Aantekeningen Jeugdcriminaliteit en Jeugdbescherming H1
Wat is jeugdcriminaliteit. Het is heterogeen in type delicten, kinderen en
oorzaken. Het delict kan variëren tussen heftig en licht. In Nederland kan
niemand worden vervolgd voor stafbare feiten geplaagd zijn voor zijn
twaalfde jaar.
- Het is in strijd met het strafrecht.
- Sociale constructie, dus wij (als maatschappij) spreken met elkaar af
wat strafbaar is. Iets kan op bepaalde plekken niet strafbaar zijn
(bijv. abortus), wisselende taxatie.
Wat voor soorten jeugdige delinquenten heb je?
1. Experimenteerder. Doet het één keer en daarna nooit meer.
2. Risicojongere. Meer dan één keer iets gedaan, maar niet per se
vaak.
3. Veelpleger. Heeft vaak iets crimineels gedaan.
4. Zeer actieve veelpleger. Zorgt ook echt voor een verstoorde
rechtsorder. Zijn verantwoordelijk voor de problemen die spelen.
Feiten en cijfers: wat doen kinderen dan?
Populairste delicten vaak gepleegd door leeftijd 12-18 jaar.
Neemt jeugdcriminaliteit nou toe of af (2000-2023)? Het verschilt per
periode.
Lichte vormen van criminaliteit nemen niet meer toe tegenwoordig, maar
de ernstigere vormen van criminaliteit nemen wel toe. De vormen van
criminaliteit zijn ook anders geworden, denk aan cybercriminaliteit.
Er was een toename tot 2007 in jeugdcriminaliteit en daarna daalde het.
Nadelen van geregistreerde data:
- Het omvat niet alle jeugddelinquentie, het worden beïnvloed door
aangiftebereidheid van slachtoffer en getuigen.
- ‘Dark number’ is heel hoog, mensen worden niet overal voor
aangehouden.
- Daarnaast speelt het ook nog eens een rol wie de agent op straat
aanhoudt, dit is niet altijd objectief.
Nadelen van zelfrapportage:
- Als jij niet alle delicten in jouw vragenlijst benoemd, worden er heel
veel vergeten.
- Daders worden moeilijk bereikt
- Geen representatief beeld van ernstige delicten, omdat ze bang zijn
voor gevangenisstraffen.
- Onderrapportage, het kleiner maken dan dat het is.
Nadelen van slachtofferenquêtes:
- Weinig informatie over de daders.
- Slachtoffers jonger dan 15 jaar mogen niet meedoen.
- Moord en doodslag, slachtofferloze en seksuele delicten zijn niet of
slecht vertegenwoordigd.
,Factoren die criminaliteitscijfers beïnvloeden. Werkloosheid, mate van
toezicht, meldingsbereidheid, politiecapaciteit, beleidsprioriteiten, wet- en
regelgeving.
Wat veroorzaakt jeugdcriminaliteit.
Aanleg
Leren
Directe omgeving
Woonbuurt
Bredere sociale context
Jeugdbescherming = kind onveiligheid is zo extreem aanwezig dat de
overheid moet ingrijpen. Het is een heterogene groep.
Kindermishandeling = elke vorm van fysieke, psychische of seksuele
interactie (tussen kind en volwassenen), die ervoor zorgen dat het kind
beschadigd raakt. Dit kan een verkrachting zijn, maar ook een kind dat
niet naar school gaat of nooit naar de dokter. Een vechtscheiding kan ook
een vorm van kindermishandeling zijn.
Daadwerkelijke cijfers van kindermishandeling zijn lastig vast te stellen. Zo
is het niet altijd te zien dat een kind mishandeld wordt, maar daarnaast is
het ook nog eens heel lastig om aan te geven.
Ook hier is weer sprake van Dark Number, de geregistreerde cijfers zijn
lager dan de zelfrapportage cijfers.
Factoren die meldingen van kindermishandeling beïnvloeden:
- Aandacht voor kindermishandeling in media beroepskrachten
mogelijk meer alert.
- Beleidsprioriteiten.
- Een hulpverlener is niet altijd zeker of een melding terecht is.
- Een hulpverlener kan bang zijn de hulpverleningsrelatie op het spel
te zetten.
Oorzaken jeugdcriminaliteit en kind onveiligheid:
- Complex probleem, meerdere oorzaken
- Levensloop theorieën, het begint vaak vroeg in het leven van een
kind.
- Biologische verklaringen.
- Verklaringen vanuit kenmerken van het kind (psychiatrie),
bijvoorbeeld een autistisch kind.
- Komt samen in het model van risico en protectieve factoren van
Bronfenbrenner
Dit is gebaseerd op dat je veranderbare risico
factoren hebt (dynamisch) of onveranderbare
risico factoren (statisch).
Dynamisch = dingen die veranderen. Zoals
opvoedvaardigheden, sociaal netwerk.
, Statisch = dingen die niet veranderen. Zoals biologische factoren of
verstandelijke vermogens, geschiedenis van delinquent gedrag.
