek en gezond
• Oorzaak: elke verklaring zoeken we voor het ziek zijn?
• Behandeling: wat is er nodig om weer gezond te worden?
Vragen zijn overal hetzelfde, antwoorden zijn niet overal hetzelfde
3 vragen van het ziektesysteem
4.2 Ziekte is nooit zomaar ziekte…
Als deze 3 vragen het ziektebeeld vormen, wat doen we dan met de patient wat is ziekte in het algemeen
• Disease: professioneel perspectief
▪ Bv. biologische pathologie
o Kaders die we meekrijgen (via opleiding)
o Maar: ons kader van kijken, maar wat doen we met patient met ander perspectief
• Illness: perspectief vanuit eerste persoon
o Voelen van verlies van gezondheid
o Wat doen we met patient met ander perspectief
o Als hulpverlener hopen dat patient zelfde perspectief heeft, maar meestal niet zo
• Sickness: maatschappelijk perspectief
o Sociale en culturele context
o Bv. beelden van kranten, sociale media, tv, ziekteverzekering
o Speelt mee in beeld wat ziekte is en wat de rol van de hulpverleners is
▪ Rol: afhankelijke van maatschappelijke visie op ziekte
Invloeden van: patienten groepen, individuen, organisatoren, maatschappij, beleidsmakers, arbeiders,
gezondheidsverzekeraars, onderzoekers, industrie, gezondheidsspecialisten, …
➢ Voorbeeld: andere cultuur waar homoseksualiteit gezien wordt als ziekte, hulpverleners moeten eigen beeld van
sickness en illness aan de kant zetten om het beeld van illness en sickness van de patient te vatten en hen te
helpen
➢ Onderzoekers: hebben impact op hoe we iets bekijken
➢ Werkgevers: hebben zegje over wanneer iemand ziek is of niet
Foto 1: sjamaan neemt verschillende rollen op; namelijk van psycholoog, arts, burgemeester, priester, … men stelt hem
niet zomaar in vraag waardoor hij een zekere macht heeft (weet niets zeker over de hersenen maar kent wel de omgeving
van de persoon, persoonlijke zaken, …)
Foto 2: hersenscan waar we de oorzaak van het probleem gaan zoeken in een deel van de hersenen hierdoor weten we
wat er aan de hand is in de hersenen (weten niet van de omgeving van de persoon, persoonlijke zaken, …)
Vergelijking foto 1 en foto 2: verschillende definities van ‘weten’ (ene heeft kennis over persoon, niets over hersenen;
andere heeft kennis over hersenen, niets over persoon)
➢ Culturele betekenis over ‘kennis’ en over ‘weten’
➢ Verschillende systemen om antwoorden op ziektesysteem te bieden
, Crazy like Us
➢ We exporteren onze manieren van kijken naar de rest van de wereld: vaak via ontwikkeling
➢ Niet intentie om blik van andere te bekijken, wel om met eigen blik de anderen te helpen (niet: hoe doen jullie dit;
wel: wij doen dit zo)
➢ Auteur meent dat het gevaarlijk is wat we doen op lange termijn: hoe meer ziektesystemen er in de wereld zijn,
hoe beter we gewapend zijn voor ziekteproblemen
o Maar: door eigen ideeen aan anderen culturen te geven, verkleint de hoeveelheid of de differentiatie
tussen de culturele ziektesystemen
o Vergelijking met wegkappen van amazonewoud: in sommige delen zit nog biodiversiteit die we
‘vermoorden’ door het woud weg te kappen (maar had nog nuttig kunnen zijn)
Video: visie vanuit Islam
➢ Verschillende visie en denkkader
5. Kennis
Ook veel cultuur, interpretatie en betekenis achter (bv. stress)
• Cultuur
• Culturele bewustzijn
• (Migratiedynamieken)
o Belangrijk
o = tot twee generatie ver kijken of iemand van voorfamilie gemigreerd
o Moeite om hierover iets te weten: kan invloed hebben, speelt mee over alle culturen heen
• Culturele overdracht en tegenoverdracht
o Zaken invullen, vakjes maken om het zo simpel mogelijk te maken: algemene noemer (is niet per se slecht
want zorgt mee voor alledaags functioneren)
o Stereotypen en vooroordelen
▪ Bv. angst of fascinatie om met andere culturen in interactie te gaan, onmacht, dichotomiseren
▪ Bv. allochtoon-autochtoon, we zijn allemaal gelijk, allemaal hetzelfde
▪ Bv. oversympathiseren
▪ Bv. ‘ze zijn zo anders’, ‘ze lopen 100 jaar achter’
o Projecties van de hulpverlener op de hulpvrager
o Iedereen heeft overdracht of tegenoverdracht
6. Vaardigheden
Belang van gemeenschappelijke taal te creeren:
• Werken met tolken om deze gemeenschappelijke taal te creeren
• Nodig
• Wel wennen: nodig om in te verdiepen en ermee te oefenen
7. Attitude
• Moeilijkste van de 3
• Algemene opvatting: geen vooroordelen hebben, open zijn van geest maar hoe is dit concreet
• De attitude: 2 manieren van weten (weten wat je doet en weten hoe je aanwezig bent)
o Van ‘savoir-faire’ naar ‘savoir-etre’
▪ Savoir-faire: hoe en wat moet ik doen
▪ Savoir-être: hoe ben ik aanwezig, hoe ben ik als psycholoog ergens, wat is essentie van wat je aan
het doen bent (bv. ben ik iets aan het uitvoeren dat bedacht is door onderzoekers, ben ik
behandeling aan het uitvoeren, …)
• Gebaseerd op dingen die we weten/leerden en toepassen
o Van antropologie IN de hulpverlening naar antropologie VAN de hulpverlening
▪ Cultuur van de hulpverlening