Wat is jeugdcriminaliteit. Het is heterogeen in type delicten, kinderen en
oorzaken. Het delict kan variëren tussen heftig en licht. In Nederland kan
niemand worden vervolgd voor stafbare feiten geplaagd zijn voor zijn
twaalfde jaar.
- Het is in strijd met het strafrecht.
- Sociale constructie, dus wij (als maatschappij) spreken met elkaar af
wat strafbaar is. Iets kan op bepaalde plekken niet strafbaar zijn
(bijv. abortus), wisselende taxatie.
Wat voor soorten jeugdige delinquenten heb je?
1. Experimenteerder. Doet het één keer en daarna nooit meer.
2. Risicojongere. Meer dan één keer iets gedaan, maar niet per se
vaak.
3. Veelpleger. Heeft vaak iets crimineels gedaan.
4. Zeer actieve veelpleger. Zorgt ook echt voor een verstoorde
rechtsorder. Zijn verantwoordelijk voor de problemen die spelen.
Feiten en cijfers: wat doen kinderen dan?
Populairste delicten vaak gepleegd door leeftijd 12-18 jaar.
Neemt jeugdcriminaliteit nou toe of af (2000-2023)? Het verschilt per
periode.
Lichte vormen van criminaliteit nemen niet meer toe tegenwoordig, maar
de ernstigere vormen van criminaliteit nemen wel toe. De vormen van
criminaliteit zijn ook anders geworden, denk aan cybercriminaliteit.
Er was een toename tot 2007 in jeugdcriminaliteit en daarna daalde het.
Nadelen van geregistreerde data:
- Het omvat niet alle jeugddelinquentie, het worden beïnvloed door
aangiftebereidheid van slachtoffer en getuigen.
- ‘Dark number’ is heel hoog, mensen worden niet overal voor
aangehouden.
- Daarnaast speelt het ook nog eens een rol wie de agent op straat
aanhoudt, dit is niet altijd objectief.
Nadelen van zelfrapportage:
- Als jij niet alle delicten in jouw vragenlijst benoemd, worden er heel
veel vergeten.
- Daders worden moeilijk bereikt
- Geen representatief beeld van ernstige delicten, omdat ze bang zijn
voor gevangenisstraffen.
- Onderrapportage, het kleiner maken dan dat het is.
Nadelen van slachtofferenquêtes:
- Weinig informatie over de daders.
- Slachtoffers jonger dan 15 jaar mogen niet meedoen.
- Moord en doodslag, slachtofferloze en seksuele delicten zijn niet of
slecht vertegenwoordigd.
,Factoren die criminaliteitscijfers beïnvloeden. Werkloosheid, mate van
toezicht, meldingsbereidheid, politiecapaciteit, beleidsprioriteiten, wet- en
regelgeving.
Wat veroorzaakt jeugdcriminaliteit.
Aanleg
Leren
Directe omgeving
Woonbuurt
Bredere sociale context
Jeugdbescherming = kind onveiligheid is zo extreem aanwezig dat de
overheid moet ingrijpen. Het is een heterogene groep.
Kindermishandeling = elke vorm van fysieke, psychische of seksuele
interactie (tussen kind en volwassenen), die ervoor zorgen dat het kind
beschadigd raakt. Dit kan een verkrachting zijn, maar ook een kind dat
niet naar school gaat of nooit naar de dokter. Een vechtscheiding kan ook
een vorm van kindermishandeling zijn.
Daadwerkelijke cijfers van kindermishandeling zijn lastig vast te stellen. Zo
is het niet altijd te zien dat een kind mishandeld wordt, maar daarnaast is
het ook nog eens heel lastig om aan te geven.
Ook hier is weer sprake van Dark Number, de geregistreerde cijfers zijn
lager dan de zelfrapportage cijfers.
Factoren die meldingen van kindermishandeling beïnvloeden:
- Aandacht voor kindermishandeling in media beroepskrachten
mogelijk meer alert.
- Beleidsprioriteiten.
- Een hulpverlener is niet altijd zeker of een melding terecht is.
- Een hulpverlener kan bang zijn de hulpverleningsrelatie op het spel
te zetten.
Oorzaken jeugdcriminaliteit en kind onveiligheid:
- Complex probleem, meerdere oorzaken
- Levensloop theorieën, het begint vaak vroeg in het leven van een
kind.
- Biologische verklaringen.
- Verklaringen vanuit kenmerken van het kind (psychiatrie),
bijvoorbeeld een autistisch kind.
- Komt samen in het model van risico en protectieve factoren van
Bronfenbrenner
Dit is gebaseerd op dat je veranderbare risico
factoren hebt (dynamisch) of onveranderbare
risico factoren (statisch).
Dynamisch = dingen die veranderen. Zoals
opvoedvaardigheden, sociaal netwerk.
, Statisch = dingen die niet veranderen. Zoals biologische factoren of
verstandelijke vermogens, geschiedenis van delinquent gedrag